Langelier is een metrostation in het stadsdeel Mercier–Hochelaga-Maisonneuve van de Canadese stad Montréal.Het metronet op de site van STM Het station werd geopend op 6 juni 1976 en wordt bediend door de groene lijn van de metro van Montréal.
Geschiedenis Op 28 april 1967 werd de eerste fase van de bouw van de metro van Montréal, bestaande uit 26 stations, voltooid met de opening van station Île Sainte-Hélène op het terrein van de wereldtentoonstelling die die dag begon. De wereldtentoonstelling was een groot succes en burgemeester Jean Drapeau stelde op 4 december 1969 Montréal kandidaat voor het organiseren van de Olympische Zomerspelen.
Op 12 mei 1970 werden de spelen van 1976 aan Montréal toegewezen wat aanleiding was om het metronet uit te breiden. De gelden voor deze uitbreiding werden op 12 februari 1971 ter beschikking gesteld. Het metrobesluit van 3 november 1961 voorzag al in een mogelijke toekomstige verlenging van de groene lijn ten westen en ten noorden van Frontenac (In 1962 nog Ontario genoemd).De plankaart uit 1962 De lijn zou ten westen van Frontenac vertakken in een metrotunnel onder de Rue d'Iberville en een onder de Rue Hochelaga tot aan de Rue Viau. In het metrobesluit van 1961 waren geen stations ten noorden van de Rue Viau, ook niet als mogelijkheid in de toekomst. Het Olympisch stadion kreeg twee stations waarvan Viau de noordelijkste is en daarmee was ook de aansluiting van het Olympisch park op de metro gerealiseerd. Desondanks omvatte het tracébesluit voor de verlenging uit 1971 vijf stations ten noorden van het Olympisch park, waarvan vier onder de Rue de Sherbrooke. De werkzaamheden aan de verlenging van de groene lijn naar het noorden begonnen op 14 oktober 1971.Inauguration et prolongements op de site van STM
Van de vier stations onder de Rue de Sherbrooke kwam er een bij het kruispunt met de Boulevard Langelier dat volgens de openbouwput methode gebouwd werd met een tongewelf over de volle lengte. Het station werd samen met de verlenging geopend op 6 juni 1976.
Ligging en inrichting De architecten Victor Prus en André G. Dionne ontwierpen een station met twee toegangsgebouwen op twee schuin tegenover elkaar gelegen hoeken van het kruispunt en een overdekte trap in de zuidoost hoek van het kruispunt. De gebouwen hebben alle drie een betonnen daklijst die boven de deuren een “uithangbord” van beton heeft met een open cirkel en bovenop het logo van de metro. De daklijsten van de toegangsgebouwen zijn op twee hoeken onderbroken. Het toegangsgebouw in de zuidwesthoek van het kruispunt heeft een bijgebouw met ventilatie inrichting. De toegangen aan de oostzijde van de Rue de Sherbrooke zijn via vaste trappen onderling verbonden met een reizigerstunnel. Halfweg deze tunnel is deze met een vaste trap en een roltrapgroep verbonden met de stationshal. Het toegangsgebouw aan de westzijde van de Rue de Sherbrooke is direct verbonden met de stationshal.
De stationshal ligt op een tussenvloer boven de sporen en perrons en het tongewelf boven de stationshal is opgetild ten opzichte van het gewelf aan de uiteinden van het station. Dit wordt geaccentueerd doordat het gewelf trapsgewijs overgaat tussen hoog en laag. De wanden langs de trappen en in het ondergrondse gedeelte zijn afgewerkt met staande betonnen liggers, hierdoor worden ook de trappen duidelijk zichtbaar door een getrapt patroon langs de wanden. De ventilatieroosters die onder de stationshal langs de perrons liggen zijn verborgen door “kamerschermen” van metaal van de hand van de kunstenaar Charles Daudelin. Ook deze schermen zijn, net als de daklijsten, in het midden onderbroken en hebben net als de “uithangborden” bovengronds een ronde uitsparing.
De sporen en perrons liggen op 14 meter onder de Rue de Sherbrooke, van perroneinde tot perroneinde gemeten ligt Radisson op 621,79 meter en Cadillac op 518,51 meter afstand.
Langelier