Bonaventure is een metrostation in het arrondissement Ville-Marie van de Canadese stad MontréalHet metronet op de site van STM. Gearchiveerd op 19 mei 2023. in de provincie Québec. Het op 13 februari 1967 geopende station wordt bediend door de oranje lijn van de metro van Montréal, en gold meer dan dertien jaar als eindstation, tot de oranje lijn werd doorgetrokken tot aan Place Saint-Henri. Het station is verbonden met het centraal station van Montréal. Met 9.430.502 opstappende reizigers gold het in 2019 als vierde belangrijkste station van de metro van Montréal. Geschiedenis In 1923 nam Canadian National (CN) de Grand Trunk Railway over en daarmee ook station Bonaventure in Montréal. Dit stond aan de rue Saint-Bonaventure (nu rue Saint-Jacques), die genoemd was naar de dertiende-eeuwse Italiaanse bisschop Bonaventura, op de plaats van de Carré Chaboillez. Voor CN was dit het vierde station dat ze verkreeg in Montréal en ze besloot tot de bouw van een centraal station dat in 1943 werd geopend. CN verplaatste het reizigersverkeer van Bonaventure naar het centraal station en gebruikte het nog verder als goederenstation. De Canadian Pacific Railway had ook een station voor reizigersverkeer, het Gare Windsor, in de stad bij de Place du Canada dat tot 1993 in bedrijf was.

In het in 1961 goedgekeurde metroplan was metrostation Windsor opgenomen onder de Rue de la Gauchetière waar deze uitkomt op de Place du Canada. Door de ligging zou dit metrostation zowel het centraal station als het Gare Windsor kunnen bedienen. Het station maakte echter geen deel uit van de 20 stations die het initiële metronet vormden en zou pas bij een latere verlenging worden gebouwd. De bouw van het metronet begon op 23 mei 1962 en omdat de kosten van de tunnelbouw meevielen werd al tijdens de bouw besloten om meteen te beginnen met de bouw van vier al geplande stations, twee aan elk uiteinde van de oranje lijn. CN begon in 1964 met de bouw van de Place Bonaventure boven de perrons van het centraal station ten oosten van het stationsgebouw. Hiermee kwam de naam Bonaventure terug en ook het metrostation tussen de beide spoorwegstations werd zo genoemd in plaats van Windsor. Toen de metro op 14 oktober 1966 werd geopend was Place-d'Armes het eindpunt van de oranje lijn in de stad. Op 13 februari 1967 waren ook de twee extra stations aan de stadszijde, Square-Victoria en Bonaventure, gereed en werd Bonaventure het eindpunt. Dit bleef zo tot 28 april 1980 toen de oranje lijn werd doorgetrokken naar Place-Saint-Henri.

Ligging en inrichting Het station is ontworpen door architect Victor Prus (1917-2017) die ook het station Mont-Royal heeft ontworpen en geldt als elegantste station van het eerste deel van het metronet, bestaande uit 26 stations, dat op 28 april 1967 gereed was.

Het station werd gebouwd volgens openbouwput methode om zoveel mogelijk ruimte voor de stationshal beschikbaar te hebben die midden in het station onder de Rue de la Cathédrale ligt. De sporen en de twee zijperrons liggen op 22,6 meter onder straatniveau. Aan de noordkant rijdt de metro door een 392,60 meter lange tunnel naar Square-Victoria-OACI, aan de zuidkant is het 381,60 meter naar Lucien-L'Allier. De hallen op de kopse kanten boven de sporen zijn verbonden met toegangen tot het station en via brede loopbruggen met de stationshal. Aanvankelijk had het station slechts een directe toegang tot de straat, namelijk onder de luifel van het Gare Windsor. Het centraal station en het kantoor-, tentoonstellings- en hotelcomplex Place Bonaventure werd ondergronds op het metrostation aangesloten. Deze toegangen zijn met lange, met baksteen afgewerkte, voetgangerstunnels verbonden met respectievelijk de zuidelijke en noordelijke hal. Daarnaast is er in de zuidelijke hal een inpandige toegang tot hotel Château Champlain en daarmee ook tot de Place du Canada voor het hotel. In 1992 werd het aantal toegangen verhoogd van drie naar vijf toen de Terminus Centre-Ville, een busstation dat zich uitstrekt van boven de noordelijke hal tot in de kelder van de, eveneens toen opgeleverde, wolkenkrabber 1000 de La Gauchetière, werd aangesloten. In 2009 kreeg Bonaventure, als derde van 26 eerste stations, liften.

Het bovenste deel van het station wordt gekenmerkt door de betonnen bogen boven de doorgangen en langs de wanden. De noord en zuid hallen hebben elk drie gewelven in de vorm van een koepel, terwijl boven de twee loopbruggen sprake is van een tongewelf. De stationshal heeft negen koepels en in het midden een vide die zicht biedt op de onderliggende sporen en perrons. In verband met de functie van overstap tussen trein en metro is het geheel ruim opgezet met een grote verwerkingscapaciteit. De stationshal heeft boven elk perron een Espace Client, een loket voor kaartverkoop en informatie, geflankeerd door twee rijen OV-poortjes. De noordelijke rijen zijn met een vaste trap en twee roltrappen verbonden met het perron. De zuidelijke rijen hebben naast de trap en roltrappen ook een lift. Reizigers kunnen halverwege de trappen via een van de twee dwarsbruggen oversteken naar het andere perron zonder door de poortjes te hoeven. De wanden van de vier (rol)trappenhuizen zijn, net als de perrons, tot een hoogte van ongeveer twee meter bekleed met bruine bakstenen terwijl de vloeren zijn bedekt met tegels in verschillende tinten bruin. De uiteinden van de perrons liggen onder een naar buiten toe steeds lager tongewelf, terwijl boven de roltrappen sprake is van een cassetteplafond. De verlichting van het station komt uit vierkante aan het plafond opgehangen armaturen.

Het busstation wordt bediend door 15 buslijnen en 3 nachtbuslijnen van de Société de transport de Montréal alsmede een veelheid aan buslijnen naar de voorsteden in Rive-Sud. Het station is integraal onderdeel van RESO, de ondergrondse stad van Montréal, waarbij de loopbrug boven de sporen een schakel in het geheel vormt. Naast dit station zijn nog zes andere stations aangesloten op RESO en het is mogelijk om bijvoorbeeld de stations Square-Victoria-OACI, Lucien-L'Allier en McGill ondergronds te voet te bereiken. Behalve deze stations zijn diverse hotels en ook het eishockeystadion Centre Bell op RESO aangesloten. Behalve de al genoemde gebouwen zijn ook de Marie-Reine-du-Monde de Montréal Kathedraal en de, in het interbellum gebouwde, wolkenkrabber Édifice Sun Life te vinden in de buurt van het station.

Bonaventure