De Sociëteit van Jezus, bekend als de Jezuïetenorde, is een katholieke religieuze orde die in 1534 in Parijs werd opgericht door een groep studievrienden rond Iñigo López de Loyola, beter bekend als Ignatius van Loyola (1491-1556) met verlatiniseerde voornaam. Het doel van de jezuïeten was en is hulp aan de naaste ("het helpen van de zielen").
De sociëteit werd in 1540 goedgekeurd door paus Paulus III in de pauselijke bul Regimini militantis Ecclesiae. Van de mannelijke katholieke orden is het de grootste, met ongeveer 17.000 leden. Het grootste deel van de leden is priester (pater jezuïet). Sommige jezuïeten zijn echter broeder.
Jezuïeten leven doorgaans niet in kloosters, maar in gewone huizen, jezuïetenhuizen genaamd. Tot het Tweede Vaticaans Concilie zouden de kledingvoorschriften van tal van ordes en congregaties weinig veranderen. De jezuïeten droegen een witte boord en zwarte toog zonder specifieke ordekenmerken. In de laatste zestig jaar evolueerde hun kleding steeds meer naar gewone burgerkleding. Net als de leden van veel andere orden leggen zij geloften af van kuisheid, armoede en gehoorzaamheid. Zij onderscheiden zich van andere orden vooral door een bijzondere gelofte van gehoorzaamheid aan de paus voor de zending en vallen niet onder het gezag van een bisschop. Een pater jezuïet zet veelal achter zijn naam de afkorting sj of S.J. van Societatis Jesu (vroeger ook S.I. van Societatis Iesu, aangezien het Latijn (oorspronkelijk) geen letter 'j' kent). De Jezuïetenorde wordt vanuit Rome geleid door een generaal-overste (praepositus generalis) van de orde. Sinds 14 oktober 2016 is dit de Venezolaan Arturo Sosa.
De Nederlandse en de Vlaamse provincies van de jezuïeten fuseerden in 2012 om de Regio van de Europese Lage Landen te vormen. Provinciaal is sinds 2020 Marc Desmet.Marc Desmet sj nieuwe regionaal overste jezuïeten Nederland en Vlaanderen website Jezuïeten in Nederland en Vlaanderen d.d. 29 januari 2020. Gearchiveerd op 11 augustus 2023.
De jezuïeten richtten zich als promotors (bevorderaars) van de contrareformatie in het verleden vooral op onderwijs en missie (bekering). Tevens traden zij op als geestelijk leiders en biechtvaders voor de leden van katholieke koningshuizen. Volgens de Britse historicus en auteur Jonathan Wright werkt hun invloed ook na eeuwen nog door. 'Wij in het Westen hebben nog steeds de neiging naar de rest van de wereld te kijken door de bril die de jezuïeten (en hun medebroeders) ons gegeven hebben; en de rest van de wereld leeft nog steeds, of ze het wil of niet, met de gevolgen daarvan.'J. Wright (2004), de Jezuïeten, p.90
De orde werd in haar geschiedenis door verschillende landen verbannen. In 1773 werd ze op aandringen van de rooms-katholieke landen Portugal, Spanje en Frankrijk door de paus afgeschaft, waarna een andere paus haar eenenveertig jaar later, in 1814, weer in het leven riep. Het algehele verbod werd echter niet gehandhaafd, omdat Pruisen en Rusland de grenzen voor de jezuïeten open hielden en ze daar welkom waren.
Geschiedenis De sociëteit werd opgericht ten tijde van de Contrareformatie, de beweging die de Reformatie moest tegengaan en een nieuwe dynamiek tot stand brengen binnen de katholieke kerk. De leden hielden zich bezig met prediking, missioneringswerk en onderwijs. Omdat de kwaliteit van het onderwijs hoog was voor die tijd kregen met name mensen uit de bovenlaag van de maatschappij les van de jezuïeten. Zij waren hierdoor bepalend voor de ontwikkeling van de bestuurlijke klasse.
thumb|Paus Paulus III keurt de Jezuïetenorde goed (1540) thumb|Chiesa del Gesù, moederkerk van de Jezuïetenorde in Rome
16e eeuw 1491 – Ignatius van Loyola ("Iñigo") wordt geboren in het kasteel van Loyola in de provincie Gipuzkoa in Spaans Baskenland in het adellijke milieu van Azpeitia (zie: Loyola (heiligdom)). Tot zijn zevende wordt hij opgevoed door het gezin van María de Garín, de vrouw van de plaatselijke smid. Vervolgens voedt zijn zus hem verder op. 1522-24 Ignatius schrijft de Geestelijke oefeningen (Exercitia Spiritualia). 1534 - Iñigo gaat studeren in Parijs. Hij en zijn vrienden stichten een nieuwe religieuze orde genaamd Jezuïeten. Iñigo noemt zichzelf nu Ignatius. 27 september 1540 – De nieuwe gemeenschap onder de naam 'Sociëteit van Jezus' wordt door paus Paulus III goedgekeurd in de bul Regimini militantis Ecclesiae. Het manifest Formula Instituti vormde de basis voor de stichtingsakte van de Sociëteit. Daarin was 'de voortplanting van het geloof' een van de belangrijkste verplichtingen voor een jezuïet. 1542 - India was de eerste bestemming van Franciscus Xaverius. Er volgden confrontaties met moslims en hindoes en ook werd gepoogd om duizenden thomaschristenen aan de kust van Malabar binnen 'de invloedssfeer van Rome' te krijgen. Xaverius werd het symbool en de belichaming van de totale missionaire impuls, die het vroegmoderne katholicisme bepaalde en inspireerde. 1545 - 1563 - Tijdens het Concilie van Trente, een aantal bijeenkomsten 'om het katholieke leven een nieuwe impuls te geven en ketterse wantoestanden af te zweren', speelde de jezuïet Diego Laínez een sleutelrol bij de definitieve afwijzing van het protestantse idee van de predestinatie (voorbeschikking). 1548 - Eerste editie Exercitia Spiritualia. De Exercitia had grote invloed op katholieke intellectuelen en de beeldende kunst.Het werk wat Peter Paul Rubens schilderde voor de Carolus Borromeuskerk in Antwerpen kwam bijvoorbeeld tot stand op basis van een vooraf voorgelegd en door de jezuïeten goedgekeurd ontwerp (Modello). Van Caravaggio is bekend dat meerdere werken door de jezuïeten zijn afgekeurd. 1549 - Onder leiding van Manuel de Nóbrega reisden de jezuïeten naar Brazilië, in gezelschap van de eerste Portugese gouverneur-generaal Tomé de Sousa. 1550 - De belangrijkste plicht van een jezuïet werd niet alleen 'voortplanting van het geloof', maar ook de 'verdediging' ervan. De Sociëteit zag het als haar taak het hoofd te bieden aan gevaren die de kerk bedreigden. In 1552 werd vastgelegd dat haar plicht was 'het geheime gif op te sporen van de ketterse doctrine en te bestrijden, en vervolgens de opgegraven boom van het geloof weer te planten.' 'Veel van de eerste missies van jezuïeten naar Engeland, Bohemen, Frankrijk, Hongarije, Duitsland en Polen waren erop gericht de strijd direct aan te binden met de protestantse vijand, zielen terug te winnen van het lutheranisme en calvinisme, en de standvastigheid te ondersteunen van de katholieken die het grootste risico liepen ten prooi te vallen aan het schisma.'Wright, J., p. 33, 38 Alle jezuïeten wilden het protestantisme zo snel en doelmatig mogelijk vernietigen.Wright, J., p. 40: 'Zonder mankeren - en dit is een van de weinige generalisaties over de orde, die kan worden staande gehouden - wilden alle jezuïeten het protestantisme zo snel en doelmatig mogelijk vernietigen.' 1551 - De jezuïeten vestigden zich in Wenen op uitnodiging van Ferdinand I en kregen er het bestuur over de universiteit. Daarna vestigden ze zich in Keulen en Ingolstadt en vandaar uit over heel Duitsland.Nicolini, History of the Jesuits, p.196 Het jezuïetencollege van Keulen werd de grootste jezuïetengemeenschap ten noorden van de Alpen.Wright, J., p. 41 1554 - Het Parlement van Parijs weigerde met het beroemde arrêt (besluit) van 1554 jezuïeten in het koninkrijk toe te laten. In 1560 werd een petitie aan koning Frans II aangeboden, waarin ze afstand deden van hun privileges, zich er toe verplichtten zich aan de wetten te houden van het rijk en van de gallicaanse kerk en zich te onderwerpen aan haar gebruikelijke wetgeving, waarop ze werden toegelaten.Nicolini, History of the Jesuits, p.175,176
De Habsburgse prinses Juana van Oostenrijk ontving in 1554 de zeldzame onderscheiding van 'vrouwelijke jezuïet', in het geheim aan haar toegekend onder het pseudoniem 'Mateo Sanches'.Wright, J., p. 56 Ze trad vanaf 1554 op als regentes van Spanje, toen haar broer Filips trouwde met de katholieke koningin Maria Tudor (1516-1558) en zolang zij leefde koning van Engeland was.Geoffey Parker (2014), Imprudent King, a New Life of Philip II', p. 159 31 juli 1556 – Ignatius sterft. De Algemene Congregatie, na de paus het hoogste gezag in de orde, wijst in 1558 Diego Laínez aan als zijn opvolger. Laínez had veel invloed op de decreten en dogma's van het Concilie van Trente. Bij de dood van Ignatius heeft de orde al meer dan 1000 leden. Vervolgens wordt het ledenaantal vijftien maal zo groot. De hele wereld is voor deze eerste generaties jezuïeten missiegebied. Bezigheden van de jezuïeten zijn onder andere het begeleiden van "geestelijke oefeningen", catechese, het geven van onderwijs, geestelijke begeleiding, werken op het raakvlak van geloof, cultuur, wetenschap en gerechtigheid. 1557 - Toen Sebastiaan koning van Portugal werd, nam hij geen belangrijke besluiten zonder zijn leraar en biechtvader Consalves de Camera en diens broer Martin, graaf van Calhette. De jezuïeten waren de biechtvaders van de gehele koninklijke familie. Sebastiaan besloot van een huwelijk af te zien en viel in zijn strijd tegen het koninkrijk van Fez (Marokko), waarop uiteindelijk Filips II van Spanje koning van Portugal werd.Nicolini, History of the Jesuits, p.171-175 1558 - De jezuïet Polancus vertaalde de Constituties van de orde in het Latijn en ze werden gedrukt in het College van de Orde in Rome. Ze werden geheim gehouden tot ze in 1761 tijdens het proces van vader La Valette door het Franse Parlement werden gepubliceerd.G.B. Nicolini, History of the Jesuits, p.30 ca. 1560 - Stichting van jezuïetenscholen in Toulouse en Lyon, na gewelddadige overvallen op de plaatselijke protestantse gemeenschap, waarbij de katholieke bevolking vierduizend protestanten afslachtten. Vanaf 1560 - Jezuïeten arriveerden in Macao in China. Vanaf 1580 zetten Michele Ruggieri en Matteo Ricci de missie in het binnenland op. Ricci droeg vlechtjes, ging gekleed als confuciaanse geleerde en was expert op het gebied van de 'confuciaanse klassieken'. Hij wilde de intellectuele en politieke elite van het Hemelse Rijk overhalen en imponeerde daarbij met zijn Europese kennis van wiskunde, geografie en exacte wetenschappen. De invallen van missionarissen bij hun evangelische onderneming lokten vijandigheden uit 'bij vertegenwoordigers van plaatselijke religies en moraalsystemen - boeddhistische bonzen in Japan, neocunfuciaanse geleerden en islamitische astronomen in China - die ze wilden verdringen.' Vanaf 1567 - De jezuïeten opereerden in Peru, 'thuishaven van de oudste jezuïetenschool in Latijns-Amerika en uitvalsbasis voor de verbazingwekkende ontdekkingstochten van José de Acosta.' 1572 - De Belg Everard Mercurian werd de eerste niet-Spaanse generale overste, wat tot heftige reacties leidde van Spaanse jezuïeten. Zij vonden ook dat wegens de 'kwestie van bloedzuiverheid' mannen met moorse of joodse voorouders geen carrière als jezuïet mochten hebben. De Spaanse agitatie werd in de eerste decennia van het bestaan van de Sociëteit regelmatig door Spaanse koningen aangevuurd. Nationale rivaliteit zou door de eeuwen heen de interne politiek en de missionaire activiteiten bezoedelen. In 1572 betraden de jezuïeten Mexico, dat door hen 'grondig doorploegd' zou worden. Daarvandaan drongen ze eind 17e, begin 18e eeuw door tot in het tegenwoordige Arizona, New Mexico en Zuidelijk Californië. 1581 - De jezuïeten kwamen aan in de Filipijnen. Het 'spraakmakendste van alles was Paraguay'.
In 1581 werd Claudio Acquaviva van Napels, zoon van de hertog van Átri, op zevenendertigjarige leeftijd tot Generaal gekozen.