Atwater is een metrostation in de Canadese stad Montréal,Het metronet op de site van STM. Gearchiveerd op 31 december 2021. in de provincie Québec. Het ligt op de grens van de gemeente Westmount en het arrondissement Ville-Marie (Montréal). Het station werd geopend op 14 oktober 1966 en wordt bediend door de groene lijn van de metro van Montréal. In 2019 gebruikten 8.140.963 instappende reizigers het station. De Avenue Atwater en het metrostation zijn genoemd naar Edwin Atwater, de Montrealse wethouder die zich in de 19e eeuw inzette voor de aanleg van een waterleiding in de stad.
Geschiedenis In 1944 werd een voorstel gedaan voor een metronetwerk in Montréal waarvan het zuidelijkste station zou komen bij het kruispunt van de Avenue Atwater/Rue St. Catherine bij de gemeentegrens van Montréal en Westmount. Dit station Atwater & Ste. Catherine was in 1944 een eindpunt van de groene lijn, in het voorstel uit 1953 was het een eindpunt van de oranje lijn. In het gerealiseerde project, dat op 3 november 1961 werd goedgekeurd, werd de tunnel van de groene lijn onder de Boulevard De Maisonneuve gebouwd met Atwater als zuidelijk eindpunt. De bouw van het metronet begon op 23 mei 1962, waarbij Atwater volgens de openbouwput methode werd gerealiseerd. Op 14 oktober 1966 werden de eerste 20 stations, waaronder station Atwater, geopend. Atwater bleef bijna 20 jaar eindpunt totdat op 3 september 1978 de lijn werd doorgetrokken naar het zuiden.
Ligging en inrichting Het station is een functioneel ontwerp van architectenbureau David, Boulva et Clève met sporen en perrons op 7,6 meter onder de Boulevard De Maisonneuve ter hoogte van het Collège Dawson. Boven de sporen en perrons ligt een tussenvloer met OV-poortjes die met vaste trappen en liften met de perrons is verbonden. Aan de westzijde is deze ondergronds verbonden met het Collège Dawson en toegang A boven het noordeinde van de perrons. De oostzijde van de tussenvloer is via verschillende deuren verbonden met de kelder van winkelcentrum Alexis Nihon. Gemeten van perrroneinde tot perroneinde ligt Guy-Concordia 681,54 meter ten noorden van het station en bedraagt de tunnellengte tot Lionel-Groulx 1387,74 meter. Toegang A is opgetrokken in dezelfde bouwstijl als het Collège Dawson, de andere toegang (B) op het Square Cabot heeft een paviljoen van staal en glas. Het staat, op de in 1944 en 1953 beoogde stationslocatie, ongeveer 175 meter ten oosten van het gerealiseerde metrostation en is met roltrappen en een vaste trap verbonden met een voetgangerstunnel onder het kruispunt die aansluit op de kelder van het winkelcentrum. Hoewel ze niet direct verbonden zijn met het metrostation, zijn het paviljoen en de voetgangerstunnel formeel deel de metro en zijn de wanden, net als die in het metrostation, afgewerkt met bakstenen in verschillende tinten beige. Rond het Square Cabot hebben negen buslijnen en tien nachtbussen hun haltes. Vlak ten noorden van het station ligt het voormalige ijshockey stadion Forum de Montréal. Net als bij de ondergrondse stad van Montréal (RESO) is ook hier het concept van ondergrondse verbindingen met omliggende gebouwen toegepast, in dit geval naar de vier kantorentorens van Westmountsquare ten zuiden van het station.
Atwater