Cluj-Napoca () of kortweg Cluj (Hongaars: Kolozsvár, Duits: Klausenburg) is een stad in Roemenië, gelegen in Transsylvanië aan de Kleine Someș (Someșul Mic). Het is de hoofdstad van het district (județ) Cluj en is met 286.598 inwoners de grootste stad van de landstreek Transsylvanië. Sinds 2008 is Cluj-Napoca onderdeel van de Metropoolregio Cluj-Napoca. Cluj-Napoca is een stad met een gemengde bevolking (Roemenen, Hongaren, Roma) en heeft naast de Roemeens-Hongaars-Duitse Babeș-Bolyaiuniversiteit een Hongaarse Sapientia-universiteit.

Naam

miniatuur|De Sint-Michielskerk in Cluj-Napoca (16e eeuw) miniatuur|Spoorwegstation Cluj-Napoca, architect Ferenc Pfaff.

De oorspronkelijke naam van de stad is Klausenburg of Kolozsvár. De Roemeense naam van de stad is Cluj. In 1974 werd Napoca aan de officiële naam toegevoegd, waarmee de toenmalige dictator Ceaușescu wilde onderstrepen dat de oorsprong van de stad op de Dacisch-Romeinse nederzetting Napoca zou teruggaan. In de volksmond wordt de stad nog steeds Cluj genoemd of Kolozsvár door de Hongaarse minderheid (zie: Hongaarse minderheid in Roemenië).

De officiële naam van het district Cluj (Hongaars: Kolozs) werd niet veranderd.

Geschiedenis

thumb|Babeş-Bolyaiuniversiteit van Cluj-Napoca. thumb| Botanische tuinen van Cluj-Napoca. thumb|Hongaars gereformeerde kerk en lyceum Vroegste geschiedenis In de 2e eeuw voor Chr. bestond op de plaats waar nu Cluj-Napoca ligt een Dacische nederzetting met de naam Napoca, die onder keizer Trajanus door de Romeinen werd overgenomen. Nog voor de Middeleeuwen werd dit Napoca verwoest.

Onder Koninkrijk Hongarije (tot 1526) Transsylvanië behoorde sinds 896 tot het Hongaarse rijk, nadat de Hongaren het land hadden betreden. De stad ontwikkelde zich in de 11e eeuw, een toren in de noordwesthoek van de stad dateert nog uit die tijd. In de 13e eeuw verwoestten binnentrekkende Mongoolse troepen in 1241 de volledige nederzetting en moordde haar bevolking uit. Koning Stefanus V van Hongarije nodigde in 1272 Duitse immigranten uit, traditioneel "Saksen" genoemd, die in de 13e eeuw de stad Klausenburg stichtten op de overblijfselen die na de Mongoolse inval nog overeind stonden. In 1405 kreeg de stad weer stadsrechten en werd een Vrije Koninklijke Stad onder koning Sigismund van Hongarije. De stad ontwikkelde zich tot de belangrijkste van Zevenburgen, Matthias Corvinus, een van de belangrijkste Hongaarse koningen, werd er in 1443 geboren.

Onder Vorstendom Transsylvanië (tot 1848) Zevenburgen kwam na 1526 als zelfstandig vorstendom onder Turkse invloed in de 15e eeuw was de helft van de bevolking Saksisch, de ander helft Hongaars. Dit wordt bevestigd in het decreet van de landheer Mihály Szilágyi uit 1458 waarin wordt bepaald dat het bestuur van de stad bestaat uit het Hundertmannschaft, 50 Saksen en 50 Hongaren omvattend. Tijdens de tijd van het vorstendom is Gyulafehervár de hoofdstad, Kolozsvár is echter de rijkste stad en werd Kincses Kolozsvár genoemd, Schatrijk Kolozsvár. Dat de stad een groot belang heeft binnen het vorstendom blijkt wel uit het feit dat er maar liefst 37 landdagen hier plaatsvinden. In 1585 wordt in de stad de eerste universiteit van Transsylvanië opgericht die geleid wordt door jezuïeten.

In 1557 wordt in de stad István Bocskai geboren die tussen 1604 en 1606 de leider van de Hongaarse opstandelingen tegen het Habsburgse regiem is. In 1606 wordt hij regerend Vorst over Transsylvanië nadat dit zwaar bevochten is. De Transsylvanen behouden het recht op godsdienstvrijheid en de vrijheid hun eigen vorsten te kiezen. Nog in 1606 wordt Bocskai vergiftigd en neemt Sigismund Rákóczi de Transsylvanische kroon over. In 1623 staat vorst Gabriël Bethlen toe dat Joden zich mogen vestigen in Transsylvanië en Kolozsvár. In 1790 wordt Kolozsvár opnieuw de hoofdstad van het vorstendom. In 1821 wordt het eerste theater in de stad geopend aan de Farkasstraat, het is het eerste theater in heel Hongarije. In 1822 wordt de eerste Hongaarstalige opera opgevoerd waarvan de teksten en muziek bewaard zijn gebleven. In 1827 wordt de eerste openbare verlichting aangelegd op het hoofdplein.

Onder Koninkrijk Hongarije (Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie) In 1848 wordt de unie tussen Transsylvanië en Hongarije uitgeroepen, vanaf 1867 ontstaat de Oostenrijks-Hongaarse Dubbelmonarchie. Inmiddels was Cluj een van de grootste steden van Hongarije. In 1906 wordt de eerste elektriciteitscentrale gebouwd. Er volgt vanaf dan een grote economische ontwikkeling, vele industrieën worden vanaf het einde van de 19e en het begin van de 20ste eeuw gesticht. Waaronder een bierbrouwerij, staalfabriek en een luciferfabriek. In de Eerste Wereldoorlog zit Hongarije in het kamp van de verliezers. In 1918 nemen Roemeense troepen de stad in.

Onder Koninkrijk Roemenië In 1920 moet Hongarije de stad en geheel Transsylvanië na het tekenen van het Verdrag van Trianon overdragen aan Roemenië. Tijdens het interbellum blijft Cluj een voornamelijk Hongaarse stad. Dit maakt dat de Hongaren blijven strijden voor hereniging van Transsylvanië met Hongarije. In 1940 wordt dit realiteit dankzij de Tweede Scheidsrechterlijke Uitspraak van Wenen. Het Hongaarse leger neemt onder leiding van Miklós Horthy de landstreek weer in en wordt met groot gejuich op het hoofdplein van Kolozsvár ontvangen.

Moderne geschiedenis Na de Tweede Wereldoorlog wordt de stad voorgoed Roemeens. Roemenië verandert al snel in een Socialistische Volksrepubliek. De stad wordt onderdeel van de industriepolitiek in de 5-jaren plannen van de geleide economie. In de jaren '60 worden vele industrieën in de stad opgestart en komt de bouw van grootschalige wijken in socialistische prefab betonbouw tot stand. In de jaren '70 wenst de Roemeense leider Ceausescu de Hongaarse geschiedenis voorgoed uit te wissen door Napoca toe te voegen aan de naam van de stad. Door de komst van vele Roemeense arbeiders is de bevolking in de jaren '60 voor het eerst in de moderne geschiedenis niet langer in meerderheid Hongaars.

Bevolking Cluj-Napoca is van oudsher een stad met een etnisch, religieus en nationaal gemengde bevolking. Ze is in de 12de eeuw gesticht door kolonisten uit de Duitse landen als Klausenburg en de bouwstijl van het middeleeuwse centrum getuigt van hun aanwezigheid. Hongaren maakten daarna als adellijke bovenlaag eeuwenlang de dienst uit, in wat nu Kolozsvár heette. De 19de-eeuwse wijken rond het oudste centrum zijn gebouwd in de weelderige Hongaarse variant van de sezession (jugendstil). Duitstaligen vormden in de 19de eeuw nog maar een kwart van de bevolking, en Roemenen namen toe maar als sociale onderlaag van dienstpersoneel en arbeiders. In 1918 kwam de stad, met geheel Transsylvanië, in Roemeense handen. De verhoudingen tussen de verschillende bevolkingsgroepen verliepen moeizaam: in het Interbellum werd de Hongaarse ambtenarij verwijderd, de bovenlaag politiek en economisch ontmanteld en de universiteit geroemeniseerd. Tussen 1941 en 1945 mocht Hongarije Noord-Transsylvanië herannexeren en vond een wisseling van de wacht plaats. Dat betekende na de oorlog, toen de stad weer Roemeens werd, een afrekening, maar toch verbeterden de verhoudingen korte tijd in het kader van de communistische volkerenvriendschap. Een Hongaarse universiteit werd in beperkte vorm hersteld. Onder Ceauşescu verslechterde de situatie en verdween die universiteit weer, terwijl de Hongaren door een grote instroom van Roemenen uit alle delen van het land definitief werden overvleugeld door de Roemenen en in aantal onder de 20% norm zakten, die wettelijk nodig is voor een tweetalig openbaar bestuur en onderwijs. (Zie Roemenisering van Transsylvanië) Na Ceauşescu werd de stad van 1992 tot 2004 bestuurd door de nationalistische burgemeester Gheorghe Funar, die onder meer naam maakte door de Hongaarse organisaties en scholen te belemmeren zich te herstellen en het straatmeubilair in de Roemeense nationale kleuren te laten schilderen. Rumoer ontstond toen hij de Hongaarse koning welke de stad had laten stichten, van zijn sokkel op het stadsplein wilde halen. Onder het nieuwe bewind van de huidige burgemeester Emil Boc verandert het straatmeubilair weer van het Roemeense rood, geel, blauw in Transsylvaans rood met wit. Een Hongaarse universiteit is heropgericht op een bescheidener schaal dan de Roemeense. Cluj heeft een multiculturele samenleving onder Roemeense dominantie. Het aandeel van de Hongaren in de bevolking van de stad is in de loop van de 20e eeuw geslonken van ruim 80% in 1910 tot minder dan 20% nu. Het Duitstalige element is verdwenen.

Jaar Bevolking Roemenen aantal Hongaren aantal en percentage 1850 19 612 4116 12 317 (63%) 1880 32 831 5618 23 676 (72%) 1890 37 184 5637 29 396 (79%) 1910 62 733 8886 51 192 (82%) 1920 85 509 29 644 42 168 (49%) 1930 103 840 34 029 48 271 (46%) 1941 110 956 10 029 97 698 (88%) 1948 117 915 47 321 67 977 (58%) 1956 154 723 74 623 77 839 (50%) 1966 185 663 105 185 78 520 (42%) 1977 262 858 173 003 86 215 (33%) 1992 328 602 248 572 74 871 (23%) 2002 317 593 252 433 60 987 (19%) 2011 324 576 245 737 49 565 (16%) 2021 286 598 204 297 33 603 (14%)

Hongaarse gemeenschap De bijna 50.000 etnische Hongaren vormen een belangrijke minderheid (voor 1956 zelfs de meerderheid) in de stad (Zie: Hongaarse minderheid in Roemenië). In Cluj werd de Hongaarse koning Matthias Corvinus geboren. Zijn geboortehuis ligt in het centrum en is voorzien van een gedenkplaquette. In de stad zijn veel instituties te vinden die de centrale vestiging vormen voor de Hongaarse gemeenschap in Roemenië zoals de Transsylvaans-Hongaarse museumfederatie, de Hongaarse academie voor wetenschap en het Bolyai genootschap. Ook bevindt zich in de stad het Hongaars Staatstheater en de Hongaarse opera. De Unitarische, Evangelische en Reformatorische kerken hebben hun centrale vestiging voor geheel Roemenië in Cluj-Napoca. Ook de protestantse predikantenopleiding is te vinden in de stad. Daarnaast verschijnen er in de stad een aantal Hongaarse dag- en weekbladen en is er eens per jaar in augustus een groot festival in het centrum van de stad: de Hongaarse Dagen van Kolozsvár.

Cluj (of Kolozsvár) is met name in het centrum herkenbaar als Midden-Europese stad met haar Rooms-Katholieke, Hongaars-Gereformeerde en Evangelisch-Lutherse kerken. In het stadsbeeld zijn naast het centrum aan het begin van de jaren '20 van de twintigste eeuw een aantal kerken en gebouwen gerealiseerd voor de Roemeense gemeenschap.

Hongaarstalig Middelbaar Onderwijs Apáczai Csere János Elméleti Líceum (Kolozsvár) - Liceul Teoretic "Apáczai Csere János" Cluj-Napoca Báthory István Elméleti Líceum (Kolozsvár) - Liceul Teoretic "Báthory István" Cluj-Napoca Brassai Sámuel Elméleti Líceum (Kolozsvár) - Liceul Teoretic "Brassai Sámuel" Cluj-Napoca János Zsigmond Unitárius Kollégium (Kolozsvár) - Liceul Unitarian "János Zsigmond" Cluj-Napoca Kolozsvári Református Kollégium (Kolozsvár) - Liceul Teologic Reformat Cluj-Napoca Tálentum Református Iskola (Kolozsvár) - Școala Gimnazială Reformată "Talentum" Cluj-Napoca

Hongaarstalig hoger- en universitair onderwijs Babeș-Bolyaiuniversiteit, met diverse Hongaarstalige faculteiten/ opleidingen Sapientia-universiteit- Hongaarse Universiteit van Transsylvanië Protestantse Theologisch Instituut (van de Hongaars Gereformeerde, Unitarische en Evangelische kerken)

Bezienswaardigheden Bezienswaardig zijn diverse musea, de Rooms Katholieke Sint-Michiels kathedraal (15de eeuw), de Hongaars Gereformeerde Kerk (15e eeuw) De Hongaars Gereformeerde kerk is de hoofdzetel van het District Transsylvanië (Hongaarse Gereformeerde Kerk).