thumb|Wassende maan en ster. De islam (Arabisch: () of (), Nederlands: onderwerping of overgave [aan God]) is een monotheïstische godsdienst en een van de drie grote abrahamitische religies. Het Arabische woord islam betekent letterlijk overgave of onderwerpingWhat does Islam mean? The Friday Journal, Mumbai (6 feb. 2011) en wijst op het fundamentele, religieuze principe dat een aanhanger van de islam (moslim) zich overgeeft aan de wil en wetten van God. De tekst van de Koran (een van de Islamitische heilige boeken) is volgens de islam doorgegeven aan Mohammed als profeet en boodschapper via de aartsengel Djibriel (Gabriël). Naast de Koran is de soenna van Mohammed, waarin de levenswijze, de gezegden en de standpunten van de profeet worden beschreven, ook een belangrijke bron voor de (soennitische) islamitische doctrine. Tevens geldt ook nog de Hadith als een collectie van geschreven en verzamelde bronnen in de Islam.
Terminologie en theologische claims Volgens islamitische theologie betekent moslim in brede zin iemand die zich overgeeft aan God. In deze betekenis worden ook Adam, Abraham (Ibrāhīm) en Jezus (ʿĪsā) door de islam als moslims beschouwd. De Koran noemt hen ḥanīf (Soera al-Baqara 2:135-136).Koran, Soera al-Baqara 2:135-136 Dit is echter een islamitische interpretatie en wijkt af van de joodse en christelijke tradities, waarin Abraham en Jezus een andere plaats innemen en Jezus in het christendom als Zoon van God wordt beleden.Bruce Chilton & Jacob Neusner (eds.), The Brother of Jesus: James the Just and his Mission, Westminster John Knox Press, 2001
thumb|Landen met een moslimbevolking van minimaal 10% (groen is soennitisch, rood is sjiitisch, blauw is ibaditisch)
Oorsprong
Traditionele visie thumb|Mohammed ontvangt een Openbaring; Mohammed wordt volgens soennitische opvattingen doorgaans niet afgebeeld.
Volgens de islamitische traditie wordt Mohammed (570-632) gezien als de laatste in een reeks van profeten. Tijdens de laatste tweeëntwintig jaar van zijn leven, vanaf zijn veertigste, zou Mohammed openbaringen hebben gekregen van God die aan hem werden doorgegeven door de aartsengel Djibriel waarin hij werd opgeroepen het geloof van Adam en Abraham opnieuw te introduceren. Voor moslims is de islam dan ook de oorspronkelijke religie zoals geopenbaard aan Abraham, Musa (Mozes), Isa (Jezus) en andere islamitische profeten. De boodschappen in deze openbaringen, bekend als de Koran, werden gememoriseerd en opgeschreven door zijn volgelingen. In totaal noemt de Koran 25 profeten, maar Mohammed wordt in de islam doorgaans beschouwd als de laatste profeet, "Zegel der Profeten", die de geschiedenis van de doorlopende openbaring van Gods wil heeft afgesloten. De islam is voor moslims de vervolmaking van de monotheïstische religie van God.
Gedurende de periode dat Mohammed in Mekka predikte, drong hij er hen op aan om te stoppen met hun polytheïsme en slechts één God te aanbidden. Hoewel sommigen zich bekeerden tot de islam, werden Mohammed en zijn volgelingen vervolgd door het stadsbestuur. Na twaalf jaar van vervolging van de moslims onder Mohammed door de Mekkanen vertrokken de eersten naar de stad Medina (de zogenaamde Hidjra), waar ze een islamitisch bestuur vestigden. Daar werd de eerste islamitische oemma (gemeenschap) opgericht door Mohammed. Die gemeenschap was niet alleen religieus maar ook politiek. De Mekkanen blijven echter in conflict met de moslims en deze situatie eindigt pas wanneer Mohammed in 629 of 630 Mekka gewapenderhand verovert. Wanneer hij in 632 op tweeënzestigjarige leeftijd sterft, heeft hij de Arabische stammen van Arabië zowel politiek als religieus verenigd.
Historisch-wetenschappelijke visie De moderne wetenschappelijke geschiedschrijving probeert het verleden te reconstrueren door gebruik te maken van op betrouwbaarheid getoetste archeologische vondsten en tekstkritisch getoetste schriftelijke bronnen. Hoewel een meerderheid van historici aanneemt dat Mohammed een historische persoon is geweest, kan door het ontbreken van betrouwbare bronnen uit de eerste hand, de historiciteit van Mohammed niet worden vastgesteld.
De vroegst bekende biografie van Mohammed, werd honderdtwintig jaar na de dood van Mohammed geschreven door Ibn Ishaak. Deze biografie ('Het leven van Gods boodschapper') is niet overgeleverd en enkel bewaard in een bewerkte versie door een latere auteur genaamd Ibn Hisham en dateert uit de 9e eeuw.
De traditionele overlevering, waarbij de Koran door Mohammed werd ontvangen en door hem en zijn naaste metgezellen werd gememoriseerd om kort na Mohammeds dood schriftelijk te worden vastgelegd, kan eveneens niet door een wetenschappelijke benadering bevestigd worden.
De oudst bekende fragmenten van de Koran (of een voorloper) zijn in 1972 ontdekt in Jemen. Door middel van koolstofdatering wordt de oorsprong van de oudste van deze tekstfragmenten tussen 645 en 690 geschat. Echter, omdat bij koolstofdatering wordt uitgegaan van het jaar waarin een organisme is gestorven (dat in het geval van perkament niet hoeft overeen te komen met de opgeschreven tekst) gaan wetenschappers op basis van de kalligrafie uit van een werkelijke datering van tussen 710-715.The New Cambridge Medieval History door C. Hillenbrand, blz. 330. De oudste bekende volledige Koran, de zogenaamde Samarkand Koran, stamt naar alle waarschijnlijkheid uit het einde van de 8e tot het begin van de 9e eeuw.On The Dating Of An "'Uthmanic Qur'an door E. A. Rezvan in het tijdschrift Manuscripta Orientalia (2000) blz. 19-22.
De Koran verwijst veelvuldig naar thema's en verhalen over personen die eerder in de Thora/Oude Testament en het Nieuwe Testament zijn beschreven. Dit betreft onder anderen Mozes, Maria en Jezus. Niet alle verhalen over deze figuren in de Koran komen overeen met deze eerder genoemde geschriften. Zo spreekt de Koran tegen dat Jezus aan een kruis stierf en opstond, en was volgens de Hadith niet Isaak de "zoon van de belofte", maar juist Ismaël, de stamvader van de Arabieren. Desalniettemin zijn de overeenkomsten dusdanig dat de wetenschappelijke consensus is dat de Koran veel aan deze eerdere teksten heeft ontleend. De traditioneel islamitische verklaring voor deze overeenkomsten is dat zowel de geschriften van de christenen en joden onvolledige en verstoorde versies van de islam zijn.
Naast joods-christelijke elementen zijn waarschijnlijk ook verscheidene heidense tradities uit voorislamitische animistische religies in de islam geïntegreerd, zoals het heiligdom de Kaäba en de rondgangen die daaromheen gemaakt worden tijdens de oemra en de hadj (tawaaf), elementen die volgens de islamitische traditie op Abraham teruggevoerd moeten worden.Why I am not a Muslim - Ibn Warraq, 1995Encyclopedia of Islam - Gardet, Allah
Grondslag van de islam thumb|Een Arabische Koran thumb|Kinderen in een madrassa die de Arabische Koran uit het hoofd leren te reciteren thumb|Mohammed in de moskee
Koran
De Koran (ook wel Qur'an genoemd) spreekt tevens met respect over de islamitische heilige boeken, de Thora (Tawrat), de Psalmen (Zaboer) en het Bijbelse Evangelie (Indjil), waardoor volgens de islam God in vroeger tijden eveneens tot de mensen heeft gesproken. Men gelooft echter dat de Koran de laatste en beslissende openbaringen van God bevat en dat de andere heilige boeken veranderd en vervalst zijn. Joden en christenen worden de Mensen van het Boek genoemd en daar de Koran fragmentarisch is opgebouwd, geeft de Koran het advies om bij twijfel de Mensen van het Boek te raadplegen.
Er zijn verschillende alternatieve namen voor de Koran waaronder, Foerqaan (openbaring), Kitaab (boek) en Moeshaf (boek, dat wil zeggen bladzijden in een kaft). In traditionele zin betekent Koran letterlijk 'oplezing', wat erop duidt dat het niet alleen een tekst is die bestudeerd moet worden, maar vooral moet worden gereciteerd. Koranrecitatie wordt dan ook als een bijzondere vorm van kunst gezien en wordt onderwezen in madrassa's. Pas door een kundige recitatie komt de poëtische kwaliteit van de tekst tot uitdrukking. Overigens is het Arabisch een taal die zich bij uitstek leent voor poëzie en de dichtkunst staat in Arabisch sprekende landen op een hoog niveau. Grote dichters worden er als helden vereerd. Soennitische moslims organiseren poëzie-bijeenkomsten (Mehfil-e-Naat) waar men Arabische gedichten en poëzie voordraagt.
Moslims geloven dat de inhoud van de Koran in het Arabisch geopenbaard werd en die taal is voor de islam dan ook de taal van de hemel (lughat al-sama). Men gelooft dat het Arabisch van God komt en dat deze hemelse taal niet goed genoeg in een aardse taal kan worden omgezet. Vertalingen van de Koran worden dan ook door moslims gezien als minderwaardig en onbetrouwbaar. Een probleem is dat tegenwoordig verreweg de meeste moslims geen Arabieren zijn en niet het Arabisch als moedertaal hebben, al is het wel zo dat ook veel niet-Arabische moslims Arabisch leren. Daarom wordt in de praktijk toch vaak een vertaling van de Koran gebruikt. Deze vertaling wordt beschouwd als de interpretatie van de betekenissen van de koran en heeft dus niet de heilige status die de Arabische Koran heeft.
Hadith
Naast de Koran wordt door veel moslims aan de Hadith (dat zijn de overleveringen van Mohammed en zijn volgelingen) veel gezag toegekend. Pas in 733, een eeuw na de dood van de profeet in 632, verscheen de eerste biografie van Mohammed verzameld en samengesteld door Mohammad Ibn Ishaq.
In grote verzamelingen overleveringen staat beschreven wat Mohammed (of zijn naaste volgelingen) zei en deed, de soenna ofwel 'de weg' geheten. Men kent ook aan zijn algemene spreken en handelen het gezag van een goddelijke openbaring toe. Islamitische wetgeleerden en theologen hebben de eerste drie eeuwen veel gediscussieerd over de vraag welke van de overgeleverde tradities, die elkaar op sommige punten tegenspreken, authentiek zijn en welke later verzonnen zijn.
Een uitlegger en 'redacteur' van de Hadith uit de negende eeuw was Al-Bukhari, een soennitisch geleerde. Samen met Muslim, een andere Hadith-geleerde, legde hij collecties aan van 'zeer betrouwbare' Hadith. Zij hebben daarmee grote invloed gehad op de ontwikkeling van de islamitische jurisprudentie. De Koran en de Hadith vormen met elkaar de basis voor het leven en de leer van de moslims.
Uit de Koran en de Hadith werden later de islamitische wetten samengesteld, de sharia. In ongeveer de helft van de islamitische landen wordt de sharia in een gemengd rechtssysteem gebruikt, naast een wetgeving volgens westers model.
De Hadith-collecties verschillen per stroming (soennieten, sjiieten, etc.) en worden door aanhangers van het Koranisme als onnodig beschouwd omdat de Koran er negatief over zou zijn.http://www.ongegrondehadith.nl
De leer thumb|Mohammed wordt ontvangen door de vier aartsengelen. Afbeelding uit 1436; in tegenstelling tot de soennitische gewoonte, tonen de sjiitische Perzische afbeeldingen wel het gezicht van Mohammed
God wordt door moslims aanbeden als schepper van alles. Hij is (ver boven de mens) verheven, soeverein, barmhartig, almachtig en alwetend. De islam kent aan God 99 eigenschappen toe. Volgens moslims openbaart God niet zichzelf; Zijn tekenen van bestaan zijn wel te herkennen in de pracht van de schepping. Niets van God is door de mens te kennen, behalve Zijn wil, die via Mohammed aan de mens geopenbaard is. Moslims spreken de grootheid van God vaak uit door middel van de uitdrukking Allahoe akbar (God is groter/de grootste - het Arabisch kent geen overtreffende trap). Centraal staat ook het begrip tawhied, dat letterlijk 'Het ontkennen van een gelijke aan God in al Zijn eigenschappen, namen en daden' betekent. Het staat voor het principe dat God de enige is die er werkelijk toe doet. Tawhied is daarom tegen de scheiding van geloof en staat en staat aan de basis van het islamisme, oftewel de politieke islam.