Palestina (Arabisch: , ) ofwel Staat Palestina (Arabisch: , ) is een land dat bestaat uit twee gebieden, de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever, met Oost-Jeruzalem als grondwettelijk aangewezen hoofdstad, hoewel Ramallah als feitelijke bestuurszetel fungeert. De Gazastrook grenst aan Israël en Egypte en heeft een kust aan de Middellandse Zee. De Westelijke Jordaanoever (inclusief Oost-Jeruzalem) grenst aan Israël, en in het oosten aan Jordanië met als grens de rivier de Jordaan en de Dode Zee.

Palestina wordt door 156 van de 193 lidstaten van de Verenigde Naties erkend (sinds 2024), echter niet door de meeste westerse landen en niet door Israël, dat in de Zesdaagse Oorlog van 1967 een groot deel van het grondgebied van Palestina heeft bezet en sindsdien onder militaire controle houdt. De Gazastrook werd in 2005 door Israël verlaten, maar werd, op de grens met Egypte na (ook meestal afgesloten), te land, ter zee en vanuit de lucht militair afgesloten en sinds 2007 aan een blokkade onderworpen.

In 1988 verklaarde de in 1964 opgerichte Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) de Staat Palestina (de Palestijnse gebieden omvattend) onafhankelijk. In 1993 werden tussen Israël en de PLO de Oslo-akkoorden gesloten, die zorgden voor de oprichting van de Palestijnse Autoriteit, die het gezag kreeg over een deel van de Palestijnse gebieden. In 2007 verdeelde de overname van de Gazastrook door de fundamentalistisch-islamistische Hamas de bevolking, Abbas van Fatah kreeg de controle over de Westelijke Jordaanoever en werd internationaal erkend als de officiële Palestijnse Autoriteit terwijl Hamas controle bleef houden over de Gazastrook.

Naam left|thumb|160px|Deze foto uit 1905 laat een vader met twee zoons zien in traditionele kleding. Palestina behoorde toen tot het Ottomaanse Rijk De naam Palestina gaat terug tot de oudheid. Hij is afkomstig van de Griekse Παλαιστίνη, die in het Latijn Palaestina werd genoemd. De Arabische naam luidt فلسطين; die kan worden getranslitereerd als Filasṭīn, Falasṭīn of Filisṭīn. Palestina slaat terug op de Filistijnen, aangezien het Griekse Παλαιστίνη cognaat is met het Hebreeuwse פְּלִשְׁתִּים (Pelištim). Een veelgenoemde etymologie verbindt de naam Filistijn met de Hebreeuwse wortel פלש (palash), "doordringen" of "binnendringen" — de Israëlieten noemden hen dus in feite "de indringers". Zij worden gerekend tot de Zeevolken en vestigden zich waarschijnlijk rond de 13e eeuw v.Chr. vanuit het Egeïsche gebied, mogelijk Kreta of Zuid-Europa, in het toenmalige Kanaän. Toen de Israëlieten in Kanaän terechtkwamen, waren de Filistijnen een van de volken die zij daar aantroffen en met wie ze regelmatig strijd leverden. De Filistijnen bewoonden het zuidwesten van Kanaän, waar zij vijf stadstaten stichtten — de zogeheten Filistijnse Pentapolis: Gaza, Askelon, Asdod, Ekron en Gat — tot het begin van de 6e eeuw v.Chr., toen de Babyloniërs het gebied veroverden. Een groot deel van de bevolking in Palestina werd in ballingschap weggevoerd; de rest ging op in de omliggende volken; anders dan de Judeeërs keerden de Filistijnen nooit terug uit deze diaspora. Het gebruik van de aanduiding Palestina voor het gebied dat later het Mandaatgebied Palestina werd stamt al uit de klassieke oudheid en werd onder andere gehanteerd door Herodotus (5e eeuw v.Chr.) en Plinius de Oudere (1e eeuw). Ook op munten geslagen tijdens de regering van Vespasianus (69-79) wordt deze aanduiding gebruikt. Na de Bar Kochba-opstand (ofwel de Tweede Joodse Opstand) (135) worden de Romeinse provincies Syria en Judea door keizer Hadrianus samengevoegd tot de provincie Syria-Palestina. Israël gebruikt de naam Judea voor een deel van de Westelijke Jordaanoever in het administratieve district Judea en Samaria.

Vanaf de 16e eeuw tot 1917 maakte Palestina onderdeel uit van het Ottomaanse Rijk. Het gebied vormde binnen het Ottomaanse rijk geen administratieve eenheid, maar de Arabieren en Joden die er woonden, alsook de Ottomaanse functionarissen, noemden het gebied Palestina en de inwoners ervan Palestijnen.The Palestine-Israel Conflict, Harms, Ferry, Pluto Press, 2008, Palestinian Identity: The Construction of Modern National Consciousness, Khalidi, Columbia University Press, 2009,

Geschiedenis

thumb|left|Kaart Verdelingsplan van 29 november 1947 Bruin = voorgesteld voor Joodse staat Geel = voorgesteld voor Arabische staat Wit = Jeruzalem onder internationaal bestuur

In november 1947 nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties resolutie 181 aan. Deze resolutie deed de aanbeveling het Britse Mandaatgebied Palestina te verdelen. Meer dan de helft (echter het grootste deel bestond uit de Negev-woestijn) moest worden bestemd voor een Joodse staat, Jeruzalem zou onder internationaal bestuur geplaatst worden, en iets meer dan 42 procent zou overblijven voor een Palestijns-Arabische staat. Het aanvaarden van deze resolutie werd door de zionistische beweging, die hiervoor tientallen jaren geijverd had, gevierd als een historische overwinning. Door de Arabische Palestijnen en door de Arabische staten daarentegen werd het als een rampzalig onrecht beleefd dat het grootste deel van Palestina aan de zionistische beweging toegewezen zou worden."For the Jews this was a significant political victory. (...) For the Arabs of Palestine, however, the vote for partition was a devastating blow: they vowed to oppose it by force", Aaron Bregman: Israel's Wars, Routledge, p. 12"While the Jewish population welcomed it, the Arab states rejected it out of hand and vowed to destroy any emerging Jewish state in its infancy." Chaim Herzog: The Arab-Israeli Wars, Vintage books, p.14 De Arabische Liga had iedere verdeling van het mandaatgebied afgewezen en had al in 1946 de onafhankelijkheid van Palestina als eenheidsstaat geëist. In september 1947 had de Arabische Liga de Arabische Palestijnen opgeroepen in opstand te komen tegen een mogelijke verdeling van het land en had ze de Arabische bevolking steun toegezegd in manschappen, financiën en materieel voor het geval de Verenigde Naties tot een verdeling zouden besluiten.Benny Morris (2008) 1948: a history of the first Arab-Israeli war Yale University Press, pg. 66-67

thumb|De Geboortekerk in Bethlehem is gebouwd op de plek waar Jezus geboren zou zijn

Niettemin riep de zionistische beweging op 14 mei 1948, nadat Groot-Brittannië het mandaat over dit gebied neergelegd had, de staat Israël uit in dat deel van Palestina dat resolutie 181 aan de Joodse staat toegewezen had. De Arabische staten accepteerden dit niet, en hierop volgde de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948. Israël veroverde in deze oorlog een deel van het gebied dat in het verdelingsplan voor een Arabische staat bestemd was, alsmede West-Jeruzalem. Deze gebieden werden door Israël geannexeerd. Het toenmalige Transjordanië veroverde het grootste deel van het gebied dat in resolutie 181 was aangewezen als Arabische staat. Dit gebied, dus de Westelijke Jordaanoever, werd geannexeerd door Transjordanië, dat om die reden zijn naam wijzigde in Jordanië. De Gazastrook werd ingenomen door Egypte. Hier werd door de Arabische Liga een Palestijnse regering ingesteld.

In de Zesdaagse Oorlog van 1967 werden de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook door Israël veroverd en onder Israëlisch militair bestuur geplaatst.

Op 15 november 1988 richtte de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) in ballingschap in Algiers de Staat Palestina op met het uitroepen van de Palestijnse Onafhankelijkheidsverklaring. Het eist de soevereiniteit over de Palestijnse gebieden op, waarvan de grenzen gegeven worden door de Groene Lijn die afgesproken werd aan het einde van de Arabisch-Israëlische Oorlog. Bij een top van de Arabische Liga in 1974 was de PLO al uitgeroepen tot de enige wettelijke vertegenwoordiger van het Palestijnse volk. In datzelfde jaar kreeg de PLO binnen de VN de status van waarnemende entiteit.

Sinds de bezetting zijn duizenden Palestijnen gevlucht en honderden bij gevechten met het Israëlische leger gedood. Israël heeft ondertussen meer dan tweehonderd nederzettingen in deze gebieden gebouwd. Aanslagen van Palestijnen op Israëlische doelen eisten eveneens honderden doden. In 2005 zijn de nederzettingen in de Gazastrook ontruimd en heeft Israël zich uit dit gebied teruggetrokken. De Palestijnen zijn qua werk, water, voedsel, behuizing, geld, stroom, grensovergangen en transport afhankelijk van Israël.Israëli independence produced nakba suffering

Na onderhandelingen tussen Israël en de PLO werden in 1993 de Oslo-akkoorden gesloten. Als onderdeel van deze akkoorden werd in 1994 de Palestijnse Autoriteit opgericht, die over bepaalde delen van de Palestijnse gebieden een bepaalde mate van autonomie kreeg. De Oslo-akkoorden geven niet precies aan wat de toekomst van de Palestijnse Autoriteit zou zijn, maar er was een ongeschreven begrip van beide zijden dat, in het kader van het permanentestatusverdrag, het de basis zou vormen van een onafhankelijke Palestijnse staat. Yasser Arafat werd na het ondertekenen van de Oslo-akkoorden president van de Palestijnse Autoriteit.

In juli 2000 vond in het Amerikaanse Camp David op initiatief van president Bill Clinton een bemiddelingspoging plaats met de Israëlische premier Ehud Barak en Yasser Arafat om tot de tweestaten-oplossing te komen en de kernproblemen van het conflict op te lossen. Het overleg van twee weken mislukte, vanwege uiteenlopende politieke doelen en een verschil van perspectief. Israël streefde naar praktische en strategische compromissen, terwijl de Palestijnse leiding vooral historische rechtvaardigheid en erkenning van de Palestijnse staat wilde. De mislukking droeg bij aan politieke radicalisering, wantrouwen en instabiliteit in de Israëlisch-Palestijnse betrekkingen. Enkele maanden later brak de Tweede Intifada uit, waarmee het tijdperk van het Oslo-vredesproces feitelijk eindigde.

In 2002 vaardigde de Veiligheidsraad van de VN resolutie 1379 uit: "Er moeten twee onafhankelijke staten komen: Israël en Palestina, op basis van resolutie 242 en 338". Deze twee resoluties eisten dat Israël zich terugtrok uit de bezette gebieden, waarmee de VN-Veiligheidsraad duidelijk maakte dat "de staat Palestina" moest komen op de door Israël bezette gebieden. In 2003 besliste de Veiligheidsraad met resolutie 1515 nogmaals dat Israël en Palestina twee onafhankelijke staten moesten worden, en gaf "Het Kwartet" (= VN, Rusland, VS en EU) de opdracht om de "roadmap" uit te voeren. Vanwege de Tweede Intifada en de oorlog in 2006 kwamen de vredesbesprekingen tussen de Palestijnen en de Israëliërs echter tot stilstand.

Na de dood van Yasser Arafat op 11 november 2004 werden op 9 januari 2005 presidentsverkiezingen gehouden waarbij de voormalig premier Mahmoud Abbas van de Fatah-partij tot president werd gekozen. Bij de Palestijnse parlementsverkiezingen 2006 won Hamas met een overgrote meerderheid in de Palestijnse Wetgevende Raad, het parlement, en werd daarmee de grootste politieke partij in Palestina. Het Kabinet-Haniya I werd op 29 maart 2006 geïnstalleerd. Eind 2006 brak de Palestijnse Burgeroorlog uit tussen Fatah en Hamas en wist Hamas op 14 juni 2007 de controle over de Gazastrook over te nemen van Fatah. Hierop ontsloeg president Abbas premier Haniya en benoemde hij Salam Fayyad als opvolger. Hij is van de Derde Weg Partij en dus geen lid van Hamas of Fatah. Palestina is daarmee uiteengevallen in twee delen. Hamas heeft de macht in de Gazastrook en Fatah heeft controle over de Westelijke Jordaanoever.