De driehoeksmossel (Dreissena polymorpha) is een zoetwaterschelp die pas in de negentiende eeuw door heel Europa verspreid is geraakt.

Beschrijving Schelpkenmerken De schelp is langgerekt met de umbo vrijwel geheel aan de voorkant. De vorm is onregelmatig driehoekig. Van de umbo naar de onderkant loopt parallel aan de rechte zijde een kiel.

<div align=center> Rechter en linker klep van hetzelfde exemplaar:

</div align=center>

Afmetingen van de schelp Lengte: 40 mm. Bij uitzondering tot 50 mm. Breedte: 20 mm. Diameter: 24 mm.

Voortplanting De voortplanting is geslachtelijk; er zijn mannetjes en vrouwtjes. Eitjes en zaad vinden elkaar in open water. De larven doorlopen een aantal stadia waarin ze zich voeden met bacteriën en algen. Na ongeveer een maand zetten ze zich vast op een substraat (Gittenberger et al., 1998).

Habitat en levenswijze De driehoeksmossel is een filteraar. De soort leeft in grote meren, rivieren, en kleinere bewogen wateren en heeft zuurstofrijk water nodig. Met byssusdraden kunnen ze zich hechten aan een harde ondergrond. Hierdoor zitten ze vaak samen op een kluitje op een steen of op een Zwanenmossel.

Op de driehoeksmossel verstopt zich vaak een andere exoot, de Pontokaspische vlokreeft. Deze vlokreeft heeft een tekening die een uitstekende camouflage vormt als hij op een driehoeksmossel zit.

Areaal In Europa is de driehoeksmossel een algemene schelpensoort. Ook in Nederland en België is de mossel algemeen. In het IJsselmeer zelfs zeer algemeen.

Fossiel voorkomen In West-Europa niet als fossiel bekend. De soort is wel fossiel gemeld uit Pleistocene afzettingen van Noordwest-Europa. Dit zijn echter vrijwel zeker allemaal vergissingen gebaseerd op 'verontreiniging' van fossiele fauna's met in de omgeving levende exemplaren. De enige Nederlandse melding van een Pleistoceen fossiel van deze soort komt uit een boring bij het voormalige eiland Schokland in het IJsselmeer (Tesch, 1951). Materiaal van deze vondst is echter niet bewaard gebleven. Omdat de driehoeksmossel tegenwoordig in het IJsselmeer zeer algemeen voorkomt en bovendien nog nooit gemeld was uit de zeer goed onderzochte lagen van het Tiglien, staat het wel vrijwel vast dat het hier om spoelwater verontreiniging van de boring gaat. Meijer (1990) beschouwt deze soort dan ook als afwezig in Nederlandse Pleistocene afzettingen.

Herkomst De oorspronkelijke verspreiding van de driehoeksmossel ligt in het zuiden van Europees Rusland, in rivieren die afwateren naar de Zwarte en de Kaspische Zee.

Verhouding tot de mens Exoot Dreissena polymorpha heeft West-Europa pas kunnen bereiken na het graven van veel verbindingskanalen tussen rivieren in Midden- en Oost-Europa in de 19e eeuw. "De oudste opgave voor Nederland is te vinden bij Waardenburg (1827), die ze vermeldt als Mytilus lineatus (...). in het Haarlemmermeer, in den Rhijn en in de Lee bij Leyden (...) Vele waterleidingbedrijven ondervinden grooten hinder van Dreissena-aangroei (...). In enorme hoeveelheden kunnen de dieren zich vasthechten in de transportleidingen van het ruwe ongefilterde water" (Van Benthem Jutting, 1943).

De driehoeksmossel komt sinds 1988 ook in Amerikaanse wateren voor; hij verdringt daar de inheemse mosselen en richt schade aan bij schepen en koelwaterinstallaties.

Ecologische betekenis De driehoeksmossel kan een belangrijke voedselbron zijn voor vogels als de kuifeend. De mossel voedt zich door het water te filteren. Doordat de soort vaak massaal voorkomt kan zij een bijdrage leveren aan het verwijderen van in het water zwevend materiaal.

Zie ook Lijst van Mollusca Lijst van zoetwatermollusken in Nederland, België en Luxemburg Termen in gebruik bij de beschrijving van schelpen

Externe links Waarneming.nl: Dreissena polymorpha ITIS Factsheet Dreissena polymorpha IceAge Molluscs: NEDERLANDSE ANTHROPOGENE SOORTEN

Categorie:Dreissenidae Categorie:Europese exoot in Noord-Amerika Categorie:IUCN-status niet bedreigd