Stefan Galowich, ook genaamd Etienne Galowich, (Novi Sad, 6 mei 1872 – Luxemburg-Stad, 16 maart 1925) was een Luxemburgs kunstsmid.Jos Welter, red. (1993) Rétrospective : Cent ans d'art luxembourgeois 1893-1993. Luxemburg: Cercle Artistique de Luxembourg / Crauthem: Lux-Print. .

Leven en werk Stefan Galowich werd geboren in het toenmalige Habsburgse koninkrijk Hongarije en had de Hongaarse nationaliteit. Begin 21e eeuw is Novi Sad de tweede stad van Servië. Hij werd in 1905 genaturaliseerd tot Luxemburger, waarbij hij werd vermeld als Etienne Galowich.Loi du 12 mai 1905 accordant la naturalisation à M. Etienne Galowich, chef d'atelier à l'école d'artisans à Luxembourg, Mémorial A 39 de 1905, p. 597; "Règlement communal du 12 mai 1905 sur l'abattoir communal d'Hollerich", Mémorial A 39 de 1905, p. 602. Gearchiveerd op 15 maart 2023. De naam Etienne is de Franse variant van Stefan.

In 1896 werd in Luxemburg-Stad de École d'artisans de l'État (Luxemburgs: Handwierkerschoul) opgericht. Directeur Antoine Hirsch liet verschillende werkplaatsen rond de ambachtsschool inrichten en vond dat een smederij niet mocht ontbreken.Ulrike Degen, "Stilbildend: die Handwerkerschule zur Zeit des Art déco", ons stad, nr. 124 (2001), p. 44-48. Gearchiveerd op 28 juni 2023. In of voor 1900 kreeg Galowich als chef d'atelier de leiding over de werkplaats en hij werd als vakdocent (professeur) aan de school verbonden. Hij kan worden beschouwd als grondlegger van de kunst van de metaalbewerking in het groothertogdom."Stephan Galowich", Luxemburger Illustrierte, 14 (1925), 1 april 1925. Gearchiveerd op 3 juli 2023. Tot zijn leerlingen behoorden Michel Haagen en Marcel Langsam.

Galowich maakte elegant, maar sober kunstsmeedwerk in art-nouveaustijl. Hij ontving een bronzen medaille op de Exposition Universelle (1900) en een zilveren medaille op de Exposition internationale des arts décoratifs et industriels modernes (1925) in Parijs. Hij was lid van de Cercle Artistique de Luxembourg (CAL) en nam tussen 1900 en 1918 deel aan de jaarlijkse salons. Op de salon in 1913 ontvingen hij en de Belgische schilderes Angelina Drumaux de Prix Grand-Duc Adolphe.Er werden dat jaar twee winnaars aangewezen, omdat de prijs een jaar eerder niet was toegekend. Van 1914 tot 1923 was hij bestuurslid van de CAL.

Galowich was getrouwd met Isabella Niamessny. Hij overleed op 52-jarige leeftijd in Luxemburg-Stad en werd begraven op de Cimetière Notre-Dame."Monsieur Etienne GALOWICH", Luxemburger Wort, 17 maart 1925. Van regeringswege werd een bericht over zijn overlijden in de krant geplaatst, waarbij werd vermeld: "Zijn smeedijzeren werk getuigde van groot talent en bezorgde hem vanaf het begin een klinkende naam in de plaatselijke kunstwereld. De grootste eer moet hem zijn toegekend door het feit dat zijn leerlingen zich ook in het buitenland hebben onderscheiden.""Sterbefall", Obermosel-Zeitung, 18 maart 1925.

Enkele werken 1900 aluminiumbronzen lauwerkrans rond het medaillon voor Franz Heldenstein, oud-voorzitter van de CAL. Een geschenk van de vereniging ter gelegenheid van de diens 80e verjaardag. Het medaillon werd gemodelleerd door Jean-Baptiste Wercollier. Het geheel werd door Pierre Kipgen van een lijst voorzien."Le banquet Heldenstein", L'Indépendance luxembourgeoise, 14 februari 1900. 1900 ontwerp en uitvoering van de smeedijzeren aankleding (bloemen, guirlandes en palmtakken) van een portretmedaillon ter herinnering aan Nicolas Martha, oud-lyceumdocent en directer van de Banque et Caisse d’Epargne de l’Etat."Chez M. Segers", L'Indépendance luxembourgeoise, 23 maart 1900. Geplaatst in het kantoor van de bank in Luxemburg-Stad. Het medaillon werd gemodelleerd door Pèlre uit Parijs. 1901 altaarstuk met baldakijn voor de kloosterkerk in Marienthal. 1902 smeedijzeren hek rond het Dicks-Lentz-monument, van architect Georges Traus en beeldhouwer Pierre Federspiel, in Luxemburg-Stad. ca. 1910 ontwerp lantaarns voor het Hôtel des Postes (van architect Sosthène Weis), het hoofdpostkantoor in Luxemburg-Stad. 1922 smeedijzeren wapen van Luxemburg op de sluitsteen boven de hoofdingang van het refugium Sint-Maximinus in Luxemburg-Stad.Alphonse Rupprecht, "Logements militaires à Luxembourg pendant la période de 1794 — 1814 (suite)", Ons Hémecht, 1 oktober 1926, p. 357. ontwerp twee smeedijzeren kroonluchters voor de Sint-Willibrordusbasiliek in Echternach, in 1927 uitgevoerd door kunstsmid Heintz uit Echternach.

Galerij

Categorie:Luxemburgs kunstsmid Categorie:Luxemburgs onderwijzer Categorie:Luxemburgs persoon in de 20e eeuw