Guido Israel Oppenheim (Luxemburg-Stad, 28 mei 1862 – Theresienstadt, 26 augustus 1942) was een Luxemburgs kunstschilder.Jos Welter, red. (1993) Rétrospective : Cent ans d'art luxembourgeois 1893-1993. Luxemburg: Cercle Artistique de Luxembourg / Crauthem: Lux-Print. Hij behoort tot de beste Luxemburgse landschapsschilders. Georgette Bisdorff, "La Collection Luxembourgeoise du Musée National d'Histoire et d'Art : Guido Oppenheim", ons stad, nr. 65 (2000), p. 32-33. Gearchiveerd op 1 juli 2023.
Leven en werk Guido Oppenheim was een zoon van de uit Hanau afkomstige joodse koopman Hirsch (Hermann) Oppenheim en Henriette Schloss. Hij werd in het geboorteregister ingeschreven als Guido Oppenheim, in oktober 1941 werd Israel als zijn tweede voornaam toegevoegd.Burgerlijke stand van Luxemburg-Stad: geboorten 1862, akte n° 190. Oppenheim werkte aanvankelijk in de door zijn vader opgerichte fourniturenzaak, later herenkledingfabriek, Oppenheim-Schloss aan de Krautmaart in Luxemburg-Stad.Oppenheim-Schloss, industrie.lu. Gearchiveerd op 5 juli 2023. Met steun van zijn familie koos hij voor de schilderkunst. Hij was vanaf 1890 leerling van de schilder Karl Raupp aan de Kunstacademie van München, en vervolgde zijn studie in Parijs als leerling van Léon Bonnat.Lambert Herr (2001) Signatures, portraits et auto-portraits : artistes plasticiens au Luxembourg. Luxemburg: Éditions Saint-Paul. . p. 244, 246. Gearchiveerd op 15 maart 2023.
Oppenheim vestigde zich in 1902 als zelfstandig schilder. Hij schilderde landschappen en portretten, daarbij beïnvloed door het Franse impressionisme. Hij was lid van de Cercle Artistique de Luxembourg en nam tussen 1894 en 1930 deel aan de jaarlijkse salons. Naar aanleiding van zijn deelname in 1906 kende een jury, bestaande uit Pierre Blanc, Ferdinand d'Huart en Jean Mich, hem de Prix Grand-Duc Adolphe toe. Hij nam verder onder andere deel aan de Parijse salon (1894), de wereldtentoonstelling van 1910 en 1935 in Brussel. Solotentoonstellingen had hij onder meer in het Hotel du Midi (1913) in Diekirch,"L'Exposition Oppenheim à Diekirch", L'Indépendance luxembourgeoise, 28 november 1913. en in Grand Hotel Brasseur (1916), de Centralhalle (1920) en het Paleis van Justitie (1925) in Luxemburg-Stad. Hij won een gouden medaille op de wereldtentoonstelling van 1910. Hij werd door groothertogin Charlotte van Luxemburg benoemd tot ridder in de Orde van de Eikenkroon (1926) en ridder met kroon in de Orde van Verdienste van Adolf van Nassau (1938). In 1926 benoemde de Franse regering hem tot officier de l'Instruction Publique.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog bood Oppenheim onderdak aan familieleden. Hij werd opgepakt en in juli 1942 naar het concentratiekamp Theresienstadt afgevoerd. Hij overleed er een maand later, op 80-jarige leeftijd."Oppenheim Quido", death certificate, getto Terezín, Institutu Terezínské iniciativy. Gearchiveerd op 15 maart 2023. In 1982 werd in Villa Vauban een retrospectief gehouden. In de stad Luxemburg werd een straat naar hem vernoemd."Was bedeuten die Straßennamen der Stadt", ons stad, n° 31 (1989), p. 27. Gearchiveerd op 1 juli 2023.
Enkele werken
Categorie:Luxemburgs kunstschilder Categorie:Omgekomen in Kamp Theresienstadt Categorie:Luxemburgs persoon in de 19e eeuw Categorie:Luxemburgs persoon in de 20e eeuw