De Honda CT-serie is een serie terreinmotorfietsen van Honda. Vooral met de zwaardere 90- en 110cc-modellen richtte Honda zich met de CT-serie op jagers, vissers en buitensporters, maar ook op het gebruik voor woon-werkverkeer boeren met veel grond.
miniatuur|Honda CT 90 uit 1968 miniatuur|Honda CT 110 Postie Bike van de Australische posterijen
Namen De naamgeving van deze CT-serie is gecompliceerd omdat de serie enkele decennia omvat waarin Honda haar systeem van type-aanduidingen regelmatig wijzigde, soms alleen voor bepaalde landen. De aanduiding CT werd gebruikt voor de zeer lichte terreinmotoren vanaf 1964. Daarom horen de C 100 T/H, de CA 100 T, de C 105 T/H en de CA 105 T eigenlijk niet bij deze serie maar bij de Honda Super Cub-serie. Toch passen ze hier beter, omdat Honda met de komst van de CT 200 in 1964 voortborduurde op deze modellen.
De zwaardere terreinmodellen kregen de aanduiding "CL". De Honda ST 70 werd alleen voor de Amerikaanse en Canadese markt van 1969 tot 1994 omgedoopt tot "CT 70". Ook gebruikte Honda de type-aanduiding "CT" voor de "farmbikes" voor de Australische markt. In 1981 verscheen een terreinversie van 250 cc die de type-aanduiding CT 250 S Silk Road kreeg en een minibike die alleen in Japan op de markt kwam kreeg de naam "CT 50 Motra". Deze twee machines hadden geen relatie met de gebruikelijke CT-modellen. De Honda CT 110 kreeg in Australië de bijnaam "Postie Bike" door het jarenlange gebruik door Australia Post.
Het eerste model, de Honda C 100 T, kreeg verschillende namen. In Japan werd de machine geïntroduceerd als C 100 H (Hunter Cub), in de rest van de wereld als C 100 T (Trail Cub), in Noord-Amerika als CA 100 T (Trail Cub), maar men gebruikte in advertenties ook wel de naam Trail"Trail" moet niet verward worden met "trial". De aanduiding "trail" verwijst naar "spoor" of "pad", een motorfiets voor onverharde wegen. "Trial" verwees vroeger naar betrouwbaarheidsritten, tegenwoordig naar de trialsport., gevolgd door de cilinderinhoud, zoals bijvoorbeeld "Honda Trail 50" of "Honda Trail 70". De "A" in "CA" was gebruikelijk voor Amerikaanse modellen, ze werd ook in de Honda Dream-serie (Honda CA 71 / 72 / 75 / 76 / 77 Dream en CSA 71 / 75 / 76 Dream) en de Honda Benly-serie (Honda CA 92 / CA 95 Benly) gebruikt.
Afgeleid van de Honda Super Cub 1960-1962: C 100 T / CA 100 T Trail Cub / Trail 50, C 100 H Hunter Cub In 1961 leverde Honda de eerste lichte motorfiets uit deze serie, de 50cc-C 100 T. Deze machine was nog volledig gebaseerd op de Honda Super Cub C 100, het was er zelfs een uitgeklede versie van. De plastic overkapping van de motor, het voorspatbord en de beenkappen waren weggelaten, er was een zeer groot achtertandwiel gemonteerd om de trekkracht in het zand te vergroten en er waren grove terreinbanden gemonteerd. Als handelsnaam werd meestal de naam "Honda Trail 50" gebruikt. Motor De motor was een luchtgekoelde kopklepmotor met stoterstangen en een boring/slagverhouding van 40 × 39 mm. Daardoor bedroeg de cilinderinhoud exact 49 cc. Het maximale vermogen bedroeg 5 pk. De lage compressieverhouding van 8,5:1 maakte het mogelijk om benzine met een laag octaangetal te kunnen gebruiken, maar ook om de machine gemakkelijk te kunnen aantrappen met de kickstarter. Dat bespaarde het gewicht en de kosten van een startmotor. De smering verliep via spatsmering met een zeef om de verontreinigingen op te vangen. Aandrijving De C 100 T kreeg een sequentiële drieversnellingsbak waarbij de koppeling niet bediend hoefde te worden. Er was een centrifugaalkoppeling aan boord met een aparte plaatkoppeling die ontkoppelde wanneer het schakelpedaal bediend werd. Door dit systeem konden ook beginners makkelijk leren rijden. Het achterwiel had kettingaandrijving met een klein en een zeer groot tandwiel. Zo kon de gebruiker de overbrengingsverhouding veranderen door de ketting over een ander tandwiel te leggen. Rijwielgedeelte De C 100 T had een geperst stalen plaatframe, met een lage instap, waardoor de motor noodgedwongen met een liggende cilinder werd uitgevoerd. De 17 inch wielen waren ook al op de Super Cub gebruikt, maar waren nu voorzien van noppenbanden. De voorvork was een geduwde schommelvork, achter was een normale swingarm toegepast en rondom zaten trommelremmen. C 100 T had een enkel zadel, dat opgeklapt moest worden om de benzinetank te bereiken. Achter het zadel zat een stevig bagagerek. Hoewel er exemplaren zijn met een hoog voorspatbord, verscheen de machine in advertenties zonder spatbord, maar met een forse omhooggebogen carterbeschermer die ook de bougie beschermde tegen water en vuil. miniatuur|De Honda Trail 55 had nog twee afzonderlijke achtertandwielen Optisch: Alle C(A) 100 T/H-modellen werden geleverd in Scarlet Red, maar American Honda regelde voor bepaalde geselecteerde dealers een grotendeels verchroomd CA 100 T showroommodel, met rode accenten, zoals de zijdeksels, het luchtfilterhuis, het zadel, de bovendelen van de schokdempers en de voorvork.
1962-1965: C 105 T / CA 105 T Trail Cub / Trail 55, C 105 H Hunter Cub De "105-versies" verschenen vanaf 1962 en waren identiek aan C 100-versies, maar met een 55cc-motor. Vanaf 1963 kreeg de CA-versie de omhooggebogen uitlaat met hitteschild zoals die ook bij de Honda-scramblers werd gebruikt. Dat was nodig omdat de modellen met laaggeplaatste uitlaten afsloegen bij het doorwaden van beekjes en riviertjes. De laatste modellen van ca. 1965 kregen een verchroomd voorspatbord. Optisch: Alle C(A) 105 T/H-modellen werden geleverd in Scarlet Red en geel.
1964-1966: CT 200 / Trail 90 Technisch: De CT 200 uit 1964 was de eerste Honda die de type-aanduiding "CT" kreeg. Dit model kreeg de 87cc-motor die ook in de Honda Super Cub CM 90 en de Honda C 200 werd gebruikt, nog met stoterstangen en een gietijzeren cilinderkop, maar met de nieuwe vierversnellingsbak. De CT 200 had een verstelbaar buisstuur in plaats van het vaste, plaatstalen stuur van de Super Cub. Optisch: De CT 200 werd geleverd in Scarlet Red en geel, met een swept back uitlaat. Het Honda-logo stond op de tank onder het zadel.
1966-1979: CT 90 / Trail 90 In 1966 werd de CT 200 opgevolgd door de CT 90 en daarmee werd de type-aanduiding voor het eerst gecombineerd met de cilinderinhoud van 90 cc. Het blokje was ook iets verschillend van dat van de CT 200: het mat nu 89 cc en had een aluminium cilinderkop met een bovenliggende nokkenas, zoals dat ook bij de Honda Super Cub CM 91 het geval was. 1966-1968, CT 90 K0 Technisch: De CT 90 K0 had ook nog de twee afzonderlijke achtertandwielen om de gearing te wijzigen. Optisch: De CT 90 K0 werd geleverd in Scarlet Red en geel met een "Honda"-logo op de tank onder het zadel. Zowel de uitlaat als het hitteschild waren verchroomd. 1969, CT 90 K1 Technisch: De geduwde schommelvork werd in 1969 vervangen door een telescoopvork. De CT 90 K1 had in plaats van twee achtertandwielen een tussenversnellingsbak met een hoge gearing van 1:1 en een lage gearing van 1,867:1. Het luchtfilter, tot dat moment een grote vierkante kast boven op de framebuis, was nu in die buis geïntegreerd. Optisch: De CT 90 K1 werd geleverd in Scarlet Red en geel. Het "Honda"-logo stond nu op de voorste framebuis. Zowel de uitlaat als het hitteschild waren verchroomd. De framebuis kreeg een grijze plastic overtrek. 1970, CT 90 K2 Technisch: Vanaf de CT 90 K2 kreeg de CT 90 een stuurslot. Optisch: De CT 90 K2 werd geleverd in Scarlet Red en lichtgeel. Het "Honda"-logo stond nu op de voorste framebuis. Zowel de uitlaat als het hitteschild waren verchroomd. De overtrek van de tank was donkergrijs en ook de zijdeksels waren donkergrijs. miniatuur|Honda CT 90 K3 uit 1972, het laatste jaar zonder elektrische richtingaanwijzers 1971, CT 90 K3 Optisch: De CT 90 K3 werd geleverd in Scarlet Red en Summer Yellow. Het "Honda"-logo stond nu op de voorste framebuis. De uitlaat was zwart maar het hitteschild was verchroomd. De overtrek van de tank was donkergrijs met een brede, verticale zwarte streep en ook de zijdeksels waren donkergrijs. 1972-1973, CT 90 K4 Technisch: Vanaf de K4 werd de CT 90 uitgevoerd met elektrische richtingaanwijzers. Bij de CT 90 K4 werd een extra benzinetank toegevoegd, die aan de linkerkant onder het bagagerek zat. Optisch: De CT 90 K4 werd slechts in één kleur geleverd: Mars Orange. De overtrek van de framebuis was grijs, maar de verticale zwarte streep was verdwenen. Ook de zijdeksels waren grijs. Het uitlaatsysteem was zwart maar het hitteschild was verchroomd. Het zadel, dat tot dit moment een verchroomde strip aan de onderkant had, kreeg nu aan weerszijden verchroomde klinknagels. 1974, CT 90 K5 Technisch: De CT 90 K5 kende slechts een heel kleine wijziging ten opzichte van de K4: Het indicatielampje voor de richtingaanwijzers kreeg de letter "T" (Turn) in plaats van een "W" (Winker). Optisch: De CT 90 K5 werd slechts in één kleur geleverd: Mars Orange. De overtrek van de framebuis was grijs, maar de verticale zwarte streep was verdwenen. Ook de zijdeksels waren grijs. Het uitlaatsysteem was zwart maar het hitteschild was verchroomd. Het zadel had aan weerszijden verchroomde klinknagels. 1975, CT 90 K6 Optisch: De CT 90 K6 had alleen optische veranderingen. De machine werd alleen geleverd in Tahitian Red en zowel de tankovertrek als de zijdeksels waren in dezelfde kleur. De extra benzinetank was zwart. Het Honda-logo op de framebuis was zwart. De uitlaat was zwart maar het hitteschild was verchroomd. 1976, CT 90 '76 Optisch: De CT 90 '76 had alleen optische veranderingen. De machine werd alleen geleverd in Shiny Orange Red en zowel de tankovertrek als de zijdeksels waren in dezelfde kleur. De extra benzinetank was zwart. Het Honda-logo op de framebuis was geel. De uitlaat was zwart maar het hitteschild was verchroomd. De achterschokdempers waren verchroomd en hadden nu externe veren. 1977, CT 90 '77 Optisch: De CT 90 '77 was vrijwel ongewijzigd, maar het Honda-logo op de tank was nu zwart. 1978, CT 90 '78 Optisch: Ook bij de CT 90 '78 waren de veranderingen uitsluitend optisch. Dit model was lichtgeel en het Honda-logo was wit. De wielnaven waren zwart gespoten en de achterschokdempers waren nu ook zwart. 1979, CT 90 '79 Optisch: Ook bij de CT 90 '79 was er slechts een kleine wijziging. De kleur was weer Tahitian Red en het logo was weliswaar nog steeds wit, maar veel groter uitgevoerd dan op de CT 90 '78.
1968: CT 50 Hunter Cub In 1968 bracht Honda alleen voor de Japanse binnenlandse markt de CT 50 Hunter Cub uit. De machine week niet veel af van de CT 90, maar had uiteraard nog de 50cc-motor, nu met de tussenversnellingsbak, waardoor het tweede achtertandwiel kon vervallen. De machine behield haar geduwde schommelvork, ook nadat de CT 90 een telescoopvork had gekregen. miniatuur|Honda CT 110
1980-1986: CT 110 / Trail 110 / CT 110 Hunter Cub De Honda CT 110 was de laatste versie van de CT-serie die tot de oorspronkelijke "Trail Cubs" hoorde. De motor was nu vergroot tot 105 cc. De machine bleef tot 1986 in productie. De laatste versies ervan hadden ook een gesloten kettingkast. Ook de Australische "Postie Bike" was een CT 110. CT 110 1980 Technisch: De CT 110 kreeg een halfautomatische schakeling: de centrifugaalkoppeling gecombineerd met een vierversnellingsbak. Het ontstekingssysteem werkte met contactpuntjes en een condensator. Hoewel de machine het zelfdragende plaatframe met centrale bovenbuis had, liepen er ook twee dunne verchroomde buisjes vanaf het balhoofd onder het motorblok door. Er was geen extra versnellingsbak voor de lage gearing. Links onder het bagagerek zat een extra benzinetankje. Optisch: In 1980 werd de machine alleen geleverd in Tahitian Red. Het Honda-logo op de tank was ook rood, maar wit omlijnd. Alleen op het linker zijdeksel stond "Trail 110", waarschijnlijk omdat het rechter zijdeksel gedeeltelijk door de omhooggebogen uitlaat werd afgedekt. CT 110 1981