De associatie van liggend walstro en schapengras (Galio-Festucetum) is een associatie uit het verbond van heischrale graslanden (Violion caninae). De associatie geldt als de centrale associatie binnen het bovenliggende verbond.

Naamgeving en codering Synoniemen Syntaxoncode voor Nederland (rVvN): r19Aa01 Natura2000-habitattypecode (EU-code): H6230 BWK-karteringscode: hn

De wetenschappelijke naam Galio-Festucetum is afgeleid van de botanische namen van respectievelijk liggend walstro (Galium saxatile, synoniem: Galium hercynicum) en fijn schapengras (Festuca filiformis).

Fysiognomie De associatie van liggend walstro en schapengras manifesteert zich enkel in de formatie van een grasland. De vegetatie is laag en gesloten tot ietwat open. Meestal ontwikkelt de associatie zich lintvormig in het landschap.

De kruidlaag is goed ontwikkeld en wordt gedomineerd door grassen en grasachtige planten als pilzegge. De grassen zijn vaak polvormend. Bijkomend vinden we kleinbloemige overblijvende kruiden met vooral liggend walstro en tormentil. De moslaag is weinig opvallend en evenmin divers.

Ecologie Deze plantengemeenschap komt vooral voor op droge, oligotrofe, dikwijls wat lemige zandgronden, zoals in droge graslanden, open plekken in het bos en wegbermen. De vegetatie is voor de watervoorziening vooral afhankelijk van een microklimaat met een hoge luchtvochtigheid.

Subassociaties in Nederland en Vlaanderen Binnen de associatie van liggend walstro en schapengras worden in Nederland en Vlaanderen twee subassociaties onderscheiden. Soms wordt de associatie in Vlaanderen ook onderverdeeld in varianten in plaats van subassociaties.

Typische subassociatie De typische subassociatie (Galio-Festucetum typicum) omvat binnen de associatie ruwweg de droogste vleugel met de relatief laagste trofiegraad. Gewoon struisgras, ruig haarmos en schapenzuring komen iets meer voor dan in de volgende subassociatie.

Subassociatie met pijpenstrootje Een subassociatie met pijpenstrootje (Galio-Festucetum molinietosum) omvat binnen de associatie ruwweg de meest vochtige vleugel met de relatief hoogste trofiegraad. Het komt voor op leemhoudende of venige, periodiek vochtige zandgrond. Differentiërende taxa zijn pijpenstrootje (met hoge bedekking), gewone dophei, sporkehout, stekelbrem, schermhavikskruid en met lage bedekking liggende vleugeltjesbloem, veelbloemige veldbies en blauwe zegge. Vrijwel exclusief is valkruid. In boszomen en open plaatsen in het bos wordt zelden een varianten onderscheiden met bosplanten, waarbij de subassociatie afbuigt naar de klasse van gladde witbol en havikskruiden, waarop soorten zoals hengel, echte guldenroede en schermhavikskruid duiden.

Biogeografie Het verspreidingsgebied van de associatie van liggend walstro en schapengras is beperkt tot de Europese Atlantische regio.

In Nederland is deze associatie zeldzaam en beperkt tot de hogere zandgronden, voornamelijk in het Drents- en het Gelders district. Ze kent eenzelfde verspreiding als de stuifzandgemeenschappen, de associatie van struikhei en bosbes en de associatie van hondsroos en jeneverbes. In Vlaanderen is ze meer verspreid, voornamelijk over de provincies West-Vlaanderen, Antwerpen en Limburg.

Bedreiging en bescherming Deze associatie wordt onder andere bedreigd door verruiging en verbossing, vooral door de verder oprukkende Amerikaanse vogelkers. Voor de instandhouding zijn maaien en verwijderen van het strooisel, extensieve begrazing en/of afbranden mogelijke oplossingen.

Diagnostische taxa voor Nederland en Vlaanderen De associatie is binnen het verbond het minst soortenrijk. Voor Nederland zijn liggend walstro en pilzegge kentaxa, voor Vlaanderen is dat veel minder het geval omdat die soorten ook in vochtigere gemeenschappen voorkomen. Grassen en schijngrassen zijn dominant, met voornamelijk tandjesgras, borstelgras, fijn schapengras, gewoon struisgras, bochtige smele, gewone veldbies en de al genoemde pilzegge. Opmerkelijk is dat het valkruid in deze associatie, alhoewel nog steeds zeer zeldzaam, haar ecologisch optimum kent.

Ze onderscheidt zich van de andere associaties binnen het verbond door de aanwezigheid van onder andere brem, fijn schapengras, schapenzuring, bochtige smele, gewoon biggenkruid, muizenoor en zandzegge. Van haar verwante associatie uit haar verbond, de associatie van klokjesgentiaan en borstelgras, kan zij verder worden onderscheiden door het ontbreken van aan vochtige standplaatsen gebonden soorten als veenmossen, ronde zonnedauw en gevlekte orchis.

In de onderstaande synoptische tabel staan de belangrijkste diagnostische taxa van de associatie van liggend walstro en schapengras voor Nederland en Vlaanderen.

thumb|150px|Struikhei thumb|150px|Liggend walstro thumb|150px|Pilzegge thumb|150px|Hondsviooltje thumb|150px|Tandjesgras thumb|150px|Fijn schapengras thumb|150px|Gewoon gaffeltandmos

Kruidlaag Kentaxon Diff.soort Abundantie Triviale naam Botanische naam Opmerking kA D liggend walstro Galium saxatile kK A pilzegge Carex pilulifera kV Z hondsviooltje Viola canina kV Z mannetjesereprijs Veronica officinalis kV Z gelobde maanvaren Botrychium lunaria kV Z stijve ogentroost Euphrasia stricta kV Z rozenkransje Antennaria dioica kV Z heidezegge Carex ericetorum kV Z kleine schorseneer Scorzonera humilis kK A tandjesgras Danthonia decumbens kK F borstelgras Nardus stricta kK F tormentil Potentilla erecta kK Z valkruid Arnica montana dA A fijn schapengras Festuca filiformis F gewoon struisgras Agrostis capillaris F pijpenstrootje Molinia caerulea dA F schapenzuring Rumex acetosella dA F bochtige smele Avenella flexuosa F gewone veldbies Luzula campestris dA O gewoon biggenkruid Hypochaeris radicata dA O muizenoor Pilosella officinarum A struikhei Calluna vulgaris O gewone dophei Erica tetralix dA gewone brem Cytisus scoparius dS rode dophei Erica cinerea variant zonder bosplanten O gestreepte witbol Holcus lanatus O gewoon reukgras Anthoxanthum odoratum dA zandblauwtje Jasione montana dA zandzegge Carex arenaria dA klein vogelpootje Ornithopus perpusillus dS echte guldenroede Solidago virgaurea variant met bosplanten dS hengel Melampyrum pratense variant met bosplanten dS schermhavikskruid Hieracium umbellatum variant met bosplanten Moslaag Kentaxon Diff.soort Abundantie Triviale naam Botanische naam Opmerking O gewoon gaffeltandmos Dicranum scoparium O bronsmos Pleurozium schreberi dA zandhaarmos Polytrichum juniperinum

Biologische Waarderingskaart In de Biologische Waarderingskaart (BWK) van Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is deze associatie opgenomen als struisgrasvegetatie (ha).

Dit vegetatietype staat gewaardeerd als 'biologisch zeer waardevol'.

Fotogalerij

Zie ook Droog schraalgrasland van de hogere gronden

Externe links Associatie van liggend walstro en schapengras op Flora van Nederland

Liggend walstro en schapengras