Hieronder staat een overzicht van het busmaterieel van de RET in Rotterdam van 1921 tot heden. In dit overzicht worden de bussen genoemd naar soort, merk en jaar van indienststelling. Zie ook: Rotterdamse museumbussen.

Torpedofrontbussen Tilling-Stevens Deze bussen werden door de gemeente Rotterdam gehuurd voor de eerste buslijn. Het waren rood geschilderde wagens die nog massieve banden hadden. In 1921 werd de busdienst weer opgeheven.

1-6, 15-28, 41-46, 101-102 Werkspoor-Krupp Dit waren de eerste Torpedofrontbussen die in 1928 werden afgeleverd. De tweede serie volgde in 1929 en de derde in 1931. Ze hadden luchtbanden en een open instap. In het interieur kon een schuifdeur worden gesloten. De 101 en de 102 waren semi-tourwagens en werden ook in 1931 geleverd.

50 (49) CMG-Verheul Dit was een kleine bus voor de stadsdienst Schiedam en werd later vernummerd in 49.

68-70 Ford/Herculus-Verheul Dit waren tweedehands kleine bussen uit 1937 die in 1938 voor de buitenlijnen werden overgenomen van een particuliere firma.

Volfrontbussen 60-61 MAN-Verheul Dit waren de eerste Volfrontbussen.

50-59 Kromhout-Verheul Deze tien kleine Kromhoutbussen werden in 1937 in dienst gesteld. Het waren de eerste bussen met een automatische deur.

62-67 Kromhout-Verheul Deze zeven grote Kromhoutbussen werden ook in 1937 in dienst gesteld.

71 Kromhout-Verheul Dit was een prototype voor een nieuwe stadsbus en werd in 1938 afgeleverd.

72-76, 81-102, 113-132, 133-138 Kromhout-Verheul In 1938 werden vijf bussen aangeschaft die gelijk waren aan het proefexemplaar 71. In 1939 werden nog eens 22 exemplaren besteld. In 1941 volgden nog eens twintig stuks. De 122-129 werden in 1943 omgebouwd tot trolleybus en vernummerd in 911-918. Daar het trolleybusproject niet doorging werden ze na de oorlog weer terug verbouwd. De 133-138 werden in 1943 afgeleverd maar pas in 1949 in dienst gesteld.

21-26 Kromhout In 1942 werden deze vijf Kromhoutbussen overgenomen van de MEGGA uit Capelle aan den IJssel.

Saurer en Crossleybussen 201-260, 301-330 Saurer In 1946 bestelde de RET 60 Saurer bussen in Zwitserland. In 1947 werden de eerste 14 exemplaren afgeleverd. Oorspronkelijk hadden ze één deur en een conducteur en zat de chauffeur in een afgesloten cabine. Later werd alsnog een tweede deur aangebracht. In 1949 en 1950 volgden nog eens 30 wagens.

261-280, 281-291 Saurer-Hainje In 1951 en 1952 volgden nog eens 31 wagens, echter met een carrosserie van Hainje.

401-446 Saurer-Hainje

In 1953 en 1954 kwamen deze wagens in dienst, die vrijwel gelijk waren aan de 281-291.

1001, 1002-1009 Saurer-Hainje (Aanhangers) De 1001 werd in 1953 als proefexemplaar gebouwd om als aanhanger achter een Saurer van de 400-serie te kunnen rijden. In 1955 volgden er nog acht (1002-1009)met een iets langere opbouw om de capaciteit te vergroten. Ze deden dienst achter een Saurer 400 op lijn 52, de Maastunnelexpres (Breeplein - Centraal Station achterzijde). De combinaties hadden een bemanning van drie personeelsleden, een chauffeur en twee conducteurs. Deze personenaanhangers hebben tot 1963 dienst gedaan en zijn in 1964 afgevoerd.

151-156 Crossley Deze zes bussen werden in 1953 voor groepsvervoer overgenomen van de Naco en kwamen uit 1947.

501-525, 526-560, 561-585 Holland Saurer-Hainje Deze wagens werden in 1954, 1955 en 1957-1958 geleverd

Kromhout, Magirus-Deutz en Leylandbussen 701-712, 713-719, 720-749, 750-759, 760-799 Kromhout (Verheul) TBZ-100 Hainje (Werkspoor)

De 701-712 werden in 1957 afgeleverd. De 711 en de 712 waren semi tourwagens. De 713-719 volgden in 1960. Daarna werden de 720-749 aangeschaft, daarvan hadden de 720-729 en 740-749 een carrosserie van Werkspoor. In 1961 volgden de 750-759 die ook een carrosserie van Werkspoor kregen. 1962 en 1963 werden 760-769, 770 en 771 en 772-799 afgeleverd. Ook deze hadden een carrosserie van Werkspoor. De 754 en 770 zijn museumbussen.

101-110 Magirus-Deutz Deze tien bussen kwamen in 1960 in dienst. Ze waren als noviteit voorzien van een luchtgekoelde motor achterin en hadden luchtvering.

601-615 Kromhout-Verheul Vijftien wagens serie 316-330 werden na 4 jaar stilstand wegens overbodigheid bij HTM in 1962 overgenomen en kregen de RET wagennummers 601-615. Ze waren vrijwel gelijk aan de 701-712 en reden tot ca. 1969. 327 werd verkocht aan luchthaven Zestienhoven en werd daarna museumbus bij het Haags Busmuseum.

616-629 Kromhout-Verheul Deze veertien wagens werden van 1962 tot 1964 gehuurd van het Amsterdamse GVB en waren wagens uit de Kromhoutserie 250-294 uit 1957. In Rotterdam werden ze geel geschilderd.

901-928 Leyland-Hainje Dit waren Leyland Royal Tiger Worldmasters met een Hainje carrosserie. Ze kwamen in 1964 in dienst en reden tot 1976. De bussen 901-914 hadden een half-automatische versnellingsbak. De bussen 915-928 hadden een automatische versnellingsbak. Deze bussen deden vooral dienst op de lijnen 62 en 63. Voordat de noord/zuidlijn van de metro in 1968 ging rijden reden deze bussen vanaf de Rochussenstraat naar Hoogvliet / Oudeland (Lijn 62) en Hoogvliet / Zalmplaat (Lijn 63). Nadat de metro was gaan rijden vertrokken deze bussen vanaf het metrostation Zuidplein.

De 907 is in 1988 per toeval tijdens een excursie teruggevonden bij een autosloperij. Na jaren stilgestaan te hebben is er voor deze bus een aparte stichting (Stichting Leyland Bus 907) opgericht met als doel deze bus te restaureren, wat nog vele jaren in beslag zal nemen.

201-285 Leyland Panther-Hainje Deze Leyland Triumph Werkspoor Panthers met Hainje carrosserie kwamen tussen 1964 en 1966 in dienst en reden tot 1979. Bus RET 204 is museumbus.

301-324 Leyland Leopard-Verheul thumb|right|RET 309 naast GVBA 301 in 2016 Deze kleine Leyland Leopards met Verheul carrosserie kwamen in 1967 in dienst en reden tot ca. 1979. De 309 is museumbus en verblijft nog steeds bij de RET.

CSA-1 bussen 401-406, 407-461, 463, 471-500 DAF/Hainje

Deze SB 200 DOL DAF/Hainje standaardbussen werden geleverd tussen 1967 en 1970. De 461 werd in 1970 vernummerd in 501 ivm. de nieuwe geplaatste DKDL motor zodat twee aangesloten series DOL- en DKDL-bussen ontstonden. De 498-500 waren semi-tourbussen. In 1972 werd de 497 vernummerd in 463 (tussen de Den Oudsten wagens, de oorspronkelijke 463 was toen al afgevoerd) en de 500 vernummerd in 497 zodat weer een aaneengesloten reeks ontstond. Ook de 432 werd vroegtijdig afgevoerd. Eind jaren 70 en begin jaren 80 werden er een aantal wagens verhuurd aan ZWN voor dienst op RET lijnen door de Beneluxtunnel. Ook werden wagens verhuurd aan de FRAM voor dienst op de waddeneilanden, aan het GVU in Utrecht en aan de BBA voor de stadsdienst in Breda. Vanaf 1980 werden deze wagens buiten dienst gesteld waarvan de laatste in 1983 reden.

462-471, (461, 462, 464-470) DAF-Den Oudsten thumb|Den Oudsten bus 464 in 1971 Dit waren SB 200 DOL DAF/Den Oudsten standaardbussen die in 1968 geleverd waren en op het fabrieksembleem na geheel gelijk aan de wagens van Hainje. In 1970 kreeg de 471 het vrijgekomen nummer 461 waardoor weer een aaneengesloten serie Den Oudsten wagens ontstond. Het nummer 471 kwam vrij voor een vervolgserie van Hainje. In 1972 kreeg 497 het vrijgekomen nummer van de afgevoerde 463 waarna de Den Oudsten wagens bestonden uit de 461, 462, 464-470. De laatste wagens reden begin jaren tachtig.

501, 502-532, 533-580 Dit waren de standaards van het SB 200 DKDL-type en werden geleverd tussen 1972 en 1974. De 501 was de vernummerde 461 en had als proef een DKDL-motor. Vanaf de 502 hadden de wagens hogere zijruiten en vanaf de 533 een vlakke vloer. Ze reden tot en met 1986. De 562 is nog aanwezig als museumbus.

601-656 Dit waren de eerste standaardbussen van het SB 201 DKDL model met een nieuw front. Ze werden geleverd tussen 1974 en 1976 en reden tot en met 1991. De 625 werd verbouwd tot infobus.

701-797, (661-665) Dit waren de eerste standaards met een grote filmkast. Ze kwamen in dienst tussen 1977 en 1979 en reden tot en met 1993. De 723 en 724 waren semi-tourbussen. Vanaf de 778 hadden de wagens dubbele rechthoekige koplampen.

Door materieeltekort in 1990 nam de RET 5 standaards over van de HTM (307, 311, 318, 341 en de 342) en deze werden als 661-665 genummerd en reden tot de komst van de 420-439, 440-459 en 480-499 in 1991. Ze waren van hetzelfde model als de 701-797.

801-832, 833-841 Deze standaard-stadsbussen kwamen in dienst in 1979/1980 en 1981 en reden tot en met 1993.

901-956 thumb|right|museumbus 938 Deze wagens kwamen in dienst in 1982 en waren voorzien van een nieuwe ZF 4-versnellingsbak en hadden rechthoekige achterlichten. Het chassis van de 925 werd gebruikt voor CSA-2 proefbus 201. De 928 werd toen vernummerd tot 925 en er werd een nieuw 928 afgeleverd. De 940 werd na zware aanrijdingschade in 1991 vroegtijdig afgevoerd. Ze reden tot en met 1997. De 938 is museumbus.

CSA-2 bussen 201, 202-221, 301-320 DAF/Hainje thumb|Een CSA-2 bus van de RET.

Deze 2e generatie DAF/Hainje standaards kwamen in 1982, 1984 en 1986 in dienst.

De 201 werd proefbus voor de tweede generatie (op het chassis van de 925) en bestaat nog steeds. De 319 en 320 waren semi-tourbussen. De laatste wagens reden in 2002. De 310 is museumbus.

436, 470, 476, 510 DAF/Hainje CSA-2 Bovenstaande wagens uit deze HTM serie uit 1984-1988 werden in 1997 en 1998 gehuurd in verband met gebrek aan eigen materieel

CSA-3 bussen 401 DAF/Hainje In 1987 presenteerde Hainje de opvolger van de CSA-II. Het was een moderne vierkante bus die officieel de benaming "Standaardbus 2000" (ST2000) had. Na afloop van de AutobusRAI werd het prototype verkocht aan de RET. De bus werd later in de huisstijlkleuren van dit bedrijf geschilderd en deed nog tot en met ongeveer 2003 dienst.

501-518 Volvo/Hainje Dit waren de eerste Rotterdamse gelede bussen en waren van Volvo/Duvedec, ze kwamen in 1988 in dienst. De bussen hadden veel overeenkomsten met de aan Amsterdam geleverde serie 520-544 maar verschilden toch op een aantal punten. Het waren de eerste RET bussen in de nieuwe huisstijl groen/wit. Ze waren bestemd voor de drukke zuidlijn 76. In hun laatste jaren reden ze vooral op lijn 49. In 2001 werd de helft van de serie ingeruild bij Den Oudsten. De 501, 502, 505-508, 512 en de 514 bleven tot 2002 in Rotterdamse dienst. De 507 is nog aanwezig als museumwagen.

420-439 Mercedes Deze bussen van het type O405 kwamen in 1991 in dienst en reden tot 2007. Net als de andere twee series waren ze groen/wit geschilderd. In 1994 werden de 426-433, 438 en 439 verhuurd aan ZWN voor dienst op de Capelse RET-lijnen. De 434 is nog steeds aanwezig als museumbus.

440-459 DAF/Berkhof thumb|De RET 480. Dit waren DAF/Berkhofbussen en kwamen ook in 1991 in dienst. Ook zij reden tot 2007. Van deze serie is de 446 museaal bewaard gebleven.

480-499 DAF/Den Oudsten Deze wagens waren identiek aan de 440-459, alleen was het koetswerk afkomstig van Den Oudsten. Ook deze wagens reden van 1991 tot 2007, al zijn er flink wat wagens eerder gesloopt. De 482 is museumbus.

750-754 Mercedes Dit waren Mercedes 0405N-bussen. Deze lagevloersbussen, die eerst op de ringlijnen voor "Intrastadslijn" (Vervoer op maat) reden en later op de normale lijnen dienst hebben gedaan. Ze reden van 1992 tot en met 2008. De 754 werd in 2007 afgevoerd na een botsing met een vrachtwagen op de route van lijn 38.

600-659, 660-699 Volvo/Hainje thumb|RET 683 in Rotterdam Deze Duvedec Volvo/Hainje standaardwagens kwamen begin 1993 (600-659) en eind 1993 (660-699) in dienst ter vervanging van de CSA-1 series 700 (restant) en 800 (geheel). Het waren tweedeurs hogevloersbussen met voorin een opvallend opstapje.

Door brand en/of zware aanrijdingsschade werden de 623, 645, 653, 657 en 691 vroegtijdig afgevoerd.