thumb|E.W.L. Rutten-Broekman (1944) Emmy Wilhelmina Lucie Rutten-BroekmanEmmy Broekman bleef tot op hoge leeftijd Rutten als achternaam gebruiken, daarom is het correct Rutten-Broekman in de titel te gebruiken. (Kota Radja, 29 juni 1905 – Amsterdam, 6 april 2000) was een Nederlands militair en Engelandvaarder.

Levensloop Broekman trouwde in 1931 in Londen met cineast Gerard Rutten, bij dit huwelijk gebruikte ze de naam Broekman-Lefébure. Huwelijksakte Archief Den HaagHuwelijk beëindigd door echtscheiding op 19 oktober 1955. Zie de registratiekaart van Emmy Broekman, en de registratie kaart van Gerardus Maria Rutten (Archief Amsterdam). In het Nationaal archief wordt een procesdossier bewaard: "Broekman, Emmy Wilhelmina Lucy vs. Gerardus Maria Rutten inz. Alimentatie na echtscheiding 1951-1953" in het archief van het advocatenkantoor Mazirel. Onder de naam Emmy Lefébure werkte ze tussen 1930 en 1939 als actrice en regieassistente.

Zij wilde militair worden, net als haar voorvadersIn een interview met Agnes Dessing in 1999 (Dessing 2004: noot 85. Interview met mw. E.W.L. Broekman, 18/9/1999) als voorbereiding op haar boek, Tulpen voor Wilhelmina, verklaarde Broekman haar motivatie om in 1943 naar Engeland te vertrekken samengevat door Dessing, "uit het milieu waaruit zij afkomstig was: haar vader was beroepsmilitair." (Dessing 2004, hoofdstuk 1 Beweegredenen, p. 54.). (Interview is niet afgedrukt. Het is dus niet na te gaan of Broekman zich hier uitspreekt over het Engelandvaarder zijn of de keuze om bij het VHK te gaan. Uit de context van het interview moeten we concluderen dat het over het eerste gaat. Het militair willen zijn speelt wel een rol in haar leven.). Broekman meldde zich in 1940 bij het Algemeen Hoofdkwartier van de bevelhebber van de Nederlandse Land- en Zeemacht. Ze werd ingedeeld bij sectie V (ontwikkeling en ontspanning).Stadsarchief Amsterdam inv.nr. 12. Brief van het Algemeen Hoofdkwartier Kort daarna capituleerde Nederland en werd het leger gedemobiliseerd.

In augustus 1942 verliet Gerard Rutten Nederland met een visum om drie maanden naar Spanje te gaan, maar reisde door naar Portugal. Hij kwam op 12 mei 1943 in Engeland aan en ging werken bij de afdeling voorlichting van de Nederlandse regering in Londen.Pinto, Wolters 1943.

Broekman werkte als secretaresse voor de Stucadoorsbond en daarna voor de Eigen Vervoerders Organisatie.Pinto, Wolters 1944. Op 5 augustus 1943 verliet Broekman Den Haag.Pinto, Wolters 1944. Ze overleefde allerlei problemen onderweg en trok te voet de Pyreneeën over.Pinto, Wolters 1944.Stadsarchief Amsterdam, inv.nr. 18, Dagboek. In Lissabon kon ze op 20 november mee met een geblindeerd vliegtuig dat naar Bristol, Engeland ging. Door dichte mist boven de luchthaven van Bristol moest het vliegtuig uitwijken naar Newquay diep in Cornwall. Zeer vroeg in de ochtend kwam Broekman aan in London en kon ze aankloppen bij Oranjehaven om het adres van haar echtgenoot te vragen.Pinto, Wolters 1944.Stadsarchief Amsterdam, inv.nr. 18, Dagboek.In een getypte uitwerking van haar reisdagboek (scan 42) besluit Broekman met een opmerking dat zij de tocht ziet als "[...] een grote genade van de Heer Jezus Christus [...]". Zij kwam in februari 1956 zoals ze zelf schrijft "tot het geloof". In het radio-programma Een ontmoeting met Pim van der Hoff van 7 mei 1994 (EO) vertelt zij over haar geloof en bekering.

Na aankomst in London besloot Broekman te gaan werken voor het Vrijwillig Vrouwen Hulpkorps (VHK). Zij werd staflid en commandant voor het VHK van het trainingskamp bij Wolverhampton.Stadsarchief Amsterdam inv.nr. 34. Annemiek Bierman 1983, uitwerking vragenlijst Zes andere Engelandvaarders sloten zich ook bij het voor het VHK aan: Ellis Brandon, E. van Dien-Hendrix, M. van Esso-Polak, F.M.I. van der Laan, Elly Nauta-Moret en Rie Knapper, die naar de Verenigde Staten werd gestuurd om Nederlanders voor de VHK te werven.

thumb|250px|right|Kapitein Rutten van het Vrouwen Hulpkorps praat met burgervrouw (hoogst waarschijnlijk Carla de Raet). Op 13 november 1944 stak het VHK over naar OostendeDessing 2004 p. 300.. Het VHK werd ingezet om hulpgoederen naar de inwoners van bevrijde gebieden in Nederland te brengenStadsarchief Amsterdam inv.nr. 34. Annemiek Bierman 1983, uitwerking vragenlijst. Ook werd hulp verleend aan evacués, werden kindertransporten naar Engeland begeleid en werd Rode Kruis bijgestaanDessing 2004, p. 300. Ondertussen was het VHK gemilitariseerd om geregeld onderdeel te zijn van het Nederlandse leger. In april 1945 werd Broekman ingedeeld bij het korps reserve officieren voor speciale diensten bij het VHK met de rang van kapitein.Stadsarchief Amsterdam, inv.nr. 23, Ingekomen brieven van het Ministerie van Oorlog. Haar werk bestond vooral uit de coördinatie van de verschillende VHK groepen in bevrijde steden. Ze reed rond met een 3-tonner (vergelijkbaar met de DAF YA-328)persoonskaart vermeld diploma "Driver Heavy Vehicles". om hulpgoederen te vervoeren.Stadsarchief Amsterdam inv.nr. 34. Annemiek Bierman 1983, uitwerking vragenlijst

Vanaf 1947Nationaal Archief Inv.nr. 2553 werkt Broekman voor het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen als commies op de afdeling Kunsten, vanaf 1956 als hoofd commiesRedactie Binnenhof 1956. Van 1947 tot haar pensioen in 1970 was zij secretaris en penningmeester van een aantal Rijksadviescommissies ingesteld door de regering "voor het aankopen van en het verlenen van opdrachten voor moderne kunstwerken". Dezelfde functie had zij in de "Commissie tot organisatie van tentoonstellingen in het buitenland van moderne kunstwerken." Kuyvenhoven noemt haar "de spil van de commissies en een verbindende schakel"Kuyvenhoven 2007, p.171 in de communicatie tussen de commissies en het ministerie. Ze kookte plannen voor bij commissieleden, informeerde ambtenaren, tipte kunstenaars en regelde atelierbezoeken.Kuyvenhoven 2007, p.171

Door haar werk voor de commissies was Broekman regelmatig betrokken bij of verantwoordelijk voor het organiseren en inrichten van tentoonstellingen zoals de jaarlijkse expositie "Start"Verslaggever Nieuw Utrechtsch dagblad (1956), een kans voor winnaars van de koninklijke subsidie om hun werk te exposerenZie bijvoorbeeld de "Opmerkingen" in de beschrijving van Nico Molenkamp werk "Moeder met kind" dat gekozen was voor "Start" van 1956. en "Het Rijk legt rekenschap af" (1954,1955) waarin het minsterie werk exposeerde dat met gemeenschapsgeld was aangekochtM. Bs., 1954. Redactie Het vaderland, 1954.. Bij de rekenschap tentoonstelling was Boekman ook de redacteur van de "tot in de puntjes door mevrouw E. W. L. Rutten—Broekman verzorgde catalogus"De Gr., 1954.

In het buitenland was Broekman betrokken bij de veel besproken expositie tijdens de opening van het K.L.M passagekantoor in Tel AvivR. Veltman Fruin, 1954.

Ze werkte vanuit de Valeriusstraat 174b in AmsterdamKuyvenhoven 2007, p.171Broekman komt in 1951 voor het eerst voor in de Nederlandsche staatsalmanak voor iedereen, onder commissiën-3, Commissie tot organisatie van tentoonstellingen van moderne Nederlandse beeldende kunst in het buitenland. Het adres is Valeriusstraat 174b.. Sinds 1946 woonde Broekman, die zich ondanks haar scheiding in 1955 tot op hoge leeftijd Rutten bleef noemen, op een etage Zie persoonkaart Broekman in het ouderlijk huis van actrice Gerda Smit SibingaZij werkte onder het pseudoniem Carla de Raet.Carla de Raet (Gerharda Smit Sibinga) woont in de Valeriusstraat 174b (boven) zoals is te lezen op haar persoonskaart. Uit het adresboek van Amsterdam 1939-1940 blijkt minstens vanaf 1939. die daar woonde met haar moeder, Sophia Maria Schim van der Loeff (1875-1950)Schim van der Loeff verhuisd in 1948 naar de Sofialaan 4hs. Zie persoonskaart. Broekman en Smit Sibinga ontwikkelden een hechte relatie en werden beiden halverwege de jaren vijftig overtuigd christenIn een radio-interview met Pim van der Hoff op 7 mei 1994, programma 'Een ontmoeting', vertelt Emmy vertelt over haar bekering en hoe ze ze zich achteraf realiseerde dat God haar geholpen heeft tijdens haar Engelandvaart. Zie ook noot 9.

Dat Emmy haar geloof praktiseerde blijkt bijvoorbeeld ook uit de gezamenlijke brief met Gerda Smit Sibinga (jan. 1961) aan A.C.W. Beerman, minister van Justitie, over een mogelijke strafvermindering voor oorlogsmisdadigers als Lages en Aus der Fünten waaruit hun christelijke levensovertuiging spreekt (Stadsarchief Amsterdam, 30729 Archief van Emmy Rutten-Broekman, inv.nr. 28).. Broekman bleef aan de Valeriusstraat wonen tot haar gezondheid dat in de loop van de jaren negentig niet meer toe liet.

Broekman ontmoette Smit Sibinga vermoedelijk kort na de bevrijding in mei 1945. Ze werden waarschijnlijk samen gefotografeerd op de Dam in Amsterdam en Smit Sibinga vertelde in een artikel in het ParoolZie: Paul Arnoldussen en Albert de Lange (1995): De rechtvaardige duimstok van het naoorlogse toneel deel drie in de serie Finale Mei: Hoe het handjevol toneelspelers dat had geweigerd zich te melden bij de Kultuurkamer, na de Tweede Wereldoorlog de tekenaars buitensloot, in het Het Parool van 4 februari 1995. Arnoldussen en De Lange parafraseren Smit Sibinga: Ze herinnert zich de honger tijdens de repetities, en dat het hulpkorps van Vrouwelijke Vrijwilligers uit Engeland op 'fifteenhunderd weights' en 'drietonners' de stad in kwam met eten. en daarbij de schouwburgbespelers niet oversloeg. dat zij tijdens de repetities voor het toneelstuk "Vrij volk" (vanaf 10 mei 1945) eten kregen van vrouwen van het VHK die met hun drietonners in de stad waren aangekomen.

Categorie:Nederlands militair Categorie:Engelandvaarder Categorie:Nederlands ambtenaar