Ceratogaulus is een geslacht van uitgestorven zoogdieren dat voorkwam in het Plioceen. Dit dier had voorheen de naam Epigaulus, maar deze naam wordt niet meer gebruikt.
Naamgeving William Diller Matthew benoemde in 1902 de typesoort Ceratogaulus rhinocerus. De geslachtsnaam betekent "hoorngrondeekhoorn". De soortaanduiding betekent "neushoorn".
Beschrijving Dit dertig centimeter lange knaagdier had op zijn kop, vlak voor de ogen, een stel hoorns op zijn snuit, waarvan de functie onduidelijk is. Waarschijnlijk werden de hoorns gebruikt als verdedigingswapen of om vrouwtjes te imponeren, misschien zelfs om te vechten. Het is onwaarschijnlijk dat ze werden gebruikt bij het graven maar ze zouden een gang geblokkeerd kunnen hebben tegen frontaal aanvallende vijanden. Niet alle gevonden fossielen waren met hoorns bezet, dus wordt verondersteld, dat hoornloze dieren waarschijnlijk vrouwtjes waren. Dat wordt overigens ook betwijfeld. Ceratogaulus was het enige knaagdier met zulke hoorns en het kleinste bekende zoogdier met hoorns.
Aan zijn poten had het krachtige, zijdelings afgeplatte klauwen, die waren aangepast om te graven. Waarschijnlijk leefde het dier in ondergrondse holen. Deze theorie wordt ondersteund door de kleine ogen, die een beperkt zicht hadden.
Levenswijze Dit herbivore dier leefde in bossen. Toen deze verdwenen en de graslanden zich uitstrekten, was hun lot bezegeld en stierven ze uit.
Vondsten Resten van dit dier werden gevonden in Noord-Amerika, in het Great Basin.
Categorie:Uitgestorven knaagdieren Categorie:Plioceen