Ranunculus kuepferi is een overblijvende plant uit de ranonkelfamilie (Ranunculaceae) die endemisch is in de Alpen.
Naamgeving en etymologie De plant werd aanvankelijk (1974) opgevat als ondersoort van de Pyrenese boterbloem (subsp. occidentalis P.Küpfer van Ranunculus plantagineus All. = Ranunculus pyrenaeus L.). In 1987 waardeerden Werner Greuter en Hervé Maurice Burdet het taxon op naar de rang van soort. Bij het opwaarderen van de rang bleek de naam Ranunculus occidentalis al bezet te zijn.
De soortaanduiding kuepferi is een eerbetoon aan de Zwitserse botanicus Philippe Küpfer (1942-), die het taxon als eerste een naam gaf.
Kenmerken Ranunculus kuepferi is een kleine, overblijvende, kruidachtige plant, wat hoger en forser dan de Pyrenese boterbloem. De bloemstengel is onderaan onbehaard, naar boven toe viltachtig behaard, en draagt één of meerdere bloemen. De bladeren zijn lijn- tot lancetvormig, gaafrandig, kort gesteeld of zittend, onbehaard en blauwgroen gekleurd.
De bloemen zijn tot 10-30 mm in doorsnede met vijf geelgroene kelkblaadjes (in tegenstelling tot de Pyrenese boterbloem, die witte kelkblaadjes heeft) en vijf witte kroonblaadjes.
De plant bloeit van mei tot juli.
Habitat en verspreiding Ranunculus kuepferi groeit voornamelijk op vochtige, kalkrijke bodems zoals in kalkgraslanden en op puinhellingen, dikwijls nabij smeltende sneeuw, in de alpiene zone van het hooggebergte, van 1700 tot 2800 m hoogte.
De plant is endemisch in de Alpen; de soort is bekend van Oostenrijk, Zwitserland, het oosten van Frankrijk en Noord-Italië.
kuepferi Categorie:Endemische plant uit de Alpen