De Cock en moord in brons is het negenentwintigste deel van de detectiveserie De Cock van de Nederlandse auteur Appie Baantjer. In deze aflevering heeft Baantjer thema's ontleend aan het Nibelungenlied. Ook de namen van de hoofdpersonen zijn speelse varianten op die, welke in dit middeleeuwse epos of in de door Richard Wagner naar het heldendicht gecomponeerde opera's voorkomen.

Verhaal

In een gesprek met collega Dick Vledder gedenkt De Cock de overleden joodse haringman Mosie uit de Heintje Hoeksteeg, die het concentratiekamp Dachau had overleefd als enige van zijn familie. De Cock zegt in Het Laatste Oordeel te geloven, als de definitieve goddelijke correctie. Hun discussie wordt verstoord door het binnentreden van een adembenemend mooie blonde vrouw van circa 25 jaar, Adelheid van Kleef. Ze komt de vermissing aangeven van haar vriend Siegfried van Xanten. Laatstgenoemde leefde al maanden in angst na een zonde tegen de ewaEr heeft een Oudfries, Oudhoogduits en Oudsaksisch woord ewa bestaan. Het was een rechtsterm, die een contract, bijvoorbeeld het huwelijk aanduidde. Het woord is etymologisch verwant aan o.a. echt en Duits Ehe, huwelijk. Zie o.a. https://etymologiebank.nl, lemma: echt. waarna de sapientes Latijn voor: zij, die wijs zijn. zich voor zijn dood hadden uitgesproken. De Cock wil bars opheldering over de twee voor hem nieuwe woorden, maar Adelheid kan die niet verschaffen. Gisteravond heeft Siegfried haar huis na een telefoongesprek verlaten en is niet teruggekeerd. Ze vreest dat hij al dood is en de rechercheur moet alles op alles zetten hem eerder te vinden dat het volk van de klokbekers. Na haar vertrek zitten De Cock en Vledder met een vreemde zaak. Het genoteerde signalement van Siegfried van Xanten wordt als een Verzoek Opsporing Verblijfsplaats verder via de telex afgehandeld. Na een uitgebreide discussie blijven de twee rechercheurs met een dwaas verhaal zitten.

Ze komen niet tot een eensluidend oordeel en besluiten een cognackie te gaan halen bij Smalle Lowietje. De Cock vraagt rechtstreeks of de caféhouder het volk van de klokbekers kent. Volgens Lowie trekken ze elk jaar naar Lunteren en hebben ze in Amsterdam een lokaal bij de Muiderpoort en soms spreken de leden van het genootschap gezamenlijk een vonnis uit. Als de twee rechercheurs teruglopen komt het gesprek op vonnissen buiten de overheid om, zoals bij de maffia. Maar er zijn ook nette verenigingen, die een eigen arbitrageregeling hebben. Terug op het politiebureau Warmoesstraat zit een statige heer Gunther Worms, de Koning van de Klokbekers, op hen te wachten. De Klokbekers zijn een oudheidkundig genootschap dat zich ten doel stelt oude waarden in stand te houden of te doen herleven. Hij geeft uiteindelijk toe dat het vonnis van het genootschap inhield dat Siegfried voor het genootschap niet meer leefde. Na zijn vertrek is Dick Vledder verontwaardigd en zit De Cock nog vol vragen. Hun discussie wordt onderbroken door de melding van een lijk bij de Muiderpoort. Waarschijnlijk is de vermiste Siegfried gevonden met een dolk tussen de schouderbladen.

Ze vinden Siegfried geveld door een vreemd model dolk. De dienstdoende agent meldt dat het lijk aangetroffen is door een oude baas met een hond. De lijkschouwer denkt dat hij al minstens zes uur dood is en De Cock heeft het vermoeden dat hij elders is omgebracht. Bij zijn afscheid zegt dr. Den Koninghe dat hij de dolk kent uit een museum. De volgende ochtend meldt Dick Vledder dat commissaris Buitendam met spoed een eerste uitgebreid rapport over de moord wil ontvangen. Na ampele discussie over de gebleken voorwetenschap van zijn commissaris, gaat De Cock om opheldering vragen. Zijn chef stelt dat het oudheidkundig genootschap van de Klokbekers van groot maatschappelijk nut is. De Cock neemt hierop zijn chef een verhoor af over mogelijke daderkennis en wordt de kamer gestuurd. Als Dick naar de sectie gaat, wandelt De Cock naar het woonhuis van Adelheid van Kleef. Laatstgenoemde is ervan overtuigd dat Siegfried met een kenmerkende dolk door het genootschap is gevonnist. Ze noemt in dit verband zijn vroegere vriend Hagen de Bourgondiër, een vooraanstaand lid van de Klokbekers. Ze eist nu dat bij de uitvaart alle leden van het genootschap plechtig verklaren niet betrokken te zijn geweest bij Siegfried zijn dood. Dan zal de overledene zijn moordenaar kunnen aanwijzen.

Dick Vledder vindt het voorstel idioot en noemt het mens gek, maar De Cock houdt wel van wat rumoer binnen dit besloten genootschap. De Cock legt uitgebreid het middeleeuws gebruik van het baarrecht uit. Hun uiteenzetting wordt onderbroken door de binnenkomst van Hagen de Bourgondiër. Adelheid beschuldigt hem van de moord op Siegfried. Hij legt uit dat hij en Siegfried vroeger vrienden waren. Beiden gingen ze achter Adelheid aan en toen zij voor Siegfried koos, kwam er een einde aan de vriendschap. Bovendien beschuldigt hij Siegfried van het achterhouden van een bronzen dolk uit de vijfde eeuw voor Christus. Hij legt uit dat het doodvonnis over Siegfried door de sapientes niet letterlijk moet worden opgevat. Het staat gelijk aan verbanning uit de gelederen. Maar als Dick Vledder plotseling het moordwapen op tafel smijt, schrikt Hagen van de getoonde dolk. Het vermiste exemplaar kwam volgens Vledder uit de rug van Siegfried. Na zijn vertrek complimenteert De Cock Vledder met zijn actie. Vledder vertelt nog van de sectie dat dokter Rusteloos rekening houdt met bedwelming gevolgd door moord. De Cock geeft Vledder nog wat routine opdrachten en gaat zelf praten met de man met hond die het lijk ontdekte, ene Etzel Hunnen.

Deze Etzel is zelf een oud en vooraanstaand lid van het genootschap. Alleen is het genootschap door Gunther Worms en Hagen de Bourgondiër min of meer gekaapt. Ze zitten ook fout met de gebruiken van het Klokbekervolk. Maar Etzel is wel bang voor de goede naam van het genootschap en daarom heeft hij een ander vooraanstaand lid van het genootschap gisteravond gewaarschuwd. Het is de welbekende officier van justitie mr. Schaaps, een meer dan goede vriend van commissaris Buitendam. Spontaan noemt Etzel nu Hilde Brunet, de vrouw van Gunther Worms als degene die gezworen had Siegfried om te brengen. Intussen is Dick Vledder met de dolk op stap geweest en hij heeft te horen gekregen dat het een replica betreft. Het verwerkte brons is een mengsel van koper en tin, terwijl in de tijd van de klokbekers koper en lood werd gebruikt. Het moordwapen is dus niet de gestolen dolk uit opgravingen te Uffelte. De Cock neemt zich voor het origineel te gaan zoeken. Dick Vledder heeft nog een tweede nieuwtje. Siegfried werd op zijn vijftiende reeds gearresteerd wegens diefstal uit musea en kerken.

Rechercheur Fred Prins ontbiedt op verzoek van De Cock Gunther Worms inzake de uitvaartrituelen, terwijl Dick Vledder opdracht krijgt naar de Prinses Carolinalaan te Baarn te rijden waar deze Koning van de Klokbekers woont. De Cock gaat het gesprek aan met de echtgenote, Hilde Brunet. Laatstgenoemde geeft een grimmige kijk in haar verleden. Ze hield zielsveel van Siegfried, maar die bedroog haar. Samen zouden ze voor de eerste keer de nacht doorbrengen, maar de volgende ochtend lag Hilde naast Gunther Worms, een oudere man die al jaren vergeefs achter haar aanzat. Zelf bleek Siegfried plat te zijn gegaan voor Adelheid. Ze legde zich toen neer bij het onvermijdelijke en trouwde met Gunther. Daarom had ze Siegfried graag omgebracht, maar iemand was haar voor. Zelf denkt ze aan haar man als dader. Onderweg terug naar Amsterdam meldt Vledder dat er in het lichaam van Siegfried scopolamine is aangetroffen. De Cock kent het als waarheidsserum. Na enkele rake zinnen van De Cock begrijpt Dick Vledder de betekenis van scopolamine voor hun moordzaak.

De grote aula van Oosterbegraafplaats vult zich met deftige heren en dames getooid met een hoed met voile. Ook mr.Schaaps en zijn vrouw worden door De Cock opgemerkt. Gunther Worms komt De Cock nog even hautain de les lezen over fatsoen. De inleidende toespraak wordt verzorgd door Etzel Hunnen. Hij roept een voor een de leden van het genootschap aan de baar om te zweren dat zij Siegfried niet hebben gedood. Hilde Brunet doorstaat de test, maar bij Hagen de Bourgondiër sijpelt er een straaltje bloed uit Siegfried zijn dode mond. Er ontstaat een grote chaos die vooral door het snelle optreden van Dick Vledder in goede banen wordt geleid. Terugrijdend memoreert De Cock dat ze van de officier van justitie mr.Schaaps in deze zaak niets meer te duchten hebben. Adelheid van Xanten was woedend op de Cock omdat hij Hagen niet ter plekke wilde arresteren. Aan de balie ligt er een anonieme brief te wachten waarin wordt gevraagd Hagen de Bourgondiër naar de schat van de Nevelberg te vragen. Na enig snuffelwerk herkent De Cock de parfum van Hilde Brunet. De Cock stuurt Dick Vledder naar Etzel Hunnen en gaat zelf met het moordwapen naar zijn vriend op de Noordermarkt, kunstenaar Peter Karstens. De Cock hengelt nadrukkelijk naar een Monet van Peter Karstens voor bij hem thuis. Maar na een lange inleiding moet hij toch bekennen dat zijn komt ambtshalve is. Het moordwapen blijkt een replica. Peter Karstens erkent een half jaar geleden een opdracht te hebben ontvangen voor drie replica's. Na afloop van de klus, die Peter door een mannetje liet uitvoeren, heeft de jongeman het origineel en zijn drie replica's terug gekregen. Tijdens het gesprek laat Peter De Cock keer op keer blijken dat de rechercheur een misdadige geest heeft en zo ook aanleg bezit als misdadiger. Als De Cock de naam van de dode Siegfried van Xanten noemt is het commentaar van de kunstenaar: "Jij zegt het."

In de nabespreking met Dick Vledder oppert De Cock de mogelijkheid dat de vervalsingen van Peter zo goed zijn dat hij Siegfried vier replica's heeft teruggegeven en dat hij het waardevolle origineel heeft behouden. Maar hoe Siegfried aan de originele dolk kwam blijft duister. Want volgens Vledder zijn onderzoekingen bij Etzel Hunnen is hij nooit bij de bewuste opgravingen in Uffelte geweest. Etzel Hunnen heeft namelijk inmiddels de complete administratie van het genootschap onder zich gekregen. Na het drama in de aula zijn Gunther en Hagen uit het genootschap getreden. Gunther had dat al aangekondigd voor het baargericht. Hagen stapte erna op. En nu is Etzel de Koning van de Klokkenbekers. Vledder en de Cock raken niet uitgepraat over het mysterieuze moordwapen en alle mogelijkheden en onmogelijkheden binnen het genootschap. Ten slotte belt Hilde Brunet naar de rechercheurs in Amsterdam dat in Baarn aan het begin van de oprijlaan van haar villa haar man Gunther Worms ligt met een dolk tussen de schouderbladen.