De Phorusrhacinae zijn een onderfamilie van de familie van de uitgestorven schrikvogels (Phorusrhacidae). De soorten in deze onderfamilie zijn over het algemeen grotere, maar relatief slanke, schrikvogels. Onder andere Kelenken, de grootste nu bekende schrikvogel, behoort tot deze onderfamilie.

Geschiedenis Van de Phorusrhacinae werd voor het eerst materiaal (MLP-118, het holotype van Phorusrhacos) gevonden in 1887 door Ameghino.Ameghino, F. (1887), Enumeración sistemática de las espécies de mamíferos fósiles coleccionados por Carlos Ameghino en los terrenos Eocenos de la Patagonia austral y depositados en el Museo de La Plata. Boletim Museo La Plata 1: 1-26 Deze benoemde in 1889 ook de familie, gespeld als 'Phororhacosidae' maar geldig als Phorusrhacidae.Ameghino, F. (1889), Contribuición al conocimiento de los mamíferos fósiles de la República Argentina. Actas Academia Nacional Ciencias de Cordoba 6: 1-1028Voor de geschiedenis van de naam van het geslacht en de familie, zie Phorusrhacidae In 1932 was Kraglievich de eerste die een onderfamilie creëerde in de familie. Hij benoemde de TolmodinaeTolmodus Ameghino, 1891 is een junior synoniem van Patagornis Moreno & Mercerat, 1891; Tolmodinae Kraglievich, 1932, is een junior synoniem voor Patagornithinae Mercerat, 1897 als onderfamilie van de Phorusrhacidae, waarmee automatisch ook de onderfamilie Phorusrhacinae ontstond.Kraglievich, L. (1932), Una gigantesca ave fósil del Uruguay, Devincenzia gallinali n. gen. n. sp., tipo de una nueva familia, Devincenziidae, del Orden Stereornithes. Anales del Museo Historia Natural de Montevideo (Segunda serie) 3(3): 323-355Alvarenga, Herculano M.F. & Höfling, Elizabeth (2003). Systematic revision of the Phorusrhacidae (Aves: Ralliformes). Papéis Avulsos de Zoologia (São Paulo) 43(4): 55-91

Kenmerken De onderfamilie wordt gekenmerkt door een grote bouw, hoewel ze smaller en lichter gebouwd zijn dan de ook erg grote Brontornithinae. De tarsometatarsus (de versmolten voetwortel- en middenvoetsbeentjes bij vogels) is altijd langer dan 60% van de tibiotarsus. Tevens is hij relatief lang en smal. De symphysis mandibulae is, in vergelijking met andere schrikvogels, langer, smaller en niet zo hoog en altijd meer dan twee keer zo lang als de onderkaak breed is.

De Phorusrhacinae waren redelijk snel. Van een exemplaar met een geschatte massa van 350 kg werd in 2005 de maximale loopsnelheid berekend op 50 km/h. Dit kon men doen doordat de verhouding tussen en de grootte van de tibiotarsus en de tarsometatarsus bij vogels deze snelheid bepalen. De auteurs van dit onderzoek merkten echter op dat de berekende snelheid dezelfde is als werd berekend voor de maar 45 kg wegende Patagornis. Aangezien de regel normaliter is dat de loopsnelheid afneemt naarmate het lichaamsgewicht groter is, trekt dit het verkregen resultaat in twijfel. Het blijft echter mogelijk dat de resultaten toch juist zijn en dat de Phorusrhacinae simpelweg relatief grotere beenspieren hadden.

Geslachten In de onderfamilie worden tot nu toe de volgende vier geslachten geplaatst: Phorusrhacos , 1887 Devincenzia , 1932 Titanis , 1963 Kelenken , 2007

Categorie:Schrikvogels