Hans Antonius Faverey (Paramaribo, 14 september 1933 - Amsterdam, 8 juli 1990) was een Nederlands dichter van Surinaamse afkomst.

Hans Faverey was verbonden aan de faculteit psychologie van de Rijksuniversiteit Leiden als wetenschappelijk medewerker.

Biografie Het dichtwerk van Hans Faverey wordt vaak moeilijk genoemd, maar hijzelf bestreed dat: "zo moeilijk is het allemaal niet". Zijn eerste twee bundels werden weinig welwillend ontvangen. Desalniettemin ontving Faverey voor zijn debuutbundel de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam.

Na het verschijnen van de bundel Chrysanten, Roeiers in 1977 volgt vrij snelle acceptatie en canonisatie van de dichter Faverey. De beschouwingen over zijn werk nemen toe en kunnen in aantal (en aard) vergeleken worden met die over Gerrit Kouwenaar of Lucebert. Over deze omslag in waardering is zelfs een onderzoekArtikel van Cees van Rees in de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (DBNL) gepubliceerd, dat consensusvorming onder literatuurcritici als belangrijke oorzaak aanmerkt voor de plotselinge waardering en niet het gestegen begrip voor de poëzie zelf. Die consensusvorming stond echter ook sterk in wisselwerking met de wijze waarop Faverey zichzelf presenteerde in interviews: daarin voerde hij zichzelf steevast op als een dichter in de autonomistische poëzietraditie.Artikel van Jeroen Dera in Spiegel der Letteren. Gearchiveerd op 14 april 2023. Niettemin is uit verschillende analyses gebleken dat er zowel autobiografische elementen in zijn werk zitten, als talige elementen ontleend aan het Surinaams-Nederlands., 'Surinaams-Nederlands - De kat van Hans Favery schiet weg', in Zwarte pracht; Cultuur uit de voormalige Nederlandse koloniën. Amsterdam: Uitgeverij Van Oorschot, 2025, p. 277-284, .

Privé Faverey was getrouwd met de Kroatische dichter Lela Zečković. Na haar overlijden in 2018 werd de literaire nalatenschap van beide dichters overgedragen aan het Literatuurmuseum in Den Haag.Nalatenschap Hans Faverey naar museum www.literatuurmuseum.nl

Faverey overleed op 8 juli 1990, nadat hij in oktober 1989 had gehoord dat hij ongeneeslijk ziek was. Hij werd op 14 juli 1990 begraven op begraafplaats Zorgvlied. Omdat niemand de grafrechten betaalde, is dat graf in 2023 geruimd.Marita Mathijsen, 'Laat dan ten minste het graf onsterfelijk zijn…', 8 mei 2024 op https://neerlandistiek.nl/2024/05/laat-dan-ten-minste-het-graf-onsterfelijk-zijn/

Prijzen 1969 - Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam voor Gedichten 1977 - Jan Campert-prijs voor Chrysanten, roeiers 1990 - Constantijn Huygens-prijs voor zijn gehele oeuvre 2005 - Voor de vertaling van zijn boeken naar het Engels kreeg de vertaler Francis Jones de James Brockwayprijs.

Bibliografie 1968 - Gedichten 1972 - Gedichten 2 1977 - Chrysanten, roeiers 1978 - Lichtval 1980 - Gedichten 1983 - Zijden Kettingen 1985 - Hinderlijke goden 1987 - Hoe telkens ooit 1988 - Tegen het vergeten 1990 - Het ontbrokene 1993 - Verzamelde gedichten 2000 - Springvossen 2010 - Gedichten 1962-1990 Met 193 gedichten uit de nalatenschap 2021 - Verborgen in het zichtbare Een keuze uit de gedichten

Externe link

Categorie:Nederlands dichter Categorie:Surinaams dichter