De Bijbelse chronologie is het plaatsen van de relatieve chronologie van de in de Hebreeuwse Bijbel – het Oude Testament – en het Nieuwe Testament beschreven gebeurtenissen waar mogelijk in de absolute chronologie, de christelijke jaartelling. Totdat Dionysius Exiguus zijn paaskalender opstelde – die pas eeuwen later als algemeen middel voor het dateren van gebeurtenissen werd geaccepteerd – waren alle dateringen relatief. Dat wil zeggen dat gebeurtenissen ten opzichte van elkaar, maar vooral ten opzichte van de regering van vorsten werden geplaatst. Dit geldt niet alleen voor de Bijbel, maar voor veel datering uit de oudheid.

Jaartelling in de oudheid In de oudheid werd de kalender en jaarrekening bepaald door de seizoenen en de zichtbare hemellichten: zon, maan en sterren. Ieder volk hield zijn eigen jaartallen bij, maar er moet rekening worden gehouden met de wijze waarop bijvoorbeeld regeringsjaren werden gerekend. Bij het ene volk was het eerste jaar van een aangetreden koning al vol als het kalenderjaar was afgelopen, terwijl bij een ander volk dan pas het eerste jaar begon. Bij de een werd een regentschap wel en bij de ander niet meegeteld. Koningslijsten kunnen daarom niet zomaar met elkaar worden verrekenend. Waar bij het relatief onbeduidende en op zichzelf gerichte volk van Israël allerlei onzekerheden overblijven, geven de gebeurtenissen in een wereldrijk, dat met veel culturen in aanraking kwam, vaak veel geschikter materiaal om dateringen vrij exact te kunnen doen. Als vervolgens de lotgevallen van de Israëlische koningen gerelateerd worden aan hun buren kunnen dwarsverbanden worden gelegd.

De dag begon wanneer de zon opkwam en eindigde bij zonsondergang. In Mesopotamië werd de dag verdeeld in twaalf gelijke delen, gebaseerd op hun twaalftallig stelsel. In Mesopotamië en Kanaän was de maan erg belangrijk. De maand begon met nieuwe maan. In sommige culturen, zoals de Hebreeuwse, was een jaar verstreken wanneer er twaalf maanden waren geteld. Het jaar duurde daardoor ongeveer elf dagen te kort. Om te voorkomen dat na een jaar of zes Pesach te vroeg in het jaar zou vallen, werd een schrikkelmaand ingevoerd voordat de paasmaand nisan begon. Voor het Oude Egypte was het jaar belangrijker dan de maand; omdat de Nijl jaarlijks voorspelbaar uit haar oevers trad. Daarom waren de zon en een ster als Sirius (Sopdet) van vitaal belang.

De oude Grieken en de Romeinen waren uitstekende historici die tijdstippen zo goed mogelijk vastlegden. Zij rekenden vrijwel altijd vanaf de eerste keer dat de Olympische Spelen werden gehouden (776 v.Chr.) of van de datum volgens het boek Ab urbe condita (Vanaf de stichting van de stad) waarop de stad Rome zou zijn gesticht (753 v.Chr.), de Ab urbe condita (jaartelling). Zo'n tijdsbepaling werd dan gespecificeerd door een aantal politici te noemen dat op het moment van de beschreven gebeurtenissen regeerde. In Rome bij voorkeur de consuls, omdat die op een vaste dag voor het daaropvolgende jaar gekozen werden. Dit gebruik klinkt door in de Bijbel als de auteur van het Evangelie volgens Lucas in hoofdstuk 3 drie, vier machthebbers opnoemt om de gebeurtenissen in historisch perspectief te plaatsen.

De jaartallen die dit artikel geeft, zijn soms onzeker en daarom voorzien van een vraagteken. Andere zijn niet aan twijfel onderhevig, doordat de context en genoemde feiten voldoende basis bieden voor een zekere datering. Voorbeelden hiervan zijn het jaar 841 v.Chr. waarin Jehu aan de macht kwam en 722 v.Chr. voor de val van Samaria. Alle dateringen van voor ongeveer 930 v.Chr. zijn schattingen.

Methode In de Bijbelse chronologie worden de gebeurtenissen uit de Bijbel waar mogelijk gerelateerd aan gebeurtenissen in omringende landen of landen waarvan gebeurtenissen in de Bijbel staan, zoals in het de Egyptische chronologie van het Oude Egypte, de chronologie van het Nabije Oosten voor Assyrië, Babylonië en het Perzische Rijk en de chronologie van het Romeinse Rijk. Hierbij wordt gebruikgemaakt van de annalen en ander archeologisch materiaal uit deze landen en uiteraard uit Palestina. Er wordt vooral gezocht naar gebeurtenissen die in documenten uit meerdere landen worden beschreven, vooral in relatie tot gebeurtenissen die wel met grote waarschijnlijkheid of zekerheid geplaatst kunnen worden in een absolute chronologie, zoals zonsverduisteringen en maansverduisteringen (liefst volledige verduisteringen, omdat deze zeldzaam zijn en met zekerheid kunnen worden gedateerd). Voor de periode tussen de gebeurtenissen uit de Hebreeuwse Bijbel en het Nieuwe Testament wordt veel gebruikgemaakt van I Makkabeeën en de werken van Flavius Josephus.

In het begin - ± 1000 v.Chr. thumb|Het Mesopotamische zondvloedverhaal, het Gilgamesj-epos Het eerste woord van de Bijbel betekent "In het begin". Het tekent de eerste elf hoofdstukken van Genesis, verhalen die vaak verwant zijn aan de Mesopotamische mythologie. Genesis beschrijft de schepping van hemel en aarde en in een tweede verhaal de schepping van Adam en Eva in de Hof van Eden. De mensen werden in die periode ongeveer 900 jaar oud (in de mythologie van Mesopotamië worden de eerste mensen tienduizenden jaren oud). De eerste periode in de indeling hieronder wordt afgesloten met een wereldomvattende overstroming, de zondvloed.

Voor de chronologie van de periode tot aan grofweg 1000 v.Chr. kan bovengenoemde methode niet worden gehanteerd, omdat de gebeurtenissen in de Bijbel in deze periode zelden worden gestaafd door buitenbijbels bewijsmateriaal en in nog minder gevallen een betrouwbare datering mogelijk is. Terugtellend vanaf de periode vanaf ongeveer 1000 v.Chr. is het wel mogelijk een chronologie te reconstrueren. Deze heeft uiteraard weinig tot geen wetenschappelijke waarde, maar kan helpen de verhalen te plaatsen in de context van het archeologisch materiaal dat uit de betreffende periode is overgebleven, zoals een denkbare relatie tussen de ziggoerats in Babylonië en de Toren van Babel.

Van de schepping tot de aartsvaders Louter gebaseerd op gegevens in de eerste hoofdstukken van Genesis en los van buitenbijbelse wetenschappelijke kennis is het mogelijk om een chronologie op te stellen vanaf de schepping van Adam tot aan de aartsvaders. Met name de geslachtregisters in Genesis 5 en 11 maken dit mogelijk doordat ze aangeven op welke leeftijd iemand een zoon kreeg. De op deze wijze verkregen jaartelling Anno Mundi (A.M., sinds de schepping van de wereld) gaat ervan uit dat de vermelde geboortejaren mogen worden afgerond. Opgemerkt dient te worden dat de Septuagint een aantal afwijkende leeftijden noemt in deze geslachtsregisters, wat resulteert in een drastisch verschillende telling. Van de schepping tot de zondvloed Genesis 5Volgens Hebreeuwse tekstVolgens SeptuagintSchepping van Adam 0Adam Geboorte van Seth 130Seth 230Geboorte van Enos 235 Enos 435Geboorte van Kenan325Kenan 625Geboorte van Mahalalel395Mahalaleel 795Geboorte van Jered460 Jered 960Geboorte van Henoch622Henoch 1122Geboorte van Methusalah687Methusalah 1287Geboorte van Lamech874 Lamech 1474Dood van Adam930 930Wegname van Henoch987 1487Dood van Seth1042 1142Geboorte van Noach1056 Noach 1662Dood van Enos1140 1340Dood van Kenan1235 2145Dood van Mahalalel1290 2185Dood van Jered1422 2384Geboorte van Sem, Jafet en Cham 1556 2162Dood van Lamech1651 2227Dood van Methusalah1656 2256De zondvloed1656 2262Van de zondvloed tot Abram Genesis 5:32, 7:6, 11:10-26 Volgens Hebreeuwse tekstVolgens Septuagint De zondvloed 1656 2262 Geboorte van Arpachsad 16582363 Geboorte van Kanaän2495 Geboorte van Selah 16932625 Geboorte van Heber 1723 2756 Geboorte van Peleg 1757 2890 Geboorte van Rehu 1787 3022 Geboorte van Serug 18193152 Geboorte van Nahor 1849 3282 Geboorte van Terach 1878 3461 Geboorte van Abram 1948 3531

Van de aartsvaders tot de uittocht uit Egypte (2000 v.Chr - 1400 v.Chr.) Over de eerste eeuwen na Abraham (Genesis 12-50) en de rest van de pentateuch (eerste vijf boeken van de Bijbel) zwijgen de teksten van de omliggende landen van Kanaän over de familie van Abraham en het kleine volkje Israëlieten in Gosen in het Oude Egypte. Ook de Bijbelschrijver geeft maar weinig aanknopingspunten, zoals namen van de farao's, om tot een datering te komen.

Bijvoorbeeld: Datering van de Uittocht uit Egypte. Daarover zijn er drie theorieën: een vroege en een late datering, en een ertussenin. Voor de datering gaat men uit van 1 Koningen 6:1, dat zegt dat Salomo de tempel bouwde in het 480e jaar na de uittocht. De tempel zou gebouwd zijn rond 968, dus dan zou de uittocht in 1440 v.Chr. hebben plaatsgevonden. Dit is de vroege datering voor de uittocht. Met de stad Ramses die de Israëlische slaven moesten bouwen is dan vermoedelijk Avaris bedoeld. Gaat men uit van de Septuagint (daar staat 440 jaar), dan komt men op 40 jaar later, namelijk 1401 v.Chr. Ten slotte is er nog de late datering van de uittocht onder Ramses II of diens zoon, ca. 1300 v.Chr. Indien de Exodus rond 1440 v.Chr. was, viel de gunstige bejegening van Jozef en zijn familie in de periode van de Hyksos, evenals Israël een Semitisch volk (1790 v.Chr. -1550 v.Chr.), en sloeg de stemming van de Egyptische leiders om toen deze Hyksos werden verdreven.

Jaar Bijbelse gebeurtenisBron Palestina Buiten Palestina ± 2000 v.Chr. Abram verlaat UrGenesis 11:31; 12:4,5 1780 v.Chr. Hyksos regeren in Egypte ± 1650 v.Chr. Jakob naar Egypte (?) Genesis 46 1567 v.Chr. Farao Ahmose I verdrijft de Hyksos ± 1440 v.Chr. Vroege datering van uittocht uit Egypte 1 Koningen 6:1; evt. Septuagint ± 1428 v.Chr. Amenhotep II wordt farao ± 1401 v.Chr. Uittocht uit Egypte volgens de Septuagint ± 1400 v.Chr. Verovering van Kanaän (?) Jozua ± 1397 v.Chr. Thoetmosis IV wordt farao 1353 v.Chr. 1330 v.Chr. Amarna-brieven maken melding van de Habiru in Palestina Achnaton Farao ± 1300 v.Chr. Late datering van uittocht uit Egypte Ramses II farao (tot 1213)

Overig Opgravingen te Ai en Jericho geven geen steun voor de vroege en ook niet voor de late datering van de verovering van Kanaän.

De periode van de rechters (1400 v.Chr. - 1000 v.Chr.) Er zijn ook niet zo veel buitenbijbelse gegevens over de periode van de richters (of: rechters), dus in deze periode zijn de jaartallen hoogst onzeker. Uitgaande van een vroege uittocht:

Jaar Bijbelse gebeurtenisBron Palestina Buiten Palestina ± 1404 v.Chr. Verovering van Kanaän 1382 v.Chr. Verdrukking door Mesopotamië Rechters 3:8 1374 v.Chr. Otniël 1353-1330 v.Chr. Amarna-brieven: "Habiru" worden genoemdFarao Achnaton 1334 v.Chr. Verdrukking door MoabRechters 3:14 1316 v.Chr. Richter Ehud Rechters 3:30 1236 v.Chr. Verdrukking door Kanaänieten Rechters 4:3 1220 v.Chr. Stele uit EgypteGeschiedenis van het Oude Israel door FF Bruce, aula Spectrum 1967, p. 11 Israël is troosteloos, het heeft geen zaad meerMerenptah 1224-1214, 19e dynastie 1216 v.Chr. Richter Debora Rechters 5:3 ± 1200 v.Chr inscriptie Thebe Begin ijzertijdFilistijnen vestigen zich aan de zuidwestkust van Kanaän Farao Ramses III voert 1185 v. Chr een militaire campagne uit tegen de zeevolken. 1176 v.Chr. Verdrukking door MidjanRechters 6:1 1169 v.Chr. Richter Gideon Rechters 8:28 1129 v.Chr. Verdrukking door Abimelech 1126 v.Chr. Richter Tola/JaïrRechters 10:3 1100 v.Chr. Jefta zegt dat Israël al 300 jaar in Kanaän woont 1103 v.Chr. Verdrukking door Filistijnen Rechters 13:1 1050 v.Chr. Overwonnen door Filistijnen; Samuel profeet en richter 1Samuel 4; Opgraving bij SiloF.F. Bruce; de geschiedenis van het oude Israël , bldz 22, 1977 SpectrumSilo verwoest±1025 v.Chr.Saul koning1 Sam 10

Overig Aardewerk in Hazor gevonden uit de eerste helft van de 12e eeuw.

Israël en Juda (1012 v.Chr. - 722 v.Chr.)