Willem Alexander Frederik Constantijn Nikolaas MichielAlexanders laatste twee voornamen variëren in de literatuur nog al eens: Nicolaas of Nikolaas, Michiel, Michael of Michaël. Volgens de geboorteakte is het Nikolaas Michiel. (Soestdijk, 2 augustus 1818 — Funchal, Madeira, 20 februari 1848), prins der Nederlanden, prins van Oranje-Nassau, was de tweede zoon uit het huwelijk van de Nederlandse koning Willem II en Anna Paulowna.

Jonge jaren Prins Alexander, op zijn Russisch bijgenaamd Sasja,Ook zijn neven van moederskant Karel Alexander van Saksen-Weimar-Eisenach en tsarewitsj Alexander Nikolajevitsj werden in familiekring Sasja genoemd werd geboren op paleis Soestdijk op zondag 2 augustus 1818, om kwart over tien in de morgen. Ter gelegenheid van zijn geboorte ontving zijn moeder Anna Paulowna van koning Willem I het Czaar Peterhuisje in Zaandam. Bij de doop van Alexander op 24 augustus (tevens de zesenveertigste verjaardag van koning Willem I) 1818 was zijn overgrootmoeder van vaders kant, prinses Wilhelmina nog aanwezig.

Alexander had met zijn broers Willem en Hendrik en zijn zusje Sophie een gelukkige jeugd. Hij had een hechte band met zijn beide broers en trok ook als volwassene veel met hen beiden (maar vooral met Willem) op. Net als Willem was Alexander in zijn kindertijd onbeleefd, arrogant en ongehoorzaam. Briljante leerlingen waren de prinsen alle drie niet. Toch hadden ze een zwaarbeladen lesrooster. Hun opvoeding had vanaf het begin een militair karakter. Toen hij tien jaar oud werd, werd Alexander door zijn grootvader Willem I benoemd tot kolonel. Hij ontving op die dag ook het grootkruis van de Orde van de Nederlandse Leeuw en zijn eerste paard. Alexander zou zijn leven lang een passie voor het leger en voor paarden houden.

In 1836 ging Alexander studeren in Leiden, waar zijn broer Willem al enige tijd verbleef. In november van dat jaar overkwam hem een ernstig ongeluk. Toen hij tijdens een zware storm met zijn broer Willem en hun gouverneur onderweg was van Leiden naar Den Haag, werd hij tegen het hoofd geraakt door een vallende boom. Alexander raakte bewusteloos en liep een flinke hersenschudding op. Hoewel hij voorspoedig herstelde, is dit ongeluk dikwijls aangehaald als oorzaak van zijn vermeende zwakke gezondheid en van zijn ongehuwde staat. Van Alexanders studie in Leiden is in academische zin weinig terechtgekomen. Wel ontwikkelde hij een interesse in numismatiek.https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010058926:mpeg21:a0005 Hij was intelligent, maar geen intellectueel. Volgens zijn schoonzus koningin Sophie blonk hij uit in wiskunde en logica, maar ontbrak het hem aan diepgang.

Alexander reisde veel. In de zomer en herfst van 1839 bracht hij een aantal maanden door aan het hof van zijn oom, de Russische tsaar Nicolaas I. Daar maakte hij vele ontvangsten, bals en parades mee, meestal in aanwezigheid van de tsaar zelf. Ook was Alexander op 7 september aanwezig bij de herdenking van de Slag bij Borodino, bij welke gelegenheid de tsaar hem de eretitel Chef van het Regiment Dragonders van Noworossisk verleende. Enkele dagen verscheen hij in zijn nieuwe dragonderuniform aan het hof en verleende de tsaar hem het grootkruis in de Orde van Sint-Andreas de Eerstgeroepene.https://web.archive.org/web/20120316025345/http://www.collectie.legermuseum.nl/sites/strategion/contents/i004547/arma13%20koninklijke%20ere-commandos.pdf Alexander heeft dit uniform en het Russische ordeteken ook in Nederland gedragen, zoals op 15 februari 1843 bij een bal ten huize van de Russische gezant. Hij maakte een positieve indruk op zijn oom, die Anna Paulowna schreef dat het hem een genoegen deed jouw Alexander te ontmoeten, die werkelijk een heel knappe jongen is, met zulk een uitnemend en fatsoenlijk voorkomen. Ik vind dat hij fortuinlijker is dan zijn broers, wat zijn uiterlijk betreft. In het najaar van 1843 reisde Alexander naar Engeland en Schotland om er te jagen en van het buitenleven te genieten op uitnodiging van de George Osborne, 8ste hertog van Leeds. Hij had veel goede vrienden onder de Engelse adel, die hij kende van de valkenjachten op Het Loo. Het ongedwongen leven ver van het hof in Den Haag vandaan beviel Alexander uitstekend. We zijn hier volledig vrij van gêne en ceremonieel, hetgeen het verblijf buitengewoon aangenaam maakt, schreef hij aan zijn moeder. Iedereen doet waar hij zin in heeft en daardoor is iedereen gelukkig. Tijdens deze reis woonde Alexander gekleed in kilt de Highland Games in Inverness bij. Hij won er de derde prijs bij de wedstrijd scherpschieten.

In 1846 had Alexander terug willen keren naar Schotland, maar hij kreeg er van zijn vader geen toestemming voor. In plaats daarvan werd hij gedwongen zijn moeder te vergezellen op een lange reis door Italië. Deze reis voerde hem door de Alpen naar Genua, waar hij en Anna Paulowna dineerden bij prins Hendrik aan boord. Ook woonden zij de eerstesteenlegging bij van een monument voor de ontdekkingsreiziger Columbus. In Rome had Alexander een ontmoeting met paus Pius IX. Alexander en Anna Paulowna hadden een moeizame verstandhouding. Tijdens de reis vonden meerdere heftige uitbarstingen plaats tussen moeder en zoon, waarvan Alexander in zijn dagboek verslag legde.

Na zijn reis naar Rusland werd Alexander door zijn grootvader Willem I benoemd tot commandant van de brigade zware cavalerie in Leiden. Tussen 1839 en 1840 woonde hij in deze stad. Daarna verhuisde hij naar een huis achter de Haagse Kloosterkerk, dat er volgens ordonnansofficier Matthes nogal klein uitziet voor een prins, maar een charmant interieur had. In 1845 verhuisde hij naar de Haagse villa Boschlust die zijn vader in 1844 voor hem had aangekocht.Geschiedenis van Den Haag: Van Villa Boschlust tot New Babylon. De villa verviel na zijn dood aan zijn ouders. Koningin-weduwe Anna Paulowna heeft er nog korte tijd gewoond, nadat zij in 1849 het koninklijk paleis aan de Kneuterdijk had verlaten.

Persoonlijkheid thumb|Alexander in jachttenue Alexander stond bekend als een spontane man met veel vrienden. Hij was werkelijk beminnelijk, goedhartig en vriendelijk, en was zeer geliefd bij iedereen die hem ontmoette schreef Emmeline Stuart Wortley, die hem bij de valkenjachten op Het Loo had leren kennen. Volgens schoonzuster Sophie interesseerde hij zich weinig voor vrouwen: Hij weet nog niet wat een vrouw is, schreef ze.Hella S. Haasse en S.W. Jackman, Een vreemdelinge in Den Haag. Uit de brieven van koningin Sophie aan Lady Malet (Amsterdam 1984), pagina 62. Sophie weet Alexanders vroegtijdige overlijden zelfs mede aan zijn celibataire levensstijl. Het reisdagboek dat Alexander in 1846 in Italië bijhield, maakt echter duidelijk dat hij gevoelens had voor een hofdame van zijn moeder, Otheline van Tuyll van Serooskerken.

De Engelse krant Planet noemde Alexander in 1843 een van de grootste sportmannen van zijn tijd. Zijn grootste passie was de jacht. Als jonge jongen leerde hij samen met zijn broer Willem jagen van hofarts Pierre Everard. In 1834 kreeg hij van zijn vader op Soestdijk zijn eigen jachthuisje. In 1839 werd op Het Loo The Royal Loo Hawking Club opgericht, waarvan Alexander en zijn broer Willem onmiddellijk lid werden. Het volgende jaar werd Alexander zelfs voorzitter. Zijn passie voor de valkenjacht blijkt uit een brief die hij vanaf Het Loo aan zijn vader schreef: Ik verlang er ontzettend naar om op Het Loo te blijven, waar het vluchtbedrijf dit jaar schitterend is. U zult misschien mijn gedrag en mijn beslissing kwalijk nemen, mijn beste vader, maar denk er ook aan, lieve vader, dat dit mijn enige ontspanning en enige genoegen is waar ik werkelijk van houd.In naam van Oranje, 30. Vijf eeuwen de Oranjes en hun sport en jacht. Nationaal Museum Paleis Het Loo. (Zwolle 1994), pagina 708. Na de dood van Alexander kwam er snel een eind aan de dure valkenjacht op Het Loo. The Royal Loo Hawking Club werd in 1855 opgeheven.

Naast de jacht had Alexander een grote liefde voor paarden. Hij fokte (voornamelijk Friese) paarden op Het Loo. Bij datzelfde paleis had hij zijn eigen stallen met kostbare renpaarden, die bij zijn overlijden in 1848 op een waarde van meer dan tienduizend gulden werden getaxeerd. Hij nam de organisatie van de paardenrennen erg serieus en hij nam ook vaak zelf als jockey deel aan de wedstrijden. Andere sporten die hij beoefende, waren zeilen, gymnastiek, schaatsen, scherpschieten, boogschieten, vissen en punten. Hij hield eveneens van dansen.

Alexander had gevoel voor humor en hij hield ervan nieuwe dingen uit te proberen. Hij verscheen meermaals in een kilt op een bal en er bestaat een gerucht dat hij ook eenmaal een harnas van gedreven zilver aantrok. Daarnaast was hij de eerste Oranje die zich liet fotograferenDeze daguerrotypie is gemaakt in 1846. In diezelfde tijd werd ook een portret gemaakt van de prinsen Willem en Maurits, zonen van de latere Willem III en de eerste die een fiets bezat.In naam van Oranje, 33. Vijf eeuwen de Oranjes en de onbekende Oranjeprinsen. Nationaal Museum Paleis Het Loo. (Zwolle 1995), pagina 788. Hij was geïnteresseerd in techniek en werktuigbouwkunde, flora en fauna. Als kind al verzamelde hij opgezette vlinders en daarna andere dieren die hij verspreid over verscheidene kasten in zijn huis tentoonstelde.

Carrière Alexander werd gezien als de lievelingszoon van zijn ouders. Vooral zijn moeder liet zich erg lovend over hem uit: Ik kan je verzekeren dat ik geen feilen in hem kan ontdekken, en dat ik vaak aangenaam verrast ben door zijn behoedzaamheid en tact, schreef ze in 1839 aan haar broer Tsaar Nicolaas. Er is wel gezegd dat zijn ouders hem een geschiktere koning vonden dan zijn oudste broer Willem. Als tweede zoon was hij echter voorbestemd voor het leger. Tijdens de strijd tegen de Belgen in de jaren 1833-1834 is Alexander, toen ongeveer zestien jaar oud, met zijn vader en zijn broer Willem bij tijd en wijle bij het leger in het veld geweest. Hij was een uitstekend ruiter en diende bij de cavalerie. Van 1839 tot november 1840 was hij commandant van de brigade zware cavalerie in Leiden met de rang van generaal-majoor. Bij de inhuldiging van zijn vader werd hij bevorderd tot luitenant-generaal en benoemd tot inspecteur-generaal van de cavalerie. Zelf was Alexander er helemaal niet blij mee dat hij van zijn bevel werd gehaald en een promotie kreeg die hij niet had verdiend. Hij probeerde zijn vader op andere gedachten te brengen, maar slaagde daar niet in. Dat het hem verplicht werd altijd een uniform te moeten dragen terwijl hij in het leger eigenlijk niets te doen had, zat hem erg dwars. Ordonnansofficier Eliza Pieter Matthes schreef in zijn dagboek dat hij de indruk had dat Alexander een behoorlijke kennis heeft over dat wapen. Matthes voegde eraan toe dat het jammer was dat de prins slechts in naam Inspecteur Generaal was, want wij zouden er niet bij verliezen als hij dat effectief zou worden. Het Regiment Huzaren Prins Alexander werd naar hem genoemd.

Er is sprake geweest van een politieke functie voor Alexander, hoewel hij die zelf niet lijkt te hebben geambieerd. In 1841 werd in de kranten gespeculeerd dat hij met het stadhouderschap van Luxemburg belast zou worden. In het najaar van 1844 opperde koning Willem II het plan Alexander te benoemen tot gouverneur-generaal van Nederlands-Indië. Het was slechts eene invallende gedachte van mij, zei de koning toen de Minister van Koloniën, Jean Chrétien Baud, bezwaar maakte. Alexander weet er niets van. Hij is een regtschapen en kundig jong mensch. Het zou voor mij eene opoffering zijn hem naar Indië te laten vertrekken, maar ik zou denken dat de natie die opoffering zou aanmerken als een bewijs mijner hooge belangstelling in Indië, en uit dit oogpunt den maatregel zou goedkeuren. Uiteindelijk kreeg Alexander de positie niet.

Huwelijksplannen