Tadeusz Paciorkiewicz (Sierpc, 17 oktober 1916 – Warschau, 21 november 1998) was een Pools componist, muziekpedagoog en organist. Hij was het achtste en jongste kind van het echtpaar Teofil Paciorkiewicz en Józefa Frejlich.

Levensloop Paciorkiewicz studeerde aanvankelijk aan de Bisschoppelijke orgelschool te Płock. Al tijdens zijn studiejaren werkte hij als organist in de kapel van het Bejaardenhuis Sint Joseph en de kapel van het ziekenhuis van de heilige Drievuldigheid om een bijdrage voor de kosten van zijn studie te verdienen. Hij studeerde van 1936 tot 1939 aan de Frédéric Chopin Muziekacademie (Pools: Akademia Muzyczna im. Fryderyka Chopina) te Warschau bij Bronisław Rutkowski orgel. Ook in Warschau moest hij een groot deel van zijn studiekosten door de verdiensten als organist in kerken opbrengen. Zo was hij bijvoorbeeld organist aan de Kerk van de Jezuïeten in de Świętojańska Straat in Warschau.

Vanaf 1943 en na de oorlog werkte hij als orgelvirtuoos en koorleider en studeerde tegelijkertijd compositie bij Kazimierz Sikorski aan de Grażyna en Kiejstut Bacewicz Muziekacademie Łódź (Pools: Akademia Muzyczna im. Grażyny i Kiejstuta Bacewiczów w Łodzi). In februari 1945 vertrok hij naar Płock en richtte aldaar de muziekschool "Karol Szymanowski" op, die hij tot 1949 ook leidde. Aanvankelijk een school voor beroeps- en basisonderwijs werd zij in 1949 uitgebreid end bereikte het karakter van een middelbare school voor muziek. De school werd al snel een basis van het muzikale leven in Płock en het omliggende gebied. Een focus was gelegd op de opleiding van koren en dirigenten van amateurkoren en er was ook een sectie voor theater.

In 1947 debuteerde Paciorkiewicz als concertorganist in een opname voor de Poolse radio.

In 1949 verhuisde Paciorkiewicz met zijn hele familie naar Łódź, waar hij zich volledig op het componeren en lesgeven concentreerde. Hij was docent voor harmonie, contrapunt en andere muziektheoretische vakken aan de Grażyna en Kiejstut Bacewicz Muziekacademie Łódź en bleef in deze functie tot 1959. Vanaf 1954 begon hij parallel als docent te werken aan de "Państwowa Wyższa Szkoła Muzyczna (Staatshogeschool voor Muziek)", de voorloper van de Frédéric Chopin Muziekacademie in Warschau. In 1959 vertrok hij met zijn familie helemaal naar Warschau en was werkzaam als componist en professor aan de "Państwowa Wyższa Szkoła Muzyczna (Staatshogeschool voor Muziek)". Hier werd hij later ook hoofd van de afdeling muziektheorie en van 1963 tot 1969 Decaan van de faculteit voor compositie, muziektheorie en dirigeren. Tussen 1969 en 1971 was hij rector van de universiteit. Voor zijn onderwijs en creatief werk ontving hij vele onderscheidingen en prijzen. Tot zijn leerlingen behoorden Marta Ptaszyńska, Zbigniew Bagiński, Stanisław Moryto en de jongste Andrzej Matuszewski.

Zijn muzikaal oeuvre omvat alle genres van de instrumentale muziek, vocale en vocaal-instrumentale werken, in het totaal meer dan 370. Hij schreef werken voor muziektheater (opera's, balleten), werken voor orkest (symfonieën, concerten etc.), werken voor harmonieorkest, kerkmuziek (missen, cantates, oratoria, motetten, koralen etc.), vocale en kamermuziek, maar ook filmmuziek.

Composities Werken voor orkest Symfonieën 1953: Symfonie nr. 1 1956: Symfonie nr. 2 1988-1989: Symfonie nr. 3 1992: Symfonie nr. 4

Ouverturen 1946: Ouverture, voor groot orkest 1963: Uwertura radosna (Plechtige ouverture), voor klein orkest

Concerten voor instrumenten en orkest 1951: Concert nr. 1, voor piano en orkest 1954: Concert nr. 2, voor piano en orkest 1955: Concert, voor viool en orkest 1967: Concert nr. 1, voor orgel en orkest 1968: Divertimento, voor klarinet en strijkorkest 1971: Concert, voor trombone en orkest 1974: Concertino, voor fagot en orkest 1976: Concert, voor altviool en orkest 1978: Koncert barokowy (Concerto alla barocco), voor klavecimbel en klein orkest 1979: Concert, voor harp, dwarsfluit en strijkers 1982: Concert, voor hobo en orkest 1983: Concert, voor twee violen en orkest 1986: Concert, voor trompet en orkest 1988: Concert nr. 2, voor orgel en strijkorkest 1990: Concert, voor altviool, orgel en orkest 1991: Concert, voor cello en kamerorkest

Andere werken voor orkest 1948: Suita kurpiowska (Huwelijkssuite), voor klein orkest 1951: Kleine Poolse triptiek, voor orkest 1960: Suita z baletu "Legenda Warszawy" (Suite uit het ballet "De legende van Warschau), voor orkest 1966: Adagio i Allegro, voor strijkorkest 1969: Elegia, voor hobo en strijkorkest 1980: Tajlandzki hymn narodowy (Volkslied van Thailand), voor orkest 1984: Moderato grazioso (Allegretto grazioso), voor piano en orkest Elegia, voor trompet en strijkers Impresje taneczne (Dansimpressies), suite voor strijkorkest

Werken voor harmonieorkest 1963: Uwertura radosna (Plechtige ouverture), voor groot harmonieorkest 1968: Fantazja żołnierska (Soldaten fantasie), voor groot harmonieorkest 1974: Concert, voor trombone en harmonieorkest 1974: Uwertura jubileuszowa (Jubileumouverture), voor groot harmonieorkest 1977: Uwertura uroczysta - (Feestelijke ouverture), voor groot harmonieorkest 1978: Mars nr. 1, voor groot harmonieorkest 1978: Marsz paradny (Mars nr. 2), voor groot harmonieorkest 1979: Polski hymn narodowy "Jeszcze Polska nie zginęła" (Pools volkslied "Nog is Polen niet verloren"), voor harmonieorkest 1982: Marsz żałobny nr 1 (Treurmars nr. 1), voor harmonieorkest 1982: Marsz żałobny nr 2 (Treurmars nr. 2), voor harmonieorkest 1984: Muzyka koncertująca (Concertante muziek), voor groot harmonieorkest

Missen, oratoria, motetten en andere kerkmuziek 1943: Msza ku czci św. Antoniego Padewskiego (Mis ter ere van St. Antonius van Padua), voor 3 gelijke stemmen 1943: Ostatnia wieczerza (Het laatste avondmaal), lied voor mannenstem en piano 1943: Responsoria na Boże Ciało (Responsorium "Corpus Christi"), 6 liederen voor gemengd koor a capella 1943: Rozmyślajmy dziś (Mediteer vandaag), lied voor gemengd koor en orgel 1943: Wisi na krzyżu (I), koraal voor gemengd koor en orgel 1943: Wisi na krzyżu (II), koraal voor gemengd koor en orgel 1946: Pieśni maryjne (Lied van de Maagd Maria), voor driestemmig gemengd koor a capella 1951: Ja wiem, w kogo ja wierzę (Ik weet in wie ik geloof), eucharistische hymne voor zangstem en orgel 1951: Pan Jezus już się zbliża (Jesus komt nu), eucharistische hymne voor zangstem en orgel 1951: Już gościsz, Jezu, eucharistische hymne voor zangstem en orgel 1954: Witaj nam Jezu, kerstlied voor gemengd koor 1956: Pani Aniołów (Panis Angelicus), lied voor gemengd koor a capella 1957: Urząd Zbawienia Ludzkiego, lied voor de advent voor twee-, drie- of vierstemmig gemengd koor a capella 1958: Alleluja, Jezus żyje ... (Hallelujah, Jezus leeft ...), voor gemengd koor a capella 1967: Symphonia de Nativitate - (Kerstsymfonie), van een anonieme Poolse componist uit 1759 reconstructie voor strijkorkest 1972: De Revolutionibus, oratorium voor sopraan, alt, tenor, bas, spreker, gemengd koor, knapenkoor, orgel en orkest (Gecomponeerd ter gelegenheid van de 500e verjaardag van Nicolaas Copernicus) 1973: Missa brevis, voor gemengd koor en orgel 1973: Introit "Protector noster", motet voor gemengd koor a capella 1974: 2 psalmy (2 psalmen), voor hoge stem en orgel 1977: Chorał, voor vier trombones 1978: Ave Regina caellorum, voor gemengd koor a capellaAve Regina caellorum Inowrocławski chór Inovroclaviensis o.l.v. Danuta Szyma 1982: Myśląc Ojczyzna, 2 liederen voor zesstemmig gemengd koor a capella 1984: Alleluja, voor gemengd koor a capella 1984: Alleluja, przyjdź Duchu Św. (Hallelujah, Kom, Heilige Geest), voor gemengd koor a capella 1984: Litania Polska, voor gemengd koor a capella 1985: 2 chorały na organy (2 Fantazje chorałowe), voor orgel 1986: Adoro te devote, lied voor zangstem en orgel 1986: Jesu dulcis memoria, eucharistische hymne voor hoge stem en orgel 1990: Lauda Sion, dialoog voor orgel en harp 1991: Ave Maria, voor gemengd koor en orgel 1991: Gdy się Chrystus rodzi (Christus is geboren), kerstlied voor viool en twee altviolen 1991: Przybieżeli do Betlejem, kerstlied voor viool en twee altviolen 1991: Veni Creator, lied voor Pinksteren voor gemengd koor en orgel 1993: Psalm 150 "Laudate Dominum", voor vijfstemmig gemengd koor en orgel 1996: Ave Maria, voor gemengd koor, twee violen, cello en orgel Pieśni do mszy świętej, voor gemengd koor a capella A wczora z wieczora (En gisteren in de avond), lied voor de kerstnacht voor gemengd koor a capella Bóg się rodzi (God is geboren), kerstlied voor orgel Chwała i dziękczynienie (I) (Lof en dank), orgelbegeleiding voor het lied Chwała i dziękczynienie (II) (Lof en dank), orgelbegeleiding voor het lied Niechaj będzie pochwalony, orgelbegeleiding voor het lied Pieśni do mszy świętej, voor gemengd koor a capella Po upadku, orgelbegeleiding voor het lied Przed tak wielkim..., orgelbegeleiding voor het lied Prześliczna Panno (Mooie mis), voor twee-, of drie- of vierstemmig gemengd koor a capella Witaj mój Jezu (I), kerstlied voor gemengd koor Witaj mój Jezu (II), kerstlied voor gemengd koor

Muziektheater Opera's Voltooid in titel aktes première libretto 1962 Usziko (Kochankowie) - radioopera 1 akte Zbigniew Kopalko 1964 Romans gdański (Romance uit Gdańsk) 4 bedrijven 1968, Łódź, Groot theater Deotyma pseudoniem van Jadwiga Łuszczewska 1967 Ligeja - radioopera Zbigniew Kopalki naar Herodotus en Archilochus

Balletten Voltooid in titel aktes première libretto choreografie 1959 Legenda Warszawy 2 bedrijven en 3 scènes Irena Turska

Werken voor koor 1946: 10 pieśni kurpiowskich (10 liederen uit Kurpie (Podlachië)), voor gemengd koor a capella 1946: Po cóżeście przyjechali, lied voor mannenkoor 1947: Hej tam w polu (Hey daar in het veld), volkslied voor gemengd koor a capella 1948: Z chopinowskich pieśni (Met zang in de stijl van Chopin), cantate voor gemengd koor a capella 1949: Kołysanka robotnicza, voor twee-, drie- of vierstemmig koor 1949: Łodzianka, lied voor twee-, drie- of vierstemmig gemengd koor 1949: Mazur kajdaniarski, voor twee-, drie- of vierstemmig gemengd koor 1950: Cyraneczka, lied voor gemengd koor a capella 1952: Pieśni o Mazowszu, Wiśle i Warszawie, cantate voor gemengd koor a capella 1954: 10 pieśni śląskich (10 liederen uit Silezië), voor gemengd koor 1956: Wycinanki z morskiej pianki, kleine cantate voor driestemmig kinderkoor en blaaskwintet 1961: Ojczyzna (Vaderland), lied voor vrouwenkoor of mannenkoor of gemengd koor a capella 1964: Warszawa (Warschau), lied voor driestemmig kinderkoor a capella 1969: Ballada o dwóch kosach (Ballade van de twee kosaken), voor unisono koor 1969: Zieleń (Groen), een lied voor drie gelijke stemmen a capella 1977: Orfeusz w lesie - (Orpheus in het woud), cantate voor zesstemmig gemengd koor a capella 1978: Mowo polska, lied voor 3 gelijke stemmen (vrouwen- of kinderkoor) a capella 1978: Na most warszawski, motet voor gemengd koor a capella 1982: Myśląc Ojczyzna (Denken aan het vaderland), 2 liederen voor zesstemmig gemengd koor a capella 1983: Tryptyk warszawski, 3 liederen voor gemengd koor a capella 1985: Kiedy zbawcę narodu, lied voor gemengd koor a capella 1987: Hymn Towarzystwa Naukowego Płockiego, voor gemengd koor en orkest 1987: Hymn Towarzystwa Naukowego Płockiego, voor mannenkoor en piano 1988: Sen żołnierza (Soldatendroom), lied voor gemengd koor a capella 1990: 4 weselne pieśni kurpiowskie (Vier bruiloft liedjes uit Kurpie (Podlachië)), voor vierstemmig mannenkoor a capella 1993: Pieśń o żołnierzach z Westerplatte (Lied van de soldaten op de Westerplatte), voor mannenkoor of gemengd koor A jak śpiewać, to już śpiewać, koraal voor drie gelijke stemmen Nim przyjdzie wiosna, nim przyjdą mrozy - (Voordat de lente komt, zal het vorst geven), lied voor gemengd koor

Vocale muziek 1937: Gdzieżeś mi się podziała (Waar ben ik gebleven), lied voor zangstem en piano