Siergiej Bortkiewicz (Russisch: Серге́й Эдуа́рдович Бортке́вич, Sergéj Eduárdovitsj Bortkévitsj; Pools: Siergiej Edwardowicz Bortkiewicz, Oekraïens: Сергі́й Едуа́рдович Бортке́вич, Serhíj Eduárdovyč Bortkévyč) (Charkov, 28 februari 1877 – Wenen, 25 oktober 1952) was een Russisch componist en pianist van Poolse afkomst.

Leven Bortkiewicz is geboren in Charkov (Russische Rijk) als zoon van Edward en Zofia-Uszynska Bortkiewicz. De familie was van Poolse adellijke afkomst en bezat het landgoed Artemovka niet ver van Charkov.

Bortkiewicz studeerde muziektheorie bij Karl von Arek en Anatoli Ljadov aan het conservatorium van Sint-Petersburg en vanaf 1900 aan het conservatorium van Leipzig bij Alfred Reisenauer (piano) en Salomon Jadassohn (compositie).

In 1904 trouwde hij met Elisabeth Geraklitova. Uit het huwelijk werden geen kinderen geboren. Zij vestigden zich in Berlijn. Als pianist gaf hij concerten in heel Europa. Hij gaf ook privéles en was een jaar als leraar verbonden aan het Klindworth-Scharwenka-Konservatorium. Hij maakte daar kennis met de Dordtse pianist en componist Hugo van Dalen (1888-1967), met wie hij tot zijn dood bevriend zou blijven.

Met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 brak een ellendige periode aan, die werd gekenmerkt door armoede en het herhaaldelijk moeten vluchten voor oorlogsgeweld. Hij vluchtte terug naar Rusland. Na de revolutie verliet hij in 1918, net als zovelen, zijn vaderland en vestigde zich na enkele jaren samen met zijn vrouw in Wenen in 1922. In 1925 werd hun het Oostenrijkse staatsburgerschap verleend.

Bortkiewicz overleed op 25 oktober 1952 en Elisabeth Geraklitova-Bortkiewicz op 9 maart 1960. Beiden liggen begraven op het Zentralfriedhof in Wenen.

Stijl Bortkiewicz was niet zo’n getalenteerd pianist als Medtner of Rachmaninoff, maar maakte toch wel een paar Europese tournees. Volgens critici kon hij alleen maar zijn eigen werk redelijk spelen en was zijn pianospel hard en schokkerig.

Bortkiewicz schreef op het eind van zijn leven: "Ik ben een romanticus en een melodie-man en ik hoop dat ondanks het feit dat ik de zogenaamde ‘moderne’, atonale en kakofonische muziek verafschuw, ik toch een paar opmerkelijke werken heb geschreven zonder de reputatie te krijgen van een epigoon te zijn of iemand die andere componisten die voor hem hebben geleefd geïmiteerd heeft."

Bortkiewicz leefde tot ver in de tweede helft van de 20e eeuw, maar componeerde uitsluitend in de laatromantische stijl van de 19e eeuw.

Lijst van composities

op. 1 Pianoconcert (vernietigd door de componist) op. 2 Liederen op. 3 Vier Klavierstücke (Capriccio, Étude, Gavotte-Caprice, Primula Veris) op. 4 Impressionen (7 Klavierstücke) op. 5 Minuit voor piano (Andante con moto, Allegro quasi presto) op. 6 Trois Morceaux voor piano (Prélude, Valse triste, Étude) op. 7 Mélodie en Menuet-fantasie voor piano op. 8 Esquisses de Crimée op. 9 Pianosonate in B op. 10 Vier Klavierstücke op. 11 Six pensées lyriques (piano) op. 12 Trois morceaux op. 13 Zes Preludes (piano) op. 14 Aus meiner Kindheit (6 leichte Klavierstücke für die Jugend) op. 15 Tien etudes voor piano op. 16 Pianoconcert Nr. 1 op. 17 Lamentationen und Consolationen (piano) op. 18 Klavierstücke op. 19 Othello. Symphonische Dichtung. 1914 op. 20 Concert voor cello en orkest in één deel op. 21 Der kleine Wanderer. 18 Miniaturen voor piano op. 22 Concert voor viool en orkest in D op. 23 Zeven Gedichten van Paul Verlaine (liederencyclus) op. 24 Trois morceaux (piano) op. 25 Drei Stücke für Cello und Klavier op. 26 Sonate voor viool en piano in g op. 27 Drie walsen (piano) op. 28 Pianoconcert Nr. 2 (voor de linkerhand alleen, geschreven voor Paul Wittgenstein) op. 29 Douze nouvelles Etudes „illustrées“ (piano) op. 30 Musikalisches Bilderbuch. Aus Andersens Märchen (piano) op. 31 Russische Weisen und Tänze (quatre mains) op. 32 Per aspera ad astra. Pianoconcert Nr. 3 in een deel, met orkest op. 33 Tien preludes op. 35 Een Roman (piano) op. 37 Arabische Nachten (Ballett, 1916) op. 39 Kindheit (piano) op. 40 Zeven preludes op. 42 Ballade (piano) op. 43 Liederen op. 46 Elegie (piano) op. 48 Klavierstücke op. 50 Akrobaten (Opera, 1938) op. 51 Österreichische Suite für Streichorchester. 1939 op. 52 Symfonie Nr. 1 op. 53 Ouvertüre op. 54 Klavierstücke op. 55 Symfonie Nr. 2 op. 56 Liederen op. 58 Joegoslavische Suite op. 59 Lyrica Nova (piano) op. 60 Pianosonate Cis op. 62 Liederen op. 63 Klavierstücke op. 65 Vier Klavierstücke op. 66 Preludes op. 71 Drei Melodramen op. 72 Liederen op. 73 Liederen op. 74 Liederen

Literatuur Elke Paul: Sergei Bortkiewicz 1877-1952: Leben und Werk. Diplomarbeit, Universität Mozarteum Salzburg, 2002 Ria Feldman: Musikwissenschaftliche Anmerkungen zu Sergei Bortkiewicz. Musik des Ostens, Sammelbände für historische und vergleichende Forschung. Bd. 6, 1972, p. 170–188. ISSN 0580-3225 Sergei Bortkiewicz: Erinnerungen. Musik des Ostens. Sammelbände für historische und vergleichende Forschung. Bd. 6, 1972, p. 136–169. ISSN 0580-3225 Wouter Kalkman en Klaas Trapman: Sergei Bortkiewicz (1877-1952). Beschouwingen over zijn vriendschap met de Nederlandse pianisten Hugo van Dalen en Hélène B. Mulholland en zijn betekenis voor de pianomuziek. Pianobulletin (European Piano Teachers Association EPTE), 2002-2, p. 3–39 A translation of Erinnerungen and a selection of letters Bortkiewicz wrote to Hugo van Dalen, Hélène Mulholland and Hans Ankwicz-Kleehoven, in: B. Thadani: Sergei Bortkiewicz, Recollections, letters and document, translated from the German and annotated, Cantext publications, 2001,

Bronnen Jeremy Nicholas, Tekstboek Bortkiewicz and Medtner, Hyperion 1994 Theo Willemze, Componistenlexicon, Spectrum 1981,

Externe links Website over Siergiej Bortkiewicz van Wouter Kalkman

Categorie:19e-eeuws componist Categorie:20e-eeuws componist Categorie:Russisch componist Categorie:Oekraïens componist Categorie:Oostenrijks componist Categorie:Russisch pianist Categorie:Oekraïens pianist Categorie:Oostenrijks pianist Categorie:Poolse adel in de 19e eeuw Categorie:Kunstenaar in het keizerrijk Rusland