thumb|14 juli 1980: Ajax-trainer Leo Beenhakker (midden), geflankeerd door zijn aankopen Edo Ophof, Sten Ziegler (beiden links), Hans Galjé en Keje Molenaar (beiden rechts). thumb|30 november 1980: 'Technisch adviseur' Johan Cruijff daalt af van de tribune en neemt de coaching over van de verbouwereerde Beenhakker. Ajax boog een 1–3 achterstand tegen FC Twente om in een 5–3 overwinning. thumb|Leo Beenhakker en Johan Cruijff tijdens een training voor Ajax in 1981. Leo Beenhakker (Rotterdam, 2 augustus 1942 – aldaar, 10 april 2025), bijgenaamd Don Leo, was een Nederlands voetbaltrainer. Hij was in zijn loopbaan werkzaam bij een groot aantal clubteams en een viertal landenteams, waaronder in twee periodes bij het Nederlands elftal. Hij werd met Real Madrid driemaal landskampioen, met Ajax tweemaal en met Feyenoord eenmaal.
Clubloopbaan Vroege loopbaan Tot zijn achttiende voetbalde Beenhakker bij RVV Tediro, RFC Xerxes en Zwart-Wit '28. Daarnaast deed hij op hoog niveau aan handbal. Na zijn militaire dienst bij de luchtmacht volgde hij het CIOS in Overveen en begon daarna als hoofdtrainer bij amateurclub SV Epe (tweede klasse) en werkte tegelijkertijd in een sportzaak. Nadat hij een jaar assistent van František Fadrhonc geweest was bij Go Ahead, werd Beenhakker in 1968 hoofdtrainer bij Veendam en ging hij ook de zaterdagafdeling van het Noordelijk elftal trainen.
In 1972 werd hij trainer van SC Cambuur en in 1975 keerde hij terug bij Go Ahead Eagles, waar hij een tweejarig contract tekende. Wegens slechte resultaten werd hij echter in maart 1976 ontslagen en opgevolgd door assistent-trainer Henk van Brussel. In juni 1976 werd hij door Feyenoord-manager Guus Brox teruggehaald naar zijn geboorteplaats Rotterdam, om jeugdtrainer van Feyenoord te worden. Nadat Brox in 1977 vertrok bij Feyenoord en opgevolgd werd door Peter Stephan van Go Ahead Eagles, wilde Beenhakker, die een jaar eerder door Stephan was ontslagen bij Go Ahead Eagles, weg. Hij was akkoord met FC Volendam waar hij een eenjarig contract als hoofdtrainer zou tekenen, maar Feyenoord blokkeerde zijn vertrek en hield hem aan zijn contract dat nog een jaar doorliep. In maart 1978 tekende hij een driejarig contract dat hem vanaf seizoen 1978/79 als hoofd opleidingen verbond aan AFC Ajax. Nadat in september 1979 hoofdtrainer Cor Brom bij Ajax werd ontslagen, werd Beenhakker als zijn opvolger naar voren geschoven.
Hoogtepunten Met Ajax bereikte Beenhakker in zijn eerste seizoen in het Europa Cup I-toernooi voor landskampioenen 1979/80 de halve finales, waarin het werd uitgeschakeld door de uiteindelijke winnaar Nottingham Forest FC. Het team werd echter wel landskampioen en eindigde in de KNVB Beker van dat jaar als verliezend finalist. In zijn team zaten onder meer Ruud Krol, Frank Arnesen, Søren Lerby en Tscheu La Ling. In 1980 debuteerden Wim Kieft en Frank Rijkaard als 17-jarigen onder Beenhakker. Op 30 november vond in een thuiswedstrijd tegen FC Twente een opmerkelijk incident plaats. Ajax, dat in de competitie slecht draaide, stond achter met 1–3 toen de pas benoemde 'technisch adviseur' Johan Cruijff afdaalde van de tribune, naast Beenhakker op de bank plaatsnam en de coaching overnam. "Achteraf had ik hem misschien zijn hersens moeten inslaan", zei Beenhakker hier later over. In de biografie Don Leo – Het werd stil aan de overkant van Bert Nederlof bagatelliseerde hij de invloed van Cruijff tijdens deze wedstrijd. De opdracht om de grillige Tscheu La Ling te wisselen, had Beenhakker naast zich neergelegd. La Ling maakte in het restant van de wedstrijd twee doelpunten.
Op 10 maart 1981 werd Beenhakker na een conflict met voorzitter Ton Harmsen ontslagen. Beenhakker trad vrijwel direct daarop in dienst bij het Spaanse Real Zaragoza. Hij wist de ploeg voor degradatie te behoeden, en bracht Zaragoza in de daaropvolgende seizoenen naar de Spaanse subtop.
In 1984 werd Beenhakker gelinkt aan de Spaanse topclubs Real Madrid, FC Barcelona en Valencia CF. Desondanks tekende hij per 1 juli 1984 een tweejarig contract bij FC Volendam, waar hij werd herenigd met assistent-trainer Bobby Haarms. Privéredenen – zijn gezin woonde na een korte Spaanse periode al enige tijd in Nederland – zouden bij de overgang een rol hebben gespeeld. Het salaris van Beenhakker werd betaald door een sponsor, waarvoor hij ook pr-activiteiten ging ondernemen. In februari 1985 werd hij voor vier maanden aangesteld als interim-coach van het Nederlands elftal, omdat bondscoach Rinus Michels moest revalideren van een hartaanval. Hij bleef tevens trainer van Volendam. Aan het einde van het seizoen 1984/85 verliet hij Volendam en tekende hij een eenjarig contract bij de KNVB als bondscoach van Oranje. Nadat Oranje in beslissingswedstrijden tegen België kwalificatie voor het wereldkampioenschap voetbal 1986 miste, besloot Beenhakker in 1986 te vertrekken.
Hij werd vervolgens trainer bij Real Madrid. Daar werkte Beenhakker met spelers als Hugo Sánchez, Emilio Butragueño en Jorge Valdano en werd hij drie jaar op rij landskampioen. Europees lukte het hem niet om prijzen binnen te halen. Zo werd Real in 1988 in de halve finale van de Europacup I uitgeschakeld door de latere winnaar PSV. Omdat het hem niet lukte om Europees ook succes te boeken, moest hij in 1989 vertrekken.Don Leo, Rotterdamse blufgozer die een heel grote meneer werd, NOS, 10 april 2025. In zijn periode bij Real kreeg Beenhakker de bijnaam Don Leo.
Vervolgens werd Beenhakker opnieuw coach bij Ajax. Meteen in zijn eerste seizoen vond een incident plaats, waarbij een zeventienjarige supporter tijdens een UEFA Cup-duel in 1989 een ijzeren staaf tegen de rug van doelman Franz Wohlfahrt van Austria Wien gooide. Ajax werd daarop een jaar uitgesloten van Europees voetbal. Wel werd Ajax dat seizoen kampioen onder Beenhakker. In maart 1991 werd hij de eerste voorzitter van het voorlopig bestuur van de Coaches Betaald Voetbal, toen nog binnen de VVON.
Beenhakker keerde in 1991 terug bij Real Madrid, verkaste het jaar daarop naar Grasshoppers Zürich en was vervolgens trainer van het Saoedi-Arabisch elftal, Club América in Mexico, Istanbulspor en Chivas de Guadalajara. Na het seizoen 1996/97 in dienst van Vitesse te zijn geweest, werd Beenhakker in 1997 hoofdtrainer van Feyenoord. Hij erfde een ervaren en ingespeeld elftal met mannen als Jean-Paul van Gastel, Paul Bosvelt en Kees van Wonderen en goalgetters Jon Dahl Tomasson en Julio Cruz. Na een matig eerste seizoen (vierde plaats) werd Feyenoord in Beenhakkers tweede seizoen reeds vijf wedstrijden voor het einde kampioen van Nederland. Het seizoen daarna viel weer tegen. Beenhakker besloot op te stappen.
Latere loopbaan Medio 2000 werd Beenhakker technisch directeur van Ajax, dat in de vier seizoenen ervoor een slechte periode achter de rug had, met drie keer een eindklassering buiten de top 3. Beenhakker ontsloeg eind 2001 trainer Co Adriaanse en stelde Ronald Koeman en Ruud Krol aan als zijn opvolgers. Spelers als Zlatan Ibrahimović en Maxwell werden gecontracteerd en jeugdspelers als Rafael van der Vaart en Wesley Sneijder braken door. In seizoen 2001/02 won Ajax het landskampioenschap en de KNVB Beker en in 2002/03 werd Ajax tweede in de Eredivisie tevens werd de kwartfinale in het Champions League-toernooi bereikt. Beenhakker vertrok half 2003 na privéproblemen; hij had "het gehad met Nederland". Hij vertrok opnieuw naar Mexico en werd trainer van Club América. In 2004 keerde hij terug in Nederland. Na een korte periode als technisch adviseur van De Graafschap, werd hij in april 2005 bondscoach van Trinidad en Tobago. Met dat land kwalificeerde hij zich voor de eindronde van het wereldkampioenschap voetbal 2006. Daarna was hij van 2006 tot 2009 bondscoach van Polen.
Beenhakker was vanaf mei 2007 naast het bondscoachschap van Polen interim-trainer bij Feyenoord bij de play-off wedstrijden; hij had als doel Europees voetbal te halen. Feyenoord werd echter in de eerste ronde uitgeschakeld door FC Groningen. Terwijl hij nog steeds bondscoach van het Pools elftal was, ging hij in februari 2009 weer voor Feyenoord werken. Eerst als technisch adviseur (volgens eigen zeggen: In de schaduw. Zonder contract, zonder geld en zonder officiële functie) en na zijn ontslag bij de Poolse voetbalbond als technisch directeur. In maart 2010 werd Beenhakker benoemd tot voorzitter van het bestuur Coaches Betaald Voetbal. Op 17 januari 2011 maakte Beenhakker bekend om zijn contract bij Feyenoord niet te verlengen omdat hij er geen heil meer in zag. Hij zou aan het eind van het seizoen de club verlaten. Precies een week later zette de directie van Feyenoord hem per direct op non-actief vanwege een vertrouwensbreuk.
Op 19 december 2013 werd bekend dat Beenhakker toetrad tot de raad van commissarissen van Sparta Rotterdam. Hier kreeg hij de portefeuille technische zaken. Na afloop van het seizoen 2014/15 maakte Beenhakker op 2 juni 2015 op de website van Sparta bekend dat hij de club verliet en een punt zette achter zijn carrière in het betaald voetbal. Vanaf half november 2017 tot aan de winterstop enkele maanden later was Beenhakker technisch adviseur bij Sparta.
Loopbaan als bondscoach thumb|V.l.n.r. Rinus Michels, Leo Beenhakker en André van der Louw. Beenhakker tekent een eenjarig contract als bondscoach (juni 1985).
Nederland (1985–1986) Halverwege de kwalificatiereeks voor het wereldkampioenschap voetbal 1986, nam Beenhakker het bondscoachschap van Oranje over van Rinus Michels, die met gezondheidsproblemen kampte. Beenhakker werd aanvankelijk voor vier maanden als interim-coach aangesteld en tekende in juni 1985 een eenjarig contract als hoofdcoach bij de KNVB. Het Nederlands Elftal was de kwalificatiereeks zwak gestart onder Kees Rijvers en diens opvolger Rinus Michels, met twee kleine nederlagen (Nederland-Hongarije 1-2, Oostenrijk-Nederland 1-0) en een moeizame overwinning uit tegen Cyprus (0-1). Onder leiding van Beenhakker werd een beslissingswedstrijd tegen België afgedwongen, na zeges op Cyprus en Hongarije en een gelijkspel tegen Oostenrijk. In de beslissingswedstrijden werd Nederland echter uitgeschakeld (1-0 nederlaag uit, 2-1 zege thuis). Nederland plaatste zich voor de derde achtereenvolgende maal niet voor een eindtoernooi en Beenhakker nam afscheid. Hij was op dat moment al bezig met Real Madrid, waar hij kort na zijn vertrek bij de KNVB een contract tekende.
Interlands onder leiding van Leo Beenhakker № Datum Competitie Thuisploeg Uitslag Uitploeg 1 27 februari 1985 WK-kwalificatie 7 – 1 2 1 mei 1985 WK-kwalificatie 1 – 1 3 14 mei 1985 WK-kwalificatie 0 – 1 4 4 september 1985 Vriendschappelijk 1 – 0 5 16 oktober 1985 WK-kwalificatie 1 – 0 6 20 november 1985 WK-kwalificatie 2 – 1
Nederland (1990) Ruim twee weken voor het wereldkampioenschap voetbal 1990 werd Beenhakker opnieuw aangesteld als bondscoach van het Nederlands Elftal. Oranje, destijds regerend Europees kampioen, kende onder bondscoach Thijs Libregts een moeilijke kwalificatie. Nadat Libregts na een stemming onder de spelers werd weggestuurd, besloot de KNVB aan de spelers te vragen wie het elftal op het WK moest leiden. De spelers vroegen en masse om Johan Cruijff, Beenhakker werd als tweede genoemd, gevolgd door Aad de Mos. Ondanks de wens van de spelers, besloot Rinus Michels niet Cruijff te benaderen, maar Beenhakker.
Het elftal kende een rommelige voorbereiding, mede doordat Marco van Basten, Frank Rijkaard en Ruud Gullit later mochten aansluiten bij de selectie vanwege verplichtingen bij AC Milan. Dit leidde tot spanningen in de groep. Oranje stelde op het WK teleur. Het speelde in de groepsfase drie keer gelijk (tegen Engeland, Ierland en Egypte) en verloor in de achtste finale nipt van de latere wereldkampioen West-Duitsland (2-1).