De kleine hoefijzerwormLeewis, Rob (2002). Flora en fauna van de zee, Veldgids. Utrecht: KNNV Uitgeverij. . 320 pp. (Phoronis hippocrepia) is een soort hoefijzerworm (Phoronida). De wetenschappelijke naam van de soort werd in 1856 voor het eerst geldig gepubliceerd door T.S. Wright.

Beschrijving De kleine hoefijzerworm leeft in een uitgescheiden vliezige, cilindrische buis. Individuen hebben een diameter van 0,3-1,5 mm en kunnen tot 10 cm hoog worden, hoewel ze in het algemeen slechts 4 cm bereiken. Het lichaam is cilindrisch en langwerpig met een slanke stam (metasoom) en een bolvormig achterste (ampulla). Tentakels (terminale lofoforen) komen volledig voor op het 'kop'-gebied, 50-150 stuks. De tentakels zijn 2-3 mm lang en zijn gerangschikt in de vorm van een hoefijzer. Individuele wormen zijn doorschijnend wit groenachtig grijs, geelachtig of vlezig van kleur.

Verspreidingsgebied De kleine hoefijzerworm komt wijdverspreid voorHayward, P.J.; Ryland, J.S. (Ed.) (1990). The marine fauna of the British Isles and North-West Europe: 1. Introduction and protozoans to arthropods. Oxford (UK): Clarendon Press. . 627 pp., waaronder Hawaï, de westkust van Panama, Mexico, Brazilië, Frankrijk, België, Duitsland, Zweden, Italië en Zuid-Afrika. In Nederland komt hij o.a. voor in de Grevelingen en Oosterschelde.

Larve De larve van de kleine hoefijzerworm wordt in de wetenschappelijke literatuur ook wel als aparte soort beschreven onder de naam Actinotrocha hippocrepia.Emig, C.C.; Roldán, C.; Viéitez, J.M. (2001). Phoronida, in: Costello, M.J.; Emblow, C. et al. (Ed.) (2001). European register of marine species: a check-list of the marine species in Europe and a bibliography of guides to their identification. Collection Patrimoines Naturels, 50: pp. 324-325

Synoniemen Phoronis caespitosa Cori, 1889 Phoronis capensis Gilchrist, 1907 Phoronis gracilis van Beneden, 1858 Phoronis kowaleswkii Benham, 1889

Categorie:Hoefijzerwormen