Het arrest Enkhuizer doodslag (HR 23 januari 2001, NJ 2001/327) is een arrest van de Nederlandse Hoge Raad dat betrekking heeft op doodslag in het verkeer, gebaseerd op de kwalificatie voorwaardelijk opzet.
Casus Ronald K., een automobilist, had aanzienlijk te veel alcohol gedronken. Toen hij tijdens het rijden een politiecontrole tegenkwam, probeerde hij hieraan te ontkomen. Hij vluchtte met hoge snelheid en zonder verlichting door de bebouwde kom, waarbij hij drie fietsers aanreed. Twee van hen overleefden dit niet. Ronald K. verklaarde dat zijn enige doel was om uit handen van de politie te blijven. Rechtsvraag Is er sprake van voorwaardelijke opzet als er iets gebeurt waarvan je wist dat er een grote kans op was en je deze kans bewust hebt aanvaard. (Ja) Procesgang Ronald K. is in hoger beroep door het hof veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf wegens doodslag meermalen gepleegd, en poging tot doodslag. Het cassatieberoep is verworpen. Hof Het hof overwoog:
Hoge Raad Eerste middel Het eerste cassatiemiddel betreft het feit dat de auto van verdachte voortijdig is vernietigd, zodat deze in hoger beroep niet meer beschikbaar was voor een reconstructie van de aanrijdingen. Het hof heeft hieraan de consequentie verbonden dat de resultaten uit de reconstructie voor de bewijsvoering buiten beschouwing zijn gelaten. De stelling dat het hof dit vormverzuim had moeten compenseren met strafvermindering wijst de Hoge Raad van de hand:
Vijfde middel Het vijfde middel betreft de kwalificatie voorwaardelijk opzet (willens en wetens het risico nemen dat ...). De Hoge Raad overwoog:
Zie ook Porsche-arrest (1996, geen voorwaardelijk opzet) Rijden onder invloed (alcohol)
Categorie:Nederlands arrest (strafrecht) Categorie:Geschiedenis van Enkhuizen