De Hollandklasse was een scheepsklasse die bestond uit twee series van drie pantserdekschepen of kruisers, die aan het eind van de 19e eeuw gebouwd zijn voor de Koninklijke Marine. De schepen werden tussen 1895 en 1899 bij verschillende Nederlandse scheepswerven gebouwd waaronder de Rijkswerf in Amsterdam, de Koninklijke Maatschappij de Schelde in Vlissingen en Fijenoord in Rotterdam. De schepen werden in de jaren twintig afgevoerd.

Geschiedenis De bescherming van de koloniën in Nederlands-Indië kwam aan het eind van de negentiende eeuw in de belangstelling te staan. Veel landen begonnen met de uitbreiding van hun slagvloot. In 1887 werden twee middelgrote Chinese slagschepen operationeel die superior werden geacht aan de Nederlandse defensie. Dit leidde tot een herbezinning op de verdediging van Nederlands-Indië. In april 1892 werden de grondslagen voor een modernisering geformuleerd door een commissie bestaande uit drie officieren J.H. Kromhout, F.J. Haver Droeze en G. Kruys.

Marine-expert, schout-bij-nacht en chef van de Marinestaf Gerhardus Kruys pleitte voor een eskader van pantserschepen en kruisers. In de tweede helft van de jaren 1890 werd een nieuwe generatie, de Hollandklasse kruisers gebouwd, en ook de bijna identieke tweede serie, de Utrechtklasse. Deze kruisers waren door een pantserdek beschermd en werden daarom ‘beschermde kruisers’ of ‘pantserdekschepen’ genoemd.

Schepen NaamKielleggingTewaterlatingIn dienstUit dienst Eerste serie Holland 1895 4 oktober 1896 1 juli 1898 1920 Zeeland 1895 20 maart 1897 1 juni 1898 1924Friesland 1895? 4 november 1896 16 januari 1898 1913 Tweede serie Gelderland 1897 28 september 1898 15 juli 1900 17 mei 1940 Noordbrabant 1897 17 januari 1899 1 maart 1900 17 mei 1940 Utrecht 1897 14 juli 1898 1 maart 1901 1913

Technische gegevens Waterverplaatsing 4.090 ton Afmetingen 93 meter lengte Bewapening 2 x 150 mm kanon 6 x 120mm kanon4 x 75 mm kanon Bemanning 343 koppen

Categorie:Kruiserklasse

Categorie:Scheepsklasse bij de Nederlandse marine