Agatha Theodora Geelvinck (gedoopt te Amsterdam, 13 maart 1739Doopakte: DTB Dopen, archiefnummer 5001, inventarisnummer 70, blad p.137 (folio 68), nr.1, aktenummer DTB 70. Gearchiveerd op 15 december 2021. - Hanau, 17 januari 1805) was de dochter van Nicolaes Geelvinck en Johanna Jacoba Graafland. Zij werd vooral bekend vanwege haar liefdesaffaire met de Pruisische gezant Friedrich Wilhelm von Thulemeier.
Biografie Agatha Theodora kwam uit een schatrijke familie van Amsterdamse burgemeesters. Haar vader was in het jaar 1748 overigens uit zijn functie gezet. Ze was vernoemd naar haar grootmoeder Agatha Theodora van Bambeeck, getrouwd met Lieve Geelvinck. Haar broer Nicolaas Geelvinck werd in 1780 benoemd als plaatsvervanger van de stadhouder in de West-Indische Compagnie (WIC). Joan Geelvinck, een kundig jurist en diplomaat, zou in juni 1787 op "democratische wijze" als burgemeester van Amsterdam worden benoemd. Hij vluchtte een half jaar later naar Parijs. Haar zoon Derk Wolter had een militaire functie aan het hof en voerde het bevel over een afdeling ruiters. Hij sloeg in oktober 1787 anti-patriotse herrie in Voorburg neer.Smit, J. (1916) Den Haag in de Patriottentijd.
Agatha Theodora trouwde in 1760 met baron Dirk Wolter van Lynden van Hoevelaken (1733 - 1770). In 1761 verhuisden zij naar Arnhem. In 1763 liet zij zich, evenals haar vader, tekenen door Jean-Baptiste Perronneau.
Het echtpaar kocht in 1765 de heerlijkheid Hoevelaken, met het Huis Hoevelaken. Ze woonden daar echter niet permanent en meerdere kinderen werden dan ook geboren in Arnhem. Met dank aan de rijke achtergrond van Agatha Theodora kon het Hoevelakense bezit worden uitgebreid met diverse boerderijen.
Dirk Wolter overleed 10 jaar na hun huwelijk. Agatha Theodora erfde daardoor het Huis Hoevelaken, dat ze vervolgens verhuurde. Ze was van 1770 tot haar overlijden in 1805 ambachtsvrouwe van Hoevelaken. Zelf woonde ze nu in Den Haag op de Korte Voorhout, naast de Franse Ambassade. Toen deze ambassade afbrandde stond zij de hele nacht op de stoep en eiste dat het tussenliggende huis werd afgebroken.
Zij organiseerde wekelijks operauitvoeringen in haar Haagse muzieksalon.https://research-portal.uu.nl/ws/portalfiles/portal/102508810/Dames_in_majeur_dissertatie_VvA_2021.DEF.pdf
Agatha Theodora kwam oorspronkelijk uit een familie die kritisch was op de Oranjes. Onder invloed van haar schoonfamilie was ze echter toch aanhanger geworden van de stadhouder. Waarschijnlijk hielp het ook dat ze jarenlang leefde in de schaduw van het stadhouderlijk hof te Den Haag.
Affaire met Thulemeier Rond 1782 had Agatha Theodora een affaire met de Pruisische gezant Friedrich Wilhelm von Thulemeier, die tussen 1763 - 1788 werkzaam was in Den Haag. Thulemeyer had grote schulden opgebouwd en had het advies gekregen een rijke vrouw te zoeken.Dépêches van Thulemeyer 1763 - 1788 (1912) In de bewerking van Robert Fruin, ingeleid en aangevuld door H.T. Colenbrander, p. XXV. Frederik de Grote verbood hem om met haar trouwen, want misschien kwam dan zijn onafhankelijkheid in gevaar. In Den Haag ging het verhaal dat de elegante Von Thulemeier een sleutel van haar huis had en door haar werd onderhouden.Wanda von Puttkamer: Friedrich Wilhelm von Thulemeyer, gezant van Frederik den Grooten in Den Haag (1763-1781). In: Haagsch Maandblad, 1935, p. 429-438.
Begin 1788 werd Thulemeyer teruggeroepen door koning Frederik Willem II van Pruisen. Zijn gematigde houding in de nasleep van het Goejanverwelle-incident werd niet gewaardeerd; bovendien was hij kritisch op stadhouder Willem V en had hij goede banden met de patriotten.
Agatha Theodora woonde in 1785 overigens niet in Den Haag maar in Utrecht. Ze had nog wel steeds goede contacten met het hof in Den Haag en onderhield een uitgebreide briefwisseling.
Vlucht naar het buitenland Met de inval van de Fransen in 1794 kwam er een nieuw bewind in de oude Republiek. De stadhouder week uit naar Engeland en de schatrijke weduwe Agatha Theodora besloot hem te volgen, met al haar geld en goederen. In 1802 verhuisde ze naar Hanau in het graafschap Hessen-Kassel. In deze plaats hielden zich tijdens de Bataafse Republiek en onder bescherming van Willem I van Hessen-Kassel ook diverse andere orangisten op.
Door het nieuwe bewind in Nederland kwamen de oude feodale rechten onder druk kwamen te staan. Agatha Theodora was in bezit van deze rechten dankzij de heerlijkheid Hoevelaken en probeerde deze rechten zo veel mogelijk in stand te houden. Samen met haar zoon Jan Elias Nicolaas behartigde zij haar belangen tegenover de nieuwe Bataafse regering zo goed als mogelijk was.
Agatha Theodora stierf in 1805 te Hanau.
Kinderen Agatha Theodora had acht kinderen, onder wie drie dochters, waaronder freule Constantia van Lynden van Hoevelaken die in de publiciteit kwam vanwege haar verhouding met stadhouder Willem V.
Voetnoten
Categorie:Nederlands patriot (18e eeuw)