Een curia was een bestuurslaag in Rome. In het oudste Rome waren er oorspronkelijk drie patricische stammen of tribus, die samen de oude stadstaat Rome vormden: de Tities, de Ramnes en de Luceres. Elk van deze etnische tribus was onderverdeeld in tien curiae: de eerste civitas Romana telde er aldus dertig.

De curia was in de eerste plaats een religieuze vereniging, met een eigen vergaderlokaal (de curia), eigen religieuze plechtigheden en een eigen priester (de curio).

Daarnaast had de curia aanvankelijk ook politieke betekenis, want het volk kwam in de comitia curiata bijeen curiatim, d.i. per curia, om wetten aan te nemen en de oude Senaat te kiezen. Elke curia werd daarbij vertegenwoordigd door een lictor en had daarbij één stem.Gaston H. Halsberghe (1964): Zoeklicht op het oude Rome. Vlaamse Pockets no. 141. Hasselt: Uitgeverij Heideland Na de hervormingen van Servius Tullius en ten tijde van de republiek had de comitia curiata nog weinig politieke, en eerder een symbolische, betekenis.

Ook het leger was op basis van de curiae samengesteld.

Categorie:Romeinse politiek Categorie:Latijn