De wereldbeker voetbal voor clubteams (Engels: Intercontinental Cup) werd van 1960 tot 2004 bijna elk jaar gespeeld tussen de kampioen van Europa (de winnaar van de Europacup I en later UEFA Champions League) en de kampioen van Zuid-Amerika (de winnaar van de CONMEBOL Libertadores) onder de naam (Toyota) European-South American Cup of EUSA Cup. Het werd gespeeld door vertegenwoordigers van clubs van de meeste ontwikkelde continenten in de voetbalwereld (vooral in die jaren); de winnaars werden erkend als de de facto wereldkampioen. Hier kwam op 27 oktober 2017 echter verandering in nadat de FIFA aankondigde de winnaars van de wereldbeker als officiële (de jure) wereldkampioenen te erkennen, met dezelfde status/titel als de winnaars van het wereldkampioenschap voetbal voor clubs (FIFA-wereldkampioen).FIFA Council approves key organisational elements of the FIFA World Cup - Recognition of all European and South American teams that won the Intercontinental Cup – played between 1960 and 2004 – as club world champions (fifa.com). De titel is verleend door een officieel document uitgegeven door de World Federation Council, dus het is wettelijk een FIFA-wereldtitel. Zie FIFA Club World Cup Qatar 2019™, p. 12

Het idee voor de wereldbeker was afkomstig van Henri Delaunay. Hij stelde de wedstrijd tussen de beide continentale bekerwinnaars voor, zodat de clubs uit de twee belangrijkste voetbalcontinenten, Europa en Zuid-Amerika, konden beslissen wie de beste club van de wereld was. Er was wel al een dergelijk toernooi, de Pequeña Copa del Mundo, maar dit toernooi dat sinds 1952 werd gehouden stond los van de Europese voetbalbond UEFA en de Zuid-Amerikaanse voetbalbond CONMEBOL. Waar de Europese Europacup I al bestond, was er nog geen tegenhanger in Zuid-Amerika, waarop de Copa door de CONMEBOL in het leven werd geroepen, zodat de strijd om de wereldbeker mogelijk was.

Oorspronkelijk bestond de strijd om de wereldbeker uit een uit- en thuisduel. Tot 1968 werd er een derde duel gespeeld indien nodig, daarna werd er via strafschoppen beslist. Door de extreem gewelddadige finale van 1969 waarin de spelers van Estudiantes de spelers van Milan bewust fysiek verwondden, lieten sommige Europese ploegen de beker in de jaren zeventig links liggen.

Vanaf 1980 bestond de strijd om de wereldbeker uit een enkele wedstrijd in Tokio, waarna de beker naar sponsor Toyota de naam Toyota Cup kreeg. Zodoende leverde dat bij winst, naast de originele wereldbeker, een tweede beker op.

Trofee Trofee Beschrijving 104x104px De originele wereldbeker voor clubteams (Intercontinental Cup / EUSA Cup), die van 1960 tot en met 2004 werd uitgereikt. 124x124px Vanaf 1980 werd er naast de originele wereldbeker voor clubteams een tweede beker uitgereikt, namelijk de Toyota Cup, vernoemd naar de toenmalige sponsor Toyota.

Einde wereldbeker In 2005 werd de wereldbeker vervangen door het door de FIFA georganiseerd wereldkampioenschap voetbal voor clubs, waaraan naast de winnaars van de UEFA Champions League en CONMEBOL Libertadores ook de kampioenen van de overige werelddelen Noord/Midden-Amerika, Oceanië, Azië en Afrika deelnemen. De opzet is gewijzigd in een achtdaags toernooi. De winnaars uit Europa en Zuid-Amerika hoeven pas in de halve finale in actie te komen. Het Portugese FC Porto zou in 2004 uiteindelijk als laatste club de wereldbeker in ontvangst nemen.

Overzicht per jaar Van 1960 tot en met 1968 werden de wedstrijden op punten beslist (twee punten voor gewonnen wedstrijd), bij een gelijke stand volgde een derde wedstrijd. Van 1969 tot en met 1979 werden de wedstrijden op score beslist (totaal van beide wedstrijden), bij een gelijke stand volgden strafschoppen. Vanaf 1980 met de sponsornaam Toyota Cup werd het toernooi gehouden in Tokio. De edities van 2002, 2003, 2004 werden gehouden in Yokohama.

Jaar Winnaar Totaalscore Finalist Eerste wedstrijd Tweede wedstrijd Info 1960 Real Madrid 3–1 punten Peñarol 0–0 1–5 1961 Peñarol 4–2 punten Benfica 1–0 5–0 BW 2–1 < ( Montevideo) 1962 Santos 4–0 punten Benfica 3–2 2–5 1963 Santos 4–2 punten AC Milan 4–2 4–2 BW 1–0 < ( Rio de Janeiro) 1964 Internazionale 4–2 punten Independiente 1–0 2–0 BW 1–0 na verlenging < ( Madrid) 1965 Internazionale 3–1 punten Independiente 3–0 0–0 1966 Peñarol 4–0 punten Real Madrid 2-0 0–2 1967 Racing Club 4–2 punten Celtic 1–0 2–1 BW 1–0 < ( Montevideo) 1968 Estudiantes 3–1 punten Manchester United 1–0 1–1 1969 AC Milan 4–2 Estudiantes 3–0 2–1 1970 Feyenoord 3–2 Estudiantes 2–2 1–0 1971 Nacional 3–2 Panathinaikos 1–1 2–1 Panathinaikos in plaats van Ajax 1972 Ajax 4–1 Independiente 1–1 3–0 1973 Independiente 1–0 Juventus 0–1 < ( Rome) Juventus in plaats van Ajax 1974 Atlético Madrid 2–1 Independiente 1–0 2–0 Atlético Madrid in plaats van Bayern München 1975 Niet gespeeld: Bayern München en Independiente konden geen speeldata overeenkomen 1976 Bayern München 2–0 Cruzeiro 2–0 0–0 1977 Boca Juniors 5–2 Borussia Mönchengladbach 2–2 0–3 Borussia Mönchengladbach in plaats van Liverpool 1978 Niet gespeeld: Boca Juniors en Liverpool, maar Liverpool wilde niet spelen. 1979 Olimpia 3–1 Malmö FF 0–1 2–1 Malmö FF in plaats van Nottingham Forest 1980 Nacional 1–0 Nottingham Forest 1–0 < ( Tokio) 1981 Flamengo 3–0 Liverpool 0–3 1982 Peñarol 2–0 Aston Villa 2–0 1983 Grêmio 2–1 na verlenging Hamburger SV 1–2 na verlenging 1984 Independiente 1–0 Liverpool 0–1 1985 Juventus 2–2 na strafschoppen (4–2) Argentinos Juniors 2–2 na verlenging (4–2 na strafschoppen) 1986 River Plate 1–0 Steaua Boekarest 1–0 1987 FC Porto 2–1 na verlenging Peñarol 2–1 na verlenging 1988 Nacional 2–2 na strafschoppen (7–6) PSV 2–2 na verlenging 6–7 na strafschoppen) 1989 AC Milan 1–0 na verlenging Atlético Nacional 1-0 na verlenging 1990 AC Milan 3–0 Olimpia 3–0 1991 Rode Ster Belgrado 3–0 Colo-Colo 3–0 1992 São Paulo 2–1 FC Barcelona 1–2 1993 São Paulo 3–2 AC Milan 2–3 < ( Tokio) AC Milan in plaats van Olympique Marseille (uitgesloten) 1994 Vélez Sarsfield 2–0 AC Milan 0–2 < ( Tokio) 1995 Ajax 0–0 na strafschoppen (4–3) Grêmio 0–0 na verlenging (4–3 strafschoppen) 1996 Juventus 1–0 River Plate 1–0 1997 Borussia Dortmund 2–0 Cruzeiro 2–0 1998 Real Madrid 2–1 Vasco da Gama 2–1 1999 Manchester United 1–0 Palmeiras 1–0 2000 Boca Juniors 2–1 Real Madrid 1–2 2001 Bayern München 1–0 na verlenging Boca Juniors 1–0 na verlenging 2002 Real Madrid 2–0 Olimpia 2–0 < ( Yokohama) 2003 Boca Juniors 1–1 na strafschoppen (3–1) AC Milan 1–1 na verlenging (1–3 na strafschoppen) 2004 FC Porto 0–0 na strafschoppen (8–7) Once Caldas 0–0 na verlenging (8–7 na strafschoppen) Zie voor de uitslagen vanaf 2005 het Wereldkampioenschap voetbal voor clubs.Zie ook voor de uitslagen vanaf 2024 het FIFA Intercontinental Cup.

Statistieken Gewonnen bekers per club Aantal Club in: 3 Peñarol 1961, 1966, 1982 Nacional 1971, 1980, 1988 AC Milan 1969, 1989, 1990 Real Madrid 1960, 1998, 2002 Boca Juniors 1977, 2000, 2003 2 Santos 1962, 1963 Internazionale 1964, 1965 Independiente 1973, 1984 São Paulo 1992, 1993 Ajax 1972, 1995 Juventus 1985, 1996 Bayern München 1976, 2001 FC Porto 1987, 2004 1 Racing Club 1967 Estudiantes 1968 Feyenoord 1970 Atlético Madrid 1974 Olimpia 1979 Flamengo 1981 Grêmio 1983 River Plate 1986 Rode Ster Belgrado 1991 Vélez Sarsfield 1994 Borussia Dortmund 1997 Manchester United 1999

Gewonnen bekers per land In de volgende tabel staat het aantal gewonnen bekers per land. In de tabel staat in de kolom #clubs het aantal clubs dat voor deze bekers verantwoordelijk was.

Aantal Land # clubs in: 9 6 1967, 1968, 1973, 1977, 1984, 1986, 1994, 2000, 2003 7 3 1964, 1965, 1969, 1985, 1989, 1990, 1996 6 2 1961, 1966, 1971, 1980, 1982, 1988 4 1962, 1963, 1981, 1983, 1992, 1993 4 2 1960, 1974, 1998, 2002 3 2 1970, 1972, 1995 (West-)Duitsland 2 1976, 1997, 2001 2 1 1987, 20041 1 1979 1 1991 1 1999

Gewonnen bekers per werelddeel Aantal Continent Landen Clubs 22 Zuid-Amerika 4 13 21 Europa 7 12

Zie ook Wereldkampioenschap voetbal voor clubs FIFA Intercontinental Cup Wereldkampioenen clubteams

Wereldbeker