De Floresmens (Homo floresiensis) is een uitgestorven mensensoort, die tot minstens vijftigduizend jaar (50 ka) geleden leefde op het Indonesische eiland Flores.

Van 2003 af zijn in de kalksteengrot Liang Bua vijftien skeletten ontdekt, waarvan slechts één met schedel. In 2004 werden die benoemd als de aparte soort Homo floresiensis.

De soort onderscheidt zich door het geringe postuur van ruim een meter lengte en grote voeten. Dit leverde hem de bijnaam "Hobbit" op, naar de wezens uit het werk van J.R.R. Tolkien. De herseninhoud was extra klein, maar zo'n vierhonderd kubieke centimeter. De benen waren kort maar de voeten juist erg groot en lang, overeenkomend met schoenmaat 30. In de grot zijn stenen werktuigen aangetroffen. Misschien maakte de Floresmens jacht op dwergolifanten, de grootste zoogdieren op zijn eiland.

De vondst heeft zeer veel aandacht gekregen in zowel de pers als de wetenschap. Wetenschappers zijn het niet eens over de aard van de Floresmens. Hij kan een verwant zijn van Homo habilis die dan veel vroeger dan gedacht als eerste mensachtige Afrika verliet. Het zou ook om een dwergvorm van Homo erectus kunnen gaan. In dat geval kwam H. floresiensis alleen op Flores voor en is klein geworden als aanpassing aan de geringe oppervlakte van dat eiland. Anderen denken dat het helemaal geen aparte soort betreft, maar dat het slechts om abnormale individuen van vroege moderne mensen gaat.

Vondstomstandigheden en dateringen Eerste onderzoek thumb|Liang Bua-grot, Flores De kalksteengrot Liang Bua, de "Koele Grot", ligt op vijfentwintig kilometer van de noordkust in het westen van het eiland Flores, op een hoogte van vijfhonderd meter en op de zuidelijke helling van de vallei van de rivier Wae Recang. De grot is vijfentwintig meter hoog, dertig meter breed en veertig meter diep. De Liang Bua werd zeshonderdduizend jaar geleden gevormd als een ondergrondse holte en honderdnegentigduizend jaar geleden vrijgelegd door de werking van de Wae Recang.Westaway K.E., Roberts R.G., Sutikna T., Morwood M.J., Drysdale R., Zhao J., Chivas A.R. 2009. "The evolving landscape and climate of western Flores: an environmental context for the archaeological site of Liang Bua". Journal of Human Evolution 57: 450–464 In lagen van die ouderdom, achter in de grot, zijn meteen werktuigen te vinden.Westaway K.E., Sutikna T., Saptomo W.E., Jatmiko, Morwood M.J., Roberts R.G., Hobbs D.R. 2009. "Reconstructing the geomorphic history of Liang Bua. Flores, Indonesia: a stratigraphic interpretation of the occupational environment". Journal of Human Evolution 57: 465–483 In de Liang Bua was al in de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw drie keer gegraven door de Nederlandse pater-archeoloog Theo Verhoeven.Knepper, Gert M. (2019): Floresmens - Het leven van Theo Verhoeven, missionaris en archeoloog. (Boekscout, Soest, The Netherlands) Na hem deed de Indonesiër Raden Panji Soejono tussen 1978 en 1989 opgravingen. Tot 2019 zijn in de grot 275 843 skeletelementen en lichaamsdelen gevonden van allerlei soorten.

In 2001 meende een Australisch-Indonesisch team onder leiding van Thomas Sutikna dat er misschien resten te vinden waren die een datering zouden kunnen verschaffen voor de eerste kolonisering van Australië door de moderne mens. Die zou van het gebied van Flores uit de oversteek naar het continent gewaagd kunnen hebben.Morwood, M.J. 2001, "Early hominid occupation of Flores, East Indonesia, and its wider signifance", In: Metcalf, I., Smith, J., Davidson, L., Morwood, M.J. Faunal and Floral Migrations and Evolution in SE Asia- Australasia, p 387-398, 2001 Balkema, Lisse Er vond ook paleoantropologisch onderzoek plaats om te onderzoeken of er Vroeg-paleolithische werktuigen konden worden aangetroffen van Homo erectus uit een periode dat Flores in ieder geval niet met het vasteland was verbonden. Dit zou erop kunnen duiden dat die eerdere mensensoort in staat was om vlotten te bouwen. Al in 1998 waren zulke werktuigen van het eiland gemeld.Morwood M.J., O’Sullivan P.B., Aziz F. & Raza A. 1998. "Fission-track ages of stone tools and fossils on the east Indonesian island of Flores". Nature 392: 173–176 Onverwacht stuitte men op een geheel nieuw menstype.

Homo floresiensis wordt ontdekt en benoemd thumb|De vondsten werden gedaan in de westelijke bergen van Flores De eerste vondst op 2 september 2003, op 5,9 meter diepte in de grot en aan de oostelijke zijwand, was een onvolledig skelet, inclusief schedel — hoewel deze bij de opgraving zwaar beschadigd werd: de vondst werd gedaan doordat een spade er doorheen stak —, specimen LB1.Ewen Callaway, 2014, "The discovery of Homo floresiensis: Tales of the hobbit", Nature 514: 422–426 Op 28 oktober 2004 werd de vondst gemeld in de wetenschappelijke literatuur.Morwood, M.J., R.P. Soejono, R.G. Roberts, T. Sutikna, C.S.M. Turney, K.E. Westaway, W.J. Rink, J-X. Zhao, G.D. van den Bergh, Rokus Awe Due, D.R. Hobbs, M.W. Moore, M.I. Bird & L.K. Fifield, 2004, "Archaeology and age of a new hominin from Flores in eastern Indonesia". Nature 431: 1087–1091 De media besteedden onmiddellijk grote aandacht aan de ontdekking. De kunstenaar Damien Hirst beeldde de schedel af op een schilderij.Hopkin M. 2005. "Exhibition: Hirst’s hobbit". Nature 434: 702 De belangstelling door vakgenoten was niet minder.Gibbons A. 2004. "New species of small human found in Indonesia". Science 306: 789 Het was veruit de belangrijkste paleoantropologische vondst in Indonesië sinds de Nederlander Eugène Dubois een schedeldak, twee kiezen en twee dijbenen vond van de Javamens, die later Homo erectus zou worden genoemd.Lahr M. & Foley R. 2004. "Palaeoanthropology: human evolution writ small". Nature 431: 1043–1044 Binnen een decennium zouden vele tientallen studies aan het onderwerp worden gewijd alsmede een aantal populairwetenschappelijke boeken.Morwood M. and Van Oosterzee P. 2007. The Discovery of the Hobbit. The Scientific Breakthrough that Changed the Face of Human History. Random House, New York left|thumb|De locatie van de grot In oktober 2004 benoemden Peter Brown e.a. in een tweede artikel een nieuwe soort van het geslacht Homo: Homo floresiensis.New small-bodied hominin from the late Pleistocene of Flores, Indonesia door P. Brown, T. Sutikna , M.J. Morwood, R.P. Soejono, Jatmiko, E. Wayhu Saptomo & Rokus Awe Due, Nature, volume 431, 28 oktober 2004 De soortaanduiding verwijst naar de herkomst uit Flores. Serieus schijnt de soortnaam Homo hobbitus te zijn overwogen, naar de kleine mensachtige wezens uit het werk van Tolkien;Morwood M & van Oosterzee P. 2007. A new human. New York: Smithsonian Books/Collins in de pers wordt de Floresmens vaak als een "hobbit" aangeduid.

Het holotype is LB1, een gedeeltelijk skelet met schedel en onderkaken. Verder omvat het het rechterbeen waaronder de rechtervoet, en delen van de linkervoet.Volgens Jacob (2006) betreft het in feite het linkerdijbeen De armen ontbraken in eerste instantie, op de handen na. Van de overige botten zijn slechts fragmenten aanwezig: delen van nog een dijbeen, van het linkerscheenbeen, het linkerkuitbeen, de knieschijven, het bekken, wervels, heiligbeen, ribben, schouderbladen en sleutelbeenderen. Het skelet is volgens de formele beschrijving in Nature "niet gefossiliseerd". Daarmee werd bedoeld dat het een subfossiel was, dus bestaande uit niet versteende botten zonder mineralisering of bedekking door calciumcarbonaat. De vondsten waren zo van vocht doortrokken dat ze in de open lucht gedroogd moesten worden om ze veilig te bergen. Daarna liet men ze verder uitdrogen op vloeipapier. Voorbarige pogingen ze te verharden met kunstharsen brachten schade toe omdat het binnenste nog niet volledig uitgehard was. Het skelet is waarschijnlijk dat van een vrouwelijke volwassene van zo'n dertig jaar oud en circa 1 meter lang, met een herseninhoud van circa 380 milliliter. Zij kreeg de bijnaam "dametje van Flores" of "Flo". Het skelet lag niet in verband maar de beenderen werden aangetroffen op een kleine oppervlakte van vijfhonderd vierkante centimeter. Het lijkt snel met sediment bedekt te zijn geworden in een poel stilstaand water. Er zijn geen sporen die op een begrafenis duiden. De ouderdom van de omringende aardlaag werd in eerste instantie met massaspectrometrie bepaald op 18 000 jaar BP. Thermoluminescentiedatering van vondsten in deze laag resulteerde in een ouderdom van 31 000 tot 39 000 jaar en 12 000 tot 16 000 jaar.

In het beschrijvende artikel werd maar een ander specimen aan de soort toegewezen: LB2, een derde onderste linkerpremolaar, dus een losse tand uit de linkeronderkaak. LB2 werd in een ander deel van de grot, aan de westelijke zijwand, gevonden op 4,7 meter diepte. Van een stukje druipsteen boven de vondst is de ouderdom met massaspectrometrie en elektronspinresonantie bepaald op circa 37 000 jaar. Twintig centimeter onder de vondst werd een dwergstegodont-kies gevonden. Hiervan werd de ouderdom bepaald met elektronspinresonantie op 74 000 jaar (+14 000 -12 000). thumb|De Floresmens werd meteen vergeleken met de hobbits uit Tolkien De derde vondst, in 2004 niet toegewezen maar wel beschreven, was een onvolledig linkerspaakbeen, opgegraven in een ander deel van de grot, waarvan de ouderdom bepaald is op 74 000-95 000 jaar. Ook dit spaakbeen zou toe kunnen behoren aan een mensachtige van circa een meter lang.

Latere ontdekkingen De studie naar de beenderen werd vertraagd door een pijnlijke affaire die breed in de pers werd uitgemeten. De botten zijn eigendom van de Indonesische staat, die uiteindelijk bepaalt wie er onderzoek aan mag verrichten. Begin december 2004 nam hoogleraar Teuku Jacob, die toen al openlijk betwijfelde of het om een nieuwe soort ging, ze mee voor nadere bestudering, na toestemming door Raden Soejono die de fossielen beheerde.Balter M. 2004. "Skeptic to take possession of Flores hominid bones". Science 306: 1450bBalter M. 2004. "Skeptics question whether Flores hominid is a new species". Science 306: 1116a Op 23 februari 2005 keerden ze terug bij het onderzoeksinstituut tot de collectie waarvan ze behoren, het nationale onderzoekscentrum voor archeologie te Jakarta.Culotta E. 2005. "Battle erupts over the ‘hobbit’ bones". Science 307: 1179 Toen bleek dat twee dijbeenderen nog ontbraken en dat andere botten zwaar beschadigd waren, volgens de Australische onderzoekers ten gevolge van een amateuristische poging er afgietsels van te maken.Culotta E. 2005. "Discoverers charge damage to ‘hobbit’ specimens". Science 307: 1848 Teuku Jacob verweerde zich door te stellen dat ze de averij tijdens het transport terug naar Jakarta hadden opgelopen.Culotta E. 2005. "Paleoanthropology—new ‘hobbits’ bolster species, but origins still a mystery". Science 310: 208–209 De zaak beklemtoont het kwetsbare karakter van de vondsten. Jacob kwam tot een geheel andere interpretatie van het materiaal, wat een blijvende controverse en rivaliteit met het oorspronkelijke onderzoeksteam zou opleveren.Dalton R. 2005. "Fossil finders in tug of war over analysis of hobbit bones". Nature 434: 5Powledge T.M. 2005. "Skullduggery—the discovery of an unusual human skeleton has broad implications". EMBO Reports 6: 609–612Henneberg M. & Schofield J. 2008. The hobbit trap: money, fame, science and the discovery of a ‘‘new species’’. Kent Town, South Australia: Wakefield Press Dat werd zelfs de toegang tot de grot ontzegd tot Jacobs dood in 2007. De affaire weerspiegelt allerlei culturele verschillen tussen de Indonesische en Westerse onderzoekstradities.Indriati E. 2007. "Editorial preface: introduction". In: Indriati E, editor. Proceedings from the International Seminar on Southeast Asian Paleoanthropology: recent advances on Southeast Asian Paleoanthropology and Archaeology. Yogyakarta, Indonesia: Laboratory of Bioanthropology and Paleoanthropology, Faculty of Medicine Gadjah Mada University. p v-xi