thumb|Hege wier bij Menaldum Een hege wier of stinswier is een vooral in Friesland gelegen kunstmatige aarden heuvel (motte) uit de Middeleeuwen, opgeworpen ten behoeve van een versterkte woontoren. Er zijn in Friesland van de oorspronkelijk meer dan 108 exemplaren slechts vijf overgebleven. De op de hege wieren gebouwde stinsen zijn allemaal verdwenen, alleen de heuvels zijn er nog. Deze liggen bij de dorpen Sexbierum, Jellum, Lies, Menaldum en Oosterend.
Net als de Zeeuwse vliedberg werden de hege wieren vooral gebouwd als prestige-object van de grondbezittende klasse. De toren werd niet bewoond; daarvoor verkoos men liever het comfort van de herenboerderij ernaast. Slechts in tijden van conflicten werden de hege wieren gebruikt om zich in te verschansen.
In de Groningen bevindt zich de zogenaamde Bult van Marum.Koos Vos, 'De "bult" van Marum is een stinswier', in: 't Olde Guet, nr. 16 (2012), p. 13-18. Gearchiveerd op 19 maart 2023. Dit is - voor zover bekend - de enige bewaarde stinswier in deze provincie. Er zijn er waarschijnlijk meer.Een mogelijke stinswier bevindt zich bij voormalige kloosterboerderij van Barghuis bij Stitswerd. De meeste stinswieren in Groningen zijn rond 1900 afgegraven of geëgaliseerd in het kader van ruilverkavelingen. Bekende voorbeelden waren de Rondenburg te Zuurdijk, 't Rondeel op de wierde van Westerwijtwerd en Het Noorn te Krewerd. Stinswieren staan hier soms bekend als knol, zoals De Knol te Eenum, De Oude Knol te Godlinze en De Knolle te Stitswerd. Mogelijk geldt hetzelfde voor sommige toponiemen met bult.Redmer H. Alma, 'Steenhuizen in de bronnen', in: Stad & Lande 18 (2009), p. 26-29.
In Oost-Friesland is een groot aantal stinswieren vanaf 2020 in kaart gebracht in het kader van het 'Burgenprojekt' van de Ostfriesische Landschaft en het Niedersächsische Institut für Historische Küstenforschung.
Misverstanden over hege wieren Net als bij vliedbergen werden en worden de hege wieren vaak aangezien voor vluchtheuvel bij hoog water of voor een terp of wierde. Echter, qua omvang zijn deze heuvels te klein om als vluchtheuvel dienst te kunnen doen. Bovendien zijn er rond verscheidene wieren restanten van grachten aangetroffen. Andere argumenten waarom de hege wieren geen terp of wierden zijn is het feit dat ze vaak boven op een dorpsterp zijn aangetroffen of in hooggelegen gebieden zoals Gaasterland of het hooggelegen Garijp., Monumenten van aarde. Beeldcatalogus van de Zeeuwse bergjes, Koudekerke 2007.
Zie ook
Mottekasteel
Literatuur Evert Kramer, 'Onderzoek naar stinswieren in Friesland en Groningen', in: M. Bierma, A.T. Clason & E. Kramer (red.), Terpen en wierden in het Fries-Groningse kustgebied, 1988, p. 214-225 Paul N. Noomen, De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners, 2009
Categorie:Historische geografie Categorie:Motte in Nederland