Sven Nys (Bonheiden, 17 juni 1976) is een Belgisch voormalig wielrenner, veldrijder en mountainbiker uit Baal. Over het algemeen wordt Nys, met een record van 292 zeges en vele andere records, beschouwd als een van de beste veldrijders aller tijden. Hij was als beroepsrenner actief van 1998 tot 2016.
Vanwege zijn erelijst in het veldrijden gaat Nys door als Keizer van het veldrijden. Zijn drang naar overwinningen leverde Nys de bijnaam De Kannibaal van Baal op. Dankzij records in de Koppenbergcross (9 zeges) en de Superprestige (13 eindzeges) kreeg hij de bijnamen De Koning van de Koppenberg en Mister Superprestige. De perceptie leeft dat Nys, ondanks negen Belgische titels en een ongenaakbare reputatie in regelmatigheidscriteria zijnde de Superprestige, de Trofee en de Wereldbeker, weinig succesvol was op een wereldkampioenschap. Doordat Nys het op het wereldkampioenschap net niét waarmaakte nadat hij het hele seizoen had weten te domineren, kreeg hij, van analisten en journalisten, de stempel geen kampioenschapsrenner te zijn op het hoofd gekleefd. Nys werd twee keer wereldkampioen veldrijden; in 2005 in Sankt Wendel en 2013 in Louisville, Kentucky.
Nys werd gecoacht door de Belgische trainer Paul Van Den Bosch, die onder anderen ook de Belgische triatleten Marc Herremans en Luc Van Lierde gecoacht heeft in zijn loopbaan. Kenmerkend waren zijn technische vaardigheden, waardoor hij zeer goed was in het nemen van hellingen, het aansnijden van bochten en het in balans blijven op moeilijke ondergronden zoals sneeuw, modder en zand. De baanbrekende techniek die hij gebruikte om al fietsend over balkjes te kunnen springen, werd later door een groot deel van zijn tegenstanders nagevolgd. Nys was niet de beste sprinter en probeerde daarom zoveel mogelijk een eindsprint te vermijden. Vooral in de nadagen van zijn carrière maakte hij vaak gebruik van een uitstekende laatste ronde, waarin hij met enkele explosieve aanvallen zijn tegenstanders steevast uit het wiel probeerde te rijden. Desalniettemin slaagde hij er af en toe ook in om een wedstrijd in de sprint te winnen, zelfs tegen intrinsiek snellere renners zoals Kevin Pauwels en Zdeněk Štybar. Op het hoogtepunt van Nys' carrière waren generatiegenoot Bart Wellens en daarna zijn gouwgenoot Niels Albert zijn voornaamste uitdagers.
Sven Nys begon zijn carrière in 1998 bij de Nederlandse Rabobank-ploeg. In zijn beginjaren bij de Nederlandse ploeg, die zowel op de weg als in het veld actief was, werd zijn familienaam overigens ook vaak gespeld als Nijs (niet naar Vlaamse maar Hollandse spelling ofwel net zoals "Cruijff" in het Engels als "Cruyff" wordt gespeld). Hij kwam sinds 2008 uit voor de Belgische wielerploeg Crelan-AA Drink (tot 2012 droeg deze de naam Landbouwkrediet), waar hij een contract had tot maart 2016. Nys woont in Baal, waar sinds 2000 jaarlijks de GP Sven Nys wordt gehouden op nieuwjaarsdag. Nys nam na zijn loopbaan als renner het team Baloise - Trek Lions over, voorheen Fidea en Telenet - Fidea, en is manager van het team. Nota bene is dat het team waar enkele belangrijke tegenstanders uit zijn loopbaan voor hebben gereden, zoals Erwin Vervecken, Zdeněk Štybar, Bart Wellens en Kevin Pauwels. Nys is sinds april 2017 commentator voor Sporza voor Sporza Radio op Radio 1, meestal met Christophe Vandegoor.
Sven Nys is de vader van wielrenner Thibau Nys. Na een huwelijk van 12 jaar scheidde hij van diens moeder Isabelle Nijs. Begin 2024 hertrouwde Nys met Anneke Van den Eynde.
Carrière Veldrijden 1984–1998: Het prille begin Sven Nys begon te BMX'en op 8-jarige leeftijd. Hij won 8 nationale titels in die discipline, vooraleer hij zijn focus begon te leggen op het in Vlaanderen zeer populaire veldrijden. Nys won zijn eerste kampioenentrui in 1995 door Belgisch kampioen veldrijden bij de junioren te worden. In 1997 werd hij voor de eerste maal wereldkampioen veldrijden bij de beloften in het Duitse München. Het daaropvolgende seizoen reed hij opnieuw een zeer goed seizoen en als kers op de taart werd hij voor de tweede maal wereldkampioen veldrijden bij de beloften, ditmaal in het Deense Middelfart. Bij deze twee wereldkampioenschappen werd Bart Wellens telkens tweede. Het was het begin van een jarenlange vriendschap tussen de twee beloftevolle veldrijders. Na zijn tweede wereldtitel in 1998 maakte Nys de overstap van de beloften naar de profs, in dienst van het Nederlandse team Rabobank. De Nederlander Richard Groenendaal, de ervaren kopman van het team, mocht van ploegleider Jan Raas kiezen wie hij bij de ploeg wilde: Nys of Wellens. Groenendaal koos dus voor Nys, reveleerde de eerste in 2012 voor het Canvas-programma De Flandriens van het Veld.
1998–2000: Eerste profjaren In zijn eerste seizoen bij de profs, 1998-1999, werd al vrij snel duidelijk dat Sven Nys een groot potentieel had en behaalde hij 14 overwinningen, eindwinst in de Superprestige en een derde plaats in de wereldbeker. Nys behaalde brons op het Belgisch kampioenschap, maar hij speelde - mede door een paar valpartijen - geen rol van betekenis op het WK van 1999 in Poprad en strandde op een zesde plaats.
In zijn tweede profseizoen, 1999-2000, won hij de Superprestige, de wereldbeker en het Belgisch kampioenschap. Hij was dan ook de grote favoriet voor het WK van 2000 in Sint-Michielsgestel. Maar er werd reeds voor het WK afgesproken in het Rabobank-team dat, wanneer er een renner van Rabobank voorop reed, hij niet mocht teruggebracht worden door een teamgenoot. Nys moest de tactiek van bondscoach Erik De Vlaeminck vakkundig aan zijn laars lappen, aldus Rabobank. In het Belgische kamp werd Mario De Clercq van lieverlee als bemiddelaar ingezet. Hij moest trachten 'de schat te bewaken', zo pende Het Belang van Limburg cryptisch op vrijdag, twee dagen voor het WK.
Tevergeefs. De Nederlander Richard Groenendaal, die bovendien in Sint-Michielsgestel woonde, schoot er vanaf de start als een speer vandoor. Nys was verplicht in de achtervolging met Mario De Clercq de benen stil te houden, wegens de strenge teamorders van Jan Raas en zodoende won Groenendaal zijn eerste en enige wereldtitel voor eigen volk. Nys en De Clercq huilden tranen met tuiten tijdens de podiumceremonie. Men zag Nys voor een deserteur aan. Zijn eigen aanhang buiten beschouwing gelaten was Nys voor heel België de boeman en hij bood zijn excuses aan.
2001–2004: De geboorte van de Kannibaal van Baal Na deze twee geslaagde seizoenen had Nys het in het seizoen 2000-2001 een stuk moeilijker om opnieuw wedstrijden te winnen, onder andere door een blessure die hem parten speelde in het begin van het seizoen. Nys sloot dit mindere seizoen af zonder ook maar één eindoverwinning of kampioenentrui. Het seizoen daarop ging het Nys echter een stuk beter af met winst in de Superprestige en de wereldbeker. Op het WK van 2002 in Zolder behaalde Sven Nys voor de tweede maal de bronzen medaille. In een spannende wedstrijd probeerde Nys in de laatste ronde Mario De Clercq tevergeefs kwijt te spelen. De Clercq won uiteindelijk in de spurt voor Tom Vannoppen en Nys.
In dit jaar werd zijn zoon Thibau, die later in zijn voetsporen zou treden, geboren. Hij verklaarde in 2021 dat zijn prestaties dat seizoen, 2001-2002, na een nochtans uitstekend begin begon te lijden onder de stress van het vader worden. Het seizoen daarop oogstte Nys grote successen met winst in de Superprestige, GvA Trofee én het Belgisch kampioenschap. Een eerste wereldtitel bij de profs had Nys nog steeds niet veroverd. Na een offday op het WK van 2003 in Monopoli werd hij slechts vijfde. Zijn jeugdrivaal Bart Wellens won dat seizoen op imponerende wijze het wereldkampioenschap na een lange solo, voor Mario De Clercq en Erwin Vervecken.
In het seizoen 2003-2004 kende eeuwige rivaal Bart Wellens een wonderjaar, waarin hij zo goed als alles won. Nys won zo voor het eerst sinds het seizoen 2000-2001 geen eindklassement of kampioenschap. Hij verloor in de slotmanche in Pijnacker zijn eerste plaats in de wereldbeker aan Richard Groenendaal, omdat zijn Belgische medegezellen in de achtervolging op Groenendaal in extremis nog voor hem eindigden in de spurt. Na de wedstrijd was Nys woedend op zijn landgenoten, omdat ze liever Nederlander Groenendaal dan hem het eindklassement zagen winnen. Belg Tom Vannoppen reageerde giftig, cynisch en scherp van geest: 'Als Nys een koers aan een Nederlander kan verkopen, moet hij ook maar zien dat hij van de Nederlanders steun krijgt om in de top-5 te eindigen, [en dat valt blijkbaar lelijk tegen].'
Het Vlaams dagblad Het Nieuwsblad zag 'oorlog tussen [onze] veldrijders'. Toen hij thuis kwam, ging hij zonder gegeten te hebben in het donker nog gaan fietsen om te reflecteren over wat er gebeurd was die dag. Na dit moment van bezinning besloot Nys geen rekening meer te houden met anderen. Overal waar Nys zou starten was enkel een overwinning goed genoeg. Dit was een keerpunt in zijn carrière. Nys werd de komende jaren de absolute heerser in het veldrijden.
— Nys' beruchte interview na de Wereldbekermanche van Pijnacker op 15 februari 2004, waarna hij geen tegenstand meer duldde
Na het wonderjaar van zijn grote rivaal Bart Wellens, die het veldrijden domineerde in de seizoenen 2002-2003 en 2003-2004, en het debacle in Pijnacker won Nys de komende seizoenen alles wat er te winnen viel en werd hij de Keizer van het veldrijden en de Kannibaal van Baal genoemd, terwijl Wellens zich in komende seizoenen vaak vergaloppeerde met soms een lange vormdip tot gevolg. Wellens had bovendien extrasportieve zorgen.
2005–2009: Alleenheerschappij thumb|Sven Nys in 2007; de trui die Nys draagt was die voor de leider in de UCI-klassering Nys domineerde het volledige seizoen 2004-2005, met 25 overwinningen en winst in alle klassementen en het Belgisch kampioenschap in Wachtebeke. Het was de eerste keer dat dit gebeurde en het WK van 2005 in Sankt Wendel moest dan nog gereden worden. Nys pakte als kers op de taart zijn eerste wereldtitel bij de profs in het besneeuwde Duitse Sankt Wendel, voor Erwin Vervecken en Sven Vanthourenhout. In dit seizoen behaalde Nys als eerste veldrijder ooit de befaamde Grand Slam: hij won het Belgisch en wereldkampioenschap, bezette de eerste plaats op de UCI-ranglijst, won de GvA Trofee en de Superprestige. Geen enkele veldrijder deed hem dat ooit voor.
Na dit imposante seizoen ging Nys verder op zijn elan en won opnieuw alle klassementen en het Belgische kampioenschappen veldrijden. Hij was de titelverdediger op het WK van 2006 in Zeddam, maar moest op een bevroren ondergrond uiteindelijk opgeven na een harde valpartij op het ijs in de laatste ronde. Erwin Vervecken werd wereldkampioen.
In het seizoen 2006-2007 brak Sven Nys opnieuw een record door alle 8 wedstrijden te winnen in de Superprestige. In 2019 evenaarde de Nederlander Mathieu van der Poel zijn record. Van der Poel had vooraf veel respect. Nys stelde destijds: "Niemand doet mij dit nog na".
Nys won ook het eindklassement in de wereldbeker en de GvA Trofee. Op het Belgisch kampioenschap in Hamme-Zogge behaalde hij dat jaar de titel niet, omdat het parcours er loodzwaar bijlag en er voortdurend gelopen moest worden. De betere loper Bart Wellens herrees en won toen de wedstrijd.
Eind januari 2007 kreeg men voor het eerst sinds lang nog eens een gelaten en diep ontgoochelde Nys te zien. Voor Nys werd het WK van 2007 in Hooglede-Gits namelijk een fiasco. De weersomstandigheden waren de veldrijders ongunstig gezind. Eén legendarische valpartij van Bart Wellens én Nys, deed veel stof opwaaien. Wellens brak zijn pols nadat een televisiemotor hem ten val bracht (zie onder). Een dag later eiste Wellens een schadevergoeding van 60.000 euro van de organisatoren.