Het Dieselmaterieel '90 (DM '90), met als officiële bijnaam Buffel, was een serie Nederlands spoorwegmaterieel, bestaande uit 53 tweedelige dieselhydraulische treinstellen. De stellen zijn deels gebaseerd op het Stoptreinmaterieel '90, de Railhopper. De Buffels werden vanaf 1996 ingezet door de Nederlandse Spoorwegen en vanaf 1999 ook door Syntus. Bij de Nederlandse Spoorwegen deden de laatste treinstellen dienst tot 2017.

Geschiedenis De NS bestelde 53 treinstellen in 1993 bij Talbot, het huidige Bombardier, in Aken. De complete elektrische uitrusting, treinbesturing en diagnosefuncties werden door Holec Ridderkerk (inmiddels Alstom) geleverd. Duewag in Krefeld bouwde het interieur in en vanaf daar werden de treinstellen naar Nederland overgebracht. De 3401 kwam op 12 maart 1996 uit de fabriek in Krefeld gerold. In 1998 stelde NS het laatste treinstel, de 3453, in dienst.

Het was aanvankelijk de bedoeling om een vervolgserie tweewagenstellen te bestellen, en eventueel ook een DM'90-motorrijtuig (1-wagenstel) te ontwikkelen. Hiervan is niets terechtgekomen door de komst van nieuwe vervoerders op de diesellijnen.

Het materieel werd eind jaren 1990 op een groot deel van de niet-geëlektrificeerde spoorlijnen geïntroduceerd. In de periode erna werden veel van deze trajecten openbaar aanbesteed, waarbij in de meeste gevallen de exploitatie naar andere vervoerders ging. Syntus nam daarvoor een aantal DM'90 treinstellen over. Andere vervoerders maakten tijdelijk gebruik van enkele treinstellen. Een ander deel van het DM'90 verschoof tijdelijk naar een aantal stoptreindiensten op volledig geëlektrificeerde trajecten.

Op 13 december 2009 gingen de eerste vijftien stellen buiten dienst. Enkele dagen tot weken later waren ze alweer nodig om een deel van het door zwaar winterweer opgelopen materieeltekort op te vangen.

Inrichting en techniek Net als het Stoptreinmaterieel '90, het elektrische treinstel dat de basis vormde voor de Buffel, heeft het DM'90 een afwijkende maximumbreedte van 3,20 meter. Door een uitgekiend ontwerp van de bakvorm (met geknikte zijwanden) en de zijdelingse veeruitslag beperkt te houden is het mogelijk de bak 30 centimeter breder te maken dan de meeste treinen, en toch te voldoen aan het standaardprofiel. Dankzij de brede bak was het mogelijk om in de tweede klas vijf zitplaatsen in de breedte te creëren, maar hiervan is afgezien. DM'90 wordt aangedreven door twee dieselmotoren (6 cilinders in lijn) van Cummins (type NTA 855 R4) met elk een maximaal vermogen van 320 kW. De overbrenging is hydrodynamisch (Voith, type T211 rzze). DM'90 heeft een topsnelheid van 140 km/h. De Buffel kon in treinschakeling rijden met het oudere (eveneens dieselhydraulische) Wadloper-materieel, al was de maximumsnelheid dan beperkt tot die van de Wadloper, 100 km/h. De Buffel bood aan 135 reizigers een zitplaats (123 tweede klas en 12 eerste klas). De draaistellen waren van het type RMO 9000, dat ook voor het Dubbeldeksinterregiomaterieel gebruikt werd.Stork RMO 9000 bogies op flickr.com. Gearchiveerd op 6 april 2023.

Aanvankelijk zou DM'90 dezelfde kop krijgen als SM'90, maar op advies van de afdeling Marketing en Design werd alsnog de gestroomlijnde kop gebruikt die eigenlijk al eerder voor het SM'90 was ontwikkeld en die de reiziger meer zou moeten aanspreken.

De combinatie van schijfremmen en een rustige loop had als gevolg dat het materieel slecht werd gedetecteerd. Op de lijnen waar DM'90 reed, had de spoorwegbeheerder vaak assentellers geïnstalleerd. DM'90 had ATB-NG-apparatuur aan boord als treinbeïnvloeding. Drie treinstellen werden voor het grensverkeer vanuit Heerlen uitgerust met PZB en klaptredes. De Eisenbahn-Bundesamt (EBA) heeft er geen toelating voor gegeven.

In de treinstellen die de dienst tussen Zwolle en Kampen verzorgden, hingen tussen 2008 en 2013 informatieschermen met onder meer NS-reizigersinformatie voor het station Zwolle. Hiermee werd voldaan aan een voorwaarde van de provincie Overijssel bij de aanbesteding.Stentor en NS stappen in uniek project (Persbericht Stentor 04-04-2008)

Koeling en verwarming Om te hoge zomertemperaturen in de reizigersafdelingen tegen te gaan werden de dichte ramen vervangen door klapramen. De daken van alle DM'90-treinstellen van NS werden om dezelfde reden wit geschilderd. Omstreeks 1998 werden de machinistencabines voorzien van een airco-installatie. DM'90 werd verwarmd door een luchtverwarmingssysteem dat de restwarmte van de dieselmotoren gebruikt. Als de warmte-afgifte van de motoren onvoldoende is, schakelen elektrische verwarmingselementen in. Deze elementen kunnen worden aangesloten op de depotvoeding zodat voor het warm houden van de treinstellen op een opstelterrein de dieselmotoren niet hoeven te draaien. Dit beperkt geluids- en stankoverlast.

Foto's

Inzet thumb|Dieselmaterieel '90 vertrekt uit Kampen naar Zwolle; 23 maart 2012. De spoorlijnen waar DM'90 kwam te rijden werden, in de periode voorafgaand aan de inzet, met uitzondering van de Noordelijke Nevenlijnen, van ATB Nieuwe Generatie voorzien. Om de treindienst op deze trajecten niet te veel te belasten, werd het materieel vaak gefaseerd op een verbinding in dienst gesteld en reden de oude Plan U-treinstellen op het trajectdeel zonder ATB-NG. Het traject Doetinchem – Arnhem werd aangewezen als proeftraject voor het nieuwe dieselmaterieel. In de zomer van 1996 startte het proefbedrijf met de Buffels. In november dat jaar werd de treindienst vanuit Winterswijk met dit materieel gereden. Tussen november 1996 en juni 1997 reed het materieel op het traject Leeuwarden – Stavoren. In juni 1997 volgde de verbouwing van de Maaslijn (Nijmegen – Venlo – Roermond).

thumb|left|Syntus-treinstel 50 onderweg van Arnhem naar Tiel tijdens een stop te Hemmen-Dodewaard; 22 mei 2009. Begin 1998 keerden de treinstellen terug in het noorden en gingen ze rijden tussen Leeuwarden en Groningen. Eerst in de stoptreindienst en vanaf september dat jaar in de sneltreindienst die mogelijk was geworden door de gedeeltelijke verdubbeling van het traject. In mei 1998 was het Kamperlijntje (Zwolle – Kampen) geschikt voor de inzet van het DM'90 en vervingen de treinstellen het aldaar dienstdoende materieel Plan U. In augustus dat jaar gingen de treinstellen 3431-3433 tussen Heerlen en Aachen rijden. De stellen waren voor deze dienst voorzien van PZB en extra instaptreden. Het was in mei 1998 de bedoeling dat de Buffels de nieuwe halfuurdienst tussen Zwolle en Enschede zouden gaan rijden. Het baanvak was met het ingaan van de dienstregeling nog niet geschikt voor de treinstellen. Tijdens de verbouwingswerkzaamheden, waarbij slechts tussen Zwolle en Wierden werd gependeld, bleven de treinstellen Plan U hier rijden. Ook werd enige maanden busvervoer ingezet op deeltrajecten. De uiteindelijke halfuursdienst met DM '90 ging in januari 1999 van start. Tot de nieuwe dienstregeling 1999/2000 werd echter alleen tussen Zwolle en Wierden gereden.

thumb|Buffel 3446 in dienst van Arriva onderweg van Harlingen Haven naar Leeuwarden bij Dronrijp; 25 augustus 2007. Toen Syntus en NoordNed in de loop van 1999 en 2000 de treindienst op een aantal diesellijnen overnamen, namen zij ook enkele DM'90 treinstellen over. Deze bleven hierdoor rijden op de trajecten Leeuwarden – Groningen en Winterswijk – Doetinchem (later Arnhem), zij het voor de nieuwe vervoerder. Eind 2000 werden de treindiensten Zutphen – Apeldoorn en Zutphen – Hengelo overgenomen door het Dieselmaterieel '90. De Plan U-treinstellen bleven nog enkele maanden tussen Hengelo en Oldenzaal pendelen. Toen ook dit traject gereed was voor ATB Nieuwe Generatie werd de doorgaande treindienst Zutphen – Oldenzaal weer hersteld. In juni 2001 was het laatste dieseltraject gereed voor de Buffels en werden de treinstellen ook tussen Arnhem en Tiel ingezet. Diezelfde maand verdwenen de treinstellen van hun enige internationale verbinding. Duitse Talent-treinstellen namen de treindienst tussen Heerlen en Aken over.

In 2003 werd de treindienst tussen Zutphen en Oldenzaal overgenomen door Syntus. De vervoerder maakte hiervoor gebruik van LINT treinstellen. Hiermee verdween het DM '90 uit de reguliere treindienst op dit traject. Toen de treindienst Arnhem – Tiel door Syntus werd overgenomen, gingen hier DM'90 treinstellen van deze vervoerder rijden. Drie jaar later verdwenen de treinstellen door overname van de exploitatie door Veolia ook van de Maaslijn. Omdat NS met een overschot aan dieselmaterieel zat, werd besloten de treinstellen vanaf december 2006 in te zetten in de stoptreindienst op het geëlektrificeerde baanvak Zwolle – Groningen. Door de komst van Spurt treinstellen zette Arriva het DM'90 vanaf juli 2007 in tussen Harlingen Haven en Leeuwarden. In november 2007 keerde het laatste treinstel terug naar NS. De treinstellen bleven nog ruim anderhalf jaar vanuit Leeuwarden actief, van december dat jaar tot de zomer van 2009 reden ze een groot deel van de spitsstoptreinen tussen de Friese hoofdstad en Wolvega.

Doordat na sneeuwval in december 2009 en januari 2010 een tekort aan rijvaardig elektrisch materieel ontstond werd DM '90 weer ingezet in de stoptreinen tussen Leeuwarden en Wolvega en tussen Groningen en Zwolle. Verder werd DM'90 in speciale gevallen ook door Syntus ingezet tussen Zutphen – Hengelo en Oldenzaal en tussen Zutphen en Winterswijk.

Vanaf eind 2008 werd DM '90 ingezet als spitstrein op de Maaslijn tussen Venray en Nijmegen als gevolg van capaciteitsproblemen op dit baanvak. Op het traject Venray – Nijmegen nam het aantal reizigers sinds de komst van Veolia bovendien met 50 procent toe. Enkele malen moesten, met name op station Cuijk, reizigers achterblijven op het perron of stopte de trein in verband met te grote drukte zelfs helemaal niet. Veolia besloot vier tweedelige treinstellen te verlengen om zo de capaciteit te verhogen. Om de drukte enigszins op te vangen, werden vanaf 1 december 2008 twee DM '90-stellen ingezet door Veolia. Sinds eind 2009 zijn de vier Velios-treinstellen verlengd van twee tot drie bakken, en werden de 3446 en 3447 door Veolia teruggegeven aan de NS.

In de laatste jaren van de DM'90 (t/m 2017) werden de treinen bij NS nog op twee lijnen ingezet. Dat waren de Sprinterlijnen Zwolle – Kampen en Zwolle – Almelo – Hengelo – Enschede. Op deze lijnen hebben zij sinds 1998, resp. 1999, dat is dus circa 19 jaar dienst gedaan.

Afwijkende treinstellen NS nr. Syntus nr. In dienst bij Syntus sinds 3450 50 30 mei 1999 3451 51 30 mei 1999 3452 52 30 mei 1999 3453 53 30 mei 1999 3441 54 14 december 2003 3442 55 14 december 2003 3440 56 18 januari 2005 3438 57 1 april 2005 3439 58 1 april 2005 3437 59 11 juni 2007 3448 60 3 februari 2009 3449 61 3 februari 2009 3436 n.v.t. 18 december 2010 3447 n.v.t. 2 september 2011 3446 n.v.t. 23 september 2011 3435 n.v.t. 1 oktober 2011 3445 n.v.t. 28 oktober 2011 3422 n.v.t. 4 november 2011 3444 n.v.t. 3 december 2011

Sinds 1999 leaste Syntus treinstellen van het type DM'90. Uiteindelijk beschikte deze vervoerder over 18 treinstellen. Hiervan waren twaalf stellen vernummerd in 50-61. De overige zes stellen kregen geen Syntus-nummer. De oorspronkelijke nummers van deze stellen staan in de tabel. De treinstellen werden aangepast aan de huisstijl van Syntus, onder meer herkenbaar aan de witte vlakken op de zijwanden en het logo van de vervoerder onder de frontruit.

Ook NoordNed zette in de eerste jaren dat zij de Noordelijke Nevenlijnen exploiteerde enkele DM'90 treinstellen in. Het ging hierbij om de stellen 3446-3449. Zij behielden hun originele nummers. Op de plek van de NS-logo's kwam het logo van de vervoerder. Het logo van NoordNed bleef ook op de treinstellen staan toen Arriva in 2006 de laatste aandelen NoordNed overnam. In november 2007 verdween de laatste Buffel bij Arriva.