thumb|Standbeeld van Domitius Corbulo in Voorburg miniatuur|Beschoeiing van het kanaal van Corbulo in Leidschendam, 30 juni 2021 Het Kanaal van Corbulo (Latijn: Fossa Corbulonis, ook wel genoemd Gracht van Corbulo of Corbulogracht) is een omstreeks 50 n.Chr. gegraven Romeins kanaal in Zuid-Holland dat de mondingen van de Maas en de Rijn in de Hollandse delta met elkaar verbond. Delen van het kanaal bleven in gebruik tot ongeveer het jaar 270. Naast het kanaal werd een militaire weg aangelegd, beide maakten deel uit van de Neder-Germaanse limes.

Tacitus De Romeinse historicus Tacitus schrijft het volgende over de Gracht van Corbulo (Annales XI,20): Ut tamen miles otium exueret, inter Mosam Rhenumque trium et viginti milium spatio fossam perduxit, qua incerta Oceani vitarentur.

Om zijn soldaten bezig te houden, groef hij [Corbulo] een kanaal van 23 mijl tussen de Maas en de Rijn, om zo de gevaren van de oceaan te vermijden.

Geschiedenis Ondanks een succesvolle expeditie in het jaar 47 tegen de Frisii ten noorden van de monding van de Rijn, die onder leiding stond van de Romeinse generaal Gnaius Domitius Corbulo, de naamgever van het kanaal, besloot de Romeinse keizer Claudius I dat de Rijn de grens (Limes) van het Romeinse Rijk zou worden. Het leger trok zich daarop terug achter de Rijn. Om een snelle en veilige aanvoer van troepen, materieel en bevoorrading van de Maas naar de Rijn mogelijk te maken, en om zijn manschappen bezig te houden, heeft Corbulo vervolgens het 23 Romeinse mijlen (circa 34 km) lange verbindingskanaal laten graven. De legionairs maakten mogelijk deel uit van de legioenen Legio V Alaudae en Legio XV Primigenia. Waarschijnlijk hebben de soldaten slechts enkele kilometers hoeven te graven, omdat ze bestaande waterlopen met elkaar verbonden, namelijk in het zuiden de Gantel, die uitmondde in het Helinium, de monding van de Maas, en in het noorden de Vliet, die uitmondde in de Rijn. Waar de Vliet, bij de huidige Lammebrug naar het noordwesten afboog, liep het Kanaal van Corbulo rechtdoor, langs het tegenwoordige Rijn-Schiekanaal om bij het castellum Matilo, aan de Limes, in de Rijn uit te komen. De exacte loop van het kanaal is niet over de volle lengte bekend, maar op verschillende plaatsen is het kanaal archeologisch aangetoond, onder meer door teruggevonden beschoeiingen. Het is aannemelijk dat het kanaal een Romeinse legerplaats bij Naaldwijk verbond met Matilo (in de nu bebouwde Room- of Meerburgerpolder bij Leiden). Via het kanaal kon ook het fort dicht bij de kust bij de Vicus van Ockenburgh bereikt worden. Het kanaal diende oorspronkelijk om schepen van de Romeinse militaire vloot Classis Germanica tussen de Maas en de Rijn te kunnen verplaatsen, zonder de gevaarlijke Noordzee te hoeven trotseren. De schepen die in die periode in deze streek werden gebruikt, waren voornamelijk kleine platbodems, zoals teruggevonden in Zwammerdam, Woerden en De Meern, die niet zeewaardig waren.

thumb|150px|left|Romeinse platbodem uit de 1e eeuw (gevonden in Mainz) De doorgraving leidde al snel tot problemen op de waterscheiding van de Maas en de Rijn bij Leidschendam. Hier is in of na het jaar 49 een dam met overtoom gemaakt. Er zijn dendrochronologische aanwijzingen uit Matilo dat het kanaal naar aanleiding van het bezoek van keizer Hadrianus aan de regio in het jaar 121 werd gerenoveerd.Lendering (2003) De verlanding van de Gantelkreek in de eerste eeuwen na Chr. maakte een nieuwe, kortere doorsteek naar Naaldwijk noodzakelijk.

Romeinse weg Parallel aan het kanaal werd een Romeinse weg met mijlpalen aangelegd. De oudste gevonden mijlpaal, uit het jaar 151, is gevonden in het Wateringse veld. Het Corbulo kanaal werd in de tweede eeuw vooral gebruikt voor de aanvoer van goederen van de Maas naar de Romeinse stad Forum Hadriani (Voorburg), die ook een insteekhaven had. In dezelfde periode raakte het traject Forum Hadriani-Matilo mogelijk in onbruik en verlandde.Buijtendorp (2010), blz 142-145 In de derde eeuw werd de Romeinse weg langs het kanaal nog ten minste drie keer gerenoveerd (in 213, 240 en 250), maar met de ontvolking van de streek rond 270, na de val van het Gallische keizerrijk, raakte het kanaal helemaal in onbruik. Sinds 1912 zijn op veel plaatsen in Zuid-Holland stukken van het tracé blootgelegd. De route loopt deels parallel aan de huidige Vliet.

Tracé Historische opvattingen thumb|150px|left|Kaart van Ortelius uit 1584 (herdruk 1594) met de Lek als het kanaal van Corbulo In de renaissance herontdekte men het werk van Tacitus en werd er volop gespeculeerd waar het kanaal kon liggen. De oudste kaart waar het kanaal van Corbulo staat ingetekend, is van Ortelius uit 1584. Ortelius laat het kanaal samenvallen met de rivier de Lek. Aernout van Buchel schrijft aan het begin van de zeventiende eeuw in zijn opsomming van oude inscripties in de buurt van Leiden dat het Huis te Keubel (Coebel, nabij ter Wadding) de vesting van Corbulo was nam secundum opinionem quorundam, de oude Vliet, pars fuit fossae Corbulonis ("want volgens sommigen was de oude Vliet een onderdeel van de gracht van Corbulo"). (manuscript 1588-1641), Inscriptiones monumentaque in templis et monasteriis Belgicis inventa, p96 online Ludolph Smids beschrijft in 1711 (1711) Schatkamer der Nederlandsche Oudheden enz, uitg. Pieter de Coup, Amsterdam, p180-183 online de levendige discussie die toen woedde over de locatie van het kanaal: de Lek, de Vliet, de Gouwe, de Hollandse IJssel, de Linge en de Roovaart bij Steenbergen worden als mogelijke locatie geopperd. Isaak Tirion publiceerde in 1750 een kaart (1750) Naauwkeurige kaart van het oude Nederland en eenige aangrenzende gewesten, Amsterdam online. Gearchiveerd op 13 augustus 2023. van de Romeinse geografie van Nederland waar hij de Vliet en Schie laat samenvallen met het kanaal van Corbulo. In de geschiedkundige atlas van uitgeverij Brinkman (ca. 1890) is het kanaal van Corbulo afwezig. Een rechte verbinding tussen Rijn en Maas via Voorburg is te vinden in historische atlassen van Hettema (1927), 1927, HBS-uitgaaf van den Historische Schoolatlas, W.E.J. Tjeenk Willink, Zwolle, 11e druk, Westermann (1972) Westermann Großer Atlas zur Weltgeschichte, Georg Westermann Verlag, en Vermaseren (1977), 1973, Atlas Algemene en Vaderlandse Geschiedenis, Wolters-Noordhoff, Groningen, 96p. Bloemers (1978) toonde in detailkaarten de verbinding Voorburg-Gantelkreek, en die vinden we ook terug in de kaartjes die bij de tentoonstelling "De Romeinen in Zuid-Holland" werden gepubliceerd.De Romeinen en de Limes in Zuid-Holland, Provinciaal Historisch Centrum Zuid-Holland, 2008, blz. 11, online web.archive.org In de wetenschappelijke Limes Atlas (2005) wordt het kanaal van Corbulo echter nog steeds gelijkgesteld aan het Rijn-Schiekanaal,Kaart Nederland omstreeks 200, blz 28, in: Limes Atlas, 2005, Ed. , 010 Uitgevers Rotterdam, 208p, online wat overgenomen werd in de Bosatlas van de geschiedeniscanon (2008). In de Bosatlas van de geschiedenis van Nederland uit 2011 is de loop van het kanaal weergegeven volgens de laatste archeologische inzichten.Bosatlas van de geschiedenis van Nederland, 2011, Noordhoff Uitgevers, 576p,

Kennis begin 21e eeuw miniatuur|Reconstructie van de kanaalkade en een platbodem voor de noordwestelijke poort in Matilo (Leiden) De moderne opvatting, gestoeld op op wetenschappelijke wijze verzamelde aanwijzingen, gaat ervan uit dat het kanaal gelegen was in een smalle strook land tussen de zandgronden van de oude duinen aan de westkant, en de veengebieden ten oosten van het kanaal. Begonnen bij de Rijn aan de noordwestkant van Matilo wordt het kanaal teruggevonden bij de insteekhaven van het Rijn-Schiekanaal in RoomburgBrandenburgh en Hessing (2005) blz 20 en in de Starrenburgerpolder in Voorschoten. Dan is de loop onduidelijk tot Rietvink en Damplein in Leidschendam. De "Nieuwe Geologische Kaart" uit 2007 toont vervolgens een kronkelend verloop van kreken aan de oostkant van het Rijn-Schiekanaal met een grote boog naar buitenplaats Leeuwenbergh. (2007) Nieuwe Geologische Kaart van Den Haag en Rijswijk, Den Haag, , online Bij Forum Hadriani (Voorburg) valt de Corbulogracht samen met de huidige Vliet. Er werd hier een Romeinse insteekhaven aangetroffen. In Rijswijk volgde het kanaal de Winston Churchilllaan.Raczynski-Henk, Y. (2014) Zoektocht naar het Kanaal van Corbulo bij de Sir Winston Churchilllaan te Rijswijk. Rijswijkse Archeologische Rapporten, nr 48 Dan wordt het verloop weer onzeker: volgens Hans Koot, archeoloog van Rijswijk, volgt het kanaal vanaf het Bogaardplein de oude Gantelkreek.Koot (2008), blz 63,78 Ab Waasdorp, archeoloog van Den Haag, is van mening dat het tracé parallel loopt aan de Romeinse weg: Oosteinde via de Heulweg in Wateringen naar de Middelbroekweg in Naaldwijk.Waasdorp en Kersing (2003) Zeker vanaf de 2e eeuw (oudste mijlpalen) is het laatste, korte tracé naar Naaldwijk het meest waarschijnlijk, omdat de Gantelkreek toen al volledig verland was.Koot (2008), blz 73 Bij de Naaldwijkse haakwal boog het kanaal af en liep hoogstwaarschijnlijk via het Vlietje, van de Vlietpolder naar de Lee waar het uitmondde in de Maas. (2020): Geschiedenis van het Westland. Van Romeinse nederzetting tot Tuin van Europa., Walburg Pers, Zutphen, pagina 19-20

Archeologisch onderzoek thumb|Ruitermasker gevonden in het Kanaal van Corbulo in Matilo, 1996 thumb|Bouwput Damplein Leidschendam, september 2009 thumb|Aanwijzingen voor een jaagpad naast het kanaal van Corbulo, Leidschendam-Voorburg, oktober 2006thumb|Fragment van een bronzen plaat van de Romeinse Rijnvloot Classis Germanica gevonden in Naaldwijk II, 2004

Leiden Al in 1912 werd bij de aanleg van een insteekhaven in het Rijn-Schiekanaal bij Leiden een verteerd Romeins schip gevonden, de archeoloog Holwerda was er te laat bij om het te beschrijven: er rest slechts aardewerk uit de lading. In 1960 is tijdens aanleg van de Rivierenwijk in Leiden door Bogaers de beschoeiing van de noordkant van het kanaal gevonden. Grondboringen wezen toen uit dat het scheepswrak van 1912 midden in de kanaalbedding had gelegen. Een stukje verderop werd in 1996 tijdens een uitgebreide opgraving in de omgeving van het Romeins castellum Matilo in de Leidse wijk Roomburg de zuidelijke beschoeiing van het kanaal blootgelegd, ook werd in de kanaalbedding een ruitermasker gevonden. Sinds 2011 is de beschoeiing gereconstrueerd zichtbaar in het Archeologisch Park Matilo.

Voorschoten Bij onderhoud door het Hoogheemraadschap Rijnland werden in 2015 in de Starrenburgerpolder sporen van het kanaal gevonden. Archeologen ontdekten palen op regelmatige afstand, vermoedelijk te dateren op omstreeks 50 n.Chr.

Leidschendam Opgravingen vonden plaats in 1989–1992, in 2004, 2006, 2009, 2017 en 2021 bij Leidschendam. Uit dendrochronologisch onderzoek is vastgesteld dat het ging om een kanaal met een beschoeiing die rond 50 n.Chr. was geplaatst.De Kort (2009); De Kort & Raczynski-Henk (2014) Het kanaal was twaalf tot veertien meter breed en ca. twee meter diep en er zijn sporen aangetroffen van een jaagpad langs het kanaal. Hier zijn, net als op enkele andere locaties, aanwijzingen gevonden dat het kanaal fases kent en dat er herstelwerkzaamheden hebben plaatsgevonden. Daarnaast zijn in Leidschendam sporen gevonden die worden geïnterpreteerd als een overtoom. In de wijk de Rietvink in Leidschendam is een reconstructie van het kanaal gemaakt, compleet met houten brug naar Romeins voorbeeld. Op 17 september 2009 werd in de bouwput van het Damplein in Leidschendam het tracé van het kanaal blootgelegd. Door archeologisch adviesbureau RAAP werd in 2017 een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd tussen de Veurseweg en de Vliet. In juni 2021 werd opnieuw een stuk van het kanaal aangetoond op een bouwplaats op de hoek van de Oude Trambaan en de Rijnlandstraat.Het Krantje online 30 juni 2021. Gearchiveerd op 11 juli 2021. De beschoeiing van noord- en zuidoever werd aangetroffen.

Voorburg