In België worden politieke verkiezingen georganiseerd om de vertegenwoordigers (van het volk) voor wetgevende organen aan te duiden, er wordt niet gekozen voor uitvoerende organen of functies.
Overzicht Dit is een overzicht van raden waarvoor Belgische burgers rechtstreeks of onrechtstreeks vertegenwoordigers kunnen kiezen:
Niveau Raad Normale duurvan de legislatuur Laatsteverkiezing Volgendeverkiezing Aantal leden Kieskringen Kiezers (stemrecht) Supranationaal Europees Parlement 5 jaar 2024 2029 22 (van de 720) 3 Belgen in België, EU-burgers in België en Belgen in het buitenland Intergouvernementeel Benelux-parlement n.v.t. n.v.t. n.v.t. 21 (van de 49) onrechtstreeks onrechtstreeks (door leden van alle parlementen in België) Federaal Kamer van volksvertegenwoordigers 5 jaar (3) 2024 2029 150 11 Belgen in België en Belgen in het buitenland Federaal Senaat 5 jaar (3) 2010 n.v.t. 60 (4) onrechtstreeks (4) onrechtstreeks (door leden van alle parlementen in België) Regionaal Vlaams Parlement 5 jaar 2024 2029 118/124 (2) 5/6 (2) Belgen in het Vlaams Gewest en Brussel-Hoofdstad Regionaal Brussels Hoofdstedelijk Parlement 5 jaar 2024 2029 89 1 Belgen in Brussel-Hoofdstad Regionaal Waals Parlement 5 jaar 2024 2029 75 11 (13 tot 2018) Belgen in het Waals Gewest Regionaal Parlement van de Duitstalige Gemeenschap 5 jaar 2024 2029 25 1 Belgen in de Duitstalige Gemeenschap Regionaal Parlement van de Franse Gemeenschap 5 jaar 2024 2029 94 onrechtstreeks onrechtstreeks (door Waalse Parlementsleden en Franstalige Brusselse Parlementsleden) Lokaal Provincieraad 6 jaar 2024 2030 verschillend verschillend Belgen in die provincie Lokaal Gemeenteraad (1) 6 jaar 2024 2030 verschillend één per gemeente/district Belgen en alle buitenlanders (EU en niet-EU) in die gemeente
In de rand van de gemeenteraadsverkiezingen worden ook 9 Antwerpse districtsraden en 7 OCMW-raden en schepencolleges in enkele faciliteitengemeenten verkozen. De zesde kieskring is voor zes vertegenwoordigers van Nederlandstaligen in Brussel, die enkel bij gemeenschapsmateries kunnen stemmen. De overige vijf (provinciale) kieskringen kunnen zowel voor gemeenschaps- als gewestbevoegdheden stemmen. Het vlinderakkoord verlengde de duur van de federale legislatuur van 4 naar 5 jaar. Het vlinderakkoord schafte de rechtstreekse verkiezing van de Senaat af.
Kiessysteem en stemrecht
Bij alle verkiezingen in België is er evenredige vertegenwoordiging (Art. 62, Grondwet). Bij de gemeenteraadsverkiezingen is dit door middel van methode-Imperiali, bij alle andere (van het provinciale tot het Europese niveau) wordt methode-D'Hondt gebruikt. Bij de Europese verkiezingen wordt er echter slechts één Duitstalige verkozen binnen het Duitse kiescollege, wat de facto zorgt voor een "Angelsaksisch" first-past-the-post-systeem.
In België geldt een opkomstplicht voor alle verkiezingen, uitgezonderd de lokale verkiezingen in Vlaanderen (provincieraads- en gemeenteraadsverkiezingen). Elke kiezer heeft recht op slechts één stem (algemeen enkelvoudig stemrecht).
Zowel om te mogen kiezen als om verkiesbaar te zijn moet men minstens 18 jaar zijn. Om verkiesbaar te zijn voor de federale en Europese verkiezingen moest men 21 jaar zijn, maar dit werd in 2014 verlaagd tot 18 jaar door het vlinderakkoord.
EU-burgers vanaf 18 jaar die in België wonen kunnen zich inschrijven om te stemmen voor Europese en gemeenteraadsverkiezingen, een recht vastgelegd in Europese verdragen. Niet-EU-burgers kunnen zich enkel inschrijven om te stemmen bij gemeenteraadsverkiezingen, indien ze minstens vijf jaar in België wonen. Dit laatste migrantenstemrecht werd in 2004 ingevoerd na hevig politiek debat. Belgische burgers die in het buitenland wonen kunnen zich registreren in een diplomatieke of consulaire post in hun land van verblijf, om bij Europese en federale verkiezingen te stemmen. Voor al deze groepen is inschrijven niet verplicht, maar eens geregistreerd vallen ze in theorie wel onder de opkomstplicht.
Evolutie van de kieskringen Bij verkiezingen wordt een kieskring gedefinieerd als het gebied waarin op dezelfde kandidaten kan worden gestemd. Het is tevens het laagste niveau waarop zetels worden toegekend. In de loop van de jaren werden de kieskringen voor de diverse verkiezingen door nieuw kieswetgeving herhaaldelijk gewijzigd
Europese Verkiezingen Europa 1979-1989 1994-heden Europees Parlement Kiescollege per taalgemeenschap* (2) - Kieskringen (3) Kiescollege per taalgemeenschap** (3) - Kieskringen (4) (*) Nederlandstalig en Franstalig(**) Nederlandstalig, Franstalig en DuitstaligVerkiezingen voor het Europees Parlement
Federale Verkiezingen Federaal 1831-1991 1995-1999 2003-2010 2014-heden Kamer van volksvertegenwoordigers Kiesarrondissement (44-30) Kiesarrondissement (20) Provinciale kieskring (9) + Brussel-Halle-Vilvoorde + Leuven Provinciale kieskring (10) + Brussel Senaat Kiesarrondissement (38-21) Kiescollege per taalgemeenschap (2) Kiescollege per taalgemeenschap (2) Niet meer rechtstreeks verkozen
Deelstaatverkiezingen Behalve voor de Duitstalige gemeenschap, waren er voor het Vlaamse en Waalse Parlement tot voor 1995 geen rechtstreekse verkiezingen. De leden van de voorlopers van deze parlementen (respectievelijke Vlaamse Raad of Nederlandse Cultuurraad en Waalse gewestraad) waren leden van de Kamer van volksvertegenwoordigers die een dubbelmandaat uitoefenden. Ze waren dus gelijktijdig lid van beide parlementen.
Regionaal 1974-1990 1989 1995-1999 2004-heden Vlaams Parlement geen rechtstreekse verkiezing Kiesarrondissement (11) Provinciale kieskring (5) + Brussel Waals Parlement geen rechtstreekse verkiezing Kiesarrondissement (13) Brussels Hoofdstedelijk Parlement geen rechtstreekse verkiezing Brussel-Hoofdstad (1) Kieslijsten per taalgemeenschap (2) Parlement van de Duitstalige Gemeenschap Duitstalige Gemeenschap (1)
Provinciale verkiezingen Provinciaal 1836-1921 1921-heden Provincieraad Kantons Provinciedistricten
De Provinciewet van 1836 regelde alles omtrent de provincies, inclusief de provincieraadsverkiezingen. De Provinciekieswet van 1921 voerde evenredige vertegenwoordiging en dus grotere kieskringen in.
Europese verkiezingen Bij de Europese verkiezingen in België worden er 22 leden (aantal 2024) aangeduid voor het Europees Parlement. De verkiezingen voor dit parlement in België worden georganiseerd door federale overheid. De verkiezingen worden per taalgroep gehouden:
Kiescollege Kieskring Aantal te verdelen zetels 30px Nederlands kiescollegeVlaamse kieskring Kieskring Brussel-Hoofdstad (Nederlandstalige lijsten) 12 (+ 7 opvolgers) 30px Frans kiescollegeWaalse kieskring (uitgezonderd de Duitstalige gemeenten) Kieskring Brussel-Hoofdstad (Franstalige lijsten) 8 (+ 6 opvolgers) 30px Duits kiescollegeDuitstalige kieskring 1 (+ 6 opvolgers)
Het Nederlandse taalgebied (Vlaams Gewest) kan enkel een stem uitbrengen voor Nederlandstalige lijsten, en idem dito voor het Franse en Duitse taalgebied (samen het Waals Gewest). Inwoners van het tweetalige taalgebied Brussel-Hoofdstad (Brussels Gewest) kunnen kiezen tussen Nederlandstalige en Franstalige lijsten. Vóór de uitvoering van het Vlinderakkoord was dit laatste het geval voor heel Brussel-Halle-Vilvoorde. Dit is echter nog steeds zo voor de zes Vlaamse faciliteitengemeenten rond Brussel, gegroepeerd in het kieskanton Sint-Genesius-Rode, die nog kunnen kiezen voor een Brusselse lijst (bijzondere wet op basis van de Grondwet Art. 168bis). Voor de inwoners van Komen-Waasten en Voeren is er de mogelijkheid om hun stem uit te brengen in resp. Heuvelland en Aubel.
Het Duitstalig kiescollege werd in 1994 opgericht.
Historische aantallen te verkiezen leden:
Kiescollege 1979 1984 1989 1994 1999 2004 2009 2014 2019 2024 30px Nederlands kiescollege 13 13 13 14 14 14 13 12 12 13 30px Frans kiescollege 11 11 11 10 10 9 8 8 8 8 30px Duits kiescollege - - - 1 1 1 1 1 1 1 Totaal 24 24 24 25 25 24 22 21 21 22
Federale verkiezingen Bij de federale verkiezingen worden er nieuwe leden aangeduid voor de Kamer van volksvertegenwoordigers en tot in 2014 voor de Senaat. In de Kamer worden alle 150 leden rechtstreeks verkozen. In de Senaat werden tot 2012 slechts 40 van de meer dan 71 leden rechtstreeks verkozen; sinds 2014 telt de Senaat geen enkel rechtstreeks verkozen lid. Er komen nieuwe verkiezingen binnen de 40 dagen nadat het parlement ontbonden wordt. Dat kan gebeuren om verschillende redenen: Nadat de regering niet meer voldoende steun heeft in het parlement (dus gevallen is) en er kan geen nieuwe bestuursmeerderheid gevormd worden, wordt het parlement ontbonden. Het parlement ontbindt zichzelf van rechtswege (Art. 195 Gw.) als er een wet wordt gestemd met daarin een lijst van artikelen ter Herziening van de Grondwet. Het parlement zal zichzelf ontbinden na 5 jaar legislatuur. Om te mogen deelnemen aan de verkiezingen moet je minstens 18 jaar zijn. De verkiezingen voor het federale parlement worden georganiseerd door federale overheid, namelijk de FOD Binnenlandse Zaken.Directie van de Verkiezingen
Kamer De verkiezingen voor de kamer gebeuren in 11 kieskringen. Elke kieskring heeft een aantal vertegenwoordigers die ze naar het parlement mag sturen afhankelijk van het aantal inwoners. In elke kieskring zullen er zich dus andere lijsten aan de kiezers voorstellen. Voor de kamer lopen de grenzen van de kieskringen gelijk met de provinciegrenzen, en voor het provincieloze arrondissement Brussel-Hoofdstad is er een aparte kieskring.Artikel 87 van het Kieswetboek: "De verkiezingen voor de Kamer van volksvertegenwoordigers worden gehouden per kieskring. Elke provincie vormt een kieskring. Het administratief arrondissement Brussel-Hoofdstad vormt eveneens een kieskring." Dit is zo sinds 2012 na het Vlinderakkoord, hieronder staan de nieuwe kieskringen naast de oude kieskringen:
Kieskringen 2012-heden Aantal zetelste verdelenKoninklijk besluit van 31 januari 2013 tot indeling van de leden van de Kamer van volksvertegenwoordigers over de kieskringen Kieskringen 2002-2012 30px Antwerpen 24 idem 30px Limburg 12 idem 30px Oost-Vlaanderen 20 idem 30px West-Vlaanderen 16 idem 30px Henegouwen 18 (was 19)Koninklijk besluit van 22 januari 2003 tot indeling van de leden van de Kamer van volksvertegenwoordigers over de kieskringen idem 30px Luik 15 idem 30px Luxemburg 4 idem 30px Namen 6 idem 30px Brussel-Hoofdstad 15 22 30px Brussel-Halle-Vilvoorde 30px Vlaams-Brabant 15 7 30px Leuven 30px Waals-Brabant 5 30px Nijvel
De kiesdrempel is zoals bij andere verkiezingen 5 procent. In de oude arrondissementele kieskringen (dus ook nog in Leuven, Nijvel en BHV tot aan de splitsing van BHV) was er geen wettelijke kiesdrempel en was er nog het systeem van apparentering voor de toewijzing van restzetels.
Sinds de Pacificatiewet hebben kiezers van Voeren en Komen-Waasten de mogelijkheid om te stemmen in respectievelijk de kieskring Luik en West-Vlaanderen. Sinds de splitsing van BHV hebben inwoners van de zes randgemeenten een vergelijkbare mogelijkheid om hun stem uit te brengen op een Brusselse lijst.
De voormalige 20 arrondissementele kieskringen waren als volgt (hervormd in 2002; die van Brabant pas in 2012):
Senaat De Senaat telt sinds 2014 60 leden, allen niet rechtstreeks verkozen. Ze worden als volgt aangeduid: 50 deelstaatsenatoren: 29 senatoren aangewezen door het Vlaams Parlement uit het Vlaams Parlement of uit de Nederlandse taalgroep van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement 10 senatoren aangewezen door en uit het Parlement van de Franse Gemeenschap (die zelf is samengesteld uit alle leden van het Waals Parlement en enkele leden van de Franse taalgroep van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement) 8 senatoren aangewezen door en uit het Waals Parlement 2 senatoren aangewezen door en uit de Franse taalgroep van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement 1 senator aangewezen door en uit het Parlement van de Duitstalige Gemeenschap 10 gecoöpteerde senatoren