André Gerardus Hazes (Amsterdam, 30 juni 1951 – Woerden, 23 september 2004), postuum ook wel bekend als André Hazes sr. ter onderscheid van zijn gelijknamige zoon, was een Nederlandse volkszanger en kroegbaas. Vanaf de late jaren 70 verwierf hij grote populariteit in Nederland en Vlaanderen met zijn eigentijdse vertolking van het levenslied. Hazes geldt als een van de succesvolste artiesten binnen het genre.

Zijn grootste hits omvatten Eenzame kerst (1976), Een beetje verliefd (1981), Ik meen 't (1985), Wij houden van Oranje (1988), Bloed, zweet en tranen (2002). Na zijn dood werden Zij gelooft in mij (2004) en Blijf bij mij (2007, met Gerard Joling) opnieuw uitgebracht. Hazes bracht in totaal meer dan 300 nummers uit op 26 studioalbums, exclusief compilatie- en live-albums.

Levensloop Jeugd thumb|left|AVRO Weekend Show, 8-jarige André Hazes zingt Droomschip met Johnny Kraaijkamp (3 oktober 1959) André Hazes werd geboren in de Gerard Doustraat 67-III te Amsterdam en bracht zijn jeugd door in de volkswijk De Pijp. Hazes had vier broers en een zus. Zijn oudste broer, Joop Hazes, was ook zanger. Zijn zangtalent werd op 5 mei 1959 ontdekt door Johnny Kraaijkamp sr., toen André op de Albert Cuypmarkt stond te zingen. Zodoende verdiende hij geld om een cadeautje te kopen voor zijn moeder die de volgende dag jarig was. Hierna werd hij door Kraaijkamp als kindsterretje gelanceerd in het televisieprogramma AVRO's weekendshow. Er werden twee singles gemaakt: Droomschip en Juanita, maar de kleine Hazes brak niet door. Wel kwamen er verschillende aanvragen binnen voor optredens, maar deze werden door Kraaijkamp afgewimpeld zodat Hazes zich kon richten op school. De vader van Hazes had namelijk een geldboete gekregen voor het drie keer schoolverzuim dat zijn zoon had gepleegd voor het televisieprogramma. Door zijn optreden kreeg Hazes in november de beroemde zangeres Caterina Valente thuis op bezoek.

Loopbaan Jaren 70 Hazes zijn eerste baantje was op zijn veertiende bij de Draka fabriek in Amsterdam-Noord. Toen hij voor de tweede keer werd "ontdekt", werkte Hazes als barman in café De Krommerdt."André Hazes, de zingende barman van café de Krommerdt in de Witte de Withstraat" Stadsdeelkrant Amsterdam West. Gearchiveerd op 7 juli 2021. Over de 'tweede ontdekking' van Hazes tekende biograaf Jos van Zoelen twee versies op: een van producer en arrangeur Job Maarse en een van Tonny Verbrugge, de zoon van Willy Alberti. In september 1976, aldus Maarse, bood Hazes zijn nummer Eenzame Kerst (geschreven door Hazes zelf en zijn neef Tonnie Leroy) aan aan producers Hans van Hemert en Roy Beltman, die er allebei niks in zagen.Jos van Zoelen, André Hazes en ik. Onder redactie van Hans van den Heuvel. Maassluis: Centertainment/Pop Archief NL/ The Devil Himself, 2014. , p. 211 Daarop stuurde hij een cassette naar Willy Alberti. Alberti belde producer en arrangeur Job Maarse op: 'Het is een apart lied, maar het heeft iets.'Geciteerd bij Van Zoelen, p. 211 Toen Maarse de demo hoorde, zei hij: Jongen, dat is een dikke hit. Maar dat moet jij niet zingen. Dat moet die gast zelf zingen. Wat een stem! Wie is dat? Maarse nam contact op met Hazes en vroeg hem of die het zelf wilde opnemen.

Volgens Tonny Alberti kwam de vrouw van Hazes, Annie, met de cassette langs in de platenzaak van Alberti in Amsterdam. Tonny was meteen onder de indruk en nodigde Hazes uit om bij zijn ouders langs te gaan.Van Zoelen, p. 333-334 Volgens hem zou Willy Alberti na beluistering gezegd hebben: 'Dit ga je zelf doen. Jij moet morgen om elf uur hier zijn, dan gaan wij naar Phonogram.'Geciteerd bij Van Zoelen, p. 334

Producer Maarse associeerde het nummer met een Jordaan-geluid en bracht drie accordeonisten die dat geluid konden produceren, naar de studio: Coen van Orsouw, Harry Mooten en Jan Gorissen. Vijf dagen later werd het lied in een Hilversumse studio opgenomen.Van Zoelen, p. 211 Aanvankelijk werd het niet op de radio gedraaid en in vijf weken werden er ongeveer 67 exemplaren verkocht.Van Zoelen, p. 212 Toen dj Hugo van Gelderen het op de toenmalige radiozender Hilversum 3 draaide, kwam het de hitparade binnen. In de Nationale Hitparade steeg het nummer van de zestiende naar de eerste plaats. De opvolgers Mamma (april 1977) en De vlieger (oktober 1977) waren bescheiden successen.

In april 1977 nam hij een nachtclub over van Johnny Meijer op het Rembrandtplein samen met een vriend. De volgende maand zou Hazes zijn eerste optreden hebben, waarbij hij zakelijk gecoacht werd door Cor Coster. Uiteindelijk brak Hazes met de nachtclub op het Rembrandtplein, omdat hij meer geld wilde. Hazes raakte door het succes vrienden kwijt, kreeg stemproblemen waar hij aan geopereerd moest worden en kwam in scheiding met zijn eerste vrouw. Hazes vond dat hij door zijn platenmaatschappij Phonogram niet goed was begeleid. Hazes raakte na zijn succesvolle jaar (1977) hierdoor naar eigen zeggen twee jaar in de goot, totdat hij zijn tweede vrouw ontmoette, die hem eruit trok. Zij verdiende in die tijd het geld.

Eind jaren '70 was hij uitbater van Café 't Zwaantje aan de Jonkheer Ramweg in Schalkwijk.

Jaren 80 thumb|Hazes in 1982 Bij platenmaatschappij EMI waar hij in 1980 een exclusief contract tekende, nam hij met producer Tim Griek de nummers 'n Vriend en Een beetje verliefd op en het bijbehorende album Gewoon André (ook aanwezig was producer Coen van Vrijberghe de ConinghAlles wordt verkloot voor het tot leven komt, de Volkskrant, 17 februari 1995. op 7 januari 2016.). Met Een beetje verliefd brak hij definitief door bij het grote publiek. Vele hitsingles volgden.

In oktober 1980 werd Pim ter Linde de manager van Hazes, gevolgd door André van Keulen. Hazes kwam steeds vaker op televisie zoals in de programma's Op volle toeren, Dag '80, hallo '81 en De Willem Ruis Lotto Show. In 1981 kreeg Hazes van Conamus de Zilveren Harp, wegens het verdienstelijk maken voor het Nederlandse lied. Door het hernieuwde succes besloot Hazes zijn oude platenmaatschappij oude opnamen van Hazes in de roulatie te brengen, tot ongenoegen van Hazes zelf.

Vanaf maart 1982 was Hazes de hoofdact in de avondvoorstellingen van Showcircus Joop van den Ende (Circus Bassie en Adriaan). Na een maand werd de samenwerking verbroken, omdat zijn optredens toch niet in de circusformule pasten. In mei 1982 bracht Hazes zijn eigen boek uit: Ik lach me kapot.

In december 1982 was Hazes te zien in de Van den Ende geproduceerde film De boezemvriend. Op 28 november 1982 gaf Hazes een groot concert met orkest in het Amsterdamse concertgebouw (dat hij zelf afhuurde). Voor dit concert viel hij in twee maanden 16kg af. Het concert werd een groot financieel succes.

Per 1 maart 1983 bracht hij zijn artistieke en commerciële belangen onder in zijn eigen productiemaatschappij: Melvin Producties b.v. Jos van Zoelen werd nu de manager van André Hazes. Op 25 maart 1983 stond Hazes vervolgens voor het eerst met een concert in Ahoy. Op 16 en 17 mei trad Hazes - in leren jack- samen met Herman Brood op tijdens het benefit-gala Het Gebaar voor Amnesty International in Carre, waarbij hij -in tegenstelling tot zijn dan eigen repertoire- de blues zong.

Een jaar later volgde een tweede concert in Ahoy. In 1984 had hij bij de VARA een eigen televisieserie Zoals u wenst mevrouw, waar ook zijn concert in Ahoy uit 1984 werd uitgezonden. In 1985 volgde de televisieshow Een avond met Andre met liedjes en sketches.

Na een succesvolle periode kreeg Hazes halverwege december 1985 drie maagbloedingen waardoor hij stopte met optreden, en kreeg hij kort daarop in februari 1986 een auto-ongeluk. Vanaf april kon hij langzaam weer werken aan het nieuwe album Innamorato met Italiaanse muziek. Toch besloot Hazes in 1986 niet meer op te treden en meer tijd door te brengen met het gezin. Zo kreeg zijn vrouw geestelijke moeilijkheden. Als alternatief begon hij samen met inmiddels beste vriend en vaste producer Tim Griek een aannemersbedrijf. Pas in augustus stond een optreden voor publiek weer gepland, al gaf Hazes aan liever een normaal leven te willen hebben waarbij hij iedere avond gewoon thuis is. Pas op 21 januari 1987 kwam er een einde aan de rustperiode, waarbij Hazes een optreden gaf in de Jaap Edenhal in Amsterdam. Op 20 januari 1988 trad Hazes op in Koninklijk Theater Carré. Een maand later overleed onverwachts Tim Griek door een auto-ongeluk. Het album Liefde Leven Geven werd aan hem opgedragen. De platen werden vanaf toen geproduceerd door Jacques Verburgt en John van de Ven ("Sjaak en Sjon"). Zij waren vanaf de start van zijn contract met EMI bij zijn opnames als arrangeur en technicus betrokken.

In 1989 maakte Hazes, als cadeautje van de platenmaatschappij wegens zijn tienjarig jubileum bij EMI, voor het eerst bluesachtig repertoire, met het album Dit is wat ik wil, waarvoor hij samenwerkte met Herman Brood, Jan Akkerman, Kaz Lux en John Lagrand. Het plan voor deze plaat had Hazes al jaren met Griek. In november stierf Hazes’ vader, wat de aanleiding werd voor het schrijven van het lied Kleine jongen voor zijn zoon Melvin.

Jaren 90 In september 1990 verbleef Hazes in het ziekenhuis met een maagbloeding. Later werd bekend dat Hazes ging scheiden van zijn tweede vrouw. Hazes stopte vervolgens voor vier maanden met alcohol drinken, waardoor hij zestien kilo afviel. In 1991 trouwde Hazes voor de derde keer.

In 1992 blies Hazes samen met Paul de Leeuw het nummer Droomland nieuw leven in bij De schreeuw van De Leeuw, waarbij ze verkleed waren als kabouters. Ook had Hazes een gastrol bij In de Vlaamsche pot. In 1994 gaf Hazes zijn jubileumconcert in Ahoy. Naar aanleiding van het concert werd een special over Hazes door de TROS uitgezonden. Hazes gaf in zijn jubileumjaar aan dat hij het plan had om op zijn vijftigste te willen stoppen met zingen, om een kroeg te beginnen in Spanje. In 1995 ontving hij een Gouden Harp.

In 1997 en 1998 stond Hazes opnieuw in Ahoy. Onder de titel André Hazes zingt gewoon voor jou werd het concert uit 1998 in twee delen op televisie uitgezonden. Hetzelfde jaar was Hazes tweemaal achter elkaar te gast in Villa BvD, om vervolgens de jaren daarna meerdere malen in Barend & Van Dorp te verschijnen als tafelgast.

In 1999 kende de carrière van Hazes de zoveelste opleving door zijn rol in een reclamespotje van Unox en door een documentaire van John Appel, getiteld Zij gelooft in mij.

Jaren 00 In 2000 weigerde Hazes de Edison Oeuvreprijs 2000 Nationaal, omdat in de media werd gesuggereerd dat hij tweede keus was achter Doe Maar. Tijdens de TMF Awards ontving hij de All time achievement award. Met Patrick Kluivert maakte hij samen het programma André en Patrick van Oranje. In februari 2001 was hij te zien in een gastrol in de voetbalkomedie All Stars, in de aflevering De geur van kampioenen.

In juni 2001 vierde Hazes zijn vijftigste verjaardag in het Amsterdamse Paradiso. Op het podium kreeg Hazes uit handen van burgemeester Job Cohen het Ereteken van Verdienste van de Stad Amsterdam. Een registratie werd op 31 december op televisie uitgezonden onder de titel Abraham Hazes. Tegelijkertijd bereikte zijn album Al 15 jaar gewoon André een mijlpaal door tweehonderd weken in de album top 100 te staan. Ook gaf hij in 2001 driemaal een concert in Ahoy en tweemaal in de Heineken Music Hall. Alle concerten waren uitverkocht. Tot slot verscheen zijn tweede boek Al mijn woorden.

In 2002 maakte Hazes een korte politieke carrière door: hij verwierf bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2002 een gemeenteraadszetel in de gemeente De Ronde Venen voor de partij Ronde Venen Belang.

Op 24 augustus 2002 gaf Hazes een concert in een uitverkocht Olympisch Stadion. Het concert was het eerste muziekoptreden sinds 1983 in het Olympisch Stadion, toen Supertramp optrad.