thumb|Een stierengevecht in het Zuid-Franse Beaucaire (2009) Stierenvechten is het bevechten van een mannelijk rund door een of meerdere stierenvechters. Dit is een traditie in sommige landen, waaronder Spanje, (Zuid-)Frankrijk, Portugal en sommige Latijns-Amerikaanse landen.Encarta-encyclopedie Winkler Prins (1993–2002) s.v. "stierenvechten". Microsoft Corporation/Het Spectrum. In een beperkt aantal streken in enkele andere landen, zoals India en Japan, komen vergelijkbare praktijken voor. In het Spaans zijn verschillende benamingen voor stierenvechten in omloop; tauromaquia (uit het Grieks: tauros "stier" & mache "gevecht"), corrida of toreo zijn de meest gebruikte.

thumb|Een stervende stier met banderillas (2006) thumb|Een Barcelonese corrida (1890)

Geschiedenis Stierenvechten is gebaseerd op eeuwenoude tradities. De mythische krachten van stieren worden al duizenden jaren bewonderd. Op het Minoïsche Kreta werd bij een rituele dans een stiersprong uitgevoerd waarbij de danser(es) over de rug van het dier een salto maakte. Wat hiervan precies de betekenis was, is onbekend. In de Romeinse tijd waren er geregeld gevechten met stieren te zien in de arena's die verspreid over het gehele rijk stonden. In de vijfde eeuw was het bevechten van stieren in het gebied dat later Spanje zou heten een ritueel waarmee jonge mannen hun moed konden tonen. Rond 1100 brachten de Moren het bevechten van stieren vanaf paarden naar het Iberisch Schiereiland. El Cid (1040–1099) zou de eerste zijn geweest die echte stierengevechten organiseerde.

Spanje Ontwikkeling van de Spaanse stijl thumb| Spaanse stijl van stierenvechten in de wereld Er wordt gezegd dat stierenvechten deel uitmaakt van de Spaanse cultuur, maar dat is omstreden. Een stierengevecht wordt door veel liefhebbers gezien als een artistieke uitvoering waarbij de menselijke (vooral mannelijke) superioriteit over het dier en de dood wordt getoond. Stierenvechten is in de loop der eeuwen steeds veranderd. Oorspronkelijk werd het op dorpspleinen uitgevoerd. In de loop van de 18e eeuw werden stierengevechten steeds vaker te voet geleverd in plaats van te paard. De muleta, een rode aan een stok gehechte doek, werd in 1726 ingevoerd door de Spaanse torero Francisco Romero (1700–1763).

De eerste arena's waren van hout, maar in 1711 werd voor het eerst een arena uit steen gebouwd, in Béjar, een dorp in de provincie Salamanca. Vijf jaar later volgde Campo Frío, in de provincie Huelva. De arena van Ronda, naar men zegt gebouwd op de funderingen van een Romeins theater, werd ca. 1785 gebouwd door Pedro Romero en in 1804 in gebruik genomen.

In 1852 werd te Madrid een officieel reglement vastgesteld voor stierenvechten. Het ritueel om de stier te doden door een matador ("stierendoder") is in de loop van de 20e eeuw steeds verder ontwikkeld door het vooraf te laten gaan door een ingewikkeld systeem van grondpassen en variaties door een torero ("stierenvechter").

Moderne bewegingen voor afschaffing en behoud Sinds eind 20e eeuw is er in Spanje een serieuze, overwegend linkse beweging ontstaan die het stierenvechten wil afschaffen, of op zijn minst de regels strenger maken, voornamelijk omwille van het dierenwelzijn. De Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging ziet de praktijk bovendien als iets "on-Catalaans" wat misschien bij Spanje hoort, maar niet bij Catalonië. Critici stellen dat de Catalanisten een kunstmatig onderscheid proberen te maken tussen de Catalaanse en Spaanse cultuur en daarom slechts uit opportunisme zo fel tegen stierenvechten ageren. In het algemeen vinden voorstanders, voornamelijk uit rechtse hoek, dat stierenvechten en ander volksvermaak met stieren bij de Spaanse cultuur en tradities horen en derhalve behouden moeten blijven. In reactie op de oppositiebeweging proberen conservatieven deze praktijken daarom wettelijk te beschermen tegen verboden en beperkingen. Sommige gemeenten hebben het stierenvechten verboden terwijl het regionaal of landelijk legaal is.

thumb|Stierenvechten in Spanje (2014): In 1991 waren de Canarische Eilanden de eerste Spaanse regio die een verbod op het stierenvechten invoerde.

De linkse meerderheid in de gemeenteraad van Barcelona verklaarde in april 2004 dat stierenvechten een 'aantasting van de rechten van het dier'. De lokale afdeling van de rechtse Partido Popular, dat een stierengevecht als een 'nobel schouwspel van de dans tussen mens en dier' beschouwde, verzette zich heftig tegen het besluit, dat wettelijk kon worden als de regionale regering van Catalonië ermee akkoord zou gaan.

Catalonië was op 28 juli 2010 de eerste Spaanse regio op het vasteland die het stierenvechten verbood. Het parlement stemde over de kwestie en met een meerderheid van 68 stemmen voor tegenover 55 stemmen tegen en 9 onthoudingen, werd het verbod officieel. Het verbod ging in op 1 januari 2012, maar aangezien er in de winter geen stierengevechten zijn, werd de laatste stier in Catalonië reeds op 25 september 2011 bevochten in de arena La Monumental. Tussen 2007 en 2014 is het aantal corridas in Spanje met 60% afgenomen.

Bij de lokale verkiezingen in mei 2015 wonnen in tal van gemeenten progressieve partijen die voorstander zijn van het beëindigen van de traditie door verbod of stopzetten van subsidies. De Baskische stad San Sebastián ging in augustus 2015 in tegen de landelijke trend door een in 2012 ingesteld verbod weer op te heffen. Begin 2016 schaarde het parlement van de Balearen zich achter een niet-bindende motie om het stierenvechten te verbieden, waarna een petitie van meer dan 150.000 burgers werd aangeboden aan het parlement om tot een bindende motie te komen. Later ging het parlement akkoord met de behandeling van een verbod, dat vermoedelijk in juni of juli dat jaar zou worden goedgekeurd. In Alicante zou in 2016 een referendum over een mogelijk verbod worden gehouden, in Valencia was de populariteit sterk gedaald en dreigde het stierenvechten te moeten stoppen indien de overheidssubsidie werd beëindigd.

In 2015 werd stierenvechten op de lijst van het "immateriële cultureel erfgoed" van Spanje geplaatst. Dit leidde ertoe dat het Grondwettelijk Hof van Spanje in oktober 2016 het Catalaanse verbod op stierengevechten vernietigde. Regio's mogen corridas alleen reguleren, niet geheel verbieden, meende het hof. Er was ten tijde van de invoering van het verbod in 2012 alleen in Barcelona nog een arena, terwijl het verzet ertegen al sterk was. In Catalonië is weerstand tegen stierenvechten naast dierenrechten deels ook gemotiveerd door nationalistisch separatisme, volgens welke 'de Catalaanse cultuur' anders is dan 'de Spaanse cultuur' en stierenvechten in deze regio derhalve geen 'nationaal erfgoed' zou zijn.

Anno 2017 waren stierengevechten in Spanje sterk gepolitiseerd, waarbij conservatieve partijen het wilden behouden omwille van traditie en progressieve partijen het aan banden leggen of verbieden vanwege dierenrechten. Het Spaanse koningshuis was ook verdeeld: oud-koning Juan Carlos en zijn dochter Elena woonden vaak corridas bij, terwijl oud-koningin Sofía een fel tegenstander van stierenvechten was. Het fenomeen was minder populair dan vroeger: slechts 1 op de 10 Spanjaarden ging nog weleens naar een stierengevecht kijken.

Protocol stierenvechten Spaanse stijl thumb|Stierenvechter Antonio Barrera (2003) Stierenvechters krijgen het recht toegekend een stier te doden tijdens een speciale ceremonie. Dit wordt de alternativa (verkiezing) genoemd.

Een stierengevecht verloopt volgens een vast protocol. Meestal vinden de gevechten aan het eind van de middag of aan het begin van de avond plaats. Het doden van het dier moet plaatsvinden binnen twintig minuten, waarbij enkele fases moeten worden doorlopen.

Voorbereiding De ochtend voor het gevecht worden de stieren aan de stierenvechters (toreros, tot de achttiende eeuw, en nog steeds in het buitenland, toreadores genoemd) gekoppeld door middel van loting. Elke stierenvechter wordt torero genoemd. Degene die in het laatste bedrijf de stier doodt, noemt men matador. Doorgaans vinden er op een avond zes gevechten plaats door drie matadores.

Fase 1 – Tercio de Varas Een moderne corrida begint met een paseo (intocht) van de matadores, gekleed in hun traje de luces (kostuum van licht), in de rudeo (piste) op de tonen van een paso doble. Zij worden voorafgegaan door twee in 16e-eeuws kostuum gestoken alguaciles te paard en gevolgd door hun cuadrilla (gevolg, meestal vijf mannen). De meest ervaren matador betreedt als eerste en als vierde de ring, de op een na meest ervaren als tweede en als vijfde, en de minst ervaren als derde en als zesde.

Een stierengevecht staat onder leiding van een presidente (voorzitter), meestal een notabele zoals een lokale politicus of politieagent. Op zijn teken met een zakdoek wordt de arena ontruimd en een stier in de arena losgelaten via een speciale ingang, de toril. Enkele assistenten van de matador (subalternos of peones) leiden de stier af met hun grote capes (paarsgele doeken), hetgeen de suerte de capote (fase van de cape) heet. De bedoeling hiervan is dat de matador een indruk krijgt van de vechtlust, intelligentie en kracht van de stier. Soms blijkt een stier niet tot vechten in staat, doordat hij al te zwak is. In dat geval zwaait de president met een groene doek en wordt de stier buiten de arena geleid. Voor de eigenaar van de stier wordt dit als een grote schande gezien.

thumb|left|Een Madrileense picador steekt een stier om hem te verzwakken (2014). Hierna komen de picadores de arena binnen voor de tercio de varas (deel van de lansen). Picadores zitten op geblinddoekte en met een zwaar harnas (lijkend op een matras) beschermde paarden. De stier wordt uitgedaagd het paard aan te vallen. Zodra de stier het paard aanvalt duwt een picador een lans in de nek van de stier en leunt hier met zijn volle gewicht op. Het doel hiervan is het stoppen van de bloedtoevoer naar de zware nekspier zodat de stier zijn kop niet meer omhoog kan krijgen. Dit maakt het later makkelijker om de stier te doden.

Fase 2 – Tercio de Banderillas Wanneer de stier voldoende verzwakt is, begint de volgende fase (suerte of tercio de banderillas (fase of deel van de banderillas). In deze fase probeert de matador of een van zijn assistenten (banderilleros) om twee banderillas in de nek van de stier te steken. Banderillas zijn versierde stokken van ongeveer een armlengte lang, met weerhaken aan het einde. De matador of zijn banderilleros moeten door lichaamsbeweging en hun stem de stier tot een aanval bewegen, waarna de banderillas in de nekspier van de aanstormende stier worden gestoken. In de meeste gevallen gebeurt dit drie keer. Behalve voor het tonen van de dapperheid van de stierenvechter is het doel van deze fase ervoor te zorgen dat de stier blijft aanvallen.

Fase 3 – Tercio de Muerte thumb|Een stier gedood met een mes in Frankrijk (2006) Na de banderillas begint de laatste fase (suerte de matar, fase van het doden of tercio de muerte, deel van de dood). De matador begint met het opdragen van de stier aan iemand in het publiek of aan het gehele publiek. Vervolgens zal hij zijn controle over de stier laten zien door hem met zijn muleta, een halfcirkelvormige doek van rood flanel, gedrapeerd om een houten stok, bepaalde bewegingen te laten maken. Hij kan hiermee de sympathie van het publiek winnen of verliezen: indien het publiek ontevreden is zal het stil blijven, de torero uitfluiten, boe-roepen en in extreme gevallen de kussens de arena ingooien. Een enkele keer springt iemand de arena in om de matador te tonen hoe het moet (espontáneo), een actie die niet op prijs wordt gesteld. Het publiek kan ook de tevredenheid laten blijken door te applaudisseren of door Olé te roepen.