Het Panamakanaal is een ruim 81 km lang trans-isthmisch kanaal in het Centraal-Amerikaanse land Panama, geopend in 1914. Dit kanaal loopt door de landengte van Panama en verbindt de Caraïbische Zee met de Grote Oceaan. Het kanaal is een belangrijke ader in het intercontinentale transport, omdat vaartuigen anders om Zuid-Amerika heen zouden moeten varen. Een schip varend van New York naar San Francisco legt via het kanaal een afstand af van 9500 kilometer, dat is minder dan de helft van de 13.000 zeemijlen (24.000 kilometer) via Kaap Hoorn. The Americans in Panama, William R. Scott, Uitgeverij Statler Publishing Company, New York, 1913 De route via Kaap Hoorn gaat langs de oostkust van Zuid-Amerika, om Kaap Hoorn heen, en dan noordwaarts langs de westkust.

De route via Kaap Hoorn werd vóór het Panamakanaal vaak gebruikt, vooral door zeilschepen zoals klippers in de 19e eeuw, vooral tijdens de Californische goldrush van 1849 toen de Verenigde Staten nog geen transcontinentaal treinverkeer kende.

De eerste transcontinentale treinverbindingen in de Verenigde Staten waren de First Transcontinental Railroad (ook wel The Pacific Railroad) die gereed kwam in 1869, de Southern Pacific Transcontinental Route die gereed kwam in 1883, de Northern Pacific Railway die eveneens gereed kwam in 1883, de Great Northern Railway die gereed kwam in 1893. Geen van deze lijnen was afdoende om in de sterk groeiende Amerikaanse economie te voldoen aan de behoefte aan betaalbaar transport van grote hoeveelheden bulkgoederen, waarvoor geen alternatief bestond voor de scheepvaart,

Toen het Panamakanaal eenmaal gereed was, verliep de scheepvaarroute tussen de beide kusten van de VS via het Caribisch gebied, het Panamakanaal en vervolgens langs de westkust van Midden-Amerika naar Californië.

Deze route is bijna 60% korter dan via Kaap Hoorn.

De Grote Oceaan ligt ten westen van de Atlantische Oceaan, maar de ligging van het kanaal is eerder omgekeerd: de ingang aan de Atlantische kant van het kanaal is ten noordwesten van die aan de Pacifische kant.Which direction do you sail through the Panama Canal? Geography.About.com Dit houdt verband met de grillige vorm van de landengte.

Meestal beschouwt men het kanaal als dat de grens tussen het Noord- en Zuid-Amerikaanse continent. Die grens kan echter ook over de politieke grens, tussen de staat Colombia en de voormalige Colombiaanse provincie Panama worden getrokken. Deze voormalige Colombiaanse provincie bestaat sinds 1903 als onafhankelijke staat, sinds de afscheiding van Panama van Colombia. Bij die afscheiding speelden de Verenigde Staten een belangrijke rol. Dit mede in verband met de plannen voor de aanleg van het kanaal. Daaraan werd al gewerkt werd toen het gebied nog de noordelijkste provincie van Colombia was. De uiteindelijke aanleg van het kanaal vond plaats toen de Panamese afscheiding van Colombia door de Verenigde Staten met militaire overmacht werd afgedwongen.

Geschiedenis Europese ontdekkingsreizigers als de Genuees Christoffel Columbus en de Spanjaard Rodrigo de Bastidas hadden reeds begin 16e eeuw de kust van Panama verkend. Zij waren nog steeds op zoek naar een doorgang naar Indië. Bastidas bezocht in 1501 het plaatsje Nombre de Dios, dat acht jaar later de eerste Spaanse uitvalsbasis werd voor de zoektocht naar goud. Vasco Núñez de Balboa had Bastidas vergezeld op zijn reizen en naar aanleiding van fantastische verhalen van de plaatselijke bewoners over goud, besloot Balboa in 1513 een expeditie te ondernemen naar de binnenlanden van Panama. Op 25 september 1513 waren de leden van deze expeditie van Balboa de eerste Europeanen die het water van de Stille Oceaan vanaf het Amerikaanse continent zagen. Hij reisde nog een aantal keren op en neer tussen Nombre de Dios en de kust van de Stille Oceaan, zelfs met een over land vervoerde boot in onderdelen, om daarmee de kust van de Stille Oceaan te verkennen. In 1519 werd Panama-Stad gesticht.

Balboa had ontdekt dat de kortste weg tussen Spanje en de Stille Oceaan over Panama liep. Na de verovering van Peru rond 1530, de ontdekking van zilver en de groeiende Spaanse bevolking werd Panama van groot militair en commercieel belang. Tussen 1540 en 1740 had Panama een sleutelrol in de handel tussen beide gebiedsdelen. Aan de westkust werd het zilver van Peru aangevoerd en door karavanen over een afstand van 80 kilometer vervoerd, door het oerwoud, naar de Panamese oostkust. Aan de oostkust was Portobelo uitgegroeid tot een belangrijke handelsplaats van waaruit de jaarlijkse zilvervloot naar Spanje vertrok. Goederen vanuit Spanje en andere Europese landen maakten gebruik van dezelfde route maar dan richting Peru. Aan het begin van de 18e eeuw werd de route om Kaap Hoorn een belangrijk alternatief. Deze directe vaarweg was veel goedkoper dan de transcontinentale route via Panama. De Spaanse kolonie in Panama verloor veel handel en raakte in een economische depressie die meer dan 100 jaar zou duren.

Al in de 16e eeuw werd gesproken over de mogelijkheid om de landengte die de Atlantische van de Stille Oceaan scheidt, met een kanaal te doorsnijden. In 1524 opperde keizer Karel V op advies van Vlaamse ingenieurs dat scheepsreizen tussen Spanje en Peru aanzienlijk verkort zouden kunnen worden door de aanleg van een kanaal. Zijn zoon koning Filips II (1527-1598) verbood echter het graven van een kanaal op straffe des doods, omdat "de mens niet mag scheiden wat God heeft verenigd" (een verwijzing naar Marcus 10:9Marcus 10:9 in de Nieuwe Bijbelvertaling, Biblija.net).

Panama Railroad Company

thumb|left|Panama Railroad routekaart In 1848 richtte een aantal Amerikaanse investeerders de Panama Railroad Company op. De maatschappij had tot doel een spoorweg tussen beide oceanen aan te leggen. Drie van hen, John Lloyd Stephens, William Henry Aspinwall en Henry Chauncey, trokken naar Bogotá om met de regering te onderhandelen over de concessie. In december 1849 werd deze verleend voor een periode van 49 jaar te rekenen vanaf het moment dat de spoorweg klaar was. De Colombiaanse regering kreeg als tegenprestatie jaarlijks 250.000 dollar aan pacht. In 1850 startten de werkzaamheden en vijf jaar later was het werk af. Het verlies aan mensenlevens was enorm, vele duizenden hadden aan de lijn gewerkt en zeker 5000 hiervan zijn omgekomen door malaria, gele koorts, ongevallen, geweld en zelfmoord. De kosten van het werk bedroegen 8 miljoen dollar, een veelvoud van de geraamde kosten. Anderzijds overtroffen de opbrengsten ook de verwachtingen: al in 1859 was de investering terugverdiend. Het succes was mede een gevolg van de goudvondsten in Californië in 1848. De gold-rush trok vele gelukzoekers aan. Er waren destijds drie mogelijkheden om van de Amerikaanse oostkust naar Californië te komen, namelijk: over het Amerikaanse continent, via Panama of omvaren via Kaap Hoorn. De route via Panama was het snelst en daardoor favoriet. Reizigers voeren naar Colón, stapten daar over op de trein die ongeveer vier uur later Panama-Stad bereikte. Vandaar ging de reis per boot verder naar Californië. Dit duurde tot 1869 toen de eerste transcontinentale spoorlijn in de Verenigde Staten gereed was. Het personenvervoer over de Panamese spoorlijn nam daardoor af, maar dankzij vrachtvervoer bleef de Panama Railroad Company winstgevend. De spoorlijn had een lengte van ongeveer 75 kilometer. Het latere kanaal zou nagenoeg dezelfde route volgen. In 1881 werd de spoorwegmaatschappij gekocht door de Franse kanaalbouwers voor een bedrag van 18 miljoen dollar.

De Franse kanaalperiode thumb|Aandeel in de Compagnie Universelle du canal interocéanique de Panamà, 1888 thumb|Het land Panama Aan het einde van de 19e eeuw, toen Panama nog een provincie van Colombia was, werd de eerste serieuze poging ondernomen, nadat in 1855 al een spoorlijn over de landengte was aangelegd. De Fransman Ferdinand de Lesseps, die ook het Suezkanaal had aangelegd, bezocht in 1879 het gebied, dat destijds nog de Colombiaanse provincie Panama was. Zijn doel was een kanaal op zeeniveau, dus zonder sluizen, tegen een verwachte kostprijs van 1,2 miljard Franse frank. Franse landmeters taxeerden dat circa 75 miljoen kubieke meter grond en steen afgegraven diende te worden.McCullough, p.118 Na een geslaagde aandelenemissie had De Lesseps met zijn bedrijf Compagnie Universelle du Canal Interocéanique voldoende geld om met de daadwerkelijke bouw te beginnen. Grote Franse bouwbedrijven, zoals Couvreux & Hersent, werden ingehuurd en in januari 1881 kwamen de eerste bouwtechnici in Panama aan. Om het personeel te huisvesten werden barakken voor de arbeiders en huizen voor de ingenieurs gebouwd. Nabij Aspinwall werd een nieuwe stad Cristóbal gebouwd die als haven dienst zou gaan doen. Kort na de start van het regenseizoen in 1881 werden al de eerste zieken met malaria en gele koorts gemeld. Ziekenhuizen werden gebouwd in Ancon en Colón, maar de medische kennis was onvoldoende om de zieken te genezen en er vielen veel slachtoffers. Eind 1881 was in Cristóbal een groot machinepark aangelegd met stoomgraafmachines, vrachtwagons, locomotieven, boormachines, baggerwerktuigen en boten. Gebrek aan goede werkafspraken, reserveonderdelen en een aardbeving in september 1882, die veel schade aanbracht, vertraagden de werkzaamheden. Eind 1882 trok Couvreux & Hersent zich uit het project terug.

In de jaren 1883-1885 namen meer dan 100 kleine aannemers het werk over. Deze hadden weinig ervaring met een project van deze schaal. In 1884 werkten bijna 20.000 mensen aan het kanaal. In 1885 werd circa 18 miljoen kubieke meter afgegraven. Dat was minder dan verwacht en de datum van de oplevering van het kanaal werd een jaar verschoven, naar 1889. Om de coördinatie te verbeteren bundelde men in 1885 de aannemers in een beperkt aantal grotere bedrijven. In 1887 werd besloten toch sluizen aan te leggen, vijf stuks aan de uiteinden van het kanaal. Volgens de plannen kregen de sluizen een afmeting van 180 meter lang en 18 meter breed. Het kanaal kwam met deze aanpassing op 49 meter boven zeeniveau te liggen waardoor de hoeveelheid af te graven grond drastisch verminderde. Gustave Eiffel werd ingehuurd voor het ontwerp van de sluizen. Deze plannen kwamen te laat; door de tegenslagen bij de bouw en de vele slachtoffers werd het voor De Lesseps onmogelijk om aandelen uit te geven. Eind 1888 kwam de bouw stil te liggen door een gebrek aan geld en op 4 februari 1889 werd de Compagnie failliet verklaard. In de daarop volgende jaren lag de bouw aan het kanaal nagenoeg stil.

In Frankrijk was een parlementair onderzoek begonnen naar de ondergang van de Compagnie. De uitkomsten van dit onderzoek waren vernietigend: het bedrijf werd beschuldigd van fraude, corruptie en wanbeheer. In 1892 werd het schandaal nog groter. Toen bekend werd dat het bedrijf, onder andere senatoren had omgekocht, werd de regering van Émile Loubet gedwongen af te treden.

Gedurende de tien jaren dat de Compagnie actief was, werd meer dan 50 miljoen kubieke meter grond afgegraven.McCullough, p.240 Geschat wordt dat er in deze periode 22.000 arbeiders zijn overleden. De totale uitgaven werden getaxeerd op 1.435.000.000 Franse frank, ongeveer gelijk aan 287 miljoen Amerikaanse dollars. Ongeveer 800.000 Franse beleggers in de Compagnie verloren hun inleg.

De Amerikanen maken het werk af