miniatuur|250px|De hoofdingang van het voetbalstadion thumb|250px|George Best, Denis Law en Bobby Charlton Manchester United Football Club is een Engelse voetbalclub uit Old Trafford, Greater Manchester, opgericht in 1878 als Newton Heath L & YR FC en nam in 1902 de huidige naam aan. Sinds 1910 speelt de club buiten de grenzen van de stad Manchester.
In 2011 werd het de succesvolste Engelse club met zijn negentiende landstitel. Twee jaar later werd de twintigste landstitel gewonnen. In 2025 evenaarde Liverpool dit record doordat het de twintigste landstitel won.
Veel successen werden behaald sinds de komst van hoofdtrainer Alex Ferguson in november 1986 bij Manchester United kwam. De club won als eerste club de Premier League, dat in seizoen 1992/93 de Football League First Division verving. De club won in 1968, 1999 en 2008 de Europacup I/UEFA Champions League en was in zowel 2009 als in 2011 de verliezend finalist. Beide finales werden verloren van FC Barcelona. De thuiswedstrijden van de club worden gespeeld in een rood-wit-zwart tenue.
Manchester United speelt zijn thuiswedstrijden op Old Trafford, een stadion met een capaciteit van 76.312 plaatsen. De laatste uitbreiding van 7900 plaatsen werd verkregen door de noordoost- en noordwesthoeken van het stadion te verhogen. Zelfs na deze uitbreiding is het stadion bijna elke wedstrijd uitverkocht. De club haalt dan ook de hoogste gemiddelde toeschouwersaantallen van de Premier League. In maart 2025 presenteerde de club een impressie van de architect Norman Foster van een nieuw stadion voor 100.000 toeschouwers.
Op 12 mei 2005 kwam de club in handen van de Amerikaanse zakenman Malcolm Glazer. Hij betaalde 800 miljoen pond, zo'n 1,2 miljard euro. Sinds 16 mei wist hij 75% van de aandelen te verwerven. Dit percentage was nodig om de club van de beurs te halen.
Manchester United is een van de weinige clubs die met zijn jeugdopleiding de Europese top wist te bereiken. Manchester United is partner van Unicef en treedt op als nationaal ambassadeur voor het VN-kinderfonds.
Manchester United slaagde er als een van de weinige Europese topclubs in om samen met Ajax, Chelsea, Juventus en Bayern München, alle drie de UEFA-hoofdcompetities (Europacup I/UEFA Champions League, Europacup II, en UEFA Cup/UEFA Europa League) te winnen.
Geschiedenis Een mooie start In 1878 begint de club onder de naam Newton Heath, een voetbalclub gevormd door de werknemers op de Lancashire-Yorkshire spoorlijn uit de gelijknamige wijk in Manchester. Aangezien ze zichzelf niet goed genoeg vinden, besluiten spelers en clubs een jaar later niet mee te doen aan de nieuw gestarte Football League. Pas in 1892 volgt toetreding. In 1893 verhuisde de club naar de wijk Clayton, waar het in het Bank Street Stadium ging spelen.
Tegen het einde van de 19e eeuw had de club financiële problemen en dreigde te verdwijnen. Met een klein gelukje kwam er een redder in de vorm van John Henry Davies die investeerde in de club met als enige tegenprestaties mee het beleid te mogen bepalen. Hij was een drijvende kracht achter de naamsverandering aan het begin van de 20e eeuw. Verschillende namen werden niet goed bevonden waaronder Manchester Central en Manchester Celtic. Uiteindelijk werd Manchester United de naam. Dit was in april/mei 1902.
In 1903 werd Ernest Mangnall aangetrokken als secretaris. Eigenlijk werd hij de eerste manager (in Engeland wordt de trainer van een ploeg manager genoemd omdat zijn job meer is dan enkel de trainingen leiden, hij verzorgt ook de contracten, transfers, etc.) van de ploeg. Hij trok enkele spelers aan en slaagde er in het seizoen 1905/06 in met de ploeg naar eerste klasse te promoveren. Twee seizoenen later (1907/08) won Manchester het kampioenschap en in het seizoen 1908/09 de Charity Shield en nog een seizoen later de FA Cup.
In 1908 was er daarenboven gestart met de bouw van een nieuw stadion, het nu in heel de voetbalwereld bekende Old Trafford. Het stadion werd op 19 februari 1910 in gebruik genomen met een wedstrijd tegen Liverpool. Het stadion had een capaciteit van 80.000 toeschouwers, maar lag wel buiten de stadsgrenzen van Manchester.
Hoewel de eerste wedstrijd met 3-4 werd verloren, bleek het stadion een goede thuishaven te zijn voor Manchester aangezien ze hun eerste volledige Old Trafford-seizoen (1910/11) konden beëindigen met de titel die ze op de laatste dag van de competitie haalden met een 5-1-overwinning tegen Sunderland. Dit was echter het einde van een eerste succesperiode. Er volgde een periode met verschillende managerwissels en zwakke resultaten, met als dieptepunt een 18e plaats in het seizoen 1914/15 waarbij nipt degradatie werd ontweken. Erger was dat stadsrivaal Manchester City dat jaar onder leiding van Uniteds succescoach Magnall de vijfde plek behaalde.
Tijdens de rest van de Eerste Wereldoorlog werd de Football League opgeschort, wat het herstel van Manchester bemoeilijkte.
Een moeilijk vervolg Tussen de twee wereldoorlogen had Manchester United het moeilijk. Er werd geen enkele eerste klasse-titel behaald en de club danste tussen de eerste en tweede klasse. Tegen het einde van het seizoen 1931/32 ging het ook financieel heel slecht. Toen de club bijna bankroet was, trad een nieuwe redder naar voren in de vorm van James Gibson. Hij investeerde 30.000£ en betaalde de spelers, duidde Scott Duncan aan als manager en gaf hem geld voor nieuwe spelers. Al deze moeite bleek tevergeefs, want Manchester ontsnapte in het seizoen 1933/34 nipt aan degradatie naar de derde klasse. Twee seizoenen later was het tij gekeerd en Manchester won de titel in de tweede klasse. De vreugde was echter van korte duur aangezien een seizoen later United opnieuw zakte. Het seizoen 1939/40 werd dan toch voor het eerst in jaren een seizoen waarin Manchester zich in de eerste klasse kon handhaven.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog viel het kampioenschap opnieuw stil. Dit weerhield Manchester United er niet van om in het nieuws te blijven. Op 11 maart 1941 werd het stadion namelijk gebombardeerd. Ondanks deze tegenslag werd de oorlog voor Manchester op een zeer positieve wijze beëindigd. De Schot Matt Busby tekende zijn eerste managerscontract bij de club. Wat startte met een contract voor vijf jaar, werd uiteindelijk 25 jaar. En zo begonnen "The Busby Years"
The Busby Years thumb|250px|Standbeeld van Matt Busby op Old Trafford Matt Busby had tijdens de Tweede Wereldoorlog een regiment in het leger geleid en had daar zijn leiderscapaciteiten getoond. Daar had hij ook kennisgemaakt en vriendschap gesloten met Jimmy Murphy, een man die hij onmiddellijk in zijn coachingstaf opnam. Verder trokken ze een aantal spelers aan met als doel United een vaste waarde te maken in de Engelse competitie. In het eerste naoorlogse seizoen (1946/47) slaagden ze hier bijna in door de tweede plaats te behalen achter Liverpool. Busby's grootste verdienste voor Manchester was waarschijnlijk zijn geloof in eigen jeugdspelers. En zo behaalde hij met een mix van jonge spelers en ervaren mannen een seizoen later de FA Cup.
Op een titel was het echter wachten tot het seizoen 1951/52. Manchester eindigde in de tussentijd vier keer als tweede en nooit lager dan de vierde plaats. In de jaren nadien werkte Busby hard aan een gedegen jeugdopleiding en vormde de Busby Youth Academy, de voorloper van de nu wereldvermaarde jeugdopleiding bij Manchester United. De spelers uit deze academy werden eerst een beetje lachend Busby Babes genoemd, een spotnaam die later eerder een kwaliteitsmerk werd. In de seizoenen 55/56 en 56/57 werd de titel tweemaal op rij gewonnen met een ploeg die bijna enkel uit Busby Babes bestond. Bewijs van het hoge niveau van de opleiding was dat United de eerste vijf edities van de in 1953 opgestarte FA Youth Cup op zijn naam schreef. Een van de meest legendarische spelers die uit de Academy kwam was Duncan Edwards, die in 1953 op 16-jarige leeftijd een vaste stek veroverde in het eerste team.
In 1958 sloeg het noodlot echter toe. Terwijl heel Europa overtuigd was dat Manchester United het ongenaakbare Real Madrid naar de Europese kroon ging steken, stortte hun vliegtuig neer. Na het winnen van de wedstrijd tegen Rode Ster Belgrado vlogen ze terug naar Engeland. Na het bijtanken in München crashte de vlieger bij een poging om op te stijgen. Op 6 februari 1958 stierven 22 mensen in de crash waaronder acht spelers. Duncan Edwards overleed 15 dagen later in het hospitaal aan zijn verwondingen. De voetbalwereld was in rouw en niemand geloofde dat Manchester deze klap te boven zou komen.
Met een opgelapt team bereikte United toch nog de finale van de FA Cup, die werd verloren, en werd tweede in de competitie: een onverwacht resultaat. Aan het stadion van Old Trafford hangt nog steeds een klok waarvan de datumaanduiding stil blijft staan op 6 februari 58. Dit als stille getuige van een zwarte dag in de geschiedenis van Manchester United.
thumb|250px|Teams van Manchester en Willem II Iedereen die dacht dat Matt Busby na het bouwen van dit team nooit de moed zou vinden om opnieuw te starten, werd door hemzelf terechtgewezen. Aan het begin van de jaren 60 werd alweer hard gewerkt aan een nieuw team van Busby Babes. Samen met Jimmy Murphy bouwde hij een ploeg die in 1963 de FA Cup won, in 1965 en 1967 het kampioenschap en zijn grootste overwinning in 1968, de Europacup I, tien jaar na de crash. De nieuwe ploeg bestond wederom uit een mix van jeugdspelers en ervaren rotten. Van de ploeg van 58 bleven nog drie spelers over, onder wie Bobby Charlton. In de finale werd het Benfica van Eusébio na verlenging met 4-1 verslagen. Spelers die deze tweede periode van Busby Babes kleurden, zijn ook vandaag de dag nog steeds legendes. Bobby Charlton, die als aanvoerder Engeland naar het wereldkampioenschap loodste in 1966, George Best, die even berucht was om zijn magie binnen de lijnen als zijn levensstijl erbuiten, en, om het trio af te ronden, Denis Law, die in 1964 tot Europees voetballer van het jaar werd gekroond.
Het jaar na de Europese titel (1968/69) was er te veel gemakzucht in de ploeg en werd slechts de elfde plaats behaald. Matt Busby nam na 25 jaar als manager ontslag aan het einde van dit seizoen, na alles bereikt te hebben met de ploeg was zijn plaats in de geschiedenis van Manchester verzekerd.
Het opvullen van een leegte Een legendarisch figuur die 25 jaar een ploeg geleid heeft opvolgen is niet gemakkelijk. De zoektocht naar een opvolger was dan ook een parcours van vallen en opstaan. Er begon opnieuw een periode van wisselende successen en veel trainerswissels. De eerste opvolger van Busby werd op Tweede Kerstdag in 1970 reeds ontslagen en opgevolgd door... Matt Busby. Busby was door het management gevraagd om opnieuw de managerszetel in te vullen tot het einde van het seizoen in de hoop een betere opvolger te vinden. Deze werd niet gevonden, met een degradatie in 1974 tot gevolg. In de laatste wedstrijd van het seizoen, tegen Manchester City, was het uitgerekend oud-United-ster Denis Law, die de goal scoorde waardoor United degradeerde.
Na opnieuw te promoveren in 1975, eindigde men derde in 1975/76 en zesde in 1976/77, en er werd in 1977 eindelijk weer een titel behaald. De FA Cup werd gewonnen en men dacht opnieuw aansluiting te hebben met de top. De top in de competitie werd echter niet gehaald, slechts de middenmoot in 1977/78 en 1978/79. Wel werd Manchester een vaste FA Cup-klant met het behalen van drie finales in vier jaar. Ook schakelde Manchester United Ajax Amsterdam, dat met spelers als Krol, Dusbaba, Arnesen, Schoenaker, Lerby, Notten, Erkens, Ling en Geels speelde, uit in de eerste ronde van het Europa Cup III-toernooi in het seizoen 1976/77 (september 1976, 1-0 nederlaag in Amsterdam, gevolgd door een 2-0 zege in Manchester).