Lepa Svetozara Radić (Gašnica, 19 december 1925 - Bosanska Krupa, 8 februari 1943) was een Joegoslavisch partizaan van Servische afkomst die stierf in de Tweede Wereldoorlog en werd onderscheiden met de Orde van de Nationale held. Ze werd op 17-jarige leeftijd geëxecuteerd omdat ze op Duitse troepen had geschoten.

Biografie Lepa Radić werd op 19 december 1925 geboren in een Servisch gezin in het dorp Gašnica (Bosanska Gradiška). Na haar basisschool in het nabijgelegen Bistrica volgde ze de eerste graad van de Vrouwenvakschool in Bosanska Krupa en de rest van de lessen op school in Bosanska Gradiška. Radić werd lid van de Bond van de Socialistische Jeugd van Joegoslavië (SKOJ), alvorens zich in 1941 op 15-jarige leeftijd aan te sluiten bij de Joegoslavische Communistenbond.

Tweede Wereldoorlog Op 10 april 1941, tijdens de invasie van Joegoslavië, riepen de asmogendheden de Onafhankelijke Staat Kroatië (Nezavisna Država Hrvatska of NDH) uit, waartoe ook Bosanska Gradiška en de omliggende gebieden behoorden.

Haar vader Svetor en haar ooms Vladeta en Voja sloten zich in juli 1941 aan bij de Partizanenbeweging. In november 1941 werden de 15-jarige Lepa Radić en haar familieleden gearresteerd door de Ustaša, maar met de hulp van de undercover partizanencollaborateurs werden Lepa en haar familie na 20 dagen opsluiting uit de Ustasha-gevangenis in Gradiška vrijgelaten. Op 23 december 1941 sloot ze zich samen met haar zuster Dara aan bij de 7e Partizanencompagnie van het 2e Krajiški Detachement. Ze werkte korte tijd als verpleegster, volgde daarna een jongerencursus in het dorp Lamovita, vlak bij Kozara, en was activiste voor de "Bond van de Joegoslavische Communistische Jeugd" (SKOJ) in de omgeving van Prijedor. Eind mei 1942 werd ze toegelaten tot de Communistische Partij van Joegoslavië en als politiek werkster naar de regio Podgrmeč gestuurd. Ze organiseerde jongerenacties, zoals het verzamelen en oogsten van graan nabij vijandelijke stellingen en was als strijder betrokken bij partizanenacties bij Bosanska Nova, Krupa, Čađevica en Otok.

Gevangenname en executie In februari 1943 was Lepa Radić verantwoordelijk voor het transport van de gewonden na de Slag om Neretva naar een schuilplaats in Grmeč. Tijdens de strijd tegen de 7. SS-Freiwilligen-Gebirgs-Division Prinz Eugen werd ze gevangengenomen en overgebracht naar Bosanska Krupa. Daar werd ze, na dagenlang gemarteld te zijn om informatie te verkrijgen, veroordeeld tot de dood door ophanging.

Naar verluidt boden de Duitsers in haar laatste momenten op het schavot aan om Radićs leven te sparen in ruil voor het onthullen van de namen van de leiders en leden van de Communistische Partij in de schuilkelder, maar ze weigerde hun aanbod met de woorden: "Ik ben geen verrader van mijn volk. Degenen naar wie u vraagt, zullen zich openbaren wanneer ze erin geslaagd zijn al jullie boosdoeners tot de laatste man uit te roeien." Lepa Radić was pas 17 jaar oud toen ze publiekelijk werd geëxecuteerd.

Op 20 december 1951 werd zij uitgeroepen tot nationale held.

Fotogalerij

Zie ook Vrouwen in de Joegoslavische volksbevrijdingsstrijd

Categorie:Joegoslavisch verzetsstrijder in de Tweede Wereldoorlog