Anne-Antoinette Gouffier (3 mei 1580 - 7 juli 1620) was rijksgravin van het rijksgraafschap Rekem (Reckheim). Haar echtgenoot was de rijksgraaf Ernest d'Aspremont-Lynden.
De bruidschat die ze meebracht bij haar huwelijk maakte van haar echtgenoot een rijk man. Ze verleenden hem de helft van de baronieën Thiennes en Steenbeke en de helft van de heerlijkheden Blaringem en Calonne-sur-la-Lys en de heerlijkheid La Vieuville. miniatuur|Grafsteen van Anne-Antoinette Gouffier
Kinderen
Ferdinand d'Aspremont-Lynden die hem opvolgde als rijksgraaf Ernestine Jeanne Marie d'Aspremont-Lynden die huwde met Ernest van Suys, buitengewoon kamerheer van Bohemen en kolonel in het keizerlijke leger Isabella Henrietta d'Aspremont-Lynden, abdis van de abdij van Munsterbilzen Marie Charlotte d'Aspremont-Lynden, kanunnikes te Munsterbilzen
Tijdens vijandelijkheden door de Gulik-Kleefse successieoorlog in 1609 kreeg Rekem te maken met de plundering en verwoesting op 1 mei van het norbertinessenklooster. Anne-Antoinette drong bij haar man aan om het klooster te herstellen en alle voorwerpen voor de eredienst kocht men weer aan. De kapel aan de Heirbaan, toegewijd aan Onze-Lieve-Vrouw en Sint-Rochus onderging hetzelfde lot. In 1620 liet Anne-Antoinette op dezelfde locatie de Sint-Petronellakapel bouwen.
De rijksgravin stierf toen ze acht maanden zwanger was van haar vijfde kind. Haar graf en dat van haar man lag in de kerk van het norbertinessenklooster. Na de Franse revolutie brak men het klooster af en werd haar grafsteen als bouwmateriaal, samen met andere afgevoerd naar het nabijgelegen Bunde. Toen men de steen in 1983 terugvond onder een kerkvloer werd de steen in 1997 ingemetseld in de Sint-Petronellakapel (zie afbeelding). Categorie:Rekem Categorie:Huis Aspremont Lynden