De Heerderweg (Maastrichts: Hierderweeg) is een straat of weg in de Nederlandse stad Maastricht. De weg uit het begin van de negentiende eeuw heeft een gelijknamige voorganger gehad, die echter een ander tracé volgde. Van 1828 tot 1975 was de Heerderweg onderdeel van de rijksweg Maastricht-Aken (N278). Al in 1969 is de verbinding met de rest van de rijksweg verbroken en vanaf dat moment werd de Heerderweg een rustige woonstraat. De straat heeft een gemengde bebouwing uit verschillende perioden van de twintigste eeuw.

Naamgeving De straatnaam Heerderweg werd op 15 maart 1920 officieel vastgesteld, kort na de annexatie van een groot deel van de gemeente Heer, waaronder de Heerderweg, op 1 januari 1920.Ubachs/Evers (2005), p. 31: 'annexatie'. Voor die tijd werd de weg, die in de jaren 1820 was aangelegd als steenweg, meestal aangeduid als rijksweg Maastricht-Aken of Akersteenweg.Ubachs/Evers (2005), p. 445: 'rijksweg'. De Heerderweg is genoemd naar het dorp Heer, dat enkele kilometers ten oosten van middeleeuws Maastricht lag. De weg had een voorganger ter plekke van de Bloemenweg, die tot 1920 werd aangeduid als Oude Heerderweg.Panhuysen/Dingemans/Minis/Sprenger (2013), p. 211: 'Bloemenweg'. Andere straatnamen in de omgeving van de Heerderweg dateren uit 1934 en hebben een connectie met het Nederlandse koningshuis: Oranjeplein, Prinsesselaan, Prinsenlaan, Waldeck Pyrmontstraat en Nassaulaan. De vrij recente Koepelstraat (1988) verwijst naar de Koepelkerk.Panhuysen/Dingemans/Minis/Sprenger (2013), pp. 203-206.

De Heerderweg in Maastricht is niet de enige straat met die naam. In het Gelderse Epe is ook een Heerderweg. Deze leidt naar het dorp Heerde.

Ligging De Heerderweg ligt op de rechter Maasoever, geheel binnen de grenzen van Wyckerpoort, een van de zeven buurten van de wijk Maastricht-Oost. De straat is min of meer noordwest-zuidoost georiënteerd en maakt daarbij een flauwe bocht naar het oosten. De huisnummering verloopt in Maastricht gewoonlijk van noord naar zuid en van oost naar west. Bij de Heerderweg is gekozen voor een nummering van noordwest naar zuidoost. Vanuit het centrum van de stad gezien, begint de weg bij de T-splitsing Heerderweg-Meerssenerweg-Scharnerweg, waar zich vroeger de spoorwegovergang naar de Akerstraat bevond. De Koepelkerk markeert het begin/eindpunt van al deze straten. Aan de zuidoostzijde sloot de Heerderweg tot 1969 aan op de Akersteenweg. Door de aanleg van het knooppunt Europaplein werd die verbinding verbroken en eindigde de weg daarna bij de Heerderdwarstraat. Sinds de voltooiing van de Koning Willem-Alexandertunnel eindigt de weg (via de Heerderdwarsstraat) bij de Groene Loper. De Heerderweg telt aan de noordoostzijde vijf zijstraten. Vanuit het centrum gezien: Scharnerweg, Koepelstraat, Prinsesselaan, Prinsenlaan en Heerderdwarsstraat. Aan de zuidwestzijde liggen drie zijstraten: Sphinxlunet (oostelijk deel, vanaf de spoorwegovergang), Sint Gerardusweg en Heerderdwarsstraat, waarbij het Sint Gerarduspad als vierde zijstraat beschouwd kan worden.

Verkeer en inrichting thumb|Wegafsluiting bij Heerderdwarsstraat (2022) De Heerderweg is circa 660 meter lang en op de meeste plaatsen ongeveer twintig meter breed.Heerderweg (kaartviewer met BGT-gegevens) op app.pdok.nl, geraadpleegd op 23 oktober 2023. Hoewel gemotoriseerd verkeer in beide richtingen is toegestaan, heeft de weg nauwelijks nog een functie voor het doorgaand verkeer, vooral omdat de toegang bij de Heerderdwarsstraat, waar de weg aansluit op de Groene Loper, is afgesloten voor alle wegverkeer, behalve fietsers. Daarnaast is het zuidoostelijk deel van de straat, van de Sint Gerardusweg tot de Heerderdwarsstraat, afgesloten voor vrachtverkeer. Alleen het meest noordelijk deel van de weg, tussen de Meerssenerweg en de spoorwegovergang in het Sphinxlunet, functioneert nog als doorgaande route. Hier is het rijweggedeelte extra breed en voorzien van voorsorteervakken en fietsstroken. Elders zijn geen fietspaden of -stroken. Over de Heerderweg rijden geen lijnbussen. In de gehele straat geldt betaald parkeren. Parkeren is uitsluitend toegestaan in de aangegeven parkeervakken.'Parkeertarieven', op parkeren-maastricht.nl, geraadpleegd op 3 juli 2022.

Het wegdek van de Heerderweg bestaat grotendeels uit rode klinkers, gelegd in visgraatverband. Het noordelijk deel van de straat, vanaf de spoorwegovergang, is geasfalteerd. De parkeerstroken zijn geplaveid met grijze betonklinkers, gelegd in elleboogverband. De trottoirs zijn betegeld met betontegels. Ter hoogte van de spoorwegovergang bevinden zich vluchtheuvels en zebrapaden. Vrijwel de gehele straat is beplant met bomen, soms slechts aan een kant, op sommige plaatsen als onderdeel van een groenstrook of plantsoen.

Geschiedenis De Heerderweg in zijn huidige vorm is aangelegd in het begin van de negentiende eeuw en verving toen een oudere weg naar Heer, die het tracé volgde van de tegenwoordige Bloemenweg / Sint Josephstraat.

Middeleeuwen; ancien régime

Heer wordt voor het eerst genoemd in 1202. Ongetwijfeld bestonden er in die tijd al een of meerdere 'Heerderwegen', verbindingswegen tussen de stad Maastricht en het dorp Heer. Wellicht waren dat afsplitsingen van de middeleeuwse, mogelijk in oorsprong Romeinse weg van Maastricht naar Aken, de nog deels in het landschap herkenbare Oude Akerweg. Deze volgde vanaf de Romeinse brug van Maastricht (die waarschijnlijk tot 1275 in gebruik bleef) het tracé van de huidige Hoogbrugstraat, Akerstraat, Scharnerweg, Wethouder van Caldenborghlaan, Bemelerweg en Keerderstraat.Ubachs/Evers (2005), p. 271: 'Keerderstraat'.Panhuysen/Dingemans/Minis/Sprenger (2013), p. 241: 'Bemelerweg'.

Op de oudste (1585), enigszins betrouwbare kaart van het gebied ten oosten van Maastricht wordt tussen de weg naar Scharn en die naar Heugem geen weg naar Heer aangegeven.Kaart limieten van de Vroenhof, 1585 (RAL K 151), op Wikimedia Commons. Een zeventiende-eeuwse 'Heerderweg' is te herkennen op een militaire kaart van het Beleg van Maastricht (1632). De weg loopt daar min of meer parallel aan de hoofdweg naar Aken, maar de kaart is te onnauwkeurig voor een exacte lokalisering. Bij een vrij gedetailleerde Franse militaire kaart van het beleg van 1748 is dat wel mogelijk (ondanks sterk verbasterde toponiemen): de weg naar Heer volgt hier duidelijk het 'Bloemenweg-tracé'. Nabij Heer splitst de weg zich. De noordelijke tak is de hoofdweg (blijkt uit negentiende-eeuwse kadasterkaarten); deze leidt naar de oude kerk van Heer, het centrum van het dorp. De zuidelijke tak is niet meer dan een voetpad dat naar De Burght van het Sint-Servaaskapittel ("Brogt St. Servais") leidt. In beide gevallen gaat het niet om doorgaande routes: beide eindigen bij de Dorpstraat. Deze oude weg van Maastricht naar Heer heeft niets te maken met de huidige Heerderweg. Het tracé van de oude Heerderweg is nog vrij goed te herkennen in het stratenpatroon van Maastricht en Heer: Akerstraat, Heugemerweg, Bloemenweg, dwars over het knooppunt Europaplein, Sint Josephstraat en Oude Kerkstraat.Zie interactieve kaart Maastricht op hisgis.nl. Selecteer bij kaartlagen: 'Kadaster 1842 percelen (rood, open)', 'Kadaster 1842 gebouwen (naar soort)' en 'Luchtfoto'.

Het gebied tussen Wyck en Heer wordt op oude kaarten aangeduid als Wyckerveld, Mockveld en/of Heerder Beemden. Iets noordelijker lag het Wittevrouwenveld, verwijzend naar de bezittingen van het Wittevrouwenklooster. Het gebied werd doorsneden door een oude Maasarm, min of meer ter plekke van de huidige Groene Loper. Deze liep tussen Heugem en Limmel in een wijde boog om Wyck heen en fungeerde bij hoge waterstanden als overlaat. De Heerderweg en andere wegen die door het winterbed van de Maas liepen, stonden om die reden geregeld onder water.Ubachs/Evers (2005), p. 585: 'winterbed'. Waarschijnlijk waren de hier gelegen landerijen alleen geschikt als grasland. Daarnaast moest de weg in het dorp Heer het Langwater oversteken, een watergang die van noord naar zuid dwars door Scharn en Heer liep, te zien op de Franse militaire kaart van 1748.Ubachs/Evers (2005), p. 302: 'Langwater'. Aan de oude Heerderweg lag tussen Wyck en Heer, en binnen Heer tussen de Demertstraat en Onder de Kerk dan ook geen bebouwing.

De juridische status van het Wyckerveld tijdens het ancien régime was gecompliceerd. Het dorp Heer en het gehucht Scharn vielen onder de schepenbank Heer en Keer, een van de elf banken van Sint-Servaas. Het kapittel van Sint-Servaas bezat hier de hoge jurisdictie. De stad Maastricht had zeggenschap over de buitengebieden die binnen de zogenaamde banmijl lagen, terwijl de tienden mogelijk toekwamen aan het kapittel van Onze-Lieve-Vrouwe of de pastoor van Wyck.Ubachs/Evers (2005), pp. 48-49: 'banmijl'; pp. 552-553: 'vesting'; pp. 565-566: 'Vrijheid van Maastricht'; pp. 591-592: 'Wyckerveld'. In de achttiende eeuw, en waarschijnlijk al eerder, deelden de stad Maastricht, het kapittel van Sint-Servaas en de Staten-Generaal (als verantwoordelijke voor de vesting) de zeggenschap over de hoofdwegen ten oosten van Wyck. Het toezicht op het onderhoud lag bij de rijproost van het kapittel. Het onderhoud zelf was de taak van de eigenaren van percelen die aan de weg grensden. Daarover ontstonden regelmatig conflicten, voor het eerst vermeld in 1458.Ubachs/Evers (2005), p. 462: 'Scharnerweg'.Van de Venne (1957), pp. 106-108.

Negentiende eeuw

In de Franse Tijd (1794-1814) vervielen de oude grenzen en privileges. Kloosters en kapittels werden opgeheven en hun bezittingen bij opbod verkocht. Ook het kapittel van Sint-Servaas trof dat lot. De oude rechten van het kapittel in Heer gingen in 1795 over naar de nieuw opgerichte commune Heer (later gemeente Heer en Keer).

In 1815 zette koning Willem I het Rijksstratenplan in werking, dat tot doel had in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden een netwerk van verharde rijksstraatwegen aan te leggen. Op de westelijke Maasoever was al in 1811, nog onder Frans bewind, de steenweg Maastricht-Tongeren gereed gekomen. Op 3 augustus 1823 werd besloten dat er een "rijksstraatweg 1e klasse" moest komen tussen Maastricht en Aken, ter vervanging van de Oude Akerweg en de route over Valkenburg, die toen al geruime tijd de functie van de Oude Akerweg had overgenomen. Nog in hetzelfde jaar begonnen de werkzaamheden en in 1826 kon de bestrating worden aangebracht. Twee jaar later was de weg voltooid. De aanleg werd grotendeels betaald door het Rijk. Om die reden was de weg, zoals de meeste rijksstraatwegen in Nederland, tot ver in de negentiende eeuw een tolweg. Op het kruispunt in Heer stond een tolhuis. De nieuwe steenweg was dertien meter breed, maar alleen het vijf meter brede middenstuk was bestraat met keien. Dit deel was bestemd voor paardenkoetsen en -wagens. Het grindgedeelte ernaast was voor voetgangers en hondenkarren. Daarnaast bevonden zich greppels. Langs de kant stonden bomen, voornamelijk eiken en beuken. De weg was deels op een dijklichaam aangelegd, met name bij het winterbed van de Maas en bij het Langwater in Heer. Ter plekke van de huidige Groene Loper liepen tunnelbuizen onder de weg om het water van de oude Maasarm door te laten (zie foto 1905 hieronder)., 'Heerderweg: de straatweg richting Aken', op zichtopmaastricht.nl, geraadpleegd op 15 april 2023. Pas in de jaren 1930 kwam hier een einde aan de wateroverlast.