Het vorstendom Muzaka (Albanees: Principata e Muzakajve) (1280-1444) was een Albanees vorstendom geregeerd door het huis Muzaka. Het vorstendom kwam geografisch overeen met gebieden in het huidige Zuid-Albanië, het noordwesten van Griekenland en het zuidwesten van Noord-Macedonië. Het strekte zich uit van de Adriatische Zee in het westen tot Korçë en Kastoria in het oosten, en van de Vjosë in het zuiden tot de Devoll in het noorden. Berat was de hoofdstad.
Geschiedenis Hoewel de Muzaka-dynastie in het jaar 1090 wordt genoemd door de Byzantijnse historicus Anna Komnene is de eerste heerser prins Andrea I Muzaka. Andrea I Muzaka bouwde vanaf het einde van de 13e eeuw een eigen machtsbasis op in Myzeqe en rond Berat. Zijn positie was aanvankelijk afhankelijk van de machtsverhoudingen tussen het Byzantijnse Rijk, het Huis Anjou-Sicilië en lokale Albanese adel. Andrea I werd door de Byzantijnse keizer Andronikos II Palaiologos onderscheiden met de hoge titel sebastokrator. Daarnaast onderhield hij betrekkingen met de Angevijnse heersers van het Koninkrijk Albanië en werd hij door hen als maarschalk van Albanië erkend.
Na de dood van Andrea I werd zijn zoon Teodor I Muzaka de belangrijkste heerser van de familie. Zijn positie was minder machtig dan die van zijn vader, mede doordat het gebied van de Muzaka's zich bevond tussen de invloedssferen van het Byzantijnse Rijk, het Angevijnse Koninkrijk Albanië en later het Keizerrijk Servië. Teodor I onderhield goede betrekkingen met het Huis Anjou-Sicilië. Hij trouwde met een dochter van Pal Gropa, waardoor de Muzaka's door huwelijk verbonden raakten met het Huis Gropa. Uit dit huwelijk kwam onder meer Andrea II Muzaka voort. Na de dood van Teodor I in 1331 volgde Andrea II Muzaka hem op. In dezelfde periode breidde koning Stefan Dušan de macht van het Servische Rijk sterk uit over Albanese gebieden. De Angevijnse macht in het binnenland van Albanië werd hierdoor grotendeels vervangen door Servische heerschappij. Andrea II kwam uiteindelijk in opstand tegen de Servische overheersing en wist, samen met andere lokale machthebbers, zijn positie in Zuid-Albanië te versterken. Na zijn militaire successen kreeg Andrea II de hoge Byzantijnse titel despoot. Zijn machtsgebied groeide aanzienlijk en bereikte tijdens zijn regering het grootste territoriale bereik van de Muzaka-dynastie. De invloed van de familie strekte zich uit over grote delen van Zuid-Albanië en tot gebieden in het huidige Noord-Macedonië en Griekenland. De precieze grenzen van het vorstendom veranderden echter voortdurend en waren afhankelijk van oorlogen, allianties en familieverbintenissen. thumb|250px|Het machtsgebied van de Muzaka's tijdens het hoogtepunt van de dynastie onder Andrea II. Andrea II was gehuwd met Efimija Matranga, afkomstig uit het Albanese Huis Matranga. Door dit huwelijk werden de Muzaka's opnieuw verbonden met een andere belangrijke Albanese adellijke familie. Andrea II en Efimija kregen meerdere kinderen, onder wie Teodor II Muzaka. Ook andere leden van de familie trouwden met vertegenwoordigers van belangrijke Albanese geslachten, waardoor de Muzaka's een uitgebreid netwerk van dynastieke relaties opbouwden. Na de dood van Andrea II in 1372 volgde zijn zoon Teodor II Muzaka hem op als belangrijkste heerser van het huis Muzaka. Teodor II zette de dynastieke aanwezigheid van de familie in Zuid-Albanië voort. In 1384 liet hij in Kastoria het Sint-Athanasiusklooster bouwen, waar hij samen met zijn vader Andrea II in een fresco werd afgebeeld. In 1389 nam Teodor II deel aan de Slag op het Merelveld, waar een coalitieleger onder leiding van de Servische vorst Lazar Hrebeljanović tegen het Ottomaanse Rijk vocht. Teodor II sneuvelde tijdens de veldslag. Zijn dood betekende niet dat het vorstendom onmiddellijk een Ottomaans vazalvorstendom werd. De opvolging binnen de Muzaka-familie verliep via een andere familietak: Teodor III Muzaka, een neef van Teodor II, werd later de belangrijkste heerser van het vorstendom. Onder Teodor III bleef de familie haar positie in Zuid-Albanië behouden, terwijl de Ottomaanse druk steeds verder toenam. Teodor III raakte betrokken bij het Albanese verzet tegen de Ottomanen en behoorde tot de Albanese vorsten die in de eerste helft van de 15e eeuw tegen de Ottomaanse overheersing vochten.
In 1444 sloot het vorstendom Muzaka zich aan bij de Liga van Lezhë, de militaire alliantie van Albanese vorsten onder leiding van Skanderbeg. Teodor III behoorde tot de leden van de Albanese adel die zich tegen de Ottomaanse expansie verzetten. De Muzaka's waren bovendien door huwelijken nauw verbonden met andere families binnen de Liga, waaronder de Arianiti's, Kastrioti's en Gropa's. In 1450 werd Berat door de Ottomanen veroverd. Tijdens de nachtelijke inname van het kasteel van Berat werden Albanese verdedigers gedood, waarbij volgens de overlevering ook Teodor III Muzaka om het leven kwam. De val van Berat betekende een zware slag voor de territoriale macht van de Muzaka's.
thumb|250px|Het kasteel van Berat, het belangrijkste machtscentrum van de Muzaka's.
In 1455 probeerde Skanderbeg tijdens het Beleg van Berat de stad op de Ottomanen te heroveren. De Albanese troepen leden echter een zware nederlaag nadat een groot Ottomaans leger arriveerde. Hiermee werd de Ottomaanse controle over Berat bestendigd. De val van Berat en de verdere Ottomaanse verovering van Zuid-Albanië maakten uiteindelijk een einde aan het vorstendom Muzaka als zelfstandige territoriale staat. De dynastie zelf verdween echter niet. Verschillende leden van het huis Muzaka bleven in de regio, terwijl andere familieleden naar Italië vluchtten. Onder hen bevond zich Gjon III Muzaka, die in Italië een genealogisch werk over zijn familie schreef en daarin de afkomst, bezittingen en familieverbindingen van de Muzaka's beschreef. De familie bleef daardoor ook na het einde van het vorstendom bestaan als adellijk geslacht.
Prinsen Andrea I Muzaka (1280–1319) Teodor I Muzaka (1319–1331) Andrea II Muzaka (1331–1372) Teodor II Muzaka (1372–1389) Teodor III Muzaka (1389-1444)
Kaarten
Categorie:Historisch land op de Balkan Muzaka Categorie:Geschiedenis van Albanië