Het Nabatees Aramees is de variëteit van het Aramees die voorkomt in de Nabatese inscripties van de oostelijke Jordaanoever, de Negev en de Sinaï. Vergeleken met andere variëteiten van het Aramees is de aanwezigheid van leenwoorden en grammaticale ontleningen uit het Arabisch of andere Noord-Arabische talen opvallend.Butts, Aaron M. "North Arabian Features in the Nabataean Aramaic Inscriptions from Madāʼin Ṣāliḥ: A Contact-Linguistic Analysis", in G.J. Brooke et al. (eds), Near Eastern and Arabian Essays: Studies in Honour of John F. Healey (Journal of Semitic Studies Supplement 41; 2018; Oxford: Oxford University Press), 39–57. Gearchiveerd op 10 juni 2026. Het Nabatees Aramees is geattesteerd in enkele tientallen langere inwijdings- en grafinscripties en een paar juridische documenten uit de periode van het Nabatese koninkrijk en bleef enkele eeuwen na de annexatie van het koninkrijk door het Romeinse rijk in 106 na Christus in gebruik. In de loop van de tijd werd het kenmerkende Nabatese schrift steeds vaker gebruikt om teksten in de Arabische taal te schrijven. Hierdoor loopt de laatste fase van het Nabatese schrift over in de vroegste vorm van het Arabische schrift.
Geschiedenis Oorsprong en taalkundige classificatie Met de ineenstorting van het Achaemenidische rijk (330 v. Chr.) verloor de Aramese taal steeds meer aan belang als lingua franca van het Nabije Oosten. Daarnaast werd in toenemende mate het Grieks gebruikt. De voorheen verenigde schriftcultuur viel uiteen in lokale scholen en de oude dialecten wonnen nu ook aan belang als schrijftalen.Gzella, Holger. A Cultural History of Aramaic. From the Beginnings to the Advent of Islam. Leiden: Brill, 2015: 213. Het Nabatees Aramees was een van deze plaatselijke variëteiten. De taal van de Nabatese inscripties, geattesteerd vanaf de 2e eeuw v.Chr., lijkt veel op het Achaemenidische Rijksaramees,Healey, John F. "Were the Nabataeans Arabs?" ARAM 33.1&2 (2021), 361-366 (reprint from ARAM 1.1 (1989), 38-44): 362. maar met plaatselijke ontwikkelingen.Morgenstern, Matthew. "The History of the Aramaic Dialects in the Light of Discoveries from the Judaean Desert: The Case of Nabataean". Eretz-Israel 26 (1999): 134*–142. Van de weinige innovaties ten opzichte van het Rijksramees is het gebruik van de markeerder van het lijdend voorwerp yt een West-Aramees kenmerk,Gzella, Holger. A Cultural History of Aramaic. From the Beginnings to the Advent of Islam. Leiden: Brill, 2015: 241. hoewel de oudere vorm ʔyt al voorkomt in het Oudaramees.Wilson-Wright, Aren M. "A Reevaluation of the Semitic Direct Object Markers". Hebrew Studies 57 (2016), 7-15: 8. Omdat het Nabatees Aramees niet deelneemt aan de innovaties die kenmerkend zijn voor het Oost-Aramees, wordt het gewoonlijk ingedeeld bij het West-Aramees.Rubin, Aaron D. "The Subgrouping of the Semitic Languages". Language and Linguistics Compass 2.1 (2008), 61-84: 71.
Attestatie miniatuur| Grafinscriptie uit Madaba, Jordanië, 37 n.Chr De Nabatees-Aramese taal komt veelvuldig voor in de graf- en inwijdingsinscripties van de steden Petra, Bosra en Hegra (het huidige Mada'in Saleh). Er zijn vele kortere inscripties gevonden in de zuidelijke Sinaï en in andere gebieden die ooit werden geregeerd door de Nabatese koningen. In Nachal Chever zijn verschillende op papyrus geschreven Nabatese teksten gevonden.https://www.deadseascrolls.org.il/learn-about-the-scrolls/languages-and-scripts. Gearchiveerd op 18 april 2026.
De oudste Nabatese inscriptie komt uit Elusa, in de Negev. De inscriptie noemt "Aretas, koning van de Nabateeërs", wat wordt opgevat als Aretas I, een Arabische heerser over Petra bij wie de joodse hogepriester Jason naar verluidt in 169 v.Chr. zijn toevlucht zocht.Naveh, Joseph. "Nabatean Language, Script and Inscriptions". stelt dat deze inscriptie enkele van de Nabatese kenmerken ontbeert en een uniform Rijksaramees en Joods schrift tentoonstelt. Daarom identificeren sommige geleerden een andere Nabatese inscriptie als de vroegste. Deze is gevonden in Petra, Jordanië, en kan worden gedateerd op het late Hellenistische tijdperk, in de jaren 96 of 95 v.Chr.Richard, Suzanne Louise. Near Eastern Archaeology: A Reader. Winona Lake, IN: Eisenbrauns, 2003.
Meer dan 4.000 inscripties zijn als Nabatees Aramees geclassificeerd.Richard, Suzanne Louise. Near Eastern Archaeology: A Reader. Winona Lake, IN: Eisenbrauns, 2003. De vroegste inscriptie in cursief Nabatees is opgegraven in Horvat Raqiq, nabij de stad Beër Sjeva, Israël. Deze inscriptie is niet alleen uniek vanwege zijn leeftijd, maar ook omdat hij is geschreven met inkt die op een grote rots is aangebracht.Naveh, Joseph. "Nabatean Language, Script and Inscriptions". Evenzo zijn er cursieve teksten gevonden die met inkt op papyrus zijn geschreven; deze maken deel uit van het archief van Babatha.Yadin, Yigael, Hannah Cotton, and Andrew Gross. The Documents from the Bar Kokhba period in the Cave of Letters. Hebrew, Aramaic, and Nabatean-Aramaic Papyri. Jerusalem: Israel Exploration Society, 2002.
De overgrote meerderheid van de Nabatese inscripties is in steen gegraveerd, zoals de Aslah-inscriptie uit Petra (95 v.Chr.), de wijdingsinscriptie aan de godin al-Kutba uit Wadi Tumilat (77 v.Chr.) en de inscriptie van Rabel I uit Petra (66 v.Chr.).al-Salameen, Zeyad, and Younis Shdaifat. "A New Nabataean Inscribed Bronze Lamp." Arabian Archaeology and Epigraphy 25.1 (2014), 43-49. Sommige opgravingen hebben inscripties op metalen voorwerpen opgeleverd. De meeste dergelijke inscripties waren gegraveerd op metalen munten. Bij opgravingen in Wadi Musa in het zuiden van Jordanië zijn tientallen bronzen fragmenten opgegraven met Nabatese inscripties erop, maar de herkomst van deze fragmenten is onzeker. Een bronzen oliebrander opgegraven in Wadi Musa bevat een goed bewaard gebleven wijdingsinscriptie van een priester en zijn zoon aan Obodas, die dateert uit de regering van de Nabatese koning Rabel II, die regeerde tussen de jaren 70 en 106 n.Chr.
Verval miniatuur| Grafinscriptie uit Tayma, 203 n.ChrAl-Najem, Mohammed, and M.C.A. Macdonald. "A New Nabataean Inscription from Taymā'". Arabian Archaeology and Epigraphy 20 (2009), 208-217. Gearchiveerd op 14 september 2024. Vanaf de vroegste periode valt het Nabatees Aramees op door het gebruik van Arabische of Oud-Noord-Arabische leenwoorden en grammatica, wat een sterk contact met deze talen weerspiegelt. Een Nabatese inscriptie uit Ein Avdat uit de eerste of tweede eeuw n.Chr. bevat zelfs drie regels Arabische poëzie, waarvan de betekenis omstreden is.al-Hamad, Muntasir. "Revisiting the Arabic Verses of theʽAin ʽAvdat Inscription", in G.J. Brooke et al. (eds), Near Eastern and Arabian Essays: Studies in Honour of John F. Healey (Journal of Semitic Studies Supplement 41; Oxford: Oxford University Press), 159-168. Gearchiveerd op 10 juni 2026. Vanaf de 3e eeuw werd het Nabatese schrift steeds vaker gebruikt om de Arabische taal te schrijven. Prominente voorbeelden zijn de gemengd Aramees-Arabische grafinscriptie van RQWŠ, dochter van ʕBDMWNTW (JSNab 17) en de volledig Arabische Namara-inscriptie .
Volgens Cantineau markeerde dit het begin van het einde van het wijdverbreide gebruik van het Nabatees Aramees, dat werd vervangen door het Arabisch. Tijdens dit proces "lijkt het Nabatees zich beetje bij beetje te hebben geledigd van de Aramese elementen die het bevatte en ze achtereenvolgens te hebben vervangen door Arabische ontleningen".Cantineau, J. Le Nabatéen. Paris: Librairie Ernest Leroux, 1930–1932: x. Deze algemeen erkende theorie is incidenteel betwist. M. O'Connor stelt dat hoewel de theorie van Cantineau historisch waar kan zijn, diens onderzoeksmethode de conclusie niet voldoende ondersteunt en misschien misleidend is.O'Connor, M. “The Arabic Loanwords in Nabatean Aramaic”. Journal of Near Eastern Studies 45.3 (1986), 213–229.
Tijdens deze opkomst van Arabisch in het Nabatese schrift bleef het Nabatees Aramees gedurende verschillende eeuwen geschreven worden. De langere teksten uit deze periode betreffen vooral enkele grafinscripties uit Noord-Arabische oases. Op basis van het grote aantal van Hebreeuws afgeleide namen die deze bevatten, zijn ze wellicht in opdracht van leden van lokale Joodse gemeenschappen zijn gemaakt.Hoyland, Robert G. "The Jews of the Hijaz in the Qurʾān", in: G.S. Reynolds (ed.), New Perspectives on the Qur’ān. The Qur’ān in Its Historical Context 2 (2011; Routledge Studies in the Qur’ān; Oxford: Routledge), 91–116. De laatste Nabatese inscriptie die is teruggevonden dateert uit 356 n.Chr. Deze is gevonden in Mada'in Saleh, in het noorden van het huidige Saoedi-Arabië.Richard, Suzanne Louise. Near Eastern Archaeology: A Reader. Winona Lake, IN: Eisenbrauns, 2003.Al-Najem, Mohammed, and M.C.A. Macdonald. "A New Nabataean Inscription from Taymā'". Arabian Archaeology and Epigraphy 20 (2009), 208-217. Gearchiveerd op 14 september 2024.Stiehl, Ruth. "A New Nabatean Inscription", in: R. Stiehl and H.E. Stier (eds), Beiträge zur Alten Geschichte und deren Nachleben. Festschrift für Franz Altheim zum 6. 10. 1968 (1970; Berlin: De Gruyter), 87–90. Een nog latere graffito, gedateerd op 455/6 n.Chr. en geschreven in Nabatees-Arabische tekens, werd in 2004 ontdekt in Jabal Umm Jadhayidh in het noordwesten van Saoedi-Arabië, maar de Aramese inhoud hiervan bestaat slechts uit standaardformules, terwijl de niet-formulaïsche tekst geheel Arabisch is.Nehmé, Laïla. "The Nabataean and Nabataeo-Arabic Inscriptions", in Laïla Nehmé (ed.), The Darb al-Bakrah. A Caravan Route in North-West Arabia Discovered by Ali I. al-Ghabban. Catalogue of the Inscriptions (2018; Riyadh: Saudi Commission for Tourism and National Heritage), 25-224: 142. Gearchiveerd op 1 december 2022.
Ontcijfering, documentatie en beschrijving miniatuur| Een "Sinaïtische" graffito uit Wadi Mukattab, Egypte Het bestaan van duizenden Nabatese graffiti in de Sinaïwoestijn, oorspronkelijk aangeduid als "Sinaïtisch", was al een lange tijd bekend.Cantineau, J. Le Nabatéen. Paris: Librairie Ernest Leroux, 1930–1932: 23. Gebaseerd op Jean-Jacques Barthélemy's eerdere ontcijfering van de gerelateerde schriften van het Palmyreens, Fenicisch en Rijksaramees zoals aangetroffen op de Carpentrasstèle,Daniels, Peter T. "The Decipherment of Ancient Near Eastern Languages". In R. Hasselbach Andee (ed.), A Companion to Ancient Near Eastern Languages (2020; Hoboken: Wiley), 3-25: 7. publiceerde in 1840 zijn ontcijfering van het Nabatese schrift.Beer, E.F.F. 1840. Studia Asiatica III: Inscriptiones veteris litteris et lingua hucusque incognitis ad Montem Sinai in magno numero servatae. Leipzig: Barth.
In de 19e en 20e eeuw werden aanvullende teksten van verschillende lengte ontdekt en uitgegeven door Europese wetenschappers. In deze periode publiceerde ook Jean Cantineau zijn grammatica van het Nabatees Aramees.Cantineau, J. Le Nabatéen. Paris: Librairie Ernest Leroux, 1930–1932. Belangrijke vondsten sinds het verschijnen van deze publicatie zijn onder meer de juridische documenten op papyrus die in de jaren zestig in de Brievengrot van Nachal Chever zijn ontdekt.Yadin, Yigael, Hannah Cotton, and Andrew Gross. The Documents from the Bar Kokhba period in the Cave of Letters. Hebrew, Aramaic, and Nabatean-Aramaic Papyri. Jerusalem: Israel Exploration Society, 2002. Andere publicaties die een aanzienlijk aantal teksten bevatten, zijn de uitgave uit 1993 van de grafinscripties van Mada'in Saleh door J. HealeyJohn F. Healey. The Nabataean Tomb Inscriptions of Mada'in Salih. Oxford: Oxford University Press, 1993. en de in 2021 door G. Petrantoni gepubliceerde verzameling Nabatees Aramees-Griekse bilingues.Petrantoni, Giuseppe. Corpus of Nabataean Aramaic-Greek Inscriptions. Venice: Edizioni Ca' Foscari, 2021. Gearchiveerd op 21 mei 2024. Nieuw ontdekte inscripties worden nog steeds met grote regelmaat uitgegeven.
Schrift