The Rolling Stones, vaak kortweg aangeduid als The Stones, is een Britse rockband die actief is sinds 1962. De band speelt in de eerste plaats een combinatie van rock en rhythm-and-blues. Daarnaast vertolken ze ook andere stijlen als blues, country, hardrock, reggae, funk en punk.

Sinds The Rolling Stones in 1962 werden opgericht, hebben zij vele grote hits gehad, zoals (I Can't Get No) Satisfaction, Sympathy for the Devil, Angie, Paint It Black en Start Me Up. Zij hebben meer dan vijfentwintig studioalbums uitgebracht, waaronder de klassiekers Exile on Main St., Goats Head Soup, Beggars Banquet, Let It Bleed en Sticky Fingers.

De band bestaat sinds 2021 nog uit drie vaste leden: Mick Jagger (zang), Keith Richards (gitaar) en Ron Wood (gitaar). De bekendste oud-leden zijn multi-instrumentalist Brian Jones (uit de band gezet op 8 juni 1969 en op 3 juli 1969 overleden), gitarist Mick Taylor (opgestapt in 1974), bassist Bill Wyman (opgestapt in 1993), drummer Charlie Watts (overleden op 24 augustus 2021) en – hoewel alleen in de beginjaren officieel – toetsenist Ian Stewart.

De bijnaam van de band is 'The Greatest Rock and Roll band in the World', zoals zij geïntroduceerd werden op het gratis Hyde Parkconcert en op hun tournee in 1969.

Geschiedenis thumb|Plaquette voor de Rolling Stones op Dartford Railway Station

Oprichting van de band (1962) Michael Philip Jagger en Keith Richards hadden al bij elkaar op de Wenworth Primary School in Dartford, Kent gezeten. Later, op 17 oktober 1961, kwam Richards Jagger weer tegen met een plaat van Chuck Berry en Muddy Waters onder zijn arm, op perron 2 van het treinstation in Dartford in Kent.De ontmoeting op het perron wordt in alle boeken over de Stones als historisch beschouwd, maar de details over welke platen het precies ging lopen uiteen. Jagger en Richards deelden een gezamenlijke interesse in de muziek en waren beiden ook verwoede platenverzamelaars.Jagger importeerde zijn albums rechtstreeks van Chess Records uit Chicago

Zij begonnen een bandje, Little Boy Blue and the Blue Boys, genoemd naar Richards eerste gitaar 'Blue Boy'. Dick Taylor, een vriend van Jagger en net als Jagger en Richards afkomstig uit Dartford, ging meedoen als bassist. Zij ontmoetten Brian Jones in de Ealing Jazz Club tijdens een optreden van de Blues Incorporated, waar Brian Jones onder de naam Elmo Lewis als gastmuzikant bottleneck-gitaar speelde.In de beginjaren van Blues Incorporated was Charley Watts de drummer en speelde Ian Stewart piano. Jones had een rhythm-and-bluesband in oprichting en vroeg Jagger als zanger. Jagger wilde wel, onder de voorwaarde dat ook Richards als gitarist mee zou doen. De andere kandidaten weigerden dit en verlieten met uitzondering van Stewart de groep in oprichting. Richards, die toen alleen nog maar riffs van Chuck Berry speelde, kreeg dankzij Jones rhythm-and-bluesschema's onder de knie. Dick Taylor (die later The Pretty Things zou oprichten) werd bassist en Tony Chapman drummer.

Het eerste optreden van de groep was een invalbeurt voor Blues Incorporated, die een BBC-optreden hadden. De aankondiging in Jazz News van 11 juli 1962 luidde (vertaald):

Brian Jones noemde zijn band The Rollin' Stones, naar het nummer Rollin' Stone van Muddy Waters. In deze opstelling met Tony Chapman in plaats van Mick Avory op drums begonnen de Stones in 1962 in clubs te spelen, waarna ze al snel meer publiek trokken dan de Blues Incorporated.Zowel Avory als Chapman kunnen zich naar eigen zeggen dit eerste optreden niet herinneren.

Eind 1962 stapte Dick Taylor uit de band. Tony Chapman stelde Bill Wyman als vervanger voor; met Wyman had hij in de band The Cliftons gespeeld. Wyman werd aangenomen, naar verluidt vanwege zijn goede versterker, een Vox AC30. Begin 1963 verliet Chapman de groep en werd op 11 januari 1963 vervangen door Charlie Watts, oorspronkelijk een jazzdrummer. De Rollin' Stones werden in maart 1963 de vaste huisband van de Crawdaddy ClubGenoemd naar Bo Diddleys 'Doing The Craw-Daddy'. van Giorgio Gomelsky, die in die tijd onofficieel fungeerde als manager van de band. Gomelsky zorgde voor persartikelen, de eerste studio-opnames en nodigde insiders en bekende musici uit naar zijn club, waaronder The Beatles, Andrew Loog Oldham en Eric Easton. Deze laatste twee richtten het bedrijf Impact Sound op, dat zich bezig ging houden met het imago en het promoten van de Stones. Op 8 (of 9) mei tekende Brian Jones als bandleider een 3-jarig contract met Impact Sound.Oldham had Easton nodig omdat hijzelf op dat moment nog minderjarig was.

Oldham hield zich bezig met het imago van de band, dat ruiger moest zijn dan de keurige Beatles. Hij vond Stewart niet passen bij dat ruige imago en degradeerde hem uit de band tot roadie. Stewart bleef echter wel trouw aan de groep en verscheen live regelmatig bij de Stones op het podium tot aan zijn dood in 1985. Oldham veranderde ook de naam Rollin' Stones in Rolling Stones en liet de 's' van Richards vallen.

Eerste platencontract (1963) thumb|Crawdaddy Club, Richmond 2014 Dick Rowe, de A&R-man bij Decca Records, die (negatieve) bekendheid kreeg door de Beatles af te wijzen voor een platencontract bij Decca, werd door Oldham in mei 1963 uitgenodigd voor een optreden van de Stones in de Crawdaddy Club in Richmond. Op advies van George Harrison sloot hij een platencontract met de Stones. Op 10 mei vond er een opnamesessie plaats in de Olympic Sound Studio in Londen, waarvan door Oldham Come On van Chuck Berry met als B-kant I Want To Be Loved van Willie Dixon als eerste single gekozen werd.Margotin/Guesdon blz. 14 De single bereikte een 21ste plaats in de UK Singles Chart. De tweede single werd I Wanna Be Your Man, een nummer dat John Lennon en Paul McCartney geschreven hadden voor hun tweede album With the Beatles, dat ze in diezelfde tijd in Londen aan het opnemen waren, maar waar Lennon en McCartney zelf niet tevreden over waren. De B-kant van de single werd de instrumental 'Stoned', een eigen compositie van de band. De muziekrechten van Stoned werden onder de naam Nanker Phelge door Easton ondergebracht bij muziekuitgeverij Southern Music. 'I Wanna Be Your Man' bereikte een 12e plaats in de Britse hitlijst.

Eerste album en eerste tournees (1964) Het eerste album van de Stones werd in de periode 3 januari tot 25 februari 1964 opgenomen in de Regent Sound Studios, een kleine studio in Denmark Street, Londen. De Stones hadden inmiddels in het clubcircuit een grote populariteit opgebouwd, getuige het feit dat er voor dit album 10.000 reserveringen geplaatst werden. Het album bevatte 9 covers, de eerste Jagger/Richards-compositie ('Tell Me'), een groepscompositie en een compositie van de groep samen met Phil Spector. Het album werd uitgebracht op 17 april 1964 en bereikte de nummer 1-positie in de Britse albumtop. 'Tell Me' was niet de eerste compositie van Jagger/Richards. Eerder hadden zij al de ballad As Tears Go By geschreven, een nummer dat Oldham door Marianne Faithfull op single liet uitbrengen.Het nummer bereikte positie 9 in de Britse hitlijsten. Van het album werd geen single getrokken, wel werd 'Little by Little' (met Gene Pitney op piano) gebruikt als B-kant van de derde Stones-single Not Fade Away.In de volgorde van de Decca UK releases. Not Fade Away, uitgebracht in februari 1964, bereikte een derde plaats in de Britse hitlijsten. In de Verenigde Staten werd I Wanna Be Your Man de B-kant, en bereikte een 48e plaats in de Billboard Hot 100.In de VS werden de Stones uitgebracht op het label London Records. De Amerikaanse Decca was in 1943 afgesplitst van de Engelse Decca, maar behield het recht op zijn eigen merknaam. Not Fade Away was een cover van Buddy Holly, toen Radio Caroline op 199 meter tijdens Pasen op 29 maart 1964 om 12 uur Engelse tijd als eerste zeezender drie mijl voor de Engelse zuidoostkust vanaf een zendschip startte met de officiële uitzendingen, werd dit nummer als eerste gedraaid. thumb|Aankomst Rolling Stones op Schiphol (1964) De eerste tournee van de Stones door het Verenigd Koninkrijk vond plaats in de herfst van 1963, met The Everly Brothers, Bo Diddley, Little Richard en Micky Most. Een van de eerste concerten op het Europese vasteland – als onderdeel van hun derde Britse tournee – was in het Kurhaus in Scheveningen op 8 augustus 1964. Het werd een legendarisch concert, de kranten schreven over "een veldslag". De uitzinnige fans en de hard optredende politie leidden ertoe dat de Stones al tijdens het vijfde nummer het zeer tumultueus verlopen optreden moesten staken. Van de slotminuten en het commentaar van impresario Paul Acket ("Van m'n leven niet meer") maakte de toenmalige diskjockey Willem van Kooten geluidsopnamen.Rolling Stones in het Kurhaus 1964 Uitzending OVT 8 augustus 2010 – interview Willem van KootenRolling Stones - Kurhaus 1964 Het tv-programma Andere Tijden maakte in september 2011 een verslag van ruim 27 minuten.Jongens waren het Reconstructie door het programma Andere Tijden, 24 september 2011 De schade aan het Kurhaus zou 20.000 gulden hebben bedragen. De toegangsprijs voor de 1500 bezoekers was destijds 7 gulden en de gage voor de Stones 1300 gulden.Veldslag in Scheveningen bij optreden Rolling Stones kranten.kb.nlVerslag Leeuwarder courant

In juni 1964 vlogen de Stones op JFK Airport voor hun eerste Amerikaanse tournee, die uitliep op een teleurstelling. De optredens waren voor halflege zalen en de band werd belachelijk gemaakt door gastpresentator Dean Martin in het tv-programma Hollywood Palace. Martin, die geen hoge pet van The Rolling Stones op had, introduceerde de band met de woorden: "I've been rolled when I was stoned myself". Ter afsluiting van de tournee vlogen de Stones naar Chicago, waar zij in de studio's van Chess Records een ontmoeting hadden met hun grote bluesvoorbeelden als Muddy Waters en Willie Dixon. In deze studio namen de Stones weer een aantal nummers op, waaronder hun nieuwe single It's All Over Now.

It's All Over Now kwam uit op 26 juni 1964 en werd de eerste nummer 1-hit in de UK-charts, en de eerste nummer 1 in Nederland. De B-kant was Good Times Bad Times, een compositie van Jagger en Richards. De overige Chess-opnames werden op 14 augustus 1964 uitgebracht op een EP, Five By Five, met de nummers If You Need Me, Empty Heart, 2120 South Michigan Avenue, Confessin' The Blues en Around And Around. 2120 South Michigan Avenue, een eigen compositie van de groep, verwijst naar het adres in Chicago waar de Chess studio's gevestigd zijn.

Little Red Rooster, een compositie van Dixon voor Howlin' Wolf, is weer opgenomen in de Regent Studio's en kwam uit op 13 november 1964. De single bereikte de 1e plaats in de UK-charts. In Nederland bereikte deze single in de tweede week van 1965 de 4e plaats in de Nederlandse Top 40. De Top 40 was 1 week eerder van start gegaan, en in die eerste week hadden de Stones naast 'Little Red Rooster', ook 'Tell Me' en 'Time Is On My Side' in de Top 40.

Vanaf half oktober tot half november toerden de Stones voor de tweede keer door de VS. Dit keer hadden ze meer succes, ze deden een geslaagd optreden in de The Ed Sullivan Show en scoorden met Time is on my side een toptienhit in de Billboard Top 100.Cohen blz. 139 In de RCA studio's werd Everybody Needs Somebody to Love opgenomen, en in de Chess Sudio's Time is on my side. Het alleen in de VS uitgebrachte album Twelve by Five bereikte een derde positie in de BillBoard album Top 200.

thumb|Wyman en Jones met zijn VOX MKIII Voor de opnames van het tweede studio-album investeerden de Stones in nieuwe instrumenten. Zo kocht Brian Jones zijn karakteristieke Vox MK III Teardrop.De oorspronkelijke Teardrop gitaar werd geïntroduceerd door Vox in 1963, beginnend met een prototype gemaakt speciaal voor Brian Jones. Het had een niet-tremolo Fender Stratocaster brug, en bleef populair lang na Vox het model in de jaren 70 stopgezet.