De oranje mollisia (Mollisia ramealis) is een schimmel behorend tot de familie Mollisiaceae. De soort leeft saprotroof op dood hout, vooral op dode twijgen en takken van loofbomen. In Nederland wordt hij onder meer vermeld van eik (Quercus).Mollisia ramealis – Oranje mollisia, NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen.
De soort werd oorspronkelijk in 1869 door de Finse mycoloog Petter Adolf Karsten beschreven als Peziza ramealis. Karsten plaatste de soort in 1871 in het geslacht Mollisia. Mollisia ramealis, Biodiv'AURA Atlas.
Kenmerken Uiterlijke kenmerken De apotheciën zijn klein, zittend en schotel- tot komvormig. Ze groeien meestal in groepjes op dood hout en breken bij hun ontwikkeling door de bast heen. De schoteltjes zijn doorgaans ongeveer 1 mm breed.Ecologische Atlas van Paddenstoelen in Drenthe, deel 3, Paddenstoelen Werkgroep Drenthe. In een buitenlandse beschrijving worden vruchtlichamen tot ongeveer 1,5 mm genoemd. Discomycetes from plant, leave and sphagnum litter in ombrotrophic bog (West Siberia), Environmental Dynamics and Global Climate Change.
Het hymenium is bij vers materiaal opvallend oranje tot oranjeachtig, waardoor de soort zich macroscopisch onderscheidt van veel andere soorten uit het geslacht Mollisia. De buitenzijde van het vruchtlichaam is donkerbruin.
Microscopische kenmerken De ascosporen zijn hyalien, smal spoelvormig en recht tot duidelijk gebogen. Ze meten volgens de Nederlandse literatuur ongeveer 20–25 × 2–2,5 µm. Oudere of rijpe sporen kunnen een dwarswand (septum) ontwikkelen.
De asci zijn cilindrisch en achtsporig. Bij onderzocht materiaal werden maten van ongeveer 73–98 × 7–8,7 µm gevonden. De apicale porie van de ascus is amyloïde en kleurt blauw in een jodiumreagens. De parafysen zijn cilindrisch en kunnen iets boven de asci uitsteken.
Microscopische controle is gewenst voor een zekere determinatie.
Ecologie De oranje mollisia groeit saprotroof op dood hout. In de Nederlandse standaardgegevens wordt hij vooral vermeld van takken van eik (Quercus). Uit andere gebieden zijn vondsten bekend van verschillende loofhoutsoorten. In de Drentse gegevens werd de soort voornamelijk gevonden op dode twijgen en takken, met name van berk (Betula) en daarnaast van els (Alnus).
Verspreiding In Nederland komt de oranje mollisia zeer zeldzaam voor.
Categorie:Mollisiaceae Categorie:Schimmelsoort