Het eiland Jamaica (Jamaicaans-Patois: Jumieka) is een land in het Caribisch gebied dat lid is van het Gemenebest van Naties met koning Charles III als staatshoofd. Het is een voormalige Britse kolonie, was in de 17e eeuw een tijd een vrijhaven voor piraten en werd later een belangrijke suikerproducent waarbij de economie afhankelijk was van slavernij.
Het eiland, dat door de Jamaicanen ook wel The Rock wordt genoemd, is de geboorteplaats van de Rastafaribeweging en de Reggaemuziek. Het ligt ten zuiden van Cuba en ten westen van het eiland Hispaniola. Dit eiland bestaat uit Haïti en de Dominicaanse Republiek.
Geschiedenis
Het eiland werd rond 650 in bezit genomen door de Taínos en Arowakken uit Zuid-Amerika die het eiland Xaymaca noemden: Land van hout en water. Rond 1400 kwamen de Cariben, een kannibalistische stam uit Zuid-Amerika, het vredige bestaan van de Arawakken verstoren.
Spaanse kolonie In 1494 werd het eiland tijdens zijn tweede reis ontdekt door Christoffel Columbus. In 1509 kwamen de eerste Spaanse kolonisten. Men vond er geen goud en ook de Spaanse kolonisatie was geen groot succes. Al in 1512 trok een eerste groep kolonisten naar de welvarender kolonie Cuba. In de Spaanse tijd woonden er niet meer dan ongeveer tweeduizend mensen op het eiland, waarvan de helft Spanjaarden. Deze beoefenden wat landbouw en veeteelt om Spaanse schepen te bevoorraden en voor export naar Cuba. De Arawakken werden uitgeroeid door een combinatie van besmettelijke ziektes, slavernij en oorlog. Vanaf 1517 liet men Afrikaanse slaven komen. De Spanjaarden stichten verschillende nederzettingen langs de kust, waarvan Sevilla la Nueva aan de noordkust en de hoofdplaats Villa de la Vega (het latere Spanish Town) in het zuiden de belangrijkste waren. In 1537 creëerde keizer Karel V het markizaat Jamaica ten behoeve van de nazaten van Christoffel Columbus.
Britse kolonie
Als onderdeel van een plan (The Western Design) om de Spaanse macht en handelsmonopolies in te perken, stuurde de toenmalige dictatoriale heerser van Engeland, Oliver Cromwell, een expeditiemacht op pad om de Spaanse kolonie Santo Domingo (Hispaniola) te veroveren. In de haven van de hoofdstad Santo Domingo leden de Britten een pijnlijke nederlaag en ze besloten dan maar een ander gebied op de Spanjaarden te veroveren. Daarbij viel de keus op het naburige, zwak verdedigde eiland Jamaica dat in 1655 door de Britten werd ingenomen. De meeste van de slechts tweeduizend Spanjaarden die er woonden vluchtten naar Cuba. Ze lieten hierbij hun slaven achter met het oog op hun hulp bij een eventuele herovering van het eiland. Deze slaven trokken echter het binnenland in en bouwden daar een nieuw bestaan op. Ze staan bekend als de marrons en ze zouden nog lang guerrilla-aanvallen op de Engelsen uitvoeren. Jamaica zou zo de eerste Britse kolonie in staatshanden worden. Eerdere Engelse koloniën in de Caraïben en in Noord-Amerika waren in private handen.
Boekaniers thumb|Henry Morgan werkte als boekanier vanuit Port Royal. Hij zou later luitenant-gouverneur van de Kolonie Jamaica worden.
De kolonie bleek economisch weinig rendabel. Engeland was doorlopend in oorlog met Spanje en men was bang dat Jamaica gemakkelijk weer terugveroverd kon worden. De Britse vloot stelde toen niet veel voor en de Britten verwelkomden daarom de komst van de boekaniers. Deze zeerovers en avonturiers maakten van de havenstad Port Royal een vrijhaven voor kapers, een uitvalsbasis om vandaar Spaanse schepen en steden te plunderen. Deze kapers kregen een kaperbrief, wat inhield dat ze hun gang mochten gaan mits ze een groot deel van de buit afstonden aan de koloniale regering. Port Royal werd de plek waar de kapers hun geld verbrasten en waar alles gebeurde wat God verboden had. De piraat Henry Morgan zou zelfs ondergouverneur van Jamaica worden en tegen de Marron strijden. Na de aardbeving op 7 juni 1692 waarbij de stad grotendeels in zee zonk, nam het belang van de piraterij af. Vanaf 1687 was de suikerteelt veel belangrijker geworden en in 1713 werd met de Vrede van Utrecht de piraterij verboden. Vanaf dat moment was de stad een plek waar piraten werden vervolgd.
Spanish Town was sinds de Spaanse tijd de hoofdstad. Na de aardbeving in Port Royal werd aan de overzijde van de baai de nieuwe stad Kingston gebouwd die sinds 1872 de hoofdstad is.
Suikerplantages Onder Brits bestuur groeide Jamaica uit tot een belangrijk wingewest. Er kwamen veel suikerrietplantages, waar grote aantallen slaven uit West-Afrika tewerk werden gesteld. De Engelse eigenaren behoorden tot de rijkste mensen van het Britse Rijk. De Great Houses (landhuizen) op de plantages herinneren aan die tijd. Een kleine groep blanke plantage-eigenaren bestuurden samen met de gouverneur het eiland. Dit werd de Plantocratie genoemd. Veel kolonisten stierven aan tropische ziekten als gele koorts en malaria. Het doel van veel planters (plantage-eigenaren) was daarom te leven van de inkomsten in het koelere Engeland en de plantages in het tropische Jamaica te laten besturen door jonge familieleden en opzichters.
Slavernij en opstanden thumb|Aanval van Marrons op een plantage in 1795 Op het eiland zijn diverse slavenopstanden geweest. Van de plantages gevluchte slaven zochten vaak hun toevlucht bij de Marrons in het binnenland. Van daaruit voerden ze aanvallen uit op plantages. Dit leidde tot diverse strafexpedities van het koloniale leger. De eerste oorlog met de Marrons begon in 1728 en duurde meer dan tien jaar, tot de Engelsen in 1739 een verdrag met hen sloten. Ze kregen zelfbestuur in de binnenlanden. Als tegenprestatie moesten ze helpen nieuwe opstanden te onderdrukken en gevluchte slaven opsporen.
Geïnspireerd door de ontwikkelingen in de naburige Franse kolonie Saint-Domingue (het huidige Haïti) ontstond er in 1795 een opstand in het noorden en raakten de Marrons opnieuw in oorlog met de Engelsen. Discussie over de slavernij in Engeland leidde in 1808 tot een wet die de handel in Afrikaanse slaven verbood, maar niet de slavernij zelf afschafte. Deze berichten bereikten ook Jamaica en leidden tot diverse slavenopstanden. Met kerstmis 1831 vond een massale slavenopstand over het gehele eiland, de Christmas Rebellion, plaats. Deze opstand zou leiden tot het aannemen van de Emancipation Act, die de slaven per 1 januari 1834 hun vrijheid schonk. Veel voormalige slaven verlieten de plantages en vestigden zich in het binnenland als kleine boeren. Een vreedzaam protest over de behandeling van de voormalige slaven leidde in 1865 tot een opstand in Morant Bay, geleid door George William Gordon en Paul Bogle. Deze werd hardhandig onderdrukt en de leiders werden ter dood veroordeeld, wat zorgde voor veel ophef in Engeland. De opstand in Morant Bay bleek een keerpunt in de geschiedenis van Jamaica en het doel van Bogle, de strijd voor politieke en economische vooruitgang.
Burgerrechten en zelfbestuur thumb|Marcus Garvey, pionier van de burgerrechtenbeweging in Jamaica en de Verenigde Staten In de twintigste eeuw kwam de strijd voor burgerrechten op gang onder de zwarte bevolking, geïnspireerd door o.a. Marcus Garvey die in de Verenigde Staten de "Úniversal Negro Improvement Association" had opgericht en in 1927 door de VS werd gedeporteerd naar zijn geboorteland Jamaica. In de jaren dertig van de twintigste eeuw ontstond ook de Rastafari beweging, een levensbeschouwing die de Jamaicaanse identiteit koppelde aan de Afrikaanse wortels.
In 1944 kreeg Jamaica volledig zelfbestuur en algemeen kiesrecht. Vanaf 1958 maakte Jamaica deel uit van de West-Indische Federatie, die bestond uit alle door de Britten bestuurde eilanden in het Caraïbisch gebied. Binnen deze federatie waren er tegenstellingen tussen de verschillende eilanden en met het uittreden van Jamaica in 1962 viel de federatie uiteen. Op 6 augustus 1962 werd Jamaica een onafhankelijk land.
Geologie, geografie, klimaat en natuur Geologie Door het noorden van het eiland loopt de oost-west Enriquillo-Plantain Garden-breuk. Ongeveer twee derde van het eiland, met name het westen en midden, wordt gedomineerd door een bergketen die grotendeels bestaat uit kalksteenformaties. Deze bergen bereiken een hoogte van max. 900 meter. Aan de noordzijde lopen de hellingen vrij steil af richting kust. Onder zeeniveau zetten deze steile hellingen zich voort tot op grote diepte tot aan de Caymantrog. In de bergen zijn fraaie tropische karstverschijnselen gevormd. Kenmerkend zijn de grote aantallen ronde geïsoleerde restheuvels, met diverse gangen, spleten en holtes en onderaardse waterlopen. Een goed voorbeeld is de Cockpit Country. Vanuit de lucht ziet dit gebied eruit als een grote, groen begroeide eierdoos. Aan de zuidzijde loopt deze bergrug geleidelijk af naar de kust. Hier vindt men laagvlaktes, moerassen en brede zandstranden.
Het oostelijk deel, met de Blue Mountains, is onderdeel van een bergketen die zich vanaf Hispaniola via Jamaica tot in Cuba uitstrekt. Delen van deze keten bevinden zich nu onder zeeniveau. De top van de Blue Mountains is de Blue Mountain Peak en ligt boven de 2200 meter. Dit gebergte heeft een veel complexere ontstaanswijze en bestaat uit diverse hardere gesteenteformaties. In het noorden van centraal Jamaica liggen de Dry Harbour Mountains. In het het zuiden, bij Kingston en Spanish Town, bevinden zich uitgestrekte kustvlaktes die bestaan uit mariene terrassen.
Geografie thumb|De Blue Mountains. Het grootste berggebied op het eiland dat tevens de hoogste top, de Blue Mountain Peak, omvat.
Oppervlakte Totaal: Land: 10.826 km² Water: 165 km² Landgrenzen 0 km Kustlijn 1022 km Uitersten Laagste punt: Caraïbische Zee 0 m Hoogste punt: Blue Mountain Peak 2256 m Natuurlijke rijkdommen Bauxiet, gips, kalksteen, suikerriet, bananen, cacaobonen, koffiebonen en kokosnoten
Klimaat Jamaica heeft een vochtig en heet tropisch klimaat met een gemiddelde dagtemperatuur van 25°C tot 28°C. in het bergachtige binnenland zijn de temperaturen enkele graden lager. Op de toppen van de Blue Mountains komt de temperatuur onder de 20°C. De wintermaanden zijn wat koeler en kennen meer neerslag dan de zomermaanden. De gemiddelde neerslag op Jamaica is circa 1800 mm per jaar. Er is echter een grote regionale variatie in de neerslag. In berggebieden als de Blue Mountains of de Cockpit Country in het westen van Jamaica kan 4000 tot 5000 mm neerslag per jaar vallen. De kustvlaktes in het zuiden van het eiland kennen daarentegen een warm en droog klimaat met vaak minder dan 1000 mm neerslag per jaar. Ook de lengte van het droge zomerseizoen varieert van minder dan 1 maand in de Blue Mountains en de noordoostkust tot meer dan 6 maanden langs de zuidkust.
Orkanen Jamaica ligt in een gebied waar zich in zomer en najaar tropische cyclonen (orkanen) kunnen ontwikkelen boven het warme zeewater van de Atlantische Oceaan en de Caraïbische Zee. Zware orkanen die Jamaica hebben getroffen en veel schade hebben aangericht zijn o.a. Charlie (1951), Gilbert (1988), Ivan (2004), Dean (2007), Gustav (2008) en Melissa (2025). Melissa was de zwaarste orkaan in de recente geschiedenis die Jamaica heeft getroffen. Tot 2025 waren Gilbert en Charlie de zwaarste cyclonen ooit gemeten op Jamaica.
Natuur thumb|Een mannelijke wimpelstaartkolibrie. Deze soort komt alleen op Jamaica voor. De flora van Jamaica telt ongeveer 3000 soorten planten waarvan ongeveer 1000 soorten alleen op Jamaica voorkomen. Kenmerkend zijn de soorten Orchis zoals de Brassavola; de soort Brassavola subulifolia komt alleen op Jamaica voor. Roystonea princeps is een soort koningspalm endemisch voor Jamaica. Het drogere zuiden van Jamaica is waar soorten van de cactusfamilie groeien zoals Melocactus (Melocactus caroli-linnaei) en Opuntia. De schijfcactus soort Opuntia jamaicensis is naar Jamaica genoemd.
Een aantal waardevolle gebieden, zowel op land als in zee (koraalriffen) zijn in Jamaica als nationaal park aangewezen:Website Jamaica Protected Areas Trust Limited