Na de verkiezingen voor het federaal parlement in België op 17 december 1978 ging de formatie van een nieuwe federale regering van start. De formatie, die leidde tot de vorming van de regering-Martens I, duurde 107 dagen en was de langstdurende Belgische regeringsvorming tot dan toe. Het record werd in 1988 verbroken, toen het 148 dagen duurde om de regering-Martens VIII op de been te brengen.

Verloop van de formatie Tijdslijn

Aanloop naar de formatie Op 11 oktober 1978 viel de regering-Tindemans IV (CVP, PSC, PS, BSP, Volksunie en FDF) over het Egmontpact dat België moest omvormen tot een federale staat, waarna de overgangsregering Vanden Boeynants II werd gevormd. Op 17 december vonden vervroegde verkiezingen plaats: de christendemocratische CVP en PSC gingen er licht op vooruit, de socialisten leden een licht verlies, het francofone FDF en de Franstalige liberalen van PRLW/PL bleven stabiel, de Vlaams-nationalistische Volksunie leed een grote nederlaag en de Vlaamse liberalen van PVV gingen er het meest op vooruit. In Vlaanderen was de grootste partij CVP, in Wallonië was dat PS en in Brussel het FDF.

Zoals het de gewoonte was ging premier Paul Vanden Boeynants de dag na zijn verkiezingen aan koning Boudewijn het ontslag van zijn regering aanbieden. De koning aanvaardde het ontslag en belastte de regering-Vanden Boeynants II met de verdere afhandelingen van de lopende zaken.Partijen tasten het terrein af, Gazet van Antwerpen, 19 december 1978. Op 19 december begon de koning dan aan zijn raadplegingen: eerst werden de voorzitters van Kamer en Senaat (respectievelijk Edmond Leburton en Robert Vandekerckhove) ontvangenTegen weekeinde een informateur?, Gazet van Antwerpen, 20 december 1978., op 19 en 20 december gevolgd door voorzitters van de politieke partijen.Eedverbond van Egmont houdt stand, Gazet van Antwerpen, 21 december 1978. Op 21 december werden nog vertegenwoordigers van vakbonden en werkgeversorganisaties ontvangen.Willy Claes informateur, Gazet van Antwerpen, 22 december 1978.

Informateur Willy Claes (21 december 1978 - 8 januari 1979)

Nadat de koning zijn consultatieronde had afgerond, benoemde hij dezelfde avond nog ontslagnemend vicepremier Willy Claes (BSP) tot informateur. Claes kreeg een drieledige opdracht: ten eerste moest hij alle mogelijke regeringsformules uittesten, zonder enige formule uit te sluiten, ten tweede alle raakpunten en oplossingsformules ten aanzien van de sociaal-economische problemen aftasten en ten derde diende hij de communautaire problematiek te analyseren en de uiteenlopende standpunten van de partijen zo dicht mogelijk bij elkaar brengen. Tussen 22 en 28 december hield hij consultaties met de voorzitters van Kamer en Senaat, de partijvoorzitters, vertegenwoordigers van vakbonden en werkgeversorganisaties, oud-premier Leo TindemansClaes praatte met Tindemans, Gazet van Antwerpen, 27 december 1978. en een aantal ministers.VU wacht op voorstellen van winnende partijen, Gazet van Antwerpen, 29 december 1978.

Op vrijdag 29 december 1978 bracht Claes verslag uit bij de koning, die zijn opdracht verlengde. Claes achtte het mogelijk om op sociaal-economisch vlak een anticrisisbeleid uit te voeren en had vastgelegd dat er bij alle partijen de wil bestond om een communautair akkoord te sluiten, maar dat Brussel het grootste struikelblok bleef.Tegen globaal Egmontakkoord, Gazet van Antwerpen, 30 december 1978. Claes diende nu zijn vaststellingen verder uit te diepen.

Na Nieuwjaar raakte de politieke situatie geblokkeerd. Enerzijds wilden de Franstalige partijen PS en PSC dat er een coalitie zou worden gevormd met FDF, wat hun zusterpartijen SP en CVP enkel wilden als ook de Volksunie bij de onderhandelingen werden betrokken. Anderzijds verschilden de partijen van mening over de manier waarop de staatshervorming zou worden onderhandeld: de Vlaamse partijen wilden eerst een tijdelijke gewestvorming doorvoeren, waarna het parlement de staatshervorming verder zou uitwerken, de Franstaligen wilden een globaal onderhandelde staatshervorming in het regeerakkoord zien staan. Niettemin werd Claes' opdracht op 5 januari 1979 nogmaals met enkele dagen verlengd. In het weekend van 6 en 7 januari ontving hij de voorzitters van de christendemocratische en socialistische partijen om opheldering te krijgen over die knelpunten.Claes zoekt nog uitweg, Gazet van Antwerpen, 6 januari 1979. Die ontmoeting leverde echter geen resultaat op en bracht de vier partijen niet dichter bij elkaar.Claes bewerkte geen toenadering, Gazet van Antwerpen, 8 januari 1979. Op 8 januari werd Claes van zijn opdracht als informateur ontheven.

Formateur Wilfried Martens (9 januari - 12 februari 1979)

Dezelfde dag nog werd CVP-voorzitter Wilfried Martens door de koning aangezocht als formateur. Martens vroeg echter 24 uur bedenktijd, omdat hij vanwege de ingewikkelde situatie eerst nog enkele vooraanstaande politici wilde raadplegen en zich wilde bezinnen over de mogelijkheden. Ondertussen liet PS-voorzitter André Cools door zijn partijbestuur een voorstel goedkeuren waarin hij voorstelde om de regering-Vanden Boeynants II opnieuw het vertrouwen te laten vragen aan het parlement, op basis van een duidelijk afgebakend communautair en sociaaleconomisch programma. CVP en SP wilden echter prioriteit geven aan het sociaal-economisch beleid en op communautair vlak een basisakkoord onderhandelen dat verder zou worden uitgewerkt door het parlement.Martens aangezocht als formateur, Gazet van Antwerpen, 9 januari 1979.

Op 9 januari 1979 ging Martens akkoord om formateur te worden, nadat hij het advies had ingewonnen van het partijbestuur van CVP.Martens aanvaardt regering te vormen, Gazet van Antwerpen, 10 januari 1979. Het was zijn bedoeling om een regering te vormen die in eerste plaats de economische crisis zou bestrijden en aan het parlement een communautair ontwerpprogramma zou voorleggen. Van 10 tot 16 januari voerde de formateur een consultatierondeMartens gestart voor harde kamp, Gazet van Antwerpen, 11 januari 1979.: hij ontving achtereenvolgens de voorzitters van Kamer en Senaat, gewezen informateur Willy Claes, premier Paul Vanden Boeynants, de partijvoorzitters, oud-premier Leo Tindemans en vertegenwoordigers van vakbonden, werkgevers- en zelfstandigenorganisaties.Martens houdt zich op de vlakte, Gazet van Antwerpen, 13 januari 1979.

Vanaf 16 januari vergaderde Martens met de christendemocratische en socialistische partijen om te bespreken wat de doelstellingen van de nieuwe regering moesten zijn, zowel op sociaal-economisch vlak als op communautair vlak, en welke regeringsformule deze doelstellingen het best kon verwezenlijken.Vandaag tweeledig overleg, Gazet van Antwerpen, 16 januari 1979. Iedere partij stuurde een delegatie van twee onderhandelaars: voor CVP kwamen ministers Jos Chabert en Gaston Geens, PSC werd vertegenwoordigd door voorzitter Charles-Ferdinand Nothomb en premier Vanden Boeynants, BSP stuurde voorzitter Karel Van Miert en oud-informateur Willy Claes en voor PS werden voorzitter André Cools en vicepremier Léon Hurez afgevaardigd.Martens praat verder over doelstellingen, Gazet van Antwerpen, 17 januari 1979.

Op 19 januari spraken de partijbureaus van CVP, PSC, BSP en PS zich uit over welke regeringsformule hun voorkeur wegdroeg. PS en PSC drongen erop aan dat FDF in de regering werd opgenomen, zodat die over in beide kamers over een tweederdemeerderheid beschikte om een staatshervorming te kunnen doorvoeren. CVP had de voorkeur voor een rooms-rode regering, terwijl BSP vond dat de regering sowieso over een tweederdemeerderheid moest beschikken en wilde dat ook de Volksunie bij de onderhandelingen zou worden betrokken.Cools lost FDF niet, Gazet van Antwerpen, 20 januari 1979. Alvorens te beslissen over de regeringsformule, riep Martens op 23 januari naast de voorzitters van CVP, PSC, BSP en PS ook die van de liberale partijen, de Volksunie en FDF bij zich om hen zijn voorstellen voor te leggen over het sociaal-economisch, communautair, buitenlands en welzijnsbeleid.Martens polst alle partijen, Gazet van Antwerpen, 23 januari 1979. Hierin was er onder andere sprake van de oprichting van een Vlaamse, Waalse en Brusselse Executieve, die binnen de federale regering zouden opereren.Martens wil drie subregeringen, Gazet van Antwerpen, 24 januari 1979.

Vanaf 24 januari bogen de partijbesturen zich over de voorstellen van Martens.Martens krijgt eerst vrijdag antwoord, Gazet van Antwerpen, 25 januari 1979. Op 25 januari gingen BSP en CVP akkoord om op basis van die voorstellen verder te onderhandelen,Partijen bereid te onderhandelen, Gazet van Antwerpen, 26 januari 1979. een dag later deden PS, PSC en PVV hetzelfde.PS-kongres kan Cools' houding verstrakken, Gazet van Antwerpen, 27 januari 1979. In het weekend van 26 en 27 januari 1979 verklaarden ook de PRLW, het FDF en de Volksunie zich bereid om voort te onderhandelen.Martens kent nu alle standpunten, Gazet van Antwerpen, 29 januari 1979.

Op dinsdag 30 januari riep de formateur de partijvoorzitters van CVP, PSC, PS, BSP, FDF en Volksunie samen om te kijken of de tegenstellingen tussen die partijen op communautair vlak, die gebleken waren uit de opmerkingen die de partijen maakten over Martens' voorstellen, op korte termijn konden worden overbrugd, met het oog op de vorming van een regering die in beide kamers over een tweederdemeerderheid beschikte.Toch met VU en FDF?, Gazet van Antwerpen, 30 januari 1979. Bij die gesprekken was iedere partij vertegenwoordigd door drie onderhandelaars. CVP, PSC, PS en BSP stuurden elk hun twee vertegenwoordigers die vanaf 16 januari met Martens hadden onderhandeld over de doelstellingen voor de volgende regering, aangevuld met een derde onderhandelaar: respectievelijk minister Renaat Van Elslande (CVP), minister Alfred Califice (PSC), minister Henri Simonet (PS) en oud-minister Frank Van Acker (BSP). De delegatie van FDF bestond uit voorzitster Antoinette Spaak en ministers Lucien Outers en Léon Defosset, Volksunie werd vertegenwoordigd door voorzitter Hugo Schiltz, oud-voorzitter Frans Van der Elst en senator Wim Jorissen.

Ondertussen had Martens een nieuwe communautaire nota opgesteld, die vanaf 1 februari door de onderhandelaars werd besproken.Nieuwe nota van Martens, Gazet van Antwerpen, 1 februari 1979. Op 5 februari moesten de partijbesturen van CVP, PSC, PS, BSP, FDF en Volksunie beslissen of ze verdere communautaire gesprekken wensten te voeren.Martens heeft nieuw voorstel, Gazet van Antwerpen, 5 februari 1979. De zes partijen gaven allen hun instemming, waarna de onderhandelingen werden voortgezet.Voorwaardelijk akkoord over Martens' opvattingen, Gazet van Antwerpen, 6 februari 1979.

In de nacht van 6 op 7 februari 1979 raakten de formatiegesprekken geblokkeerd, toen de partijen hun voorstellen over Brussel voorlegden. De Franstalige partijen PS, PSC en FDF eisten ruimere faciliteiten in de Vlaamse Rand en een uitbreiding van Brussel en waren tegen een paritair samengestelde Brusselse Gewestregering, voorstellen die bij de Vlaamse partijen erg gevoelig lagen. Formateur Martens ging vervolgens onderzoeken welke initiatieven hij kon nemen om de kloof tussen de Vlaamse en Franstaligen partijen te overbruggen en voerde daartoe op 7 februari gesprekken met de partijvoorzitters. Dezelfde avond nog besloot de Volksunie zich terug te trekken uit de formatiegesprekken.Volksunie trekt zich terug, Gazet van Antwerpen, 8 februari 1979.

Op 9 februari nodigde Martens de christendemocratische en socialistische partijen uit om onderhandelingen te beginnen over de vorming van een regering.Martens zoekt nieuwe uitweg, Gazet van Antwerpen, 9 februari 1979. De Franstalige partijen PS en PSC weigerden evenwel om het FDF te lossen, waardoor de situatie geblokkeerd bleef.Martens geeft niet op, Gazet van Antwerpen, 10 februari 1979. Bijgevolg werd Martens op 12 februari op eigen verzoek van zijn opdracht ontheven.Martens formateur af, Gazet van Antwerpen, 13 februari 1979.