De overstromingen in Europa in juli 2021 vonden plaats in vooral West-Europa en het noordwestelijk binnenland van Centraal-Europa, met als gevolg grote schade en enkele honderden slachtoffers in de landen België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Verenigd Koninkrijk en Zwitserland. De overstromingen waren het gevolg van aanhoudende regenbuien die op hun beurt veroorzaakt werden door een lagedrukgebied (koudeput), dat dagenlang op zijn plaats bleef. Meerdere rivieren en beken stroomden over. Met name de Belgische provincie Luik en de Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts werden zwaar getroffen.Hoogwater in de zomer van 2021, www.nos.nl
Ongeveer 220 mensen kwamen om bij de natuurramp, van wie zeker 180 in Duitsland en 39 in België. In Duitsland was dit de natuurramp met het grootste aantal slachtoffers sinds de stormvloed van 1962.
Weersomstandigheden en overzicht van de overstromingen thumb|Satelliet- en radarbeelden van 8 tot 15 juli Sinds begin juli 2021 kwamen warme winden uit Frankrijk en Piëmont naar Centraal-Europa. Een tot in de hogere luchtlagen ontwikkeld lagedrukgebied trok vanuit het noordwesten naar het westen van Duitsland, waar het enkele dagen vrijwel niet van plaats veranderde. Dit was een gevolg van de destijds zwakke straalstroom en omdat het lagedrukgebied tot grote hoogte was ontwikkeld. Door de aanvankelijk boven Europa aanwezige vochtige en warme lucht bleef de depressie lang actief en regende het dagenlang. Dit vond met name plaats in Oost-België, Noordrijn-Westfalen, Rijnland-Palts, Baden-Württemberg, Beieren, Saksen en in het noordwesten van Oostenrijk en Zwitserland. Op veel plaatsen veroorzaakten watermassa's overstromingen in rivieren en beken, grote materiële schade, gewonden en doden. Veel schade ontstond door weggespoelde bruggen en auto's en door ingestorte woningen en andere bouwwerken. De waterstanden van sommige wateren bereikten vergelijkbare hoogten als tijdens de overstroming van de Alpen in 2005 en de overstroming in Zwitserland in 2007 of overschreden ze zelfs. Na ongeveer een week lag het lagedrukgebied boven de oostelijke Alpen, waar het langzaam opvulde en in Oostenrijk nog overstromingen veroorzaakte.
In de verschillende getroffen regio's verliepen de overstromingen anders. De neerslag in sommige berggebieden leidde tot een enorme zwelling van de rivieren en een snel toenemende, maar slechts korte overstroming in de benedenloop. Daarentegen verzamelde het water zich langzaam op andere plaatsen zoals de meren aan de rand van de Alpen in Zwitserland en in de benedenloop van rivieren zoals de Maas en de Rijn en bereikte pas na enkele dagen de hoogste waterstanden. In sommige dallandschappen zakten de vloedgolven na enkele uren, terwijl de overstromingen in vlakke gebieden dagenlang aanhielden. De overstroming was vooral verwoestend in de Eifel, waar gebouwen inclusief infrastructuur aan de Ahr, het bovenste deel van de Erft, de Roer en zijn zijrivieren Inde, Merzbach en Worm werden verwoest.
Getroffen gebieden thumb|Ravage in Pepinster na de overstroming van de Vesder en de Hoëgne thumb|Tilff bij Esneux Hieronder een overzicht van de getroffen landen: België, de Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts, Frankrijk, Luxemburg en Nederland.
België Wallonië In België werden vooral plaatsen aan de oevers van de rivier de Maas en haar zijrivieren in Wallonië getroffen. De regenmeters van de Service Publique de Wallonie - Mobilité et Infrastructures (SPW MI) registreerden over een periode van 48 uur de volgende neerslaghoeveelheden: in Jalhay 271,5 mm (271,5 liter per vierkante meter), in Spa 217,1 mm, Neu-Hattlich 189,0 mm, Mont Rigi 192,4 mm. Deze hoeveelheden zijn uitzonderlijk, en zouden maar eens in de honderd jaar voorkomen.Eerste cijfers en duiding bij de hevige neerslag van 14 en 15 juli, KMI
Op 15 juli kondigde Infrabel de stopzetting van het treinverkeer in de hele regio aan. Op 19 juli werden verschillende spoorlijnen waar dit mogelijk was weer heropgestart. Diverse lijnen bleven langere tijd buiten gebruik als gevolg van waterschade. Er was een risico op overstromingen in de hele provincie Luik en in delen van de provincies Luxemburg, Namen en Waals-Brabant. In het gebied van de Duitstalige Gemeenschap trad de Our buiten haar oevers.
De autosnelwegverbinding A602-A26 door Luik was ter hoogte van Angleur ondergelopen en afgesloten. Intempéries: l'ensemble de la liaison E25-E40/A620 sera de nouveau accessible à la mi-octobre
In België stierven circa veertig mensen als gevolg van de watersnood; op 25 juli 2021 werden vijf mensen nog vermist.'Week na overstromingen België nog slachtoffer gevonden', in: De Limburger, 25 juli 2021. Verschillende huizen stortten in. Er zaten circa 20.000 mensen zonder elektriciteit en ook het drinkwater raakte vervuild. Zeer zwaar getroffen was het dal van de Vesder met plaatsen als Verviers, Pepinster en Chaudfontaine, waar veel slachtoffers vielen, huizen, wegen en bruggen waren weggespoeld en velen dagenlang op hulp moesten wachten.
Op 24 juli werden delen van Wallonië opnieuw getroffen door noodweer, dat wateroverlast en modderstromen veroorzaakte. Deze keer werden vooral de provincies Namen en Waals-Brabant getroffen. De schade was groot in onder andere Namen, Dinant en Walhain.'Geteisterde provincie Luik ontsnapt aan nieuw noodweer', in: De Limburger, 25 juli 2021.
In Namen liep het centraal archeologisch magazijn van het Agence wallonne du Patrimoine twee keer onder, met dermate desastreuze gevolgen dat het behoud van de locatie werd uitgesloten.Eeuwenoude archeologische vondsten in Namen onder de modder na wateroverlast: "Jaren nodig om dit te redden", VRTNWS, 28 juli 2021 Ook archiefruimtes in onder meer Eupen, Verviers, Limbourg en Wanze werden getroffen. Sommige stonden meer dan 72 uur onder water.
De totale schade van de overstromingen liep in de miljarden. Het Waals Gewest alleen al raamde in september 2021 zijn tussenkomst op 2,3 à 3 miljard euro.
Uiteindelijk erkende de Waalse overheid bij besluit van 28 juli 2021, 28 JULI 2021. - Besluit van de Waalse Regering waarbij de overstromingen die hebben plaatsgevonden van 14 tot 16 juli 2021 als een algemene natuurramp worden beschouwd en waarbij de geografische uitgestrektheid van deze ramp wordt afgebakend uitgebreid bij besluit van 26 augustus 2021Besluit tot uitbreiding… de overstromingen van 14 tot 16 juli als "algemene natuurramp". Het rampgebied werd afgebakend tot 209 gemeenten: alle gemeenten van de provincies Luik, Luxemburg en Namen, 21 van de 27 Waals-Brabantse gemeenten, en 22 van de 69 Henegouwse gemeenten. Nog 15 gemeenten in de provincie Namen kregen de erkenning voor de overstromingen van 24 juli. Alle betrokken gemeenten kwamen in aanmerking voor gewestelijke steun. De 10 zwaarst getroffen gemeenten (“categorie 1”) waren Chaudfontaine, Esneux, Eupen, Luik, Limbourg, Pepinster, Rochefort, Theux, Trooz en Verviers.
Een half jaar na de overstromingen waren nog honderden inwoners van het zwaar getroffen Pepinster afhankelijk van noodhulp en leefden in deels verwoeste huizen zonder gas en elektriciteit.'Waalse Pepinster maanden na overstroming nog steeds in puin: "Gemeente doet helemaal niets"', op eenvandaag.avrotros.nl, 29 december 2021. Op 30 april 2022 zou nog steeds 38 % van de verzekeringsdossiers niet zijn afgesloten. De Waalse overheid ging de achterstallige dossiers coördineren.
Een jaar na de ramp maakte de Waalse overheid de balans op: 209 getroffen gemeenten 39 doden ca. 100 000 mensen getroffen 9 670 hectare onder water ca. 48 000 gebouwen overstroomd (waaronder 45.000 woningen) 11 000 auto's beschadigd honderden kunstwerken vernield of beschadigd een schadepost van 2,8 miljard euro voor het Waals Gewest.
Voor de wederopbouw lanceerde de Waalse regering twee grootschalige plannen: Quartiers durables voor elf wijken in de zwaarst getroffen gemeenten, en Masterplan Vesdre, voor de begeleiding van toekomstige bouwprojecten in de Vesdervallei, in 2023 gepubliceerd als Schéma stratégique de la Vesdre.
Pas drie jaar na de ramp, medio 2024, waren de oevers van de Vesder zo goed als opgeruimd. De schoonmaak was een enorme opgave, die voor een groot deel werd uitgevoerd door vrijwilligers, onder andere van de NGO River Cleanup. Na verloop van tijd werd de taak deels overgenomen door bouwbedrijven die met verzekeringsgeld betaald werden, of de lokale overheden sprongen in dankzij hulpfondsen voor de regio.
Limburg Het Limburgse gehucht Herbricht in de gemeente Lanaken overstroomde voor een groot deel half juli. Ook Kotem in de gemeente Maasmechelen kreeg te maken met wateroverlast. De keermuur in Heppeneert in de gemeente Maaseik, gebouwd in 1926, moest worden verhoogd met twee lagen zandzakken. Moelingen, een dorp van de gemeente Voeren, werd getroffen door een overstroming van de Berwijn (wat in 2018 ook al was gebeurd).
Duitsland thumb|Opruimen in Flamersheim thumb|Ondergelopen dorp Kordel thumb|Hoog water in Kreuzberg thumb|Verwoeste spoorbrug bij Altenahr Ook in verschillende regio's van Duitsland zorgde hevige regenval medio juli 2021 voor grote overlast. Op sommige plaatsen viel binnen 24 uur meer dan 150 mm regen, onder andere in Keulen-Stammheim. De regenmassa's veroorzaakten ernstige overstromingen. Vooral de deelstaten Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts werden zwaar getroffen. Voor de twee deelstaten gaf de minister van Defensie op 16 juli 2021 een rampenalarm om de slagkracht van de Bundeswehr bij rampenbestrijding te vergroten.
Door de zware regen kwamen in beide deelstaten zeker 166 mensen om. In Noordrijn-Westfalen verdronken onder meer vier brandweerlieden. Zelfs bij de eerste inventarisatie bleek het aantal slachtoffers aanzienlijk hoger dan bij het hoogwater in Centraal-Europa van 2002, toen in Duitsland 21 mensen om het leven kwamen. Daarnaast was er veel materiële schade, die enkele weken na de ramp geschat werd op 30 miljard euro.Schade overstromingen Duitsland vermoedelijk zo'n 30 miljard euro, NOS Nieuws, 9 augustus 2021.
Omdat de overstroming meerdere onderstations bereikte, moesten de elektriciteitsbedrijven daar de elektriciteit uitschakelen. 200 000 mensen in Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts werden getroffen door stroomuitval; meer dan de helft daarvan zat langer dan een dag zonder stroom. Ook waren mobiele netwerken en de drinkwatervoorziening in sommige getroffen gebieden verstoord. Evenzo werd het treinverkeer getroffen, vooral in Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts. Enkele spoorlijnen in de Eifel, zoals de Eifellijn en de Ahrtalbahn, raakten zwaar beschadigd.
Noordrijn-Westfalen Op 16 juli waren er in Noordrijn-Westfalen 25 steden en districten die als "ernstig getroffen" werden aangemerkt. Op dezelfde dag handelden naar schatting 19 000 hulpverleners zo'n 30 000 hulpverzoeken af die verband hielden met de overstroming; de 3200 hulpverzoeken aan de politie van Noordrijn-Westfalen niet meegerekend.